vrijdag 31 mei 2019

Recept: Tonijnsalade

Hier een makkelijk klaar te maken en erg lekker recept voor een tonijnsalade.

Neem een blikje tonijn (zelf neem ik het liefst tonijn in olijfolie, maar je kunt natuurlijk ook tonijn in zonnebloemolie of in water nemen). Snijd 3 middelgrote augurken in kleine stukjes. Laat de tonijn uitlekken en meng die met de in stukken gesneden augurken en een eetlepel mayonaise. Klaar is Kees!

Dit is een recept voor een persoon. Je kunt er 3 boterhammen mee beleggen, genoeg voor een stevige maaltijd (zelfs voor mij). De tonijnsalade doet het ook goed op toastjes. Eet smakelijk!

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

Favoriete regisseurs

Hieronder een lijstje met mijn favoriete regisseurs. Van elk van deze regisseurs wil ik alle films zien.

- Ingmar Bergman: Zweed, afkomstig uit een theaterfamilie. Hij maakt zeer mooi gefotografeerde films met een goed verhaal en mooie dialogen. Het acteerwerk in al zijn films is ontzettend goed.

- Charles Chaplin: Engelsman, die beroemd is geworden in de Verenigde Staten, in eerste instantie als de kleine zwerver als acteur en later als maker van humoristische films, waarbij hij vaak de gangbare moraal bekritiseert.

- Tony Gatlif: Algerijnse Roma regisseur die zeer muzikale films maakt over de Roma.

- Alejandro Gonzalez Inarittu: Mexicaan die gelaagde zeer realistische rauwe films maakt.

- Buster Keaton: Amerikaan: Komische grootmeester van de stomme film.

- Abdellatif Kechiche: Algerijn die zeer realistische films maakt over zijn eigen milieu.

- Akira Kurosawa: Japanner die in zijn films op een verrassende manier de Japanse en westerse traditie mengt.

- Kenji Mizoguchi: Japanse regisseur met als hoofdonderwerp vooral de traditionele Japanse samenleving.

- Satyajit Ray: Indiase regisseur, die prachtige realistische films over zijn geboorteland maakt met milde maatschappijkritiek.

- Edgar Reitz: Duitser, maker van de Heimat series.

- Alex van Warmerdam: Nederlander, meester van de absurde humor en verrassende dialogen.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

donderdag 30 mei 2019

Gedichtje uit de "Open geest"

De "Open geest" is het kwartaalblad van Anoiksis, de vereniging voor mensen met schizofrenie en een gevoeligheid voor psychosen. In dit blaadje staan bijdragen van leden, vaak ook gedichten. In verreweg de meeste gevallen zijn dit zwijmelgedichten die niets voorstellen, maar in het nummer dat zaterdag in mijn brievenbus lag stond een gedichtje waar ik van onder de indruk was. Het gedicht is geschreven door een zekere Maurits.

Door mijn achterdocht
Vlieg ik steeds uit de bocht

Deze schrijver heeft het goed begrepen. Hij heeft iets te melden en hij brengt het pakkend onder woorden. Hulde!

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.



Dvd: De keuken van Johannes

De keuken van Johannes: een portret van culinair journalist Johannes van Dam (Nederland, 2013): 59 minuten: Regisseur: Bianca Tan

De Keuken Van Johannes - DVD"De keuken van Johannes" is een liefdevol portret van Johannes van Dam, dat gemaakt is gedurende het laatste jaar van zijn leven.

Johannes van Dam was de bekendste culinaire journalist van Nederland. Dertig jaar lang heeft hij voor het Parool wekelijks een  recensie geschreven over een restaurant in Amsterdam. Zijn recensies konden restaurants maken of breken. Hij was lang niet altijd mals in zijn kritiek. Na een bezoek aan het restaurant dat behoorde bij het beroemde hotel Krasnapolsky schreef hij dat het de koks aan kennis van zaken ontbrak en dat zelfs een stel gedresseerde apen beter konden koken. Het restaurant sloot de dag na het uitkomen van de recensie voor een paar maanden zijn deuren.

Johannes van Dam zag zijn taak als recensent heel eenvoudig: niet om gratis complimentjes te geven, maar om de koks te inspireren beter hun werk te doen.

Zelf wist Johannes van Dam ontzettend veel over koken, de keuze van de juiste ingrediënten en de manier waarop je gerechten klaar moet maken. Zijn "De Dikke van Dam" heb ik ook in huis, al heb ik er nog niet veel in gelezen. Zelf schrijft hij dat hij heeft leren koken en proeven toen hij een aantal jaren in Zuid Frankrijk, in de buurt van de Pyreneeën heeft gewoond.

In "De keuken van Johannes" wordt Johannes van Dam gevolgd bij zijn dagelijkse bezigheden. Hij loopt of rijdt met zijn invalidewagentje door Amsterdam, brengt een bezoek aan de markt, proeft Perenkugel, reikt de eerste Johannes van Dam prijs uit, ligt op zijn bed met zijn kat in zijn armen, maakt een chutney van onder andere kweeperen.

In al zijn eenvoud vind ik deze documentaire interessanter dan de meeste speelfilms die ik heb gezien. Mensen die geïnteresseerd zijn in het leven en werk van Johannes van Dam, zullen deze documentaire wel weten te waarderen.

   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

woensdag 29 mei 2019

Het gebruik van Haldol

Haldol is een medicijn dat voorkomt dat je een psychose krijgt en dat als je al een psychose hebt, die onderdrukt.

Sinds mijn eerste psychose in 1990 heb ik anti-psychotische medicijnen geslikt. Vanaf het begin tot aan 2017 kreeg ik een depotinjectie met Anatensol. In 2017 werd de Anatensol uit de handel genomen en ben ik in overleg met de psychiater overgestapt op Haldol.

Omdat ik de Anatensol altijd in de vorm van een spuit kreeg (eenmaal in de drie weken 25 milligram) werd besloten dat ik de Haldol ook met een spuit kreeg. De eerste keer kreeg ik een dosering van 80 milligram. Dat bleek een veel te hoge dosering, de eerste weken kon ik mij nauwelijks normaal bewegen en voelde ik me verschrikkelijk.

Ik besloot onmiddellijk om geen spuiten meer te nemen, maar de Haldol in de vorm van pillen te slikken. Op die manier kon ik zelf de dosering bepalen. Een week of 6 na de spuit ben ik begonnen met het slikken van de pillen, 1 milligram per dag. De eerste 2 maanden ging dat goed (ik had waarschijnlijk nog wat medicijnen van het depot in mijn lijf zitten). Ik voelde me veel beter en begon heel optimistisch met het opruimen van mijn zolder.

Het opruimen van mijn zolder was een voorteken. Uiteindelijk bleek 1 milligram per dag te weinig, ik dreigde weer psychotisch te worden. Toen het echt uit de hand dreigde te lopen slikte ik 5 tabletten in een keer en was binnen 2 uur tijd weer tot rust gekomen. Sinds die tijd slikte ik 2 milligram per dag.

Doordat ik weer meer medicijnen slikte was ik weer een stuk rustiger (zeg maar gerust slomer), sliep ik veel meer en deed ik minder.

Omdat ik hier ook niet tevreden mee was heb ik 5 weken geleden besloten om te minderen naar 1,5 milligram. Dat ging een tijdje goed, ik sliep minder en was weer een stuk actiever.

Ik ken de voortekenen zo langzamerhand wel en merkte dat ik opnieuw een stuk onrustiger werd. Ik ben inmiddels  naar de 1,75 milligram per dag gegaan. Intussen heb ik wel weer mijn zolder voor een groot deel opgeruimd.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

IJssalons in Utrecht

In het algemeen kun je zeggen dat de kwaliteit van het ijs, dat verkocht wordt in de gespecialiseerde ijssalons, in de laatste 35 jaar spectaculair is verbeterd.

Toen ik eind jaren 80 in Utrecht studeerde waren er 4 zaken waar je lekker ijs kon eten:
- Venezia, aan de Oude Gracht. Deze zaak zit er nog steeds, en is ook nu nog (of juist nu) een topzaak.
- Italia aan de Vinkenburgstraat. Deze zaak is verhuisd naar de Adriaan van Ostaedelaan en levert ook ijs aan een afhaal sushirestaurant in Lunetten.
- Pierre aan de Nachtegaalstraat. Destijds was deze zaak na Il Mulino de beste zaak in Utrecht. Deze zaak is al begin jaren 90 opgeheven.
- Il Mulino aan de Adelaarstraat. In die tijd won deze zaak regelmatig prijzen voor het beste ijs van Nederland. Il mulino bestaat nog steeds, en je kunt er nog altijd heerlijk ijs eten, al denk ik dat het voorbijgestreefd is door 3 andere zaken.

Behalve de bovengenoemde zaken heb je nu ook:
- Roberto Gelato in de Poortstraat, een zeer populaire ijssalon, die ook regelmatig in de prijzen valt.
- Luciano aan de Nobelstraat. Deze zaak betrekt hun ijs van een ijsmaker in Wassenaar die regelmatig in de prijzen valt als de beste ijsmaker van Nederland. Dit is op het moment mijn favoriete ijszaak. Vreemd genoeg is het hier meestal vrij rustig, maar dat komt omdat de zaak op een ongunstige plek ligt, waar je moeilijk kunt parkeren.
- Australian in Hoog Catherijne, onderdeel van een keten. Erg lekker ijs, maar toch niet zo goed als bij de 4 topzaken.
- IJs en Zopie, een zaakje aan de Twijnstraat. Hun ijs vind ik lang niet zo lekker.

Met 4 topzaken en 2 erg goede, is Utrecht denk ik een van de steden in Nederland waar je het beste terecht kunt voor een lekker ijsje.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

dinsdag 28 mei 2019

Dierentuinen

Het bezoek aan een dierentuin is het leukst als je zelf een kind bent of als je als volwassene met jonge kinderen een dierentuin bezoekt.

De beste herinneringen aan mijn vader waren de keren dat we samen naar de Antwerpse Zoo gingen. We namen dan vroeg de trein vanuit Tilburg, bleven vrijwel de hele dag in de Zoo, aten daar frites met salade en biefstuk en kwamen dan vrij laat weer thuis. Ik genoot daar altijd enorm van. Het mooiste vond ik de show van de dolfijnen in het dolfinarium.

De laatste keer dat ik in de Antwerpse Zoo ben geweest, was in 1992 toen ik een vriend opzocht die daar tijdelijk woonde.

Ook als volwassene vond ik het altijd leuk om naar de dierentuin te gaan. Ik heb er aardig wat bezocht:
- De dierentuin in Londen waar ik voor het eerst een reuzenpanda zag.
- Het safaripark de Beekse Bergen waar de dieren vrij konden rondlopen op grote stukken grond, natuurlijk niet de leeuwen en de zebra's op hetzelfde terrein.
- Emmen, de dierentuin in Nederland waar de dieren voor het eerst relatief ruime verblijven kregen.
- Burgers Bush in Arnhem, waar een enorm grote woestijnhal en oerwoudhal zijn.
- De Apenheul in Rhenen waar de apen rondlopen tussen de bezoekers en snaaien wat ze snaaien kunnen.
- Blijdorp in Rotterdam met een fors aquarium.
- Artis in Amsterdam, de dierentuin in Nederland met het grootste aantal soorten, maar waar de dieren destijds in veel te kleine hokken zaten. De laatste keer dat ik hier op bezoek was, was mijn nichtje Roos vooral gefascineerd door de vlinders in de vlindertuin en mijn neefje Guus, die 3 jaar jonger is, vooral door de mensapen.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

Vergaderen

Ik heb altijd een grondige hekel gehad aan vergaderen. Gelukkig verkeer ik al jaren in de gelukkige omstandigheid dat ik nooit meer een vergadering hoef bij te wonen. De laatste vergadering die ik heb bijgewoond was vermoedelijk een huisvergadering van de studentenflat waar ik woonde in 2001. Dat was niet bepaald een pretje, ik moest van verschillende huisgenoten aanhoren hoe slecht ik wel functioneerde.

Totdat ik ging studeren hoefde ik nooit te vergaderen. Vergaderen was iets wat de leraren deden en de paar leerlingen die in de leerlingenraad zaten. Ik heb nooit enige behoefte gevoeld me daarvoor aan te melden.

Toen ik ging studeren raakte vergaderen in de mode. Ik had huisvergaderingen van de studentenflat in Zeist waar ik woonde, vergaderingen van de zure regengroep van Milieudefensie waar ik lid van was, vergaderingen van de alpinistenclub, vergaderingen met medestudenten over de voortgang van werkgroepen en later toen ik ziek werd vergaderingen van Anoiksis, de patiëntenvereniging voor mensen met een aanleg voor psychosen.

In het begin nam ik het vergaderen erg serieus, ik probeerde goed op te letten en relevante vragen te stellen. Al gauw merkte ik dat op de meeste vergaderingen vooral oeverloos gezwamd werd en verminderde mijn belangstelling. Als het niet echt nodig was dat ik aanwezig was dan sloeg ik de meeste vergaderingen over. Ik denk dat ik na 1994 alleen nog maar huisvergaderingen heb bijgewoond, en dat met veel tegenzin.

Over het algemeen denk ik dat er aan vergaderen een te groot belang wordt gehecht en vooral dat er eindeloos veel tijd mee verspild wordt. Ik zou graag willen eindigen met een citaat uit het boekenweekgeschenk van Wim Kan uit 1983:

- Het vergaderen uitsluitend in eigen vrije tijd, zou vermoedelijk een einde maken aan het vergaderen.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.


maandag 27 mei 2019

Dvd: Pretty woman

Pretty Woman (Verenigde Staten, 1990): 115 minuten: Regisseur: Garry Marshall

Pretty Woman PosterIk heb niet zoveel met romantische films. De meesten zijn vrij voorspelbaar en niet erg boeiend. Er zijn er een paar die er echt tussen uit springen zoals bijvoorbeeld "Brief encounter" van David Lean en "The bridges of Madison County" van en met Clint Eastwood.

Ik heb "Pretty woman" toen hij in 1990 uitkwam, in de bioscoop gezien samen met mijn moeder en haar vriend. Destijds vond ik het wel een aardige film, maar heeft hij weinig indruk achtergelaten. Ik denk dat ik hem nu voor de tweede keer heb bekeken.

Het verhaal is nogal eenvoudig. Een schatrijke man (een miljardair, voor minder doen ze het niet in Hollywood) pikt min of meer toevallig een hoertje op. Hij is onder de indruk van haar en huurt haar voor een uurtje, later voor een nacht en uiteindelijk voor een week. Natuurlijk blijkt de aantrekkingskracht wederzijds.

Het verhaal is volstrekt ongeloofwaardig, maar dat doet er niet toe. De hoofdrolspelers Richard Gere en Julia Roberts zien er geweldig uit, en het verhaal is onderhoudend. Voor je het weet is de film voorbij.

"Pretty woman" is duidelijk een film voor het grote publiek. Je kunt er lekker bij wegzwijmelen, of je nu man of vrouw bent, dat maakt niet uit.

  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

Waarom ik nooit geld uitleen

Iedereen heeft wel eens meegemaakt dat een familielid, vriend , vage kennis of onbekende hem of haar geld te leen vroeg. Vaak stemt men toe, gewoon uit vriendelijkheid of uit angst om iemand te kwetsen of kwijt te raken.

Mensen die geld willen lenen zijn onder te verdelen in twee groepen: de betrouwbare mensen en de onbetrouwbare mensen.

De betrouwbare mensen ken je meestal goed en je weet wat hun achtergrond is. Over het algemeen kunnen zij goed omgaan met geld en lenen zij vrijwel nooit geld. Alleen in nood zullen zij een beroep op je doen.

De onbetrouwbare mensen kunnen juist niet omgaan met geld, of het zijn opportunisten die in iedereen met wat geld een lopende geldezel zien. Meestal vragen ze om niet zulke grote bedragen, maar het is evengoed weggegooid geld.

Naïeve mensen denken dat je mensen die niet met geld kunnen omgaan een dienst bewijst door hun wat te lenen. Het tegendeel is eerder waar, als iemand er steeds maar weer in slaagt om bij iedereen geld te lenen, dan zal hij het structurele probleem van hoe hij om moet gaan met zijn geld, nooit aanpakken.

In 1998 erfde ik een flinke som geld van mijn overleden moeder. R, een vage kennis had dit gehoord, en dacht dat ik een goede geldezel was. Hij belde mij op en zei dat hij iets met mij wou bespreken, maar daarvoor wilde hij bij mij langskomen om het persoonlijk met mij te bespreken. Ik was argeloos en stemde toe. De volgende dag kwam R bij mij langs en vroeg aan mij om hem 3.500 gulden te lenen om zo zijn studie homeopathie te kunnen betalen. In die tijd was ik nogal onnozel, maar ik vond 3.500 gulden wel erg veel geld. Ik zegde toe hem 1.200 gulden te lenen. 's avonds belde ik wat mensen om te vragen wat die daar van vonden. Iedereen die ik belde raadde me het af. Ik heb het girokantoor gebeld en gevraagd om de overboeking die ik had gemaakt ongedaan te maken. Gelukkig kon dit nog.

Tot op de dag van vandaag ben ik blij dat ik mijn toezegging ongedaan heb gemaakt. R bleek ook niet erg betrouwbaar. Later hoorde ik van meerdere mensen in mijn omgeving, dat zij hem wel geld geleend hadden en nooit terug hebben gekregen. Terugkijkend mag ik R dankbaar zijn voor de wijze les die hij mij onbedoeld heeft gegeven.

Een jaar of 4 later heb ik nog een flinke som geld uitgeleend aan mijn broer. Mijn broer is natuurlijk wel betrouwbaar en hij heeft het geld meer dan terugbetaald. Ik krijg nog steeds iedere maand wat geld van mijn broer, mede omdat ik hem toen uit de nood heb geholpen. Dat was dus een hele goede investering.

Mijn advies voor mensen aan wie gevraagd wordt om geld uit te lenen is: leen alleen geld uit aan mensen die betrouwbaar zijn en als je het geld kunt missen en het niet erg vindt als je het niet terugkrijgt.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zondag 26 mei 2019

RadioTimes Guide to Films 2017

RadioTimes Guide to Films 2017 (Groot Brittannië, 2016): 1712 blz: Uitgeverij Immediate Media Company London

Radio Times Guide to Films 2017De "RadioTimes Guide to Films" is een ontzettend uitgebreide filmgids van 1.712 bladzijden, waarin maar liefst zo'n 24.000 films worden besproken en waarin ook nog eens filmoverzichten staan van zo'n 2.000 regisseurs en 40.000 acteurs en actrices.

In deze gids is vooral veel aandacht voor films uit de Engelstalige wereld (ik geloof dat iedere film die ooit is uitgebracht in Groot Brittannië er in staat) en verder in vergelijking met andere Engelstalige gidsen (bijvoorbeeld die van Leonard Maltin) staan er ook veel films in besproken uit andere landen. De films worden gewaardeerd volgens een sterrensysteem van 1 tot 5 sterren, aan halve sterren doet men hier niet.

Wat opvalt is dat wel erg veel films de maximale waardering van 5 sterren krijgen (volgens de gids zelf ruim 800 films, of bijna 4% van het totale aantal besproken films). Ik heb best veel van die films gezien en een groot deel daarvan vind ik aardig om te bekijken, maar beslist geen 5 sterren waard.

Aan de andere kant zijn er een aantal films (gelukkig een veel kleiner aantal) die maar 3 sterren krijgen, maar in mijn ogen zeker 5 sterren verdienen. Ik vind dit gelden voor de volgende films: "La graine et le mulet", "La vie d'Adèle", "Biutiful", "Dersu Uzala" en "Seven chances", die alle 5 tot mijn top 100 behoren, 2 daarvan zelfs tot mijn top tien.

Los van de vraag of de waardering van de films helemaal klopt, is het grootste probleem de omvang van het boek, het ligt niet bepaald gemakkelijk in de hand. Het boek heeft last van een probleem waar meer boeken last van hebben, de drang tot volledigheid.

Ik heb een aantal suggesties om dit boek een stuk prettiger te maken om door te lezen, zonder dat het daarbij aan kwaliteit hoeft in te boeten:

1) Mensen hebben maar een beperkte hoeveelheid tijd om films te kijken, zelfs een zeer fanatieke filmkijker zal niet meer dan zo'n 300 films per jaar bekijken. Als hij dat 10 jaar volhoudt zijn dat zo'n 3.000 films. Niemand heeft zin om slechte of matige films te bekijken, dus er zullen vrijwel altijd films worden uitgezocht die 4 of 5 sterren krijgen. Mijn eerste suggestie is om alle besprekingen van films met 1, 2 of 3 sterren te verwijderen. Dat scheelt zo'n driekwart van het aantal filmbesprekingen, dan houd je nog zo'n 400 blz over in plaats van 1.450 met filmbesprekingen.

2) Beperk het aantal regisseurs met films tot zo'n 200, dan heb je wel alle echt belangrijke regisseurs, maar geef dan van die regisseurs ook echt alle titels van films die ze geregisseerd hebben.

3) Verwijder het gedeelte van de filmoverzichten van acteurs en actrices. Voor de meeste films is het niet zo van belang wie er precies in meespelen, maar wel wie de film geregisseerd heeft. Voor wie deze gegevens wel wilt weten, is dat makkelijk na te zoeken op internet, bijvoorbeeld bij de site van IMDB.

4) Maak de filmgids iets kleiner van omvang en vergroot het gebruikte lettertype iets zodat de teksten makkelijker lezen.

Als men deze 4 suggesties opvolgt, dan kan men een zeer handzame gids maken van zo'n 600 blz omvang, die prettig in het gebruik is.

   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zaterdag 25 mei 2019

Hoe ik schrijf

Als ik een tekst lees, dan vind ik het erg prettig als hij soepel leest en weinig moeilijke woorden bevat. Mijn woordenschat is vrij groot (zeker in het Nederlands, maar ook in het Engels, minder in het Duits), maar als ik een woord niet ken, dan lees ik daar overheen. Ik ben meestal te lui om de precieze betekenis op te zoeken, dat doe ik eigenlijk alleen als ik een tekst herlees. Ook houd ik van een lichtvoetige stijl. Een tekst hoeft niet per se humoristisch te zijn, maar ik houd erg van een beetje humor.

Wat voor het lezen van een tekst geldt, dat probeer ik ook na te streven als ik zelf wat schrijf. Voordat ik begin met schrijven heb ik meestal een of meerdere zinnen in gedachten en heb ik ongeveer een idee wat ik wil schrijven.

Ik maak nooit een kladversie op papier, ik tik mijn teksten rechtstreeks op de computer. Ik kan maar met 2 vingers typen, dus mijn schrijfsnelheid is vrij laag. Dat geeft mij de gelegenheid om tijdens het typen de volgende zin te bedenken.

De stukjes die ik schrijf zijn vrij kort. Na maximaal een half uur vind ik het wel genoeg en zijn de meeste teksten ongeveer klaar.

Bij een  boekbespreking met citaten werk ik vaak anders. Ik typ dan eerst de citaten en schrijf vervolgens de rest van de tekst.

Ik probeer bij het schrijven zo min mogelijk moeilijke woorden te gebruiken. Ik houd daarbij het advies van Tolstoj in gedachten, die vond dat zijn teksten te begrijpen moesten zijn voor een kind van 13 jaar oud. Ik ben het daar helemaal mee eens.

Als de tekst klaar is, dan laat ik hem meestal een dagje rusten en dan probeer ik om de eventuele slordigheden in stijl of spelling eruit te halen.

Ik stel niet zulke hoge eisen aan mijn teksten. Ik ben geen professioneel schrijver en als ze een beetje prettig lezen ben ik tevreden. Het kan voor mij ook niet anders, ik heb geen tijd, energie en zin om uren met een tekst bezig te zijn.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

vrijdag 24 mei 2019

Zaken die ik in de toekomst nog wil bespreken op mijn blog

Voor wat betreft boeken:
Kinderboeken, het complete oeuvre van:
- Dr Seuss
- Eric Carle
- Dick Bruna
Reisverhalen, het complete oeuvre van:
- Carolijn Visser
- Lieve Joris
- Frank van Rijn
- Wilfred Thesiger
Korte verhalen, het verzameld werk van:
- Belcampo
- Maarten Biesheuvel
- F.B. Hotz
Graphic novels en strips:
- De complete Calvin & Hobbes
- Osama Tezuka: "Boeddha"
Fotoboeken:
Ik wil alle fotoboeken die ik in mijn bezit heb bespreken
Verder wil ik nog een aantal boeken bespreken die op mijn lijsten met favoriete boeken staan.

Voor wat betreft films:
- Ik heb een verzameling met 136 dvd's van Disney-films. Die wil ik allemaal (gedeeltelijk) bekijken en diegenen die ik erg goed vind bespreken.
- Hetzelfde geldt voor de verzameling dvd's die ik heb van die andere grote animatiestudio: Ghibli uit Japan.
- Ik wil mijn favoriete films van Nederlandse en Belgische regisseurs opnieuw bekijken en bespreken.
- Ik wil alle reisprogramma's die in opdracht van de VPRO gemaakt zijn bekijken en eventueel bespreken.
- Ik wil zo veel mogelijk films van mijn favoriete regisseurs bekijken en bespreken, te weten die van:
Ingmar Bergman
Charles Chaplin
Buster Keaton
Akira Kurosawa
Satyajit Ray
- Ik wil alles van Laurel en Hardy opnieuw bekijken en eventueel bespreken.

Voor wat betreft muziek:
Gezien mijn beperkte verstand van muziek wil ik alleen Nederlandstalige muzikanten bespreken die ik erg goed vind, te weten:
- Hans Dorrestijn
- Boudewijn de Groot
- Kees van Kooten en Wim de Bie
- Drs. P
- Ramses Shaffy & Liesbeth List
- Spinvis
- Willem Vermandere
- Joop Visser

Voor wat betreft restaurants:
Ik wil in de toekomst alleen nog maar restaurants in mijn woonplaats (Utrecht) bespreken. Ik heb geen lijstje van restaurants waar ik nog een keer wil gaan eten, maar als ik toevallig ergens eet, waar ik nog niet eerder heb gegeten, dan zal ik daar verslag van doen.

Een uur nadat ik dit lijstje had neergeschreven besefte ik al dat dit net zo belachelijk klinkt dan als dat ik zou schrijven dat ik nog op vakantie wil naar Nepal, Marokko of Myanmar, terwijl ik een totaal gebrek aan energie heb, 14 uur per dag slaap, ieder half uur naar het toilet moet en al een jaar Utrecht nauwelijks meer uit geweest ben. We zullen maar zeggen, een nog te doen lijstje voor in mijn dromen.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

donderdag 23 mei 2019

Uit eten in Utrecht: Authentiek Chinees restaurant Jasmijn en ik 2

Dinsdagavond heb ik met een vriendin gegeten bij Jasmijn en ik. Mijn vriendin kwam uit Eindhoven, had een drukke dag achter de rug, en daarom koos ik voor een restaurant dat op loopafstand van het station ligt. Bovendien moest het eten goed zijn en je er rustig kunnen kletsen in een ontspannen  sfeer. Aan alle drie onze voorwaarden voldeed Jasmijn en ik prima.

We hadden gereserveerd voor 18.30 uur, maar we waren er al rond 18.00 uur, zodat we op ons gemak konden eten. Op mijn voorstel bestelden we een banket, bestaande uit een kop milde soep met kokosroom (10), een tussengerecht met iets van twee kleine gevulde pannenkoekjes en een hoofdgerecht bestaande uit 3 gerechten en 2 kommetjes witte rijst en een toetje..

We hadden voor het hoofdgerecht een schaal met een soort van kipgerecht met een pindasaus (9), een schaal met een Chinese bladgroente met sesamzaad (9) en een schaal met gamba's (9).

Als toetje kozen we twee verschillende toetjes, een met een chocolade taartje met koffie-ijs (9,5) en een met pannacotta (9). Vervolgens deelden we de toetjes en namen we elk van allebei de helft.

Het eten was erg lekker, zoals ik dat gewend ben van dit restaurant. Zelf heb ik hier al een keer of tien gegeten en behoort Jasmijn en ik tot mijn favoriete restaurants in Utrecht. Voor mijn vriendin was het de eerste keer, maar ook zij was erg enthousiast over zowel het eten als de sfeer. Ik had een geluksdag, mijn vriendin betaalde het eten voor ons.

Als drank had mijn vriendin een flesje Spa rood, en ik een glas vers geperst sinaasappelsap (10) en een kan gratis kraanwater, zoals dat bij de betere restaurants hoort.

Jasmijn en ik is een zeer geschikt restaurant om zomaar een keer erg lekker te eten, maar het is ook uitermate geschikt voor een romantisch dineetje, of zoals wij deden om onder het eten uitgebreid bij te kletsen. Jasmijn en ik is ook zeer geschikt voor vegetariërs.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

woensdag 22 mei 2019

The Rough Guide to Film

The Rough Guide to Film: An A-Z of directors and their movies (Groot Brittannië, 2007): 628 blz: Uitgeverij Rough Guides Ltd.

The Rough Guide To FilmEr zijn een aantal verschillende gidsen op de markt waarin een groot aantal films besproken wordt, eventueel met een sterrenwaardering voorzien, zodat de lezers een idee kunnen krijgen of een film de moeite waard is om te bekijken of juist niet. De meeste van deze gidsen lijken op elkaar in die zin dat meestal de films in alfabetische volgorde worden besproken.

"The Rough Guide to Film" wijkt in die zin af van het gangbare patroon, dat de films hierin worden besproken aan de hand van de regisseurs die de films hebben gemaakt. In totaal wordt het werk van meer dan 800 regisseurs besproken. Iedere regisseur krijgt een beknopte biografie, waarna een of meerdere films van deze regisseurs worden besproken. Nederlandse regisseurs komen er bekaaid van af, alleen Paul Cox (nog nooit van gehoord), Joris Ivens en natuurlijk Paul Verhoeven worden besproken.

In het algemeen kun je zeggen dat iedere regisseur van naam wel een eigen lemma heeft. Alle regisseurs die ik zelf echt goed vind staan er in ieder geval in, met uitzondering van onze eigen Alex van Warmerdam. Waarin deze gids echt uitblinkt, is in de kwaliteit van de teksten. Ik heb alle lemma's van A tot en met C gelezen en de teksten over de regisseurs zijn zonder uitzondering onderhoudend om te lezen en zeer informatief.

Wat ook goed is aan deze gids is dat niet alleen vooral heel veel aandacht besteed wordt uit regisseurs en films uit de Engelstalige wereld, maar vooral ook aan regisseurs en films uit andere landen. Ik vind dat deze gids wat betreft leesbaarheid van de teksten, informatie en gebruiksvriendelijkheid met kop en schouders uitsteekt boven andere soortgelijke gidsen die ik ken.

Deze gids is een eerste editie uit 2007. Jammer is dat er nooit een nieuwe editie van deze gids is verschenen, dat wordt hoog tijd. Zeer aanbevolen voor iedere filmliefhebber!

  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

dinsdag 21 mei 2019

Dvd: Cosmos

Cosmos (Verenigde Staten, 1980): 13 uur: Geschreven en gepresenteerd door Carl Sagan

Cosmos PosterIn 1980 werd de 13-delige documentaire serie "Cosmos" uitgezonden, waarbij Carl Sagan ons een inkijkje geeft in het heelal, hoe het eruit ziet, hoe het ontstaan is en de wetenschappelijke ontdekkingen bespreekt die tot deze kennis hebben geleid.

"Cosmos" is zonder meer een prachtige serie, en gezien het grote aantal nieuwe ontdekkingen van de afgelopen 40 jaar, verrassend weinig verouderd. Sagan presenteert het verhaal deels, door gezeten in een enorm futuristisch ruimteschip beelden van het heelal aan ons voorbij te laten gaan.

Sagan is een innemende presentator met een grote persoonlijke charme. Hij is op zijn best als hij wetenschappelijke ontdekkingen uitlegt aan een groot publiek, bijvoorbeeld de manier waarop de Griek Erastothenes in 300 voor Christus de omtrek van de Aarde mat.

Dat zat zo:
Erastothenes was een wetenschapper en bibliothecaris van de vermaarde bibliotheek van  Alexandrië. Hij las ergens dat iemand vermeld had dat op 21 juni een put ergens in Zuid Egypte tot op de bodem verlicht werd. Erastothenes ging zelf kijken bij deze put op 21 juni en constateerde dat die waarneming klopte. Hij wist uit een eerdere meting dat een obelisk in Alexandrië op dezelfde datum een schaduw van ongeveer 7 graden had (ongeveer 1/50e deel van een cirkel). Dit kon alleen als de Aarde bolvormig zou zijn. Erastothenes gaf iemand de opdracht om de afstand tussen de put en de obelisk in Alexandrië te meten. Die man telde zijn voetstappen en kwam uit op een afstand van 800 kilometer. Zo berekende Erastothenes als afstand voor de omtrek van de Aarde 40.000 kilometer, dat er slechts een paar procenten naast zit. Een prachtig staaltje van toegepaste wetenschap!

Sagan komt meer met dergelijke prachtige voorbeelden. Twee van de stokpaardjes van Sagan zijn: de mogelijkheid tot het maken van ruimtereizen en het eventuele bestaan van buitenaards leven. Hij doet over beide zaken enige uitspraken, maar in de tussenliggende jaren zijn we niet veel verder opgeschoten hierin.

Tien jaar na het uitkomen van de serie werden een aantal nawoorden toegevoegd over de ontwikkelingen tussen 1980 en 1990. Helaas stierf Carl Sagan, veel te jong, in 1995. Sagan was een groot popularisator van de wetenschap.

Vrij algemeen wordt "Cosmos" als een van de beste wetenschappelijke documentaires ooit beschouwd, en hij wordt op IMDB door bijna 31.000 mensen gewaardeerd met een 9,3 en staat daarmee op plaats 11 van de hoogst gewaardeerde televisieseries! Ik kan het hier alleen maar mee eens zijn.

  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

maandag 20 mei 2019

Rotsklimmen

Tijdens de introductiedagen in Nijmegen woonde ik een klimdemonstratie bij en mocht ik ook een stukje klimmen. Dit leek mij een erg leuke sport en zo ben ik lid geworden van de NIJSAC (Nijmeegse Studenten Alpinisten Club).

Ik ben dat jaar twee keer een weekend weggeweest met de NIJSAC om te klimmen (Sy en Hotton) en een keer heb ik een survivaltocht gemaakt.

Een paar jaar later nam een jongen die bij een vriend van mij op de studentenflat woonde, mij mee naar de conditietrainingen van de USAC. Het jaar daarop werd ik ook lid van de USAC. Met de mensen van de USAC ben ik een keer of drie in de Ardennen geweest (oa. Sy en Freyr) en ook een keer in Fontainebleau waar we konden klimmen op grote stenen die niet al te hoog waren. De allerlaatste keer dat ik weggeweest ben met de USAC was naar de Pfalz in Duitsland, maar toen hebben we wegens het slechte weer niet kunnen klimmen.

Wat ik leuk vond aan het klimmen was niet zozeer het klimmen zelf als wel het feit dat je met een groep gelijkgestemden kampeerde in de vrije natuur en heerlijk in de buitenlucht was.

Na mijn eerste psychose heb ik nooit meer geklommen. Dat zou ook niet verantwoord zijn geweest, want je klimt met een touwgroep en je moet 100% zeker zijn dat je goed gezekerd bent.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zondag 19 mei 2019

Hardlopen

Toen ik in de vierde klas van de middelbare school zat hadden we een gymleraar die zelfs een keer in het doel had gestaan bij een wedstrijd van het Nederlands elftal. Ik was vrij slecht in sport en deze leraar zei tegen mij dat hij zelfs van mij nog een atleet zou maken. Dat is hem niet gelukt, maar een paar jaren later was ik toch vrij goed in hardlopen.

Toen ik in Utrecht studeerde, tussen 1985 en 1990, liep ik vrij veel hard. Ik liep vaak vanuit de studentenflat in Zeist waar ik woonde, een rondje van ongeveer 5 kilometer, waarbij ik een stuk door het Panbos liep.

Af en toe deed ik mee met een trimloopje. De eerste trimloop waaraan ik meedeed was die in de Maarschalkerweerd, waar ik tot mijn eigen verbazing 10 kilometer liep in 38,50 minuten. Ook heb ik regelmatig een Coopertest gelopen en een keer zelfs een wedstrijdje over 15 kilometer in het Panbos waar ik te hard van start ging en nogal wat tempo verloor tegen het einde.

Hoogtepunten van mijn hardloopcarrière waren de drie keren dat ik meedeed met de Batavierenrace, een estafettewedstrijd tussen Nijmegen en Enschede. Er werd gestart in Nijmegen, en er waren drie herstarts om de verschillen niet al te groot te laten worden. Je startte steeds met 50 man tegelijk. Tijdens een van die races haalde ik 12 mensen in. Mijn beste tijd was 31 minuten en 15 seconden over een stuk van 8,2 kilometer.

Nadat ik ziek ben geworden heb ik vrijwel nooit meer hardgelopen en dan nooit serieus.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zaterdag 18 mei 2019

Fietsen

In de vierde klas van de middelbare school besloten de leraren om een fietstocht naar de Ardennen te organiseren. Ik was meteen erg enthousiast en meldde me als eerste van de klas aan. Ook een paar vrienden gingen mee. Er was een probleem, ik had geen goede fiets. Gelukkig was mijn moeder in een royale bui en kreeg ik speciaal voor de fietstocht een spiksplinternieuwe Batavus Sprint cadeau.

De fietstocht naar de Ardennen was een groot succes en ik droomde er al van om ooit nog een fietstocht rond de wereld te maken.

Tussen 1983 en 1996 heb ik veel grote fietstochten gemaakt. In België, Luxemburg, Duitsland, Denemarken, Zweden, Engeland, Wales, Frankrijk, Zwitserland, Oostenrijk, Joegoslavië, Griekenland, Turkije en Tsjechië. Een aantal van deze tochten heb ik samen met een vriend gemaakt en een aantal alleen. Altijd werd er gekampeerd en meestal fietste ik tussen de 80 en 100 kilometer per dag.

Na 1996 was het afgelopen met mijn grote fietstochten. Alleen in 2004 heb ik met twee vrienden nog een kleinere tocht door de Ardennen gemaakt. De laatste jaren heb ik zelfs helemaal niet meer gefietst.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

vrijdag 17 mei 2019

Tafeltennis

Toen ik jong was hadden we bij ons thuis een lange tafel waarop we regelmatig partijtjes tafeltennis speelden. De tafel stond meestal buiten en had niet de juiste afmetingen, maar dat maakte ons niet uit. Met mijn forehand kon ik een aardig balletje raken, maar mijn backhand leek nergens op.

Toen ik in de 4e klas van de middelbare school zat ben ik bij tafeltennis gegaan, bij tafeltennisvereniging Irene, destijds de grootste van het land. In eerste instantie recreatief, maar algauw wilde ik wedstrijden spelen, ik was bloed fanatiek. Bij tafeltennis speel je met ploegen van 3 man (of vrouw). Eerst spelen de twee beste spelers tegen elkaar, dan de nummers twee en vervolgens de nummers drie. De vierde wedstrijd is het dubbel tussen de beste dubbelspelers (meestal nr 1 en nr 2). Dan volgen er nog zes wedstrijden. In het eerste seizoen speelden we met 4 man in een team. Een andere jongen en ik wisselden elkaar af als derde speler. De 15 wedstrijden die ik speelde won ik alle 15, het niveau lag niet erg hoog.

Ik hoopte dat ik na het eerste seizoen in een hoger geplaatst team mocht spelen. Dat bleek niet het geval, ik kwam met twee jongens in het team die werkelijk geen bal konden raken. Gelukkig heb ik de laatste 2 seizoenen met 2 spelers van mijn eigen niveau op een redelijk niveau gespeeld.

Nadat ik klaar was met de middelbare school ben ik gestopt met tafeltennissen. Ik heb in 1991, toen ik al ziek was nog eventjes bij ZTTV (Zeister Tafel Tennis Vereniging) gespeeld. Daarna heb ik nooit meer getafeltennist. Misschien is het een goed idee om het weer eens op te pakken. Ik ben het vast niet verleerd en het zou goed voor mijn conditie zijn.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

donderdag 16 mei 2019

Schaatsen

Ik heb pas vrij laat leren schaatsen en heb nooit een goede techniek gehad. Wel had ik een goede conditie.

Tijdens de jaren dat ik in Utrecht Fysische Geografie studeerde heeft het een paar winters flink gevroren. Ik heb met vrienden een paar keer een wat grotere tocht geschaatst. Een keer heb ik op de Loosdrechtse plassen geschaatst. Ook heb ik een keer de zogeheten molentocht geschaatst tussen Vlist, Polsbroek en Haastrecht. Tijdens die tocht ging het gerucht dat prins Willem Alexander ook mee schaatste. Op een lang recht stuk kwam hij in gezelschap van  Yvonne van Gennip en Ria Visser ons voorbij geschaatst. Ze hadden er flink de vaart in, het was te zien dat hij behoorlijk sportief was.

Deze tochten tot 40 kilometer lang heb ik op gewone ijshockeyschaatsen gemaakt. In 1991 of 1992 toen ik al ziek was en mijn ijshockeyschaatsen het hadden begeven besloot ik om een paar noren te kopen. Helaas is dat geen succes geworden en is het mij nooit gelukt om daar fatsoenlijk op te schaatsen. Dat vond ik erg jammer, want schaatsen in de vrije natuur vond ik een van de prettigste bezigheden die ik kende. Ik heb al heel lang niet meer geschaatst.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

woensdag 15 mei 2019

Schaken

Mijn vader was een fanatiek schaker. Hij deed regelmatig mee met het Hoogoven toernooi in Wijk aan Zee en logeerde dan bij een oom en tante van mijn moederskant in Amsterdam. Hij gaf ook les aan het Odulphus Lyceum in Tilburg en zette daar een schaakclub op.

Het was dus geen wonder dat ik al vroeg leerde schaken van mijn vader, tegen wie ik veel partijtjes heb gespeeld. De laatste jaren voordat mijn ouders scheidden kwamen er altijd veel schaakvrienden van mijn vader bij ons thuis: de twee Kezen, Ben, de beste vriend van mijn vader en een zekere Antoniussen, een oudere man die een sigarenzaak had, en verschrikkelijk veel hoestte en hele vieze sigaren rookte. Als Antoniussen er was dan vluchtte ik altijd de woonkamer uit, maar met mijn vader, de twee Kezen en Ben heb ik heel wat partijtjes geschaakt.

Er werd altijd met een schaakklok gespeeld. Als je de toegestane tijd overschreed, dan had je automatisch verloren. Normaal hebben bij een schaakpartij beide spelers 2 uur de tijd voor de eerste 40 zetten, hoe het daarna zat weet ik niet meer. Wij vonden zulke partijen veel te lang duren en speelden meestal met slechts 30 minuten per persoon voor de hele partij.

Echt leuk werd het pas als we partijtjes snelschaak speelden, mijn favoriet. We begonnen dan met elk 5 minuten speeltijd. Als je een partij won, dan kreeg je een minuut minder speeltijd. Diegene die met 1 minuut speeltijd won had gewonnen. Geen wonder dat de stukken over tafel vlogen.

Ik heb altijd een enorme hekel aan sigarettenrook gehad (sigarenrook was nog veel erger) en dat is ook de reden geweest dat ik nooit bij een schaakclub ben gegaan. Na de middelbare school heb ik vrijwel nooit meer een partijtje schaak gespeeld.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

dinsdag 14 mei 2019

Judo

Toen ik 6 jaar oud was en ik een keer met mijn moeder bij de arts was, zei de arts dat het goed voor mijn ontwikkeling en de stevigheid van mijn botten zou  zijn, als ik bij judo ging. Dus ging ik bij judo, gelukkig samen met een vriendje.

Mijn judotrainer was Peter Ooms, die ook veel topsporters (vooral vrouwelijke) heeft getraind. Ik vond het destijds een aardige man, maar hij is jaren later nogal negatief in het nieuws geweest omdat hij met zijn handen niet van de vrouwelijke judoka's af kon blijven. Zijn verweer was dat judo een contactsport is.

Ik ging iedere week, ik geloof op de maandag met mijn vader op de fiets naar sportschool Ooms. Ik heb ruim 5 jaar aan judo gedaan, zo'n beetje de hele periode van de lagere school en ben er meteen mee gestopt toen ik naar de middelbare school ging. Ik ben gekomen tot de groene band met blauwe slip, voor wie dat wat zegt.

Later heb ik behalve in mijn dromen nooit meer aan judo gedaan, en dat miste ik niet. Wel heb ik met judo geleerd om goed een val te breken en deze reflex is mij vaak nog van pas gekomen als ik tijdens een fietstocht weer eens onderuit ging.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

Wandelen

Wandelen heb ik altijd een erg aangename bezigheid gevonden. Toen ik jong was, ging ik vaak samen met mijn ouders en mijn zus wandelen in de Campina, een groot heidegebied van Natuurmonumenten vlak ten oosten van Oisterwijk. Mijn zus vond die wandelingen een verschrikking, ik vond het erg leuk. Veel kan ik mij daar overigens niet van herinneren.

Op de lagere en de middelbare school heb ik een aantal keren meegedaan met de avondvierdaagse, waar in die tijd zo'n beetje iedereen aan meedeed.

Ik ben overigens pas serieus gaan wandelen toen ik ging studeren. Tijdens het eerste jaar van mijn studie natuurkunde in Nijmegen heb ik 's winters meegedaan met een survivaltocht op de Veluwe, bij een temperatuur van ongeveer 15 graden Celsius onder nul. Ik had geen goede wandelschoenen en halverwege moest ik met de tocht stoppen omdat mijn sokken nat geworden waren en mijn tenen dreigden te bevriezen.

Ook nog tijdens dat jaar besloot ik om mee te doen met de Vierdaagse. Nog zo'n geval van jeugdige overmoed. Ik kocht een paar oude legerlaarzen en wilde daar de tocht mee lopen. Omdat mijn conditie erg goed was, dacht ik dat trainen niet nodig was. Dat bleek tegen te vallen. Op de eerste dag gingen de eerste 20 kilometer vrij vlot. Toen kreeg ik twee blaren, mijn linkervoet en mijn rechtervoet, en ging mijn tempo omlaag. Uiteindelijk gaf ik 5 kilometer voor het einde op. Ik kon met veel pijn en moeite nog net naar de bushalte strompelen en terug in Nijmegen het kleine stukje naar huis.

In 1987 heb ik met een vriend een deel van de GR 54 gelopen, dwars door de Franse Alpen, de mooiste wandeltocht die ik ooit gemaakt heb. Later heb ik met een andere vriend nog in 4 dagen tijd een stuk van het Pieterpad gelopen, van Roermond naar Maastricht.

Ondanks mijn ziekte probeer ik nog steeds om regelmatig te wandelen. Het zijn geen grote tochten meer, en altijd dicht bij huis, maar ik wandel toch een keer of 4 per week een uur of langer.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

maandag 13 mei 2019

Zwemmen

Zoals bijna iedereen in Nederland kreeg ik als jongetje van 6 jaar oud zwemles. Verder dan diploma A ben ik nooit gekomen en een echte waterrat ben ik nooit geworden.

In de zomer ging ik vaak met vriendjes zwemmen in het openluchtzwembad van de Friezenlaan in Tilburg. Met mijn ouders ging ik af en toe naar de IJzeren Man vlakbij Vugt, een grote waterplas. Zwemmen in de vrije natuur heb ik altijd heerlijk gevonden. In plassen, in grote meren tijdens de vakanties (in het meer van Annecy kon je prachtig zwemmen) en vooral in de Noordzee als het water niet te koud was.

Toen ik al een tijdje ziek was ging ik regelmatig met een vriend zwemmen in het overdekte zwembad in Zeist waar ik toen woonde. In het begin trokken we vooral baantjes, wel 40 stuks, waarna we ons in het bubbelbad opwarmden. Het aantal baantjes dat we zwommen werd steeds kleiner en het verblijf in het bubbelbad duurde steeds langer, totdat we op een gegeven moment alleen nog maar in het bubbelbad zaten. De laatste 10 jaren heb ik nauwelijks meer gezwommen.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zondag 12 mei 2019

Voetballen

Zoals zoveel jongens van mijn generatie heb ik in mijn jeugd veel gevoetbald. Toen ik 6 jaar oud was heb ik een paar weken bij RKTVV (= Rooms Katholieke Tilburgse Voetbal Vereniging, ook wel Rotte Koeien Tegen Vette Varkens genaamd) gezeten. Vriendjes van mij zaten daar ook bij, dus dat leek een logische stap.

Lang heeft mijn voetbalcarrière niet geduurd. Ik heb een paar wedstrijden mee gevoetbald, een keer de bal aangeraakt en ben er gauw weer mee gestopt.

Ik heb wel heel veel gevoetbald met vriendjes op het pleintje achter ons huis. Gewoon voetbal, maar vooral heel veel blokjesvoetbal.

Toen ik in de vijfde klas van de lagere school zat hadden wij op school een wonderbaarlijk goed elftal. Eerst werd dat elftal schoolkampioen van Tilburg, vervolgens van Noord-Brabant. Toen mocht het meedoen aan de landelijke finales in Zeist op het terrein van de KNVB. Wij gingen met een volle bus op kosten van de school mee als supporters. De eerste twee wedstrijden werden opnieuw gewonnen en toen stond ons schoolelftal van de Gemma Galgani zowaar in de finale tegen een ploeg uit Limburg. De ploeg uit Limburg scoorde 1-0. Wij maakten er 1-1 van. Vervolgens werd het 2-1 voor de ploeg uit Limburg. Opnieuw maakten wij gelijk. Helaas werd het uiteindelijk 3-2 voor de ploeg uit Limburg, maar wat was het spannend!

Op de middelbare school heb ik geloof ik 1 of 2 keer meegespeeld met het schoolvoetbal, in het laagste elftal. Zonder veel succes. Na mijn middelbare school periode heb ik vrijwel nooit meer gevoetbald.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zaterdag 11 mei 2019

Sporten die ik ooit beoefend heb

Ik heb de afgelopen week een serie van 10 korte stukjes geschreven over sporten die ik ooit heb beoefend. Het gaat daarbij om de sporten die ik gedurende wat langere tijd en min of meer serieus heb beoefend. De meeste van deze sporten heb ik vooral beoefend tussen mijn 15e en 24e verjaardag (vlak voor mijn 24e verjaardag kreeg ik mijn eerste psychose). Later heb ik eigenlijk alleen nog maar gefietst en gewandeld. De volgende sporten komen aan bod: Voetbal, Zwemmen, Wandelen, Judo, Schaken, Schaatsen, Tafeltennis, Fietsen, Hardlopen en Rotsklimmen. Ik plaats de komende anderhalve week iedere dag een stukje.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

vrijdag 10 mei 2019

100.000 paginaweergaven

Een van de dingen waar ik bij blogs van collega bloggers benieuwd naar ben, is hoeveel bezoekers ze trekken. De meeste bloggers vermelden dit niet en zelf heb ik er ook voor gekozen om dit niet te vermelden. Ik denk dat het aantal bezoekers wel iets zegt over de kwaliteit van een blog, maar zeker ook lang niet alles. Het lijkt mij voor de hand liggen dat bloggers die veel reclame maken via de (a)sociale media en boeken of films bespreken die in het nieuws zijn meer bezoekers krijgen dan bloggers die dat niet doen.

Ik heb overigens nooit te klagen gehad over het aantal bezoekers op mijn blog. In 2012 had ik op een bijeenkomst een aantal bloggers leren kennen en een paar van hen waren vanaf de eerste dag zo vriendelijk om mij te vermelden op hun eigen blogs. Zo had ik op mijn eerste dag als blogger al 80 bezoekers. De eerste maand had ik 1200 paginaweergaven, en de eerste 3,5 jaar had ik gemiddeld tussen de 1200 en 1500 weergaven per maand. In december 2017 liep het aantal weergaven ineens op naar 3000 en sindsdien is het blijven schommelen rond de 3000 per maand.

Vandaag heb ik het magische aantal van 100.000 weergaven bereikt. Ik heb er nooit naar gestreefd om zoveel mogelijk bezoekers te trekken, maar het is natuurlijk wel fijn dat er een redelijk aantal mensen mijn blog regelmatig bezoekt, en hopelijk ook leest.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

woensdag 8 mei 2019

Uit eten in Utrecht: Japans restaurant Kounosuke

Vanavond ben ik met een vriendin uit eten geweest bij restaurant Kounosuke aan de Westerkade. Het restaurant is gevestigd op de plaats waar vroeger restaurant Vaartsche Rijn was, waar we een aantal keren uitstekend hebben gegeten en dat een van onze favoriete restaurants was.

We zaten aan een tafeltje waar we vroeger ook wel zaten. Op de menukaart stonden een aantal koude en warme voorgerechten en een aantal hoofdgerechten. Mijn vriendin is vegetariër en we kozen in totaal 4 voorgerechten:
- Sashimi van tonijn, zalm en schelpdieren. De rauwe vis was bedekt met een sojasaus die ik niet erg lekker vond (7).
- Een tomatensalade bestaande uit schijfjes tomaat, wat vreemd smakende rauwe groente en een dressing (6).
- Gefrituurde vegetarische dumplings waar weinig smaak aan zat (7).
- Een schaaltje met ingelegde komkommer (7) en radijs (9).

Als hoofdgerecht hadden we Don. Dat schijnt typisch Japans te zijn. Je krijgt een bakje rijst met daaroverheen een topping van in mijn geval rundvlees en wat kruiden en een bakje bouillon om eventueel toe te voegen. Het vlees was goed klaargemaakt, maar eerlijk gezegd smaakte de Don mij ook niet zo goed (7). Mijn vriendin had een topping van gegrilde aubergine en die was een stuk enthousiaster.

Als drank hadden we twee kleine potjes Japanse groene thee en ik een paar glazen kraanwater. Het eten was gelukkig niet al te duur, we waren met zijn tweeën klaar voor 65 euro. We waren het erover eens dat het leuk was om te proberen, maar dat we niet meer terug zouden gaan naar dit restaurant. Na afloop hebben we elders nog een toetje en een kopje thee en koffie genomen.

Ik wil nog wel wat extra schrijven over het eten. Als ik in een restaurant ga eten en het eten bevalt me niet, dan ligt het in de meeste gevallen aan de manier waarop het bereid is. De groente is te lang gekookt, het eten is te veel gekruid, de combinatie van ingrediënten klopt niet. In dit geval leek het erop dat de kok alles op de juiste manier klaargemaakt had. Alleen hield ik niet van de specifieke smaken. Ik heb wel eerder Japans gegeten en dat was mij zeer goed bevallen.

Nawoord: 's nachts was ik erg onrustig zoals ik dat ook vaak heb als ik bij een Chinees restaurant heb gegeten. Ik denk dat er toevoegingen in het eten zaten die er niet thuishoren, waarschijnlijk smaakversterkers. Nog een reden om hier niet te gaan eten.

zondag 5 mei 2019

Mijn verhouding tot het christelijk geloof

Mijn oma van moederszijde was een zeer gelovige katholieke vrouw. Zij en haar man kregen, zoals destijds gebruikelijk was onder katholieken, zeer veel kinderen, tien stuks maar liefst, zes jongens en vier meisjes. Wat bij katholieke gezinnen ook zeer gebruikelijk was, was dat minstens een van de zonen in de missie ging. Bij ons waren het er zelfs twee, de ene zoon ging bij de jezuïeten en naar Indonesië, en de andere zoon ging bij de witte paters en naar Oeganda. Ook een derde zoon wilde missionaris worden, maar hij was sociaal niet zo aangepast en werd niet toegelaten tot het seminarie.

Door de priester in het dorp van mijn moeder werd tegen haar al van jongs af aan gezegd dat verder leren flauwekul was voor een vrouw en dat ze maar moest zorgen dat ze goed werd in het huishouden, zodat ze voor haar man kon zorgen. Dat was natuurlijk tegen het zere been van mijn moeder.

Mijn vaders familie was in naam ook katholiek, maar op enige belangstelling voor religie heb ik die familie nooit kunnen betrappen. Wel baden zij voor het eten, net als bij mijn moeder trouwens.

Ik ging naar een christelijke kleuterschool, een christelijke lagere school en een christelijke middelbare school. Behalve het zingen van christelijke liedjes (wie kent deze nog: In het aardse paradijs dansten alle dieren en ze zongen deze wijs om de dag te vieren. Dank u lieve Heer voor alle goede zorgen ... Ik ben benieuwd hoe het verder ging) en een beperkte hoeveelheid godsdienstles merkte ik hier niet veel van. Met mijn ouders en mijn jongere zus ging ik iedere zondagochtend naar de kerk.

Het geloof heeft nooit wortel geschoten in mij. Ik deed in de 2e klas van de lagere school mijn communie en in de 6e klas kreeg ik mijn vormsel. Dat was tevens de laatste keer dat ik regulier naar de kerk ging. Later kwam ik alleen nog maar in de kerk bij bruiloften en begrafenissen en om ze te bekijken als ik ergens op vakantie was.

Het enige wat ik aan het christendom heb overgehouden is de ethische kijk op het leven. Voor mij zijn alle mensen gelijkwaardig en heeft iedereen recht op zorg en liefde van de mensen om hem heen. Ik geloof niet in het bestaan van God en beschouw de Bijbel als een zeer oude tekst, waarvan ik een groot deel heb gelezen en waarin veel praktische adviezen staan over hoe je kunt leven, maar waarin ook veel klinkklare onzin staat.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zaterdag 4 mei 2019

Dvd: Jesus of Nazareth

Jesus of Nazareth (Italië, 1977): 6 uur: Regisseur Franco Zeffirelli

Een tekstgetrouwe maar ook ongeïnspireerde televisiebewerking over het leven van Jezus zoals dat verteld wordt in de 4 evangeliën. 

Jesus of Nazareth Poster"Jesus of Nazareth" van de Italiaanse regisseur Franco Zeffirelli is een vrij lange verfilming van de 4 evangeliën. De tekst van deze 4 evangeliën wordt nauwgezet gevolgd. Zeffirelli houdt duidelijk niet van een vrije bewerking.

Op IMDB krijgt "Jesus of Nazareth" een zeer hoge waardering. Als je de besprekingen leest, dan valt op dat die hoge waarderingen allemaal van gelovigen komen. Ze roemen vooral de tekstgetrouwheid van de film.

Zelf denk ik er duidelijk anders over. In mijn ogen duurt de film veel te lang, er is sprake van een zeer ongeloofwaardig verhaal en de film kan zelden echt boeien. De film ziet er aardig uit, maar geen van de karakters heeft een echt interessante rol. Een voorbeeld hiervan is Jezus. Hij staart grote delen van de film wezenloos in de verte. Wel ziet Jezus (afgezien van zijn blauwe ogen en lichte huidskleur) er uit zoals we van eeuwen religieuze kunst gewend zijn, als een vrij magere man met lang haar en een baardje.

De leukste dingen van de film vind ik de inkijkjes in het dagelijks leven in het Midden-Oosten, de bouw van de huizen, de markten, de ezeltjes.

Voor christenen, die geen enkele vraagtekens bij hun religie zetten is dit ongetwijfeld een meesterwerk, maar de meeste filmliefhebbers zullen deze verfilming van het leven van Jezus tamelijk slaapverwekkend vinden.

Op IMDB krijgt "Jesus of Nazareth" van bijna 17.500 mensen een waardering van 8,5 en staat daarmee op plaats 197 van de hoogst gewaardeerde televisieseries.

  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

vrijdag 3 mei 2019

Pirelli kalender 2013: Steve McCurry: Rio

Steve McCurry: Rio (Verenigde Staten, 2012): Uitgeverij Pirelli

Bij Pirelli hebben ze een grote naam opgebouwd met het uitgeven van prachtig gefotografeerde kalenders. Ieder jaar wordt een bekende fotograaf gevraagd zijn of haar visie op vrouwelijk schoon te tonen. In de meeste edities staan vooral naaktfoto's.

Hoewel ik zeker niet vies ben van mooi gefotografeerd vrouwelijk bloot, heeft Steve McCurry voor een iets andere aanpak gekozen. Hij heeft foto's gemaakt in Rio de Janeiro, waar hij geklede vrouwen gefotografeerd heeft tegen de achtergrond van hun omgeving. Steve McCurry is niet voor niets mijn favoriete fotograaf en tussen de 34 foto's in deze kalender zitten er een aantal die ik adembenemend mooi vind. Een mooi initiatief van een top fotograaf met een geweldig resultaat.

   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

donderdag 2 mei 2019

Wam de Moor: De kunst van het recenseren van kunst

Wam de Moor: De kunst van het recenseren van kunst (Nederland, 1993): 240 blz: Uitgeverij Coutinho

De kunst van het recenseren van kunst by Wam…Ik heb me door "De kunst van het recenseren van kunst" heen geworsteld. Ik zeg welbewust geworsteld want het boek blinkt niet bepaald uit in leesbaarheid.

Volgens de schrijver is het doel van het boek om een beginnende recensent houvast te bieden bij het beoordelen en zelf schrijven van recensies. Om het boek in je eentje tot je te nemen is het volstrekt ongeschikt. Ik heb medelijden met studenten die dit boek voor hun studie moeten lezen of erger nog bespreken of bestuderen. Wat wel kan is onder begeleiding van een goede docent dit boek in een rustig tempo door te nemen en de opdrachten te doen. De schrijver heeft gedacht, al doende leert men en zo is het natuurlijk ook.

Ik zal dit boek aan niemand aanraden. Het is nodeloos ingewikkeld geschreven met veel jargon. In plaats daarvan zou ik iemand die besprekingen van boeken, films, muziek of andere kunstuitingen wil gaan schrijven het advies willen geven, bespreek dingen die je interessant vindt, en probeer om een beetje leesbaar op te schrijven waar het over gaat en wat je er van vindt. Vergeet alle overbodige theorie!

Wam de Moor schrijft in dit boek regelmatig dat hij zijn cursisten adviseert om vooral leesbaar te schrijven. Zelf schrijft hij helaas ook niet echt boeiend.

   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

woensdag 1 mei 2019

Films gezien in april

Op zondag 14 april is mijn nieuwe televisie geïnstalleerd door een vriend. Een enorme Samsung van 55 inch, dat is een breedte van 120 cm en een hoogte van 70 cm. Hij bedekt bijna mijn hele tussenmuur. Vanaf nu heb ik een echte thuisbioscoop.

The missing picture: Prachtige Cambodjaanse film die ik nu voor de tweede keer heb gezien samen met drie vrienden. Een persoonlijk verslag van een overlevende van de Rode Khmer waarin archiefbeelden worden gecombineerd met opnamen van beschilderde kleipoppetjes in het landschap. Zeer overtuigend zowel als persoonlijk document als als kunstwerk. Komt in de volgende editie van mijn top 100 bij de top 20 films! *****

Nobody knows: Film van Kore-Eda Hirokazu waarin een familie van 4 kinderen door de moeder in de steek wordt gelaten en ze zichzelf moeten zien te redden, waarbij de oudste zoon van 12 de verantwoordelijkheid op zich neemt om voor zijn jongere broer en twee zussen te zorgen. Hartverscheurend, maar de film duurt met 140 minuten veel te lang en is vrij eentonig. Wel zie je aan de film dat de regisseur meer kan. ***

Esiostrot: Film gebaseerd op het boek van Roald Dahl. Meneer Hoppy en mevrouw Silver zijn zonder het van elkaar te weten verliefd op elkaar. Mevrouw Silver koopt een klein schildpadje en hoopt dat die gaat groeien. Meneer Hoppy helpt haar stiekem een handje. Een aardige komedie om een avondje door te komen, maar in mijn ogen geen film die je gezien moet hebben. Het boek vind ik in zijn eenvoud sterker. ***

Lost highway: Onbegrijpelijke film van David Lynch. De film heeft een onderhuidse spanning die ervoor zorgde dat ik verder keek, maar uiteindelijk is het voor mij onbegrijpelijk waarom Lynch deze film heeft gemaakt en wat hij er mee wilde zeggen. ***

Who framed Roger Rabbit?: Hollywood film waarin voor het eerst in een verhaal gewone acteurs optreden naast animaties. De film is overduidelijk met een enorm budget zeer knap gemaakt, maar laat bij mij weinig indruk achter. Met deze film werd een trend gezet in Hollywood om voor de grote kaskrakers steeds meer en betere animaties te gebruiken. Zie films als "Jurassis Park", "Titanic", "Lord of the rings" en "Avatar".  ***

Deep blue: Prachtige natuurdocumentaire over het leven in de oceanen zoals ze die alleen bij de BBC schijnen te kunnen maken. *****

Children of a lesser God: Film over een leraar in het bijzonder onderwijs die lesgeeft aan dove kinderen en een relatie krijgt met een dove vrouw. Ik vond de film aardig om naar te kijken, met veel gebarentaal (als je gebarentaal beheerst zul je veel meer uit deze film halen) en goed spel van met name de hoofdrolspeelster. Veeg teken is dat ik de film een dag later al weer zo goed als vergeten ben. ***

Total recall: Vrij domme actie/science fiction film van onze eigen Paul Verhoeven. Ik ben al niet zo'n groot fan van Paul Verhoeven, maar ik vind dat hij toch wel betere films heeft gemaakt. De actie scenes in de film zien er indrukwekkend uit. ***

The banishment: Film van de Russische regisseur Andrej Zvjagintsev over een gezin met problemen dat verhuist van de stad naar het platteland. Vaak mooie beelden en met prachtige muziek van onder andere Arvo Pärt. Een regisseur waarvan ik meer werk wil zien. ****

Brutti, sporchi e cattivi: Komische film van Ettore Scola die zich afspeelt in een krottenwijk in Rome. De oude baas van een grote familie krijgt 1 miljoen lire van de verzekering omdat hij bij een ongeluk bij het werk een oog verloren heeft. Hij weigert het geld te delen met zijn familie. Deze film doet in zijn beschrijving van een uitzichtloze familie denken aan "De helaasheid der dingen". Iets minder goed dan deze in mijn ogen. ****

C'eravamo tanto amati: Film over drie vrienden uit het verzet die uit elkaar raken vanwege een vrouw. De andere film van Scola vind ik interessanter. ***

Die bleierne zeit: Duitse film van Margareta von Trotta over twee zussen waarvan de ene een normaal leven leidt en de andere lid is van de RAF (Rote Armee Fraktion). Film geeft een aardig tijdsbeeld en laat zien hoe de familie van een terrorist lijdt onder zijn of haar leven, maar ik vind "Die bleierne zeit" als film niet zo interessant. ***

Het oog van de duivel: Een film van Bergman, ditmaal een komedie over de duivel die zich ergert aan een jonge vrouw die voorbeeldig leeft. Een atypische film van Bergman, een van de minste die ik tot dusver heb gezien, maar nog altijd de moeite waard. ****

Erik the Viking: Film van Terry Jones (van Monthy Python) over een Viking krijger. De eerste 15 minuten bevatten veel geweld en konden mij niet boeien en daarna ben ik gestopt met kijken.

Eline Vere: Het boek van Louis Couperus is een van mijn favoriete romans uit de Nederlandstalige literatuur. Deze televisieserie kon mij maar matig boeien, na ongeveer 50 (van de 180) minuten ben ik gestopt met kijken.

The birth of a nation: Zie mijn bespreking van gisteren. *****

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.