Marcel Proust: Op zoek naar de verloren tijd: Deel 6: De voortvluchtige (Frankrijk, 1925): 299 blz: Vertaald door Thérèse Cornips (1995): Uitgeverij de Bezige Bij
Aan het eind van deel 5 "De gevangene" is Albertine uit de woning van de verteller vertrokken. Marcel zint op een manier om haar terug te krijgen, zonder dat hij daar expliciet om wil vragen. Dan komt een telegram met het bericht van de dood van Albertine.
Ik heb "De voortvluchtige" vannacht uitgelezen en ik kan de inhoud mij nauwelijks meer voor de geest halen, ondanks de vele aantekeningen die ik heb gemaakt. Eigenlijk vind ik deel 5 "De gevangene" en deel 6 "De voortvluchtige" niets toevoegen aan de serie als geheel.
Citaten:
- Het is verbazend hoezeer het de jaloezie, die zich onledig houdt met veronderstellinkjes in het onechte, aan verbeelding schort wanneer het erom gaat het echte te ontdekken.
- Men wenst begrepen te worden omdat men bemind wenst te worden, en men wenst bemind te worden omdat men bemint.
- Om wanhopig te zijn moet je aan dit leven dat niet anders meer dan ongelukkig kan zijn nog hechten.
- En een derde beweerde dat zonder de kwalijke politiek het leven in Parijs "allerverrukkelijkst" zou zijn, terwijl ik wel wist dat voor mij, ook zonder politiek, dit leven alleen maar ellendig kon zijn, en mij verrukkelijk zou hebben geleken, zelfs met de politiek als ik Albertine had teruggezien.
- "Wat? Ik begrijp het niet, dus u hebt een artikel in de Figaro geschreven?" zei de hertogin, zich de inspanning getroostend ergens over te praten dat haar niet interesseerde.
- M. de Norpois zei dit alles op de nogal onaangename toon van een over zijn leerling ontevreden zijnde leraar ...
- Zijn stukken, waarin ieder woord gewogen werd, leken op die optimistische aantekeningen die onmiddellijk gevolgd worden door de dood van de zieke.
- Ik zag Gilberte met wie ik opnieuw bevriend was geraakt in die periode overigens nogal veel: want ons leven wordt, in zijn lengte, niet berekend naar het leven van onze vriendschappen. Is er een bepaalde tijdsduur verstreken, dan ziet men ... vriendschapsbetrekkingen terugkeren, na een jarenlange onderbreking weer aangeknoopt, en met genoegen aangeknoopt, tussen dezelfde mensen als voorheen.
- Bovendien, mensen wier eigen hart niet rechtstreeks in het geding is, steeds oordelend over ongewenste verhoudingen, over slechte huwelijken, alsof men vrij zou zijn te kiezen wie men liefheeft, staan niet stil bij de zalige zinsbegoocheling die de liefde oproept en waar de persoon op wie je verliefd bent zo volkomen, zozeer als enige in is opgenomen, dat de "dwaasheid" die een man begaat door met een keukenmeisje of met de minnares van zijn beste vriend te trouwen over het algemeen de enige poëtische daad is die hij in de loop van zijn bestaan verricht.