zondag 11 mei 2025

F.B. Hotz: De vertekening

F.B. Hotz: De vertekening (Nederland, 1991): 99 blz: (Uit "Het werk": Deel 2: Blz 401-499: 1997): Uitgeverij de Arbeiderspers
 

 
"De vertekening" is met 99 bladzijden het langste verhaal dat Hotz heeft gepubliceerd. Het is het verhaal van een bevriende schilder, Lucas genaamd, en met name over diens relatie met zijn vrouw. Opnieuw een prachtig verhaal.
 
Citaten:
- Thuis maakte ik wat aantekeningen van zijn verhaal, zoals ik dat ook na mijn volgende bezoeken zou doen. Ik bespeur daar nu hiaten in die ik zal moeten aanvullen met wat in me opkomt. Dat geldt ook over wat hij losliet over z'n werk. Ik ben geen schilder.
 
- Zijn schoonmoeder had hem eens gezegd: "Ik weet wel een paar mensen die een tekening of aquarel van hun kleine kinderen willen hebben; ik zal je hun adres geven." Hij had ja geknikt maar nee gedacht. Z'n weigering kwam al snel uit en hij werd hoogmoedig gevonden. En dat, vond zijn schoonmoeder, kon niet als je een gezin moest onderhouden.

- Slapen kon hij niet. Bij zijn eerste argwaan, weken geleden, had hij haar gangen niet na willen gaan. Vertrouwen, dat was het bewijs van iemand te houden. Maar te veel vertrouwen lijkt eerder op te weinig interesse, vond hij nu.
 
- Binnen zag Lucas veel onbekenden. Hij kwam naast een dertiger te zitten die de astrologie beleed als een verlossingsreligie. Lucas wist niets van die zaken, maar het bood gespreksstof.
 
- Ik moet meer onder de mensen komen, zegt m'n schoonmoeder. Maar men moet z'n geest niet aldus "verrijken". Men moet die verarmen tot men zelf overblijft.
 
- "Liefde" is mooi, maar je moet wel steeds met bijval en gelijkgeverij in de weer zijn. En als je in de stroom van complimenten en bewondering voor de geliefde even stopt om adem te halen, zegt ze: "Je geeft niets meer om me."
 
- Hij keek naar haar als naar een grote buurhond, die wegens vakantie van de buren om twaalf uur 's nachts nog uitgelaten moet worden bij hagel.
 
- Lucas geeuwde. Dan schreef hij nog: "Vera's ouders waren eerst tegen me. "Wat begin je! Een kunstschilder!" zeiden ze. Maar Vera kwam dagelijks model staan, en met haar studie in Leiden werd het niets. Ik was direct verknocht aan haar; ik wilde alleen háár schilderen en las zelfs in haar saaie studieboeken. Haar loomheid vond ik mooi; haar huid leek zó wit en kwetsbaar, dat ik er plechtig van werd. En na alle liefde lagen we soms op onze zij, neus aan neus als eskimo's, tot ik onrustig werd. Ga werken, dacht ik dan."
 
- Lucas dacht aan wat hij onlangs gelezen had in een boek van Leon Wolff over het front voor Ieperen in oktober 1917. Op het moment dat de gewonden in eindeloze processie terugstroomden over de Menense weg, opende in Londen de grootste najaarsmodeshow in jaren. De vrouwen stroomden toe, velen in particuliere auto's. Vrouwen verdienden veel eigen geld in nieuwe oorlogstaken en de collecties, getoond door mannequins bij muziek, waren luxueuzer en eleganter dan ooit.
 Lucas haatte opeens alle vrouwen, behalve Coby.
 
- Gerard gaapte. Je moet met anderen uitsluitend over hun eigen leven en persoon spreken, dacht Lucas. Uitsluitend. Niets anders boeit ze.
 
- Prachtige vrouwen kijken vaak of ze zich zelf vervaardigd hebben.
 
- Lucas' schoonmoeder dronk haar koffie op en zei: "Als ik iets kan doen, zeg het dan." Hij aarzelde, maar in plaats van: "Ze bedriegt me", zei hij: "Nee, het gaat wel goed. Misschien is ze wat - eh - ongedurig omdat ik niet zo veel verdien."
 "Doe daar dan wat aan," zei de vrouw op een toon die bemoedigend bedoeld leek, maar waarin ergernis over veronderstelde mislukking in het schilderen meesprak.
 
- Ook Lucas keek verheugd,  zij het met wat gêne, misschien voor de kamers, door Vera ingericht. Er was geen plek van hemzelf daar, zoals dat gaat in huwelijken.
 
- Gerard knikte zelfingenomen. "Ik zal  wel eens even met hem gaan praten," zei hij; "ik heb hem vroeger al gezegd: om te schilderen heb je maar drie dingen nodig: verf, linnen en licht. Geen huwelijk."
 
- Boven bleef hij klaar wakker. Zijn kop maalde verder. In het begin had Vera zich voor hem losgemaakt van de deftige carrièrewereld in Wassenaar. Hij, op zijn beurt, was echtgenoot, vader en kostwinner geworden. Hij had zich bij zijn schoonmoeder aangepast op haast zelfvernietigende wijze. Hij sprak in Wassenaar of kunst maken een aardig winstgevend project was en kunst kopen de beste belegging. Hij deed dat voor zijn vrouw. Een misverstand, want ze had dat laf gevonden.
 
- Schilderen gunde ze hem vóór alles. Maar ontevredenheid sloop in; Lucas verkocht niet veel en "had dus eigenlijk weinig voor  zijn vrouw over als hij die liefhebberij voortzette." Het waren Vera's woorden maar haar moeders gedachten.
 
- Lucas gedrag voedde Vera's gedachte dat echtgenoten steeds opeisbaar zijn. Hij moest voorhanden zijn als minnaar, kostwinner en biechtvader. Hij voldeed daaraan behoedzaam. Maar haar buien van twijfel en ongeloof namen toe.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zaterdag 10 mei 2025

F.B. Hotz: De voetnoot

F.B. Hotz: De voetnoot (Nederland, 1989): 39 blz: (Uit "Het werk": Deel 2: Blz 359-397): Uitgeverij de Arbeiderspers
 

 
"De voetnoot" gaat over een ongeluk met een van de eerste elektrische treinen in Nederland, en ook over tante Ina, die zo graag toneelspeelster wilde worden en die de pech had in die trein te zitten. De eerste druk van "De voetnoot" verscheen ter gelegenheid van de jaarwisseling 1989-1990 en was bestemd voor vrienden en relaties van de Arbeiderspers.
 
Citaten:
- Ik wil ook kunnen houden van het eenmalige, onbetekenende verleden dat alleen nog achterhaalbaar is in de versie van een anonieme ooggetuige, opgetekend in het uur van de gebeurtenis. Liefst zonder "visie". Geschiedenis als vak is dubieus: men fantaseert en wil meer redelijkheid en samenhang aan de feiten meegeven dan ze in zich droegen. Men houdt niet van het onbegrijpelijke, en keert snel terug naar een even onduidelijk heden.
 
Over de fröbelschool:
- Het "onderwijs" hier was tegelijk modern en ouderwets. Vooruitstrevend was een langwerpig schriftje met dofzwarte bladzijden: daarin mochten we papierstrookjes, rechthoeken en rondjes in primaire kleuren plakken, naar eigen inzicht. Het resultaat had soms waarachtig iets weg van een Bart van der Leck. Dan was het werkelijk 1926. Maar de opvoedkundige straffen van de oude vrouw stamden uit de vorige eeuw. Een kind dat te veel kletste werd langzaam aan het hoofd omhooggetrokken uit de schoolbank, en zo verdergedragen en in de hoek gezet. En degenen die in hun broek geplast hadden moesten voor de klas gaan staan, met hun onderbroek op de hielen. Meisjes keken daarbij als vrolijke exhibitionisten; jongens staarden naar de grond met hun handen voor hun nietig kruis.

- Op donderdag 9 september 1926 vertrok de sneltrein van 14.48 uur op tijd van Den Haag Hollandse Spoor naar Amsterdam. Het was lauw nazomerweer met een bedekte lucht.
 De locomotief was van de trotse 3700-serie, de grootste en sterkste van het land. Kenners prezen de perfecte, simpele vorm van de machine: de slanke groene ketel met de glanzend gepoetste koperen stoomdom, de vier kleine en de zes manshoge wielen, het eenvoudige drijfwerk en de dienstbereide kracht die hij uitstraalde. Veel mooier vond men deze Hollandse locomotief dan de gedrongen buitenlandse machines met hun te vele en te kleine wielen.
 
- Ik vroeg wat Ina over God gezegd had. Ze had een wonderlijk geloof, zei moeder. God eiste offers en zelfverloochening, en afzien van gewoon geluk. Haar God was een kunstenaarsgod: alle moois in de wereld, door mensen gemaakt, kwam rechtstreeks van hem. Men krijgt het, maar niet voor niets, en als pijn en ongeluk tot goed acteren leidde, dan moest die pijn aanvaard worden.
 
- Toen ze weg was zei vader: "Misschien kan ze ook eens een stuk zeep aan de spoorwegen vragen." Mijn zus was kwaad op hem en zei: "Je bent niks aardig voor haar; ze is toch niet minder waard omdat ze niet lopen kan?" Vader antwoordde: "Een kapotte fiets is nou eenmaal minder waard dan een hele."
 
- Ook vader had zich daar geërgerd. Hij had haar gevraagd waarom ze niet mooier en rechtop liep, zoals andere vrouwen. "Ik ben niet in de aanbieding," had ze geantwoord; "Ik moet het later van m'n hersens hebben, niet van m'n heupen."
 In de kantine las ze Ibsen en Strindberg.
 
- Toen ik achttien was waren mijn ouders al jaren gescheiden en we woonden in een kleiner benedenhuis. Op een zondagmiddag was ik alleen thuis, en ik was daar blij mee. Ik zou van alles kunnen gaan doen. Eindelijk weer eens platen draaien bijvoorbeeld, zonder gezucht en opgetrokken wenkbrauwen van moeder. Of lezen zonder de blik die zegt: wel ja, midden op de dag in een stoel hangen met een boekje.
 
- "Toneel hoort over het gewone leven te gaan, trouwens."
 
- Het is wonderlijk hoe intens kleine jongens van de wereld van de dingen kunnen houden. Ook klagen ze niet van harte mee over de ideële gevaren en bezwaren van de nieuwe technische wonderen. Ik had een oom die, toen al, niets dan rijstenat dronk en een gezondheidszadel op z'n fiets monteerde; en die auto's en spoorwegen afwees omdat ze het grootkapitaal vertegenwoordigden.
 
- Ina's manuscript was een knap werkstuk, zei haar raadsman, en hij zou het graag bewaren om het te zijner tijd te kunnen gebruiken als een behartenswaardige voetnoot bij de behandeling van die artikelen, in de nieuwe druk van zijn boek over die materie.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

vrijdag 9 mei 2025

F.B. Hotz: Eb en vloed

F.B. Hotz: Eb en vloed en andere verhalen (Nederland, 1987): 155 blz: (Uit "Het werk": Deel 2: Blz 201-355 (1997)): Uitgeverij de Arbeiderspers
 

 
In "Eb en vloed en andere verhalen" staan 11 verhalen, met een lengte van 8 tot 26 bladzijden. Mijn favoriete verhaal uit deze bundel is "Toonkunst" dat gaat over hoe hij een instrument (trombone) is gaan spelen. Opnieuw zijn alle verhalen de moeite van het lezen meer dan waard.
 
Citaten:
- De senioren genoten van het uitstel hun vergund. Ze babbelden met lichte zelfingenomenheid: het was te zien dat ze hun redelijke gezondheid aan eigen verstandige inzichten toeschreven. De menselijke ijdelheid, tot nul gedaald of in schroom veranderd bij zojuist gepensioneerden, klimt weer op na de zeventig.
 
- Op een zaterdag in oktober hielden mijn ouders een van hun "dansavondjes". Al vroeg in de middag brachten kruidenier en slijter overdadig spijs en drank. Vader stapte rond twee uur uit zijn zakenauto, liep de trap op, nam uit de diepe gangkast een paar flessen wijn van het huis dat hij vertegenwoordigde en zette ze in een hoek van de kamer. Het was een jaar na de krach van Wallstreet maar van crisis was bij ons nog niet veel te merken.

- De ondergang van de wereld was in ons spraakgebruik doorgedrongen. "Ik eet eerst het lekkerste op," zei mijn zus soms monter aan tafel, "als de wereld vergaat heb ik dat vast binnen."
 
- In werkelijkheid besefte ik wel geen bêta-mens te zijn. Ik had geen technisch bloed. Dat ik op deze school zat was de diepe wens van mijn ouders, die vonden dat ik zo handig met mijn handen was.
 Dat was misschien waar, maar ik was niet handig met mijn hoofd. Ik nam wiskunde te letterlijk. Dat men, bij een formule die nota bene de Harmonische Slingerbeweging heette, de versnelling van de zwaartekracht moest delen door de lengte van een gewichtsloos gedacht touwtje, kwam me ongeloofwaardig voor. Men kan ook zeggen: ik had er geen zin in.
 
- Die zondagmiddag moest ik met moeder wandelen, vanwege plotselinge, voorjaarsachtige zon. Ze wilde "trots" op haar "grote zoon" zijn zei ze, en ik moest haar "een stevige arm" geven. Zoiets had ik ook al eens van vader gehoord: "Zorg dat we trots op je kunnen zijn." Ik dacht ook toen al dat om iemand geven niets met trots te maken had, en zweeg puberachtig.
 
- Wel kocht ik op een van die eerste dagen nog een schrift, om me dagelijks in schrijven te oefenen. Alleen de eerste bladzijde werd beschreven. Er stond: "13 mei 1942. Ik wou dat ik een kreupele meid had om aardig voor te zijn."
 
- Toen mijn moeder oud was geworden, behield ze de gretigheid haar leven met nieuwe dingen te vullen. Nieuwe kleren, nieuwe belangstelling en nieuwe werkzaamheden.
 
- Zo was ze nog steeds. Ze gaf niet om het verleden. Ze hield van de nieuwe architectuur met de grote ramen van haar flat. Ze prees haar nieuwe woning, en richtte die modern in.
 
- Toen ik Miff Mole trombone had horen spelen met Red Nichols' avant-gardegroep uit midden twintig - op de plaat natuurlijk - wilde ik nog maar één ding in m'n leven: musicus worden. Al zou ik er dood aan gaan.
 
- Ik meende dat passerende Duitse soldaten mij extra onverdacht zouden vinden met mijn speeltuig: Böse Menschen maken geen muziek.
 
- Hij vroeg me of ik al wat blazen kon. Ik zei bevend het te zullen proberen maar m'n mondstuk was zo koud dat er geen toon startte. "U moet uw mondstuk nooit in uw instrument laten zitten maar altijd in uw broekzak steken als u niet speelt," zei hij, "dan is dat alvast op temperatuur." Het was de eerste praktische raad die hij me gaf uit een lange reeks.
 
- Soms denk ik met verbazing aan die jaren. Aan de intensiteit van leven en willen, met zoveel dood rondom. Het maniakale vervuld zijn. De volheid per minuut.
  Het luisteren. Ik kon alle complexe solo's van Mole meeneuriën in dankbare herkenning en begrip. Geen gehelmde Duitser kon zo in z'n vaderland, partij of Führer opgaan, meende ik, als ik in Mole.
 
- De avant-garde uit het eerste kwart van deze eeuw! Alles werd nieuw. De wereld ging open. Mijn platen maakten daar deel van uit. Hoewel er vijftien lange jaren verstreken waren sinds die opnamen, wist ik dat die muziek moderner was dan de dode "Swing" van '30 en '40. Naar de geest, technisch en harmonisch.

- De afschuw die ik voelde voor de Duitse vijand was er óók een voor de platte domheid van z'n snoevende marsmuziek, waarmee onze straten vergeven werden. Ook voor de Duitse radioliedjes met de vette L van Liebe. En niet te vergeten de wagneriaanse fanfares bij de extra nieuwsuitzendingen, wanneer weer zoveel honderd bruto registerton Engelse scheepsruimte tot zinken was gebracht. "Mijn" muziek zouden die speknekken nooit kunnen begrijpen.
 
- Op de volgende les begon ik er direct weer over. Ik beklaagde me over m'n primitieve trombone. "Het is geen doen," zei ik, "het is absoluut onmogelijk op dit goedkope ding een hoge bes te spelen."
 "O nee?" zei Schweitzer geduldig.
 "Nee," snauwde ik. "U krijgt van mij zó tien gulden als u op mijn trombone een hoge bes blaast."
 "Geef eens hier dat ding," zei hij. Hij pakte het instrument aan, zette zijn eigen mondstuk erin en blies een volmaakte, volle hoge bes.
 
- Een getrouwd man was gauw lachwekkend. Als híj iets zei in gezelschap, lachten de vrouwen toegeeflijk als tegen een idioot.
 
- Hij had geen slaap en liep voorzichtig wat rond door de saaie kamer. Wat een smaak. Kanten kleedjes. Thomas dacht met spijt aan zijn eigen achteruitgang. De inrichting van het hem toegewezen huis was geen schijn meer van die in zijn duinvilla. Zijn schilderijen en grafiek opgeslagen, z'n meubels grotendeels verkocht. De oorlog stompte af. Lezen was geblader geworden en z'n grammofoonplaten lagen op zolder. Concert, toneel en film waren vervallen. Men zat maar, kletste wat, hoopte en wachtte.
 
- Van muziek hield ze niet overdreven veel. Met de betweterige bekeringswil van de minnaar draaide ik platen voor haar haar die ik licht verteerbaar vond, maar die zij zwaar noemde. Mijn twintigste-eeuwse componisten gingen terug in de lp-koffer. Ze hield alleen van Tsjaikovski en Mendelssohn. "Je hebt toch ook geen negentiende-eeuwse kamer!" zei ik nog, maar verder lieten we het zo. Er zijn ergere dingen.

- Hij stond op de roltrap naar boven; naast hem, gescheiden door leuning en afgrond, gleden  vrouwen en meisjes stram omlaag.
 
- De dood was niet voor te stellen. Wat een onzin die met de slaap te vergelijken. Slaap ademt en droomt en verteert en geneest, en steeds is er een dicterend brein: een ik, het middelpunt van de aarde. Als mijn ik weg is, wie valt dan met mijn middelpunt samen? Wie betrekt mijn kleine uitkijkpost? Een lege ruimte laat ik na, niet groter dan een kist, tenzij ik mijn ervaringen vastleg.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

woensdag 7 mei 2025

F.B. Hotz: Duistere jaren

F.B. Hotz: Duistere jaren (Nederland, 1983): 199 blz (Uit "Het werk": Deel 2: Blz 1-199 (1997)): Uitgeverij de Arbeiderspers
 

 
"Duistere jaren" telt 9 verhalen met een lengte van 8 tot 37 bladzijden. Opnieuw zijn alle verhalen uit deze bundel de moeite meer dan waard.
 
Citaten:
- Zijn verstervende lectuur hielp hem blijkbaar niet: zo goed als begeerte hem soms trof, zo ook woede. Eerder bracht zijn studie hem terug bij zijn oudste gevoelens: hij was niet te gek op mensen. Niet op zijn hospita, niet op Boré en niet op deze beambte. "Gods vriend, dus aller creatuur vijand," mompelde hij het motto dat een dertiende-eeuwse kaperkapitein op zijn scheepsvlag gevoerd zou hebben.
 
Zijn kleinzoon Mark is zoek op het strand:
- Langs de zeereep begon ik noordwaarts te lopen. Na een halve minuut viel m'n oog, ondanks zekere belofte, op een prachtig meisje in bikini. Ze had een kleine jongen aan de hand. Ze kwebbelden vrolijk samen. Het meisje zette koers landinwaarts, diagonaal in de richting van de witte consumptietent. De jongen wees naar die tent en tegelijk zag ik dat het Mark was. 
  
- Thuis was m'n logé gaperig. Ik maakte brood voor hem en er was een gebakje. Voor mij hoefde hij een keer geen melk. Ik had de krant uit de bus gehaald en hoog op een kast weggestopt. Hij zei nog: "Ik had een vriendmeisje op het strand, zag je wel opa?" En wát voor een, dacht ik. Ik vond dat eigen woord aardiger dan ons precaire "vriendinnetje" en verbeterde hem niet.
 In het logeerbed verzocht hij nog om een verhaaltje. Ik vertelde hem van twee domme mannetjes die alles fout doen. Hij lachte mat. (Vertelt ooit een moeder over domme vrouwtjes? Nooit.) Toen het verhaal nog niet helemaal uit was zei hij: "Nou ga ik maar slapen, opa." Hij had gelijk.
 
- Wonderlijk was de geheime sympathie van sommige vrouwen voor het grofste volk; als ze de weg vroegen deden ze dat aan een lugubere zwerver of een dronken vogelverschrikker.
 
- Hannie liep een paar maal op de weg toe om gebaren te maken naar passerende auto's. Men stopte niet en Nicolaas had daar vrede mee. Niets zo weerzinwekkend als de lust te wekken van zo'n bestuurder door een aardige meid, en dan als oude man je plotselinge aanwezigheid te moeten verontschuldigen. Neem me niet kwalijk dat ik nog leef. 
 
- Ik begin aan de wandelingen met Belie te hechten. We gaan de stad rond als bezoekers van een kermis. We lijken een beetje vader en dochter en ik neem soms even haar warme hand als zo'n jonge roodjas haar van dichtbij met begeerte beziet. Ze neemt die hand niet direct terug en dat ontroert me. Maar ook bloost ze met blije ogen naar zo'n Brit en dat bevalt me minder.
 
- Ze had het vastbesloten kwade gezicht van vrouwen die liefhebben en die ieder ander uitsluiten, zelfs als menselijk wezen.
 
- Ze knikte en wreef haar ogen droog. Ze keek nu weer haast even verwerpend als Belie. Ik was een echtgenoot die geen zorg droeg. Mijn afwezigheid zou ze me vergeven, maar afzijdigheid in alles viet verkeerd. Ze zou me weer aannemen als ik een man was, of wat vrouwen daaronder verstaan. Ik dacht: Ze wil trots op me zijn, haar keus van echtvriend moet de goede zijn. Vrouwenliefde brengt dat mee. Ze neemt me niet zoals ik ben.
  
- Belie heb ik nog zien lopen met die Engelse soldaat van haar. Hij strompelde. Ze keek als een kip die een prachtei gelegd heeft.
 
Over een intelligentietest:
- Het was een oud gebouw, waar hardboard voor de nodig geachte indeling zorgde. Twee jongelieden in zwart pak, maagden op ieder gebied maar academisch voor hun taak geschoold, onderwierpen hem aan een reeks testjes die leken afgestemd op het beroep van jeugdherbergvader. Hij moest blokjes inpassen, op een wandbord een touw via pennen in een geometrische figuur leggen, en een verhaal verzinnen bij een reeks amateuristische tekeningetjes.
 
- Ze volgde hem met de langbenige stap van een melkboer achter z'n kar.
 
- Ze keek hem aan als een veertigjarige vrouw die een bontjasje geweigerd krijgt.
 
Op een excursie is een meisje zoek:
- Zegers zocht gehaast op de paden, op de open plekken tussen de verlaten tenten en hij drong tussen de boomstammen. Overal droop het nog na. Hij zocht onordelijk en panisch en natte takken zwiepten in z'n gezicht. Hij riep, te zwak van volume door gêne, haar naam. In gedachte beloofde hij haar van alles als ze maar snel te voorschijn kwam. Rolschaatsen zelfs. Of was ze daar alweer te oud voor? Tien minuten dwalen en roepen leidde tot niets.
 
- Die nacht sliep Mehrens weer niet. Onrechtvaardige vragen kwamen op. Hij werd "afgeschaft" op een theorie, of omdat hij te eerlijk met zijn onrust geweest was. Het ging om woorden. Men gelooft te lichtvaardig dat werkelijkheid en taal samenvallen.
 
- Wills gezicht stond geleerd en zwak tegelijk. Hij gaf een eigen samenvatting van - natuurlijk - een Engels boek. Hij sprak haast verontschuldigend. In die tijd verhulde men z'n "denkbeelden" nog niet met wetenschapsjargon, dat maakte zo'n betoog helder maar mager, en wat geen steek hield was sneller bloot te leggen.

- Had iemand me naar een vriendin gevraagd dan zou ik gelachen hebben. Een werkloze hoorde geen vriendin te krijgen. Jonge vrouwen zochten mannen met werk en wat geld en dat waren oudere mannen. Jarenlang zag ik op straat en in restaurants heel jonge meisjes met grijzende heren. In treincoupés vlijden ze hun blonde haren slaperig tegen bijna vaderlijke maatcolberts. Dat nam ik ze niet kwalijk; ik nam me mijn werkloosheid kwalijk. Honderdduizenden mannen leefden in die beginjaren van '30 in onthouding als bedelmonniken in boetekleed.
 
- We gingen lopen. Het stormde en we leunden voorover tegen de wind. Ik hield m'n hoed vast, en ook m'n hart; waarom weet ik niet.
 
- Vosz zeurde door en sprak van de dictatuur van de middelmaat, of zelfs de ondermaat. "Het gaat om de cultuurmens," snerpte hij; "de geldmens is te machtig en de vreetmens te talrijk. De mensheid moet geordend worden naar z'n wáárde! Gelijkheid is een droom."
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

dinsdag 6 mei 2025

Carla Kogelman: I am Waldviertel

Carla Kogelman: I am Waldviertel (Nederland, 2018): 342 blz: Uitgeverij Schilt
 

 
De Nederlandse fotografe Carla Kogelman (1961) had 25 jaar bij het theater gewerkt, toen ze in 2012 een opdracht kreeg om een documentaire te maken van de landelijke regio Waldviertel in Oostenrijk. Zij settelde zich in Merkenbrechts, een klein dorpje met 170 inwoners een uur rijden ten westen van Wenen.
 
Kogelman verbleef gedurende 7 zomers, van 2012 tot 2018, een deel van haar tijd in Merkenbrechts en zijn omgeving. Ze fotografeerde de jeugd, terwijl die aan het spelen was in de vrije natuur. 
 
Het resultaat van dat verblijf is "I am Waldviertel" een fotoboek met daarin een aantal formidabele zwart-wit portretten van de kinderen en ook een aantal prachtige foto's van spelende kinderen in hun omgeving. Alle foto's in het boek zijn zwart-wit. Bij het doorbladeren van het boek moest ik gelijk aan de foto's van de Amerikaanse Sally Mann en vooral aan die van de Fransman Alain Laboile denken. Ik vind "I am Waldviertel" een schitterend boek. Hoewel ik daar niet zo veel om geef, vind ik het leuk dat mijn exemplaar gesigneerd is.
 
Op de website van Carla Kogelman, staan een aantal prachtige portretten uit "I am Waldviertel".
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

maandag 5 mei 2025

F.B. Hotz: Proefspel en andere verhalen

F.B. Hotz: Proefspel en andere verhalen (Nederland, 1980): 240 blz (Uit "Het werk": Deel 1: Blz 551-790 (1997)): Uitgeverij de Arbeiderspers
 

 
Het titelverhaal "Proefspel" heb ik in mijn vorige stukje besproken. De derde verhalenbundel van F. B. Hotz telt naast "Proefspel" nog twaalf andere verhalen met een lengte van 4 tot 28 bladzijden. "Proefspel" is veruit het meest indrukwekkende verhaal uit deze bundel, maar ook de andere verhalen mogen er zijn. Weer wat verhalen over de familie en eentje over een autoverkoper. 
 
Citaten:
- Vader schonk een borrel voor haar in - drank was z'n remedie tegen alles - en moeder ging het eten opdoen, dronk het glas leeg en sprak niet meer over de dode.
 
- De oude was toch blij dat zij die nacht z'n hulp ingeroepen had. Nu konden ze samen de kist openbreken en misschien zat er wel voedsel in. Bovendien: ze had het gezicht en het haar en het lijf van de laatste mode, en hoe oud hij ook was, dat beviel hem nog het best. Oudere vrouwen hielden altijd de gezichten van drie of vier modes geleden, dat was kwalijker dan welke rimpel.

- M. lachte en hoestte. Met die verschrikkelijkste van alle arroganties ter wereld had z'n vrouw een halve eeuw geleden om hem te winnen gezegd dat "het enige wat hem ontbrak", (het enige! ontbrak!) "een goede vrouw" was. En die was zij toevallig. Je moet het maar aandurven jezelf goed te vinden en je hele sexe gebenedijd.
 
- Thuis at hij z'n brood en dronk melk. Weinig brood en met simpel beleg. Overvloedige keus schrikte hem nog altijd af, zoals de vele kleren, schoenen en hoeden van z'n vrouw hem tegengestaan hadden. Alles aan je lijf hangen maar, een soort hardnekkige vrouwenwanhoop.
 
- Hij las opeens beter, en met een behaaglijke grijns; hij leek even verzoend met leven en leeftijd. "Ik was nooit minder alleen dan toen ik alleen was," vond hij bij Cicero, en hier Petrarca: "Adam, nog alleen, met al z'n ribben, leefde Gode welgevallig."
 
- Met z'n vierkante kop, z'n slobberige oogleden en wat dreigende gestalte leek de baas veel op de door hem vereerde buitenlandse staatsman die pas in de naderende oorlog populair zou worden. Dat hij deze gelijkenis bewust nastreefde, met een onverwacht kinderlijke ijdelheid, bleek uit z'n dagelijkse attributen: gespikkelde vlinderdas en sigaar.
 
- En wat is wijsheid. Men verwart die de laatste jaren met algemene goedheid en de liefde voor het mensencollectief van alle werelddelen. Er mankeert niets aan die idealen dan hun vrijblijvendheid. Men moet eerst z'n huisgenoten maar eens zien te verdragen.
 
- Vrouwen in een auto ontroeren me nog altijd. Ik heb dan de twee aardigste zaken op aarde in één.
 
- Samen "ergens gaan eten" vind ik proletig en berekenend. Toen ik haar fiets aanreikte vroeg ik, als bevangen door grote hartstocht maar in werkelijkheid op zoek naar rust en troost: "Kan ik straks even langs komen? Met wat catalogi en verdere gegevens?"
 Ze lachte verbaasd om die laatste toevoeging.
 
- Pas na het eten sprak ze. "Als je een vriendin hebt," begon ze. Opeens verontwaardigd viel ik haar in de rede. "Ik heb geen vriendin," riep ik, "ik had een vróúw, één middag. Eén dag bekommerde zich iemand om me." Alles wat men zegt ter verdediging is vulgair en vol zelfbeklag.
 
- M'n schuld stak als een knaagdier in m'n gebeente.
 
- Er is geen groter angst dan die van de laatste verantwoordelijkheid voor de eigen naasten die getroffen zijn - misschien dodelijk - door ons toedoen.
 De angsten van literatoren en andere kunstenaars om eigen ziel, om wereldvrede of natuurbederf kunnen wat mij betreft de schroothoop op als luxe aandoeningen. Zo niet als bedrog.
 
- Maar een oude man! Tegenwoordig ben ik meer gedeprimeerd van een donkere zondagmiddag met laaghangende regenwolken dan tijdens de oorlog van overvliegende eskaders bommenwerpers.
 
- Mijn jonge tante Elly trouwde op een zomerdag van 1928 in het kleine raadhuis van ons dorp. Met m'n vader. Zo kon het tenminste lijken voor toevallige voorbijgangers. Zelf wist ik dat m'n vaders optreden, ondanks jacquet en hoge hoed, een plaatsvervangende functie had. Waarom deze vrolijke voorstelling "met de handschoen" genoemd werd kon ik niet uitgelegd krijgen, maar ik begreep de toedracht. De lange oom met wie tante in werkelijkheid zou trouwen was haar voorgegaan naar Indië en ze zou spoedig volgen. Ik was zeven en vond dat vertrek zowel interessant als jammer.
 
- Om beurten stelden we moeder teleur. Niet lang na dit incident was ik het die mistastte, terwijl ik beter had moeten weten met m'n dertien jaar. Een morsig oud wijf uit een huis verderop hield mij staande en vroeg met de loeroogjes van volkse sensatielust "waar of dat m'n vader toch was". Ik antwoordde voornaam: "Ik héb geen vader," en vond mezelf zo goed op dreef dat ik eraan toe voegde: "nooit gehad ook!" Het leek me afdoende. Ook dit kwam moeder ter ore en haar wanhoop was andermaal ongespeeld. Ze vroeg me of ik zo onnozel was, bij God, niet te snappen dat ik haar door zo'n antwoord tot een hoer gemaakt had. Ik snapte het inderdaad niet.
 
- Vader was ongebreideld vrolijk. Hij sprak baldadig tegen die vrouwen in korte, smetteloos witte plissé tennisrokjes, en hartelijk tegen de mannen. Ze waren allen jonger dan hij, maar erg viel het niet op. "Is dat nou je zoon?" vroeg een mooie gebruinde blonde met enige teleurstelling in haar hese alt. "Ja liefje," antwoordde vader met komische pruilstem, "als ik tegenwoordig met hem over straat loop, kijken ze niet meer naar míj, maar naar hém!" (Het was grappig gezegd maar ik geneerde me en bloosde dom. Bovendien liep vader nooit naast me op straat natuurlijk.) De jonge vrouwen schaterden met hun sporthoofden achterover of met hun uiterst volwassen torsen voorover en riepen dat zíj wel naar hem keken, heus wel, en dat hij dat best wist.

- Hij zou vanavond bezoek gekregen hebben van wat z'n vriend De Bree "een interessante man" genoemd had. Thomas, toen in slechte stemming, had z'n vriend toegesnauwd: "Er bestáán geen interessante mensen sec, tenzij voor mij op het ogenblik dat iets me sterk interesseert; iets waarvan die ander méér weet dan ik." De Bree had bescheiden de handen geheven en gezegd: "Natuurlijk; zoals je wilt," en het bezoek was van de baan. (Ik kén dat, dacht Thomas nu alsnog nijdig, dan komt er een onbekende zaniken over Indië, de Antirevolutionaire Partij of Freud en het enige wat me op dit moment boeit is Renault en Decoratieve Kunst. In die volgorde.)
 
- Het hinderde Thomas niet het minst dat de meeste mannen hier wat jonger waren dan hij. Een enkele danste niet en staarde met indringende bewondering naar de musici. De vrouwen leken die muziek niet eens te hóren. Met het gebruikelijke dédain op hun geschaduwde luikogen dachten ze alleen aan hun robes, hun avondschoentjes met bijbehorende tasjes en aan hun vleeskleurige zijden kousen.

- "Wil je geen griesmeel?" vroeg moeder teleurgesteld. "Nee," zei hij, "echt niet; je suis penoe." (altijd bij toenadering spraken vader en moeder glimlachend een paar woorden in Frans-Maleise verhaspeling, zoals ze zich dat herinnerden van "deftige" Indische families in Batavia.)
 
- We zongen. We articuleerden als moeder het voorgedaan had. Eén regel is me bijgebleven. Er ging een geamuseerd en tegelijk wat ongemakkelijk gemompel door de toehoorders. Vader mimeerde er jongensachtige gêne bij. Het waren de woorden:
 
    Als paps in z'n autootje jacht,
    en stiekum de meisjes toelacht ...
 
Misschien mompelden de mensen van opluchting. Deze milde strofe, dit understatement, was alles wat aan kritiek op vaders levenswandel naar buiten kwam. Het was, opnieuw, liefde.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

F.B. Hotz: Proefspel

F.B. Hotz: Proefspel (Nederland, 1980): 62 blz (Uit "Het werk": Deel 1: Blz 551-612 (1997)): Uitgeverij de Arbeiderspers
 

 
"Proefspel" is met 62 bladzijden in deze uitgave, het langste verhaal dat F.B. Hotz ooit heeft gepubliceerd. Het is waarschijnlijk ook het bekendste en meest geliefde verhaal van Hotz. Joost Zwagerman heeft "Proefspel" zeer terecht opgenomen in zijn vuistdikke bloemlezing "De Nederlandse en Vlaamse literatuur vanaf 1880 in 60 lange verhalen". 

Ik vind "Proefspel" één van de allermooiste verhalen die ik ken en daarom krijgt het van mij een aparte bespreking. Ik heb veel geciteerd om de sfeer van het verhaal goed weer te geven.
 
Citaten:
- Dat Carl nog sliep nam Borg hem niet kwalijk, hoewel de repetitie om "elf uur scherp" zou beginnen. Niemand werd werkelijk kwaad op Carl. Met z'n timide geluid en z'n profiel als van een Tristan door Dante Gabriel Rossetti, kon hij vrouwen en vrienden steeds voor zich innemen.
 
- Trouw, zo dacht hij, was misschien de beste daad. Trouw aan een voorwerp of voorkeur was ook goed. Geen vervelender mensen dan die steeds een andere, vurige, maar blijkbaar tijdelijke belangstelling hadden. Trouw was eigenwijs als een geloof en ook een tasten in het duister. Wat moest er van hem worden.

- Dat welkom bleek verder nog uit wat dorpsjongens die "Gadvergemese sodemieters" riepen met het fanatisme van territoir gekwetsten. Een rosse meid wees op Borgs Buescher en giechelde: "Die ene heb z'n aarrappelekist bij 'em." Borg lachte ziek mee, hij had die grap in stad en dorp al een paar honderd maal gehoord.
 
- Hij was blij dat de vriendinnen er niet bij waren. Die liepen altijd mee naar het podium met een hautaine ingekeerdheid tegenover de meisjes uit het publiek. Want ze achtten zich hoger omdat ze bij de muzikanten hoorden.
 
- Wanda zat licht triomferend in haar bank achterover geleund. Ze keek recht in het gezicht van haar Engelse leraar. Mensen met een bril hadden geen hoofd, dacht ze. En geen karakter: zij zelf zou liever halfblind rondtasten dan zo'n wee plastic ding opzetten dat de wenkbrauwen weg nam en iedereen er deed uitzien als een roze varken.
 
- Borg was die middag nog altijd bezig met de smering van z'n instrument. Dat was niet makkelijk want de trombone was oud en versleten. Het speet hem nauwelijks dat geld voor een nieuwe ontbrak, want zo had hij een steekhoudend argument déze te houden.
 
- Thuis kleedde Borg zich vloekend van haast om en hij probeerde nog, bijna symbolisch, met een paar lange noten z'n embouchure te redden. Staande, met z'n jas al aan. Tekort aan tijd is tekort aan talent had hij wel eens gelezen.
 
- De vrouw babbelde beminnelijk vanuit haar liggende en ingepakte positie. Ze was óók musicienne geweest, jaja, net als Evert, alleen geen bas natuurlijk maar cello. Ze ontvouwde haar leven, waarschijnlijk ook om de zwijgzaamheid van de anderen te maskeren. (Voor vrouwen mag er nooit een minuut gesprekspauze zijn: ze achten dat een gebrek aan gastvrouwschap.)
  
- Maar later op de fiets naar huis verkeerde hij in zwarte twijfel over eigen leven en talent. Hij prevelde krom over z'n stuur: "Iets te kunnen maken - muziek bijvoorbeeld - is een "gave" zoals men zegt. Het is een genade die niet afgedwongen kan worden door ontzegging van eten en liefde. Maar moet men dan niet leeg zijn van alles - zoals de auteurs van m'n opklapbed zeggen - om die genadegift te ontvangen?"
 
- Hij sloot z'n grammofoon en stak de plaat in de half vergane hoes. Tweemaal achter elkaar draaide hij nooit iets. Men moest savoureren. Alleen vrouwen speelden hun sentimentele modeplaten tien keer achterelkaar, zoals ze ook tien keer naar Les Enfants du Paradis gingen kijken.
 
- Hij werd nog bozer: hij kon meer op z'n instrument dan menig ander, had een goed hoog register, schreef mooie en speelbare arrangementen - zij het traag - en had een ongewone historische kennis van z'n muziek.
 
- Want als hij muziek maakte en het lukte, als de materie niet tegenwerkte, als de noten onontkoombaar op de enig juiste plaats kwamen en de toon zong, dan kon de wereld daar helemaal niet tegenop, dan betekenden ongemak en toekomst niets meer, ze werden belachelijk zoals alle vermeende belangrijkheid, die klanken waren onaantastbaar triomferend.
 
- Aan het ontbijt wilde Wanda zwijgen, maar haar moeder ditmaal niet. Die ramde nijdig met kopjes en theelepeltjes en kon ten slotte haar vraag niet langer verbijten: "Waar waren jullie zo laat heen gisteravond."
"Ik wilde zelf zien waar Evert mee omgaat de laatste tijd."
 "En?"
 "En niks. Gewoon een stel muzikanten, niets bijzonders."
 De moeder zweeg. Ook Wanda was verbaasd: ze had Carl en de zijnen verdedigd.
 
- Hij had gespeeld met een bijna idiote precisie die avond. Ze bleef zwijgen en gaapte zich tranen. En nú kwekte dat zelfde meisje honderd uit en begreep opeens alle muzikantengrappen. Carl kon vrouwen aantrekken. Of nee: ze kwamen op hem af. Als zeugen op een trog, had de gitarist eens gezegd.
 
- Ze  zaten weer bijeen op de kamer en niemand maakte iemand een verwijt. Carl was Carl en hij speelde soms zo mooi - mooier dan de gerenommeerde kopstukken uit de stad - dat men hem z'n jenever gunde. Ze vroegen zich niet af waarom hij zich soms bedronk. Informatietrekken zou als oudemensenbetutteling zijn uit te leggen.
 
- Daar, bij de koude winterzon, genoot hij zoals altijd van het hurkend doornemen van stapeltjes oude platen en van het onverwachts opduiken van zeldzame labels.
 
- Borg eindigde het gesprek gemoedelijker. Hij verhaalde aardige zaken over z'n vriend Carl. Hoe geestig die was, hoe gelaten gastvrij, en hoe mooi hij vaak speelde. Borg besefte daarbij niet dat hij, juist zoals destijds bij Miriam, bezig was zichzelf uit de markt te prijzen. Wanda hoorde met zekere vonkogige gretigheid toe. Haar lippen weken door inzuigende aandacht, zoals bij Miriam een jaar eerder. Maar het leek toch of Borg een beetje deelde in die zelf opgeroepen aura.
 
- Zo krabbelde hij voort aan een les voor een beginner. Het was een simpele partij voor een eenvoudig stukje en hij gaapte. Die leerlingen wilden nooit oefeningen blazen maar direct partijen, om hun schoolorkestje te imponeren.
 
- Hij had talent voor muziek en het ontbrak hem niet aan waardering. Maar hij verdiende er niet genoeg mee en daarom werd hij als muzikant verworpen door de overigen, de niet-kenners en niets-kunners. En pijnlijker, door sommige muzikanten. Geld was het metafysisch bewijs en de rechtvaardiging, niet: prijzen en onderscheidingen.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zondag 4 mei 2025

Uit eten in Utrecht: De Veldkeuken 2

Gisterenavond heb ik met vriend P bij de Veldkeuken gegeten. Tien jaar geleden, toen het restaurant pas geopend was om te dineren, had ik hier met een andere vriend tegenvallend gegeten. Inmiddels is de reputatie van de Veldkeuken als restaurant behoorlijk omhoog gegaan. Stiekem had ik voor het diner best hoge verwachtingen.
 
De Veldkeuken ligt in Amelisweerd. We hadden gereserveerd om 18.15 uur. We waren op tijd aangewandeld en om 17.45 uur zaten we al in het restaurant. Dat bleek ook een half uur te vroeg, pas om 18.15 uur werd een amuse met wat brood geserveerd. 
 
Als voorgerecht kregen we paddenstoelen met spinazie en een soort chips, ik weet niet waarvan gemaakt.
 
Het hoofdgerecht bestond uit een soort cakeje van kikkererwten met een gegrilde witte asperge en wat groene asperges en aubergines.
 
Daarna een toetje, een cheesecake.
 
Als slot een kaasplankje met drie verschillende Nederlandse kazen, wat pruimenbrood en wat mango chutney. Het had mij logischer geleken om eerst het kaasplankje te serveren en dan het zoete toetje.
 
Het diner was in alle opzichten perfect (alle gangen een 10!). Wat mij wel tegenviel was de lengte van de maaltijd, we waren pas om 20.00 uur klaar. Ik ben gewend om bij Kolintang te eten, en daar bestel ik het eten, wacht hooguit 10 minuten en ben dan in een kwartier klaar. Bij de Veldkeuken was het een oefening in geduld, iets waar ik weinig van heb.
 
De maaltijd kostte mij 134 euro. Het drie gangen oogstmenu was 45 euro, het kaasplankje 10 euro, 2 glazen wijn voor mijn vriend 14 euro (ik dronk alleen kraanwater), een schaaltje roomboter voor bij het brood 1 euro en 9 euro fooi.
 
Restaurant de Veldkeuken is geheel vegetarisch en biologisch, werkt veel met producten uit eigen tuin en streekgerechten en we hebben voortreffelijk gegeten. Van harte aanbevolen!
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

donderdag 1 mei 2025

F.B. Hotz: Ernstvuurwerk

F.B. Hotz: Ernstvuurwerk (Nederland, 1978): 263 blz (Uit "Het werk" (1997): Deel 1: blz 285-547): Uitgeverij de Arbeiderspers
 

 
"Ernstvuurwerk" was de tweede verhalenbundel die F.B. Hotz publiceerde. In deze bundel staan 12 verhalen, in lengte variërend van 10 tot 38 bladzijden. Zoals eigenlijk altijd bij Hotz vind ik alle verhalen de moeite van het lezen meer dan waard. 

Om één verhaal moest ik erg lachen, "De auditie van mevrouw Stulze". Mevrouw Stulze heeft een kruidenierswinkel. Zij heeft ook drie jonge huurders die zij met genegenheid beziet en die regelmatig uit deze zelfbedieningszaak spullen betrekken zonder daarvoor te betalen. Op een gegeven moment krijgen de drie jonge muzikanten mevrouw Stulze zover om als zangeres mee op tournee te gaan. 
 
Ik kan nog wel even vooruit met de verhalen van Hotz, maar ik ga nu eerst weer eens wat anders lezen.
 
Citaten:
- Eenmaal verkocht An op zo'n uitverkoop een kinderschortje van 98 cent in de laaiende drukte van de ellebogende vrouwen voor 86 cent. Het kwam direct uit toen een andere vrouw verongelijkt ook zo'n schortje voor die prijs wenste. An had het prijsje op de kop gelezen. Ze werd door tante met een grauw en een ruk aan haar arm weggestuurd; de vrouw huilde haast van drift over de verloren 12 cent. "Kost je ons nog niet genoeg," siste ze in de opkamer achter de winkel.

- Haar boezem droeg ze nu hoog in een getailleerd mantelpak. Ze kreeg er de voornaamheid van een rondstappende kropduif door.
 
- Lansberge stapte in Amsterdam CS en keek op de stenen trappen voor zich naar mee afdalende vrouwen in spijkerbroeken. Die veerden daarbij expressief door hun heupen zodat de blauwe stof om hun achterwerk trok. Het spijkergoed was ter plaatse meestal voorzien van opzettelijk aangebrachte wituitgevreten plekken: een soort anti-versiering met religieus sociale inslag. ...
 
- ... Hij wist ook best dat zijn half beledigde treurnis van de nacht eigen spot verdiende. Iets niet hebben kan ermee door, hebben is meestal erger. Of was dat misschien berebluf?
 
- Hij loog niet; het geheugen is dikwijls groothartig en bovendien: het goede of goedaardige had die avond wel degelijk ruim overheerst. Alleen, pas als al het aardige op een rij gezet wordt, riekt het voor derden al vaag naar ongeluk.
 
- Met m'n jas al aan keurde ik zo op de valreep een jammerlijk stapeltje platen. Er was er niet één uit de gezochte periode bij: het was verbijsterende rommel van kort voor en zelfs vlak na de oorlog. "Dit is zeker nog van je man geweest?" vroeg ik kregel. Ze wist het niet meer. Uit beleefdheid nam ik een Zarah Leander van haar aan, dat enge wijf dat bovendien een hele of halve nazi geweest moest zijn. Ik dankte en we namen afscheid. "Kom nog eens aan," vroeg Betty. Ik beloofde het. Bij m'n eigen huis liet ik de plaat zachtjes in de gracht om de hoek zakken.
 
- Ik hoopte dat er een ijswagen langs zou komen, maar dan een "goeie", waarmee bedoeld werd dat het geen schepijs mocht zijn, dat tyfus of de ziekte van Weil kon opleveren, maar verpakt banketbakkersijs. Het waren witte karren met "IJsco" in rode letters, en geen bel maar een bronzen gongetje, dat de kaki-geüniformeerde ijscoman beroerde met een bijpassend houten hamertje.
 
- Buiten ontnuchterde hij niet, hij werd baldadig vrolijk: hij vond dat hij morgen zo'n vlak langs fietsende kantoormeid een vijl in de spaken kon steken, zodat ze hem als een gebraden eend in de schoot zou vallen. Maar goed, dat was maar aangeschoten onzin natuurlijk.
 
- Onbezorgd was die vrouw in haar blauwe mantel, ondanks het weer, het was te horen aan haar stap... Maar ze had dan ook dat kind en bovendien nog een opdringerig soort onschuld. Zó kan je rustig slenteren, op weg naar eigen huis. Ze "hoeft" niets, ze hoeft aan geen eeuwigheid te denken want ze wordt wel liefgehad op aarde. Maar een man moet betalen, z'n ik is geen liefde, bij god nog lang niet.
 
- Opnieuw aangeschoten op z'n lege maag vergat hij het gesprek en hij dacht opeens grinnikend: ik verlang naar liefde, alleen niet zozeer om te geven, maar om te krijgen.
 
- De oude architect kwam juist in zijn nachthemd achterstevoren overeind en toonde aldus als eerste z'n dik katoenen achterwerk.
 
- De dominee vond grammofoons ordinair en citeerde bovendien Calvijn die van muziek gezegd had dat het beuzelachtig was óf van de Boze kwam.
 
- Als puber is men al minder zichzelf dan als kind; niet opvallen wordt een bange hoofddeugd.
 
- Die voortdurende contrasten in moeder, die vader deden fronsen! Vroomheid (met gevouwen handen voor iedere maaltijd) naast dagelijkse heftigheid. Hoge reinheid naast aards gegiechel om "die dienstmeid die zo heet an d'r staart" was. Sociaal meegevoel én een grote dosis realiteitszin waar het kooplui aan de deur en haar huishoudbudget betrof. Ze was van alles in één: wereldhervormend én behoudend, ze danste de charleston en ze bad, ze bezocht bioscoop en kerk.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

dinsdag 29 april 2025

Films gezien in april

Sporen uit het Oosten: Prachtige 13-delige documentaire over treinreizen tussen Vietnam en Nederland van Rob Hof uit 2006. Deze serie komt dichter bij mijn eigen reiservaringen dan enig ander reisprogramma dat ik ken. Komt in mijn top 100. *****
 
Antoine et Colette: Korte zwart-wit film van Truffaut uit 1962 waarin we zien hoe het Antoine Doinel verder gaat na "Les 400 coups". ****
 
Het leven uit een dag: Ambitieuze verfilming uit 2009 door Mark de Cloe van het gelijknamige boek van A.F.Th. van der Heijden. Visueel mooi liefdesverhaal met een prachtige hoofdrolspeelster over een leven waarin alles zich eenmalig afspeelt gedurende slechts één dag. Na een moord komen Benny en Gini terecht in de hel waarin het leven zich herhaalt. In de hel heeft de Cloe gekozen voor een splitscreen waarin rechts de avonturen van Benny en links die van Gini te volgen zijn. Deze keus zorgt voor een vermoeiende kijkbelevenis. Mark de Cloe durft te experimenteren en is volgens mij één van meest interessante regisseurs van Nederland. ***
 
Steve + Sky: Liefdesverhaal tussen een hoertje en een lefgozertje uit 2004 van Felix van Groeningen. Het speelfilmdebuut van Felix van Groeningen is aardig, maar maakt minder indruk dan zijn latere films. ***
 
de Avonden: Verfilming van Rudolf van den Berg uit 1989 van een van de beroemdste boeken uit de Nederlandse literatuur. Ik houd niet van het werk van Gerard Reve en deze verfilming heb ik na 20 minuten afgezet.
 
the Sheltering Sky: Film van Bernardo Bertolucci uit 1990 over drie Amerikanen die door Marokko trekken. Mooie beelden van het landschap, maar verder kon deze film mij niet boeien. Na 55 minuten afgezet.
 
Almanac of Fall: Vroege film van Bela Tarr uit 1984 over een groep mensen die samenleven in een groot appartement. ****
 
Op zoek naar Frankrijk: 6-delige VPRO-serie uit 2016 waarin presentator Wilfred de Bruijn ons meeneemt op reis door Frankrijk. ****
 
Jules Deelder: Jazz is my Religion: Aardig portret van de dichter Jules Deelder en zijn liefde voor de jazz uit 2006. Vooral voor fans van Jules Deelder, wat ik niet ben. ***
 
Revolutionaire denkers uit de oudheid en de moderne tijd: Zes onderhoudende documentaires van de BBC uit 2016 over: Boeddha, Confucius, Socrates, Freud, Marx en Nietzsche. ****
 
Masters of Money: Invloedrijke denkers en hun theorieën: John Maynard Keynes, Friedrich Hayek & Karl Marx: Driedelige BBC-documentaire uit 2012 over drie belangrijke economen. Economie is een vage wetenschap, waarin zelfs de beste economen zich afvragen of hun theorieën wel juist zijn. Ik kan prima een begroting voor mijzelf opstellen, maar van macro-economische modellen heb ik geen enkel verstand. Mooie serie, maar nogal vaag. ***
 
Gasherbrum: Korte film (44 min) van Werner Herzog uit 1984 over een klimexpeditie van de beroemde Oostenrijkse bergbeklimmer Reinhold Messner met zijn maat Hans Kammerlander naar de toppen van Gasherbrum I en II. Deze documentaire richt zich niet zozeer op het klimmen zelf, maar vooral op de psychologie van de klimmers. Vooral interessant voor de beelden van een nog jonge Messner. ****
 
Sobibor 14 octobre 1943, 16 heures: Film van Claude Lanzmann uit 2001 over een opstand in het Poolse concentratiekamp Sobibor. Een sobere en indrukwekkende film. ***** 

Un vivant qui passe: Tijdens het maken van Shoah hield Claude Lanzmann in 1979 een interview met de Zwitser Maurice Rossel die tijdens de oorlog een inspectiebezoek bracht aan zowel Auschwitz als het "modelkamp" Theresienstadt. Uit het interview bleek dat Rossel geen idee had van de terreur in het kamp. Wel maakt Rossel nog een onderscheid tussen kampen voor krijgsgevangene soldaten, die over het algemeen goed werden behandeld, die gemiddeld 4-6 jaar gevangen zaten en waarvan 90% de oorlog overleefde en de concentratiekampen voor de joden, die het daar maar een half jaar volhielden en waarvan 90% werd vermoord. ****
 
The Cloud-Capped Star: Zwart-wit film van de Indiër Ritwik Ghatak uit 1960 over een Bengaals gezin waarin de oudste dochter voor de overige gezinsleden zorgt. Mooi drama, ondersteund door prachtige muziek. *****
 
Asjik Kerib: Sprookjesachtige film van Sergei Paradzjanov uit 1988 over een minstreel die verbannen wordt en zweert rijk te worden of te sterven. Zeer kleurrijke film. *****
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

Neerwaartse mobiliteit

Het begrip opwaartse mobiliteit kennen we allemaal. 
 
Mijn nicht M had ouders met een brede belangstelling. Ze lazen veel, gingen naar concerten, bezochten musea en maakten buitenlandse reizen. Toen M volwassen werd, had ze een mooie culturele opvoeding genoten. Toen kreeg ze een relatie met W, een studievriend van haar broer. Hij kwam uit een gezin waar niet werd gelezen en zonder enige culturele belangstelling. Toen M en W trouwden sprak mijn oom smalend over neerwaartse mobiliteit. Hun huwelijk heeft niet lang stand gehouden, later is M voor de tweede keer getrouwd met een beduidend meer ontwikkelde man.
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

vrijdag 25 april 2025

Josef Hoflehner: Retrospective 1975-2015

Josef Hoflehner: Retrospective 1975-2015 (Oostenrijk, 2015): 224 blz: Uitgeverij teNeues
 
Josef Hoflehner
 
Het retrospectief van de Oostenrijkse fotograaf Josef Hoflehner is een mooi uitgegeven boek met ruim 200 zwart-wit foto's afgedrukt op groot formaat (iets meer dan 25 cm in het vierkant). Hoflehner is als fotograaf bekend om zijn mooie, prettig voor het oog aandoende, rustige zwart-wit foto's van vooral landschappen en stadsgezichten. 
 
Ik vind "Retrospective 1975-2015" een erg mooi boek met vele prachtige zwart-wit foto's die uitnodigen om er op je gemak naar te kijken. Over het algemeen houd ik het meeste van foto's van mensen, maar dit boek is een prachtige aanvulling op mijn collectie.
 
Voor een aantal foto's uit "Retrospective 1975-2015", klik hier.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

donderdag 24 april 2025

Andrew Roth: The Book of 101 Books

Andrew Roth: The Book of 101 Books (Groot-Brittannië, 2001): 305 blz: Uitgeverij PPP Editions

Product Details 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
"The Book of 101 Books" is een boek over boeken, beter gezegd een fotoboek over fotoboeken. Zoals de titel al aangeeft worden er in dit boek in totaal 101 fotoboeken besproken. Ieder besproken fotoboek heeft 2 of 4 bladzijden met daarop een foto van de omslag van het boek, een of meer foto's van bladzijden uit het besproken boek, een inleiding over het boek en wat gegevens over het boek.

In zijn voorwoord schrijft Andrew Roth dat het hem te doen is om boeken die als geheel een kunstwerk vormen (zie het citaat). Ik heb eerder de 3 boeken "The Photobook, a History" van Gerry Badger en Martin Parr gelezen die het boek van Andrew Roth als voorbeeld hebben gebruikt. Een aantal fotoboeken wordt in beide boeken besproken.

Van de boeken die besproken worden heb ik alleen "The Americans" van Robert Frank, "Een liefdesgeschiedenis in Saint Germain des Prés" van Ed van der Elsken, "Diary of a Century" van Jacques-Henri Lartigue en "The Ballad of Sexual Dependency" van Nan Goldin in mijn bezit en verder heb ik van een aantal fotografen een ander boek dan het besproken boek in mijn bezit. 
 
Elf jaar geleden, toen ik "The Book of 101 Books" voor het eerst las, kende ik vrij weinig van de besproken fotografen en boeken. Inmiddels is mijn kennis flink uitgebreid, nu zeggen de namen van de meeste besproken fotografen mij wel wat. "The Book of 101 Books" is mooi uitgevoerd en stimuleert tot het opzoeken van een aantal fotoboeken die ik nog niet ken. 
 
Citaat:
- The basis for my selection was simple. Foremost, a book had to be a thoroughly considered production; the content, the mise-en-page, choice of paper stock, reproduction quality, text, typeface, binding, jacket design, scale - all of these elements had to blend together to fit naturally within the whole. Each publication had to embody originality and, ultimately, be a thing of beauty, a work of art. Secondary was my concern for the specific photographer or the historical significance and impact of the work. In all but a few instances, I have focused on monographs that the artists had an active role in producing. I was also generally drawn to publications in which the photographs were meant to be seen in book form. In other words, not books that are merely a place to exhibit images but books whose images were destined to be seen printed in ink and bound between covers.

  
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

zaterdag 19 april 2025

Dvd: Asjik Kerib

Asjik Kerib (Georgië, 1988): 73 min: Regisseur Sergei Parajanov
 

 
De minstreel Kerib is een arme man die de kost verdient met het bespelen van de saaz en het zingen op bruiloften en feesten. Hij wordt verliefd op de knappe dochter van een rijke man. Maar de rijkaard wil zijn dochter niet aan de arme Kerib geven. Asjik Kerib maakt de belofte dat hij duizend dagen en duizend nachten over de wereld zal zwerven, om rijk te worden of te sterven.
 
"Asjik Kerib" bestaat uit tableaux vivants met veel zang en muziek. De sfeer doet denken aan de verhalen van duizend-en-een-nacht en de film ziet er sprookjesachtig en zeer kleurrijk uit. Het spel komt wat amateuristisch over, wat juist bijdraagt aan de authenticiteit van de film. De film doet mij ook denken aan de stomme films uit de beginperiode van de filmgeschiedenis. Een bijzondere film, die eigenlijk iedere filmliefhebber op zou moeten  zoeken.
 
Op IMDB krijgt "Asjik Kerib" van 2.400 mensen een waardering van 7,2.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer  dan welkom.

Dvd: The Cloud-Capped Star

The Cloud-Capped Star (India, 1960): 122 min: Zwart-wit: Regisseur Ritwik Ghatak
 

 
In een dorpje in Bengalen woont een gezin bestaande uit: vader, moeder, twee zoons en twee dochters. Vader was leraar, maar kreeg een ongeluk en kan niet meer werken. De oudste broer droomt ervan om een beroemde zanger te worden, de jongste broer gaat werken in een fabriek. De jongste dochter, Geeta, studeert nog. De oudste dochter Neeta, onderhoudt in haar eentje het hele gezin. Zij houdt van haar vriend, maar wil nog niet met hem trouwen. Hun leven is erg armoedig.
 
"The Cloud-Capped Star" is de beroemdste film van Ritwik Ghatak. Hij schijnt bekend te zijn, mede doordat er veel gebruik wordt gemaakt van omgevingsgeluiden in de film. Mij was dat niet zo opgevallen. Wat mij wel opvalt is de prachtige muziek in de film, sitarmuziek en zang. Mij lijkt de film een beetje het midden te houden tussen de films uit Bollywood met hun overdadige dans en muziek en de realistische films van Satyajit Ray.

Ik vind "The Cloud-Capped Star" niet zo goed als de beste films van Satyajit Ray, maar het is zeker een erg goede film die je rustig meerdere keren kunt bekijken.
 
Op IMDB krijgt "The Cloud-Capped Star" van 3.400 mensen een waardering van 7,8.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer  dan welkom.

donderdag 17 april 2025

Dvd: Claude Lanzmann: Sobibor 14 octobre 1943, 16 heures

Sobibor 14 octobre 1943, 16 heures (Frankrijk, 2001): 95 min: Regisseur Claude Lanzmann
 
Sobibor / Un Viant Qui Passe
 
Iedereen heeft ooit gehoord van wat er is gebeurd in Auschwitz, Maar hoeveel andere concentratiekampen kennen de mensen bij naam? Sobibor lag in Polen en was één van de meest beruchte vernietigingskampen van de nazi's. 16 jaar nadat hij "Shoah" voltooide, kwam de Fransman Claude Lanzmann met deze toegift over de opstand in Sobibor, waarbij de Duitse kampleiding door de joodse gevangenen werd vermoord, waarna een aantal joden wisten te ontsnappen. Na deze ontsnapping werd het kamp door de Duitsers vernietigd.

"Sobibor ..." bestaat voor het grootste deel uit een interview van Claude Lanzmann met Yehuda Lerner, een overlevende van de opstand. Lanzmann wordt bijgestaan door een tolk. Lanzmann stelt zijn vragen in het Frans, de tolk vertaalt de vraag in het Hebreeuws, Lerner antwoordt op de vraag in het Hebreeuws, wat de tolk weer naar het Frans vertaalt. Wij kunnen het lezen via de Nederlandse ondertitels. Deze methode van vragen, vertalen, antwoorden en vertalen werkt (althans voor mij) uitstekend. 

Zoals wij uit "Shoah" weten stelt Lanzmann zijn vragen met de precisie van een chirurg. Hij neemt geen genoegen met vage antwoorden, maar stelt zijn vragen zo precies dat hij de antwoorden als het ware met een tang uit de mond van de ondervraagde trekt.
 
Ik kan mij voorstellen dat de meeste mensen zo langzamerhand wel genoeg hebben van verhalen over de Holocaust, maar "Sobibor ..." is een sobere, zeer indrukwekkende documentaire die ik ondanks de zwaarte van het onderwerp, geboeid heb zitten kijken.
 
Op IMDB krijgt "Sobibor ..." van 631 mensen een waardering van 7,4.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer  dan welkom.

maandag 14 april 2025

Dvd: Revolutionaire denkers uit de oudheid en de moderne tijd

Revolutionaire denkers uit de oudheid: Socrates, Confucius & Boeddha (Groot-Brittannië, 2016): 3 X 59 min: Gepresenteerd door Bettany Hughes
 
Revolutionaire Denkers Uit De Oudheid (DVD)
 
Revolutionaire denkers uit de moderne tijd: Nietzsche, Marx & Freud (Groot-Brittannië, 2016): 3 X 59 min: Gepresenteerd door Bettany Hughes
 
Revolutionaire Denkers Uit De Moderne Tijd (DVD)
 
Het kost veel tijd, vakmanschap, kennis en energie om een televisieprogramma van één uur te maken, waarin een samenhangend verhaal verteld wordt over het leven en werk van een beroemd persoon, dat ook nog eens toegankelijk en onderhoudend genoeg is voor een groot publiek. Bij de BBC zijn ze ware meesters in het maken van dergelijke programma's.
 
Ik heb de afgelopen dagen twee BBC-documentaires gezien met elk drie afleveringen van net geen uur. Ze zijn er uitstekend in geslaagd om de belangrijkste wapenfeiten uit het leven en werk van de behandelde personen op een toegankelijke wijze te presenteren.

Als je zo'n programma bekijkt vallen onmiddellijk de voordelen op van televisie boven het lezen van een boek. De meeste mensen zijn visueel ingesteld, en plaatjes blijven over het algemeen veel beter hangen dan lappen tekst. Bij de televisie krijg je mee waar de mensen leefden met beelden van de stad, je ziet hun uiterlijk door standbeelden en foto's en je kunt vragen stellen aan deskundigen. De hoeveelheid tekst in één programma is zeer beperkt, ik schat ongeveer 6 bladzijdes A4, maar het zijn 6 inleidingen, zeer onderhoudend gepresenteerd door Bettany Hughes, die toch wel een flink aantal mensen zullen aanzetten om meer te weten te komen over de besproken personen.
 
   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

woensdag 9 april 2025

Christine Turnauer: I saw more than I can tell

Christine Turnauer: I saw more than I can tell (Oostenrijk, 2020): 80 blz: Uitgeverij Hatje Cantz
 
Christine Turnauer
 
Van mijn lijstje met mijn favoriete fotografen is de Oostenrijkse Christine Turnauer, na mijn vriend Marco Verschoor, ongetwijfeld de minst bekende fotograaf. Ik heb eerder twee prachtige boeken van haar besproken, "Presence" met portretfoto's en "The Dignity of the Gypsies" met foto's van de Roma en hun cultuur. Toen ik "I saw more than I can tell" zag aangeboden op marktplaats, wist ik gelijk dat ik het wilde hebben.
 
Net als bij haar twee eerdere boeken van Hatje Cantz, is "I saw more than I can tell" prachtig uitgegeven. Het boek is op dik papier en de foto's zijn werkelijk prachtig afgedrukt. "I saw more than I can tell" bevat een kleine selectie van helaas maar 30 foto's die Turnauer heeft gemaakt in de jaren 80, gedurende de traditionele powwows die de Noord-Amerikaanse Indianen vieren en waarbij ze traditionele dansen uitvoeren in traditionele kledij. De foto's zijn alle 30 prachtig. Minpuntje van het boek is dat de foto's op een vrij klein formaat zijn afgedrukt en ook dat het er maar 30 zijn.  

Voor een aantal foto's uit "I saw more than I can tell", klik hier.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer  dan welkom.

dinsdag 8 april 2025

Dvd: Bela Tarr: Almanac of Fall

Almanac of Fall (Hongarije, 1984): 119 min: Regisseur Bela Tarr
 

 
"Almanac of Fall" is een vroege film van de Hongaarse regisseur Bela Tarr. Vergeleken met zijn absolute meesterwerk "Satantango" zie je dat hij in "Almanac of Fall" nog op zoek is naar zijn eigen stijl. De film is geschoten in vervreemdende, zeer lelijke kleuren. Ik vermoed dat Bela Tarr daglichtfilm heeft gebruikt voor opnamen bij kunstlicht. Anders dan bij zijn latere films zijn er nog vrij veel dialogen in de film. Wel zijn er al de karakteristieke lange shots, het veelvuldig gebruik van omgevingsgeluiden en de sferische muziek van Tarrs vaste componist Mihály Vig.
 
In een groot appartement wonen een aantal mensen bijeen. Je hebt de oude moeder, die verzorgd wordt door een verpleegster. Je hebt haar zoon, een oudere leraar en het vriendje van de verpleegster. Allemaal praten ze met en vooral langs elkaar heen. Alleen de oude moeder heeft geld, het leven is er miserabel.
 
Zo gezegd lijkt het geen boeiende film om te bekijken. Maar ik heb me geen moment verveeld en de hopeloosheid van het verhaal fascineerde mij. "Almanac of Fall" is geen film voor iedereen, maar als je van het overige werk van Bela Tarr houdt, vind jij dit misschien ook wat.
 
Op IMDB krijgt "Almanac of Fall" van 1.700 mensen een waardering van 7,1.
 
   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

vrijdag 4 april 2025

Dvd: François Truffaut: Antoine et Colette

Antoine et Colette (Frankrijk, 1962): 32 min: Zwart-wit: Regisseur François Truffaut
 

 
In Truffauts eerste grote film "400 coups" maakten we kennis met de jeugdige Antoine Doinel. Na het succes van die film besloot Truffaut nog een korte film te maken waarin we kunnen zien hoe Antoine zich verder ontwikkeld heeft.
 
In "Antoine et Colette" is Antoine weg bij zijn ouders, hij woont in een hotelkamer en werkt bij een platenmaatschappij. Antoine gaat vaak naar concerten en daar ontmoet hij Colette, op wie hij verliefd wordt.
 
Antoine wordt hopeloos verliefd. Colette mag hem wel, maar ziet hem als vriend, niet als minnaar. "Antoine et Colette" geeft de eerste schreden op het pad der liefde prachtig weer. Het is maar een korte film, maar zeker de moeite waard.
 
Op IMDB krijgt "Antoine et Colette" van 6.700 mensen een waardering van 7,5.
 
   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

donderdag 3 april 2025

Dvd: Sporen uit het Oosten

Sporen uit het Oosten (Nederland, 2006): 650 min: Regisseur Rob Hof
 
Sporen uit het Oosten
 
Onbegrijpelijk. Totaal onbegrijpelijk vind ik het dat ik nog nooit eerder gehoord had van de prachtige reisdocumentaire "Sporen uit het Oosten" van regisseur Rob Hof. De serie is ooit uitgezonden op de Nederlandse televisie, maar ik had nog nooit van iemand gehoord dat hij of zij de serie had gezien en ik had er ook nog nooit iets over gelezen. Op het internet is vrijwel niets over de serie te vinden, hij staat te koop op Bol en op IMDB hebben 6 mensen aangegeven de serie gezien te hebben, met een gemiddelde waardering van 6,6. Slechts één persoon heeft de serie met een 8 gewaardeerd. En ik heb nergens een bespreking van de serie kunnen vinden. Blijkbaar ben ik de eerste die het de moeite waard vind om deze serie  te bespreken en dat verbaast mij enorm.
 
"Sporen uit het Oosten" is een 13-delige documentaire over een treinreis die Rob Hof samen met een klein gezelschap in 2006 heeft gemaakt, voornamelijk per trein, vanuit het noorden van Vietnam tot aan Turkije. Hij heeft daarbij 20 landen bezocht: Vietnam, Cambodja, Thailand, Maleisië, Myanmar, Bangladesh, India, Afghanistan, Pakistan, Iran, Syrië, Jordanië, Israël, Turkije, Griekenland, Macedonië, Kosovo, Servië, Kroatië en Slovenië. Per aflevering wordt de reis door één land besproken, India krijgt twee afleveringen en sommige landen krijgen met zijn tweeën een aflevering toebedeeld. De laatste aflevering gaat over de Balkan.
 
Tot mijn dertigste heb ik vrij veel gereisd, daarna door omstandigheden helaas zeer veel minder. Ik heb een enorme verzameling reisverhalen gelezen, veel fotoboeken over verre landen bekeken en ook veel reisprogramma's gezien. Vooral over de vele reisdocumentaires van de VPRO, door mensen als Jelle Brandt Corstius, Ruben Terlou en Adriaan van Dis, ben ik zeer enthousiast. Dat zijn programma's die de diepte in gaan, met presentatoren die de taal van het land spreken en er ontzettend veel over weten. Men kan zeker zeggen dat ik een liefhebber van het genre ben.
 
"Sporen uit het Oosten" gaat misschien minder de diepte in, maar de sfeer van het reizen in Azië, komt dichter bij mijn eigen ervaringen dan in enig ander reisprogramma dat ik ooit heb gezien. De opzet van het programma is geniaal in zijn eenvoud. Rob Hof heeft gekozen voor het reizen per trein. In een treincoupé heb je de maatschappij in het klein. In de bereisde landen reist vrijwel iedereen per trein, er zijn veel minder auto's en autowegen dan wij in het westen gewend zijn. Treinreizen kunnen erg lang duren, tien uur in de trein zitten voor een tocht van 200 tot 300 kilometer is heel normaal.
 
Rob Hof heeft voor de serie een groot aantal mensen geïnterviewd. Hij stelde daarbij steeds  weer dezelfde vragen: wat is de invloed van religie op je leven, wat zijn je grootste angsten en hoe zie je de toekomst? Telkens als iemand geïnterviewd wordt krijg je eerst die persoon te zien, vaak in functie. Vervolgens blijft de tekst van het interview lopen terwijl je beelden te zien krijgt van de treincoupé of van het voorbij suizende landschap of de bebouwing van de stad waar de trein doorheen rijdt. Vervolgens zie je weer een stukje van het interview. Deze afwisseling werkt uitstekend en maakt de serie erg boeiend om naar te kijken. Verder zie je af en toe beelden van de trein die voorbij rijdt in het landschap. Soms is Rob Hof op een andere manier onderweg en krijg je iets te zien van de steden.
 
Waar ik nooit zo bij stil heb gestaan en wat mij opvalt nu ik "Sporen uit het Oosten" in zijn geheel heb gezien, is dat er in zoveel van de bereisde landen na 1945 de nodige conflicten zijn geweest. Je had de Vietnamoorlog, Pol Pot in Cambodja, een 40 jaar durende militaire regering in Myanmar, de problemen met de onafhankelijkheid van Brits India en de verdeling in India en Pakistan en later Pakistan en Bangladesh, de Russische bezetting van Afghanistan en de Taliban, de Iraanse revolutie, Israël met de voortdurende spanningen tussen de joden en de Palestijnen en natuurlijk de oorlog in voormalig Joegoslavië. Het is nogal wat om over te horen in één documentaire.
 
Ik vind "Sporen uit het Oosten" het mooiste reisprogramma dat ik ooit heb gezien en het komt hoog in mijn film top 100!
 
Op IMDB krijgt "Sporen uit het Oosten" van slechts 6 mensen een waardering van 6,6.
 
  
 
Reacties op dit blog zijn meer  dan welkom.