dinsdag 10 juli 2018

Hans Warren: Geheim dagboek: Deel 2 (1945-1948)

Hans Warren: Geheim dagboek: Deel 2 (1945-1948): 214 blz: Uitgeverij Bert Bakker

De jaren 1945-1948 zijn jaren waarin er niet zo veel gebeurt in het leven van Hans Warren. Hij en zijn ouders moeten uit het huis aan de Zeedijk, waar hij is geboren en opgegroeid. Het doet hem veel verdriet. Er is geen sprake van een grote liefde, zoals de liefde voor Sybille in het vorige deel. Nu heeft Hans Warren her en der wat losse contacten met mannen. Verder leest hij ontzettend veel en bereid hij zich voor op een leven als letterkundige. Ten slotte zijn er nog 2 reizen: één naar Zwitserland in 1947 die hem niet zo veel doet en één naar Parijs in oktober 1948 waar hij zich onmiddellijk thuis voelt. Hij beseft dat hij hier zou kunnen wonen.

- 19 november 1945 Het is een moeilijk jaar. Zelfs wat muziek voor verstrooiing is er niet: er is een lamp in de radio kapot, en nergens is een andere te krijgen. De voedselsituatie is nog slecht, alleen aardappels zijn van de bon, althans in Zeeland en in de noordelijk provincies. Schoenen zijn er niet. Mijn moeder heeft bonnen voor kousen: ze zijn niet te koop. Glazen ramen voor de huizen zijn er niet, fietsbanden niet, ik moet steeds naar mijn werk lopen.

- 3 oktober 1946 Het is een feit: als ik weet dat een dichter homoseksueel was of is, vind ik zijn liefdesgedichten opwindender, ook al spreekt hij nog zo verhuld.

- 31 december 1946 Ik heb de afgelopen drie jaar werkelijk krankzinnig veel gelezen, grondig gelezen, vele schriften met excerpten, beoordelingen, pogingen tot essays aangelegd. Ik zie een mogelijkheid om literair criticus te worden, ben dit afgelopen jaar begonnen stukken te schrijven over literatuur  voor de krant Vrije Stemmen. Maar de Nederlandse literatuur interesseert me matig. Ik lees alles wat ik in Frans, Engels en Duits te pakken kan krijgen, liefst het modernste. Ook doe ik mijn best het beetje Italiaans dat ik kreeg bij te houden. Verder lees ik de klassieken en literatuur in vertaling, Russisch, Spaans. Van de Nederlandse literatuur heb ik, meen ik, alles gelezen wat ook maar enigszins de moeite waard is, van Hadewijch tot heden. Ik meen zo een brede basis van kennis en ervaring te hebben, genoeg om op voorzichtige manier een kritische carrière te beginnen. Ik zal alleen veel minder scherp moeten worden, milder, ik zal allerlei middelmatige produkten die in wezen geen enkele aandacht verdienen, uitvoerig moeten bespreken.

- 1 januari 1947 Het leven lijkt rijker, belangrijker en langer wanneer men zich werkelijk rekenschap geeft van alles wat men doet.

- 17 januari 1947 Ik ga om met levende mensen daar, voel me er onbezwaard. Niemand maakt het me lastig, zelfs niet als ik de ruimte heb bezwangerd met een ondraaglijke parfumlucht. Ik verbaas me er over wat ik op een dorp als Borssele durf te doen. Vorig jaar: bakkebaarden tot in de hals, krullend en lang. Daarna: me gemaquilleerd, lippen gestift, wenkbrauwen en ogen aangezet, nagels gelakt, ringen, glinsterende stenen, zijden shawls, opvallende kleding. Gearmd gelopen met vrienden, openlijk gevrijd op zwaarwichtige vergaderingen.

- 17 januari 1947 Nu moet ik nog éen zwakte bestrijden: niet meer zoveel boeken kopen. Vorig jaar heb ik meer dan driehonderd nieuwe boeken gekocht, laten we zeggen van gemiddeld 5 gulden per stuk, dat is 1500 gulden. Dit jaar, zeventien dagen oud, tel ik er, zo voor de vuist weg, weer al achttien stuks, er zijn er meer. Het ruïneert me.

- 21 januari 1947 Schoonheid is voor mij het begerenswaardigste wat er is, álles zou ik er voor over hebben, ik zou een perfecte Narcissus zijn wanneer ik mezelf aantrekkelijk kon vinden. Nu zoek ik enkel schoonheid in anderen.

- 25 januari 1947 Het interessantste dagboek is het boek dat notities bevat die men zijn beste vriend voor geen goud zou laten lezen. Zo'n dagboek vermeldt niet dat men heeft geonaneerd, maar dat men, de benen in de lucht, het sperma gulzig in eigen gezicht spoot, en de walging na die extase.

- 28 januari 1947 Mevrouw deed open, op haar enorme boezem was door veel morsen het menu van de hele week af te lezen.

- 14 februari 1947 Als het niet de bedoeling was zoveel mogelijk met en van het lichaam te genieten, waarom zou dan defaeceren nog met weldadige gevoelens gepaard gaan?

 - 23 augustus 1947 Wat ben ik? Een kantoorklerk die zich te barsten vreet in buitenlandse literatuur, die vrijwel alles wat er in Nederland op literair gebied gepresteerd wordt ver beneden de maat vindt, maar die zelf ook niets kan. Het is als met het schilderen vroeger: ik zie wel hoe het moet, vooral hoe het niet moet, maar zelf kan ik het niet.

- 13 januari 1948 Het is een van de consequenties van het thuis blijven hangen. Ik moet me richten naar de regels van mijn ouders, en niet omgekeerd, daar is geen speld tussen te krijgen.

- 8 juli 1948 Ik wilde uitstellen in dit nieuwe schrift te schrijven; wachten tot ik iets mee te delen had. Dat is absurd. Waarom niet schrijven als ik zin heb, ook al is het enkel om te zeggen dat ik een te lange haar uit mijn linker neusgat heb weggeknipt?

- 19 oktober 1948 Laat ik mezelf toch voor ogen houden: ik bèn geen reiziger. Ik ben graag ergens, maar ik wil dan liever blijven; dat verplaatsen, die vermoeienis, het ongeregelde, het is niets voor mij.

Voorlopig blijf ik nog door lezen in het "Geheim dagboek".

  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.




2 opmerkingen:

  1. Al gebeurt er niet zo veel, toch heb je aardig wat interessante citaten weten te verzamelen.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Hoi Niek, wat citaten betreft zijn de dagboeken van Hans Warren een zeer rijke bron. Er zijn vrij weinig boeken waar ik zoveel uit weet te citeren. Groetjes, Erik

      Verwijderen