J.M. Coetzee: Zomertijd (Zuid-Afrika, 2009): 297 blz: Vertaald door Peter Bergsma (2009): Uitgeverij Cossee
"Zomertijd" is na "Jongensjaren" en "Portret van een jongeman" het afsluitende deel van een autobiografische romantrilogie.
In
"Zomertijd" wil een zekere Vincent een biografie schrijven over de
wereldberoemde schrijver John Coetzee. Hij wil daarbij zijn aandacht
vooral richten op de periode dat de schrijver weer in Zuid-Afrika
woonde, rond 1971-1977, na een langdurig verblijf in Groot-Brittannië en
de Verenigde Staten.
Om
deze biografie te kunnen schrijven wil Vincent een aantal mensen
interviewen. De meeste mensen die op de lijst staan zijn inmiddels
overleden en uiteindelijk spreekt Vincent slechts 5 mensen. Hij spreekt
Martin, een vriend, en verder 4 vrouwen: Margot, een nicht van John,
Adriana, een danslerares waar John verliefd op geweest is, en Julia en
Sophie met wie hij een verhouding heeft gehad.
De
vraag is natuurlijk in hoeverre Vincent aan de hand van deze 5
interviews een biografie kan maken. De 5 interviews vormen samen het
grootste en belangrijkste deel van het boek, verder staan er nog wat
losse aantekeningen in.
Als
autobiografie stelt "Zomertijd" niet zo veel voor. De 5 personen die
Vincent heeft geïnterviewd zien geen van allen waarom Coetzee een
bijzonder mens zou zijn. Coetzee komt naar voren als een rustige man,
die wel vriendelijk is, maar die moeilijk met andere mensen kan omgaan.
Hij heeft eigenlijk geen vrienden en zijn liefdesrelaties stellen ook
niet veel voor. Alle 5 vinden ze hem zowel als minnaar, als schrijver en
als mens niet zo bijzonder.
Behalve wat in de
onderstaande citaten vermeld staat kom je niet zoveel over de schrijver
John Coetzee te weten. Maar de roman zit ingenieus in elkaar, geeft een heel andere kijk op het genre biografie en ik heb
hem met veel plezier gelezen. Wat ik ook leuk vind in dit boek is dat er regelmatig stukjes in het Zuid-Afrikaans in de tekst staan. Voor mij als Nederlandstalige lezer is dat extra leuk omdat het Zuid-Afrikaans veel op het Nederlands lijkt en meestal wel te begrijpen valt. Collega-blogger
Koen heeft "Zomertijd" ook besproken, evenals de twee eerdere romans.
Naar
aanleiding van deze romantrilogie en het eerder gelezen "In ongenade"
zou ik alles wel willen lezen van Coetzee. Dat zal niet gaan
gebeuren omdat er nog zoveel meer te lezen valt.
Julia:
-
Wat merkwaardig was, was dat het in die dagen niet vaak voorkwam dat
een blanke man met zijn handen werkte, ongeschoold werk deed.
Kafferwerk, werd het over het algemeen genoemd, werk dat je tegen
betaling door een ander liet doen. Al hoefde je je niet echt te schamen
als mensen je zand zagen scheppen, je viel er wel mee uit de toon, als u
begrijpt wat ik bedoel.
- U
moet me geloven als ik u zeg dat geen haar - geen haar! - op mijn hoofd
erover piekerde om te flirten met deze man. Want hij had geen enkele
seksuele uitstraling. Het was alsof hij van hoofd tot voeten met een
neutraliserende spray was bespoten, een steriliserende spray.
-
Twee ondoorgrondelijke robots die een ondoorgrondelijke omgang met
elkaars lichaam hebben: zo voelde het om met John in bed te liggen.
-
Vrouwen vielen niet op hem - althans geen vrouwen die goed bij hun
hoofd waren. Ze keurden hem, ze snuffelden aan hem, ze probeerden hem
misschien zelfs uit. Daarna gingen ze verder.
Margot:
-
Johns aanwezigheid op de boerderij is een bron van ongemak. Na
jarenlang overzee te hebben doorgebracht - zoveel jaren dat werd
geconcludeerd dat hij voorgoed was vertrokken - is hij plotseling weer
tussen hen opgedoken onder een of andere wolk, een of andere schandvlek.
Een van de verhalen die worden gefluisterd is dat hij in een
Amerikaanse gevangenis heeft gezeten.
- Ze merkt dat hij de schaal vlees doorgeeft zonder er zelf van te nemen.
"Neem je geen schapenvlees, John?" roept Carol op liefbezorgde toon vanaf het andere eind van de tafel.
"Vanavond niet, dank je," antwoordt John. "Ek het my vanmiddag dik gevreet."
"Dus je bent geen vegetariër, je bent geen vegetariër geworden terwijl je overzee was."
"Geen strikte vegetariër. Dis nie 'n woord waarvan ek hou nie. As 'n mens verkies om nie so veel vleis te eet nie ..."
"Ja?" zegt Carol. "As 'n mens so verkies, dan ... ?"
-
Weer John en zijn gedichten! Ze kan het niet helpen, ze proest van het
lachen. John die op de veranda van dat treurige huisje gedichten zit te
verzinnen! Met een baret op zijn hoofd, ongetwijfeld, en een glas wijn
bij zijn elleboog. En de kleine kleurlingenkindertjes die om hem heen
drommen en hem lastigvallen met vragen: Wat maak oom? - Nee, oom maak gedigte. Op sy ou ramkiekie maak oom gedigte. Die wêreld is ons woning nie ... Meneer maakt gedichten op zijn oude banjo.
-
Het is maar een grapje, maar hij wenst het serieus te nemen. "Ik zou
niet weten hoe je een bestseller schrijft," zegt hij. "Ik weet niet
genoeg van mensen en hun fantasiewereld. Hoe dan ook, ik ben niet
voorbestemd voor dat lot."
"Welk lot?"
"Het lot van een rijke en succesvolle schrijver."
"Voor welk lot ben je dan voorbestemd?"
"Precies
voor het huidige. Voor het wonen met een ouder wordende vader in een
huis in de blanke buitenwijken met een lekkend dak."
Adriana:
-
"Strikt genomen ben ik niet de leraar Engels," kwam meneer Coetzee
tussenbeide, zich tot Joana richtend. "Ik ben de bijlesleraar Engels.
Dat betekent dat ik door de school ben aangenomen om leerlingen te
helpen die moeite met Engels hebben. Ik probeer ze door de examens heen
te loodsen. Dus ik ben een soort examentrainer. Dat zou een betere
beschrijving zijn van wat ik doe, een betere naam voor mij."
-
Meneer Vincent, voor u is John Coetzee een groot schrijver en een held,
dat wil ik wel aannemen, waarom zou u anders hier zijn, waarom zou u
anders dit boek schrijven? Voor mij daarentegen - neem me niet kwalijk
dat ik dit zeg, maar hij is dood, dus ik kan zijn gevoelens niet kwetsen
- voor mij is hij niets. Hij is niets, was niets, alleen maar een
ergernis, een blok aan mijn been. Ik zie wel dat u nijdig bent omdat ik
hem neerzet als een idioot. Desondanks was hij voor mij echt een idioot.
Martin:
- Hij vertelde me eens dat hij zijn roeping had gemist, dat hij bibliothecaris had moeten worden. Daar kan ik wel in meevoelen.
-
Zou u dat niet tot nadenken moeten stemmen? Zult u niet onvermijdelijk
met een verhaal komen dat naar het persoonlijke en intieme neigt ten
koste van 's mans feitelijke prestaties als schrijver? Zal het ook maar
iets meer voorstellen - vergeef me dat ik het zeg - vrouwengeroddel?
Omdat mijn informanten vrouwen zijn?
Omdat het niet in de aard van liefdesrelaties ligt dat de geliefden een volledig en weloverwogen beeld van elkaar hebben.
Vincent:
-
Ik heb hem nooit opgezocht. Ik heb zelfs nooit met hem
gecorrespondeerd. Het leek me beter om op geen enkele manier bij hem in
het krijt te staan. Dan zou ik vrij zijn om te schrijven wat ik wilde.
-
Heb je een autorisatie nodig om een boek te schrijven? Aan wie zou ik
die moeten vragen? Ik heb geen flauw idee. Maar ik kan u verzekeren dat
het een serieus boek wordt, een serieus bedoelde biografie. Ik
concentreer me op de jaren vanaf Coetzees terugkeer in Zuid-Afrika in
1971/72 tot zijn eerste algemene erkenning in 1977. Dat lijkt me een
belangrijke periode in zijn leven, belangrijk maar veronachtzaamd, een
periode waarin hij nog zijn draai probeerde te vinden als schrijver.
-
In de publieke opinie bestond het beeld van een kille en hautaine
intellectueel, een beeld dat hij nooit heeft proberen te ontzenuwen. Je
zou zelfs kunnen zeggen dat hij het aanmoedigde.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.