maandag 27 november 2017

3: Mijn ouders

Voordat ik verder ga met mijn stukjes over de psychiatrische patiënt , wil ik het over mijn ouders hebben.

Mijn moeder was een hardwerkende, zorgzame vrouw met heel veel discipline en doorzettingsvermogen. Ze komt in de komende stukjes niet meer aan bod omdat ze geen psychiatrische patiënt was. Ik heb heel veel steun aan haar gehad gedurende de eerste 8 jaar van mijn  ziekte. Helaas is ze in 1998 op veel te jonge leeftijd (61 jaar) gestorven aan kanker. Van haar heb ik geërfd: de vaardigheid in sociale contacten, organisatievermogen en het goed kunnen koken. Helaas heb ik haar discipline en doorzettingsvermogen niet geërfd. Toen ze nog leefde belde ik haar dagelijks en logeerde ik 3 keer per maand een lang weekend bij haar in het flatje in Tilburg. Omdat ze samenwoonde met haar vriend, had ze dit flatje met name speciaal voor mij gekocht zodat ik kon blijven logeren. Sinds haar dood bel ik mijn zus iedere dag. Mijn broer belde ik aanvankelijk ook iedere dag, maar nu bel ik nog om de dag, tussen 20.00 uur en 21.30 uur s'avonds.

Mijn vader was een kleurrijk man. Ik mijn jeugd mocht ik hem ondanks zijn ziekte graag. Er mocht van hem veel meer dan van mijn moeder. Dat mijn vader niet bepaald een modelvader was had ik toen niet in de gaten.
Veel anekdotes die met mijn vaders ziekte te maken hebben, komen in de komende stukjes aan bod. Toen ik net ziek was in 1990 en 1991 had ik een vrij goed contact met mijn vader. Helaas is dat niet zo gebleven.

In de laatste 10 jaar van zijn leven zag ik hem maar weinig en ergerden wij ons in toenemende mate aan elkaar. Mijn waardering voor mijn vader is gedurende de laatste 15 jaar (hij is in 2013 overleden) steeds verder gedaald, in tegenstelling tot de waardering voor mijn moeder die na haar vroegtijdige dood steeds meer is gestegen. Van mijn vader heb ik geërfd: zijn rekenkundig talent en het talent voor exacte vakken, zijn vaardigheid in het schaken, zijn plezier in het lezen en zijn eigenwijsheid. Helaas heb ik ook zijn gevoeligheid voor een psychiatrische ziekte van hem geërfd. Wat ik hem het meest kwalijk neem, hoewel hij hier volstrekt niets aan kan doen, is dat ik zijn genen heb geërfd.

Lees verder in deel 4.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

2 opmerkingen:

  1. Ook al heb je zijn genen geërfd, je gaat er wel op een veel bewustere manier mee om. Deels door wat je moeder je heeft gegeven, maar deels ook vanuit jezelf. Dus zeg niet dat je geen discipline en doorzettingsvermogen hebt!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Hoi Hella, dank je! Met discipline en doorzettingsvermogen bedoel ik ook vooral het vermogen om hard te werken, dat ontbreekt bij mij een beetje. Aan de andere kant bestaat dit blog bijvoorbeeld al weer 3,5 jaar, dus je hebt wel een beetje gelijk. Groetjes, Erik

    BeantwoordenVerwijderen