Posts tonen met het label Evolutie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Evolutie. Alle posts tonen

donderdag 15 januari 2026

Alfred Russel Wallace: Het Maleise eilandenrijk

Alfred Russel Wallace: Het Maleise eilandenrijk (Groot-Brittannië, 1869): 679 blz: Vertaald door Ruud Rook (1996): Uitgeverij Atlas
 
 
 
"Het Maleise eilandenrijk" van Alfred Russel Wallace wordt algemeen beschouwd als een van de belangrijkste reisverhalen uit de 19e eeuw.
 
Alfred Russel Wallace was een bioloog die tegelijkertijd met Charles Darwin op het idee van evolutie kwam. Het verschil tussen hen beiden was dat Wallace in een creatieve flits kwam tot een schets van hoe evolutie volgens hem verliep terwijl Darwin al 20 jaar met het idee bezig was en uitgebreid alle voors en tegens had overdacht.
 
Wallace deelt het eilandengebied in vijf regio's in:
1): De Indo-Maleise eilanden: bestaande uit het schiereiland Malakka en Singapore, Borneo, Java en Sumatra.
2): De Timor-groep: bestaande uit de eilanden Timor, Flores, Sumbawa en Lombok, alsmede verscheidene kleinere eilanden.
3): Celebes (tegenwoordig Sulawesi genaamd).
4): De Molukken.
5): De Papoease groep: bestaande uit Nieuw-Guinea alsmede de Aroe-eilanden en verscheidene andere eilanden.
 
Van iedere regio beschrijft Wallace zijn reizen door dat gebied, terwijl hij steeds afsluit met een hoofdstuk over de natuurlijke historie van het besproken gebied.
 
In "Het Maleise eilandenrijk" doet Wallace verslag van zijn verblijf gedurende de jaren 1854-1862 in wat toen Maleisië heette (tegenwoordig spreekt men van Indonesië). Wallace was van arme afkomst en moest om zijn reis te kunnen bekostigen dieren verzamelen. Dat deed hij met ongekende overgave, een groot deel van zijn boek wordt gevuld met beschrijvingen van vangsten van vooral vogel-, vlinder- en keversoorten. Hij verzamelde 1000 soorten vogels en 7000 soorten kevers en vlinders. Daar zaten een aantal nieuwe soorten bij waarvan er ook enkele naar hem vernoemd zijn, waaronder een soort paradijsvogel.
 
Wallace ontdekte dat er een grens liep tussen Bali en Lombok en ten oosten van Celebes ten westen en oosten waarvan de dierenwereld flink verschilde. Deze grenslijn wordt sinds die tijd de Wallace-lijn genoemd.
 
Verder schrijft Wallace over zijn ontmoetingen met het Maleise en Papoease mensenras. Geheel in de trant van de 19e eeuw beschrijft hij deze als lui en een treetje lager op de evolutieladder staand dan de  westerse mens.

Hij schrijft ook over de jacht op de orang oetans, over de doerian, over bamboe en over de productie van sago.
 
Kenmerkend voor de onbevooroordeelde blik waarmee Wallace kijkt is dat hij het Nederlandse cultuurstelsel als het beste systeem beschouwt dat hij kent in de koloniën.
 
Ook is Wallace enthousiast over de waterklok (een halve kokosnoot met onderin een gaatje die geleidelijk volstroomt met water) en vindt hij reizen met de inheemse prauw gerieflijker dan met een stoomboot, die toch als een hoogtepunt van de westerse beschaving wordt beschouwd.
 
Wallace sluit het boek af met een beschouwing over Engeland, het rijkste land ter wereld waarin desondanks tien procent van de bevolking in armoede leeft of van de misdaad.  
 
Het is een erg onderhoudend boek waarin de vele opsommingen van verzamelde dieren soms wat langdradig zijn. De vertaling van Ruud Rook leest uitstekend.
 
Citaten:
- De Chinese bazaar telt honderden winkeltjes die een veelzijdige verzameling ijzerwaren en manufacturen te bieden hebben, veelal tegen wonderbaarlijk lage prijzen. Men kan er fretboortjes kopen voor een stuiver per stuk, vier bollen wit katoendraad voor een halve stuiver, en pennemesjes, kurketrekkers, kruit, schrijfpapier en vele andere artikelen kosten hetzelfde of zijn goedkoper dan in Engeland.
 
- Laat in de middag bereikten we Sodos, gelegen op een heuvelrug tussen twee rivieren, maar omringd door fruitbomen, zodat er van het landschap weinig te zien was. Het huis was ruim, schoon en gerieflijk, en de mensen waren erg voorkomend. Veel vrouwen en kinderen hadden nog nooit een blanke gezien en betwijfelden of ik overal dezelfde kleur had als in mijn gezicht. Ze smeekten me om mijn armen en lichaam te ontbloten en waren zo aardig en vrolijk dat ik me verplicht voelde om ze enigszins tegemoet te komen, zodat ik mijn broek optrok en mijn been liet zien, waarna ze dit lichaamsdeel belangstellend onderzochten.
 
Over de doerian:
- Het vruchtvlees is het eetbare deel, en de consistentie en smaak zijn onbeschrijflijk. Machtige boterachtige custardvla, op smaak gebracht met amandelen, is nog de beste beschrijving, maar dan bijgemengd met wat vleugjes van smaken die doen denken aan roomkaas, uiensoep, brown sherry en andere onverenigbare zaken.
 
Over bamboe:
 - Bamboe groeit in bijna alle tropische landen, en overal waar het algemeen is maken de inlanders er op de meest uiteenlopende manieren nuttig gebruik van. Bamboe is sterk, licht, glad, recht, rond en hol, men kan het makkelijk en netjes splijten, het groeit in alle mogelijke lengtes, het laat zich probleemloos kappen en men kan er makkelijk gaatjes in boren, het is uitwendig keihard, heeft geen uitgesproken smaak of geur, komt overvloedig voor en groeit en vermeerdert zich snel. Stuk voor stuk eigenschappen die het geschikt maken voor talloze toepassingen, waarvoor andere materialen veel meer werk en toebereidselen zouden vergen.
 
- De inlanders leven (in elk geval tijdens de natte moesson) uitsluitend van rijst, zoals de arme Ieren van aardappelen. Een groot deel van het jaar eten ze tweemaal per dag een pan kurkdroog gekookte rijst met zout en rode pepers en verder niets.
 
Over de prauw:
- In de loop van die vier sombere dagen had ik het heel prettig in dit knusse hokje - prettiger dan het geval zou zijn geweest als ik dezelfde tijdsduur opgesloten zou hebben gezeten in de protserige en ongezellige eetzaal van een eersteklas stoomboot. Want wat rook alles fris aan boord - geen verf, geen teer, geen nieuw touw, geen vet (voor wie er gevoelig voor is, de afschuwelijkste geur van allemaal), olie of vernis, maar in plaats daarvan bamboe en rotan, kokostouw en dakbedekking van palmbladeren, louter zuiver plantaardige vezels, die aangenaam ruiken, als ze al ruiken, en rustige tafereeltjes in het groene en schaduwrijke bos voor de geest roepen.

      
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.


zondag 13 augustus 2017

Tijs Goldschmidt: Darwins hofvijver


Small Cover ImageTijs Goldschmidt is een bioloog die van 1981 tot 1985 aan het Victoriameer onderzoek deed naar de Furu, een kleine vis, waarvan het opmerkelijke is dat er in dit ene meer honderden soorten van voorkomen. Je hebt Furu's die insekten eten, Furu's die algen eten, Furu's die slakken eten, Furu's die garnalen eten en ook Furu's die andere vissen eten. Goldschmidt is gefascineerd door de Furu's, vangt ze en beschrijft ze ijverig.

In het boek houdt Goldschmidt zich bezig met de evolutietheorie en wat de Furu daarover duidelijk maakt. Aan het eind van zijn verblijf verdwijnen de Furu, een leger van enorme Nijlbaarzen heeft ze opgegeten. De Nijlbaars is uitgezet ten behoeve van de visserij en dat blijkt op een ecologische ramp uit te lopen.

Enerzijds is het boek een wat technische verhandeling over het veldwerk en evolutie die vrij moeizaam is om te lezen en anderzijds korte stukjes over het leven in Tanzania, die zeer gemakkelijk lezen. Het boek is erg interessant en een absolute aanrader voor iedereen met ook maar een beetje interesse in de biologie.

Een aantal citaten, niet zozeer over de Furu, maar over het leven in Afrika:

- Dan maar zegels kopen. "Hamna, die zijn op," zegt een meisje achter het loket. "Geen postzegels?" "Hamna," herhaalt ze, en laat in het zegelboek enkele lege bladzijden zien. Er zijn nog postzegels met de laagste waarden, maar daarvan zouden er zoveel op een brief naar Europa moeten, dat het meisje in één keer door haar hele voorraad heen zou zijn. Ik denk aan de brieven die ik eerder had verstuurd. Eerst waren de enveloppen steeds voller met postzegels geraakt naarmate de zegels met de hoge waarden schaarser werden, en toen er alleen nog zegels met de laagste waarden verkrijgbaar waren, had ik vleugels aan de brieven gemonteerd om het vereiste oppervlak te creëren. Korte brieven met enkele, en lange brieven met dubbele vleugels. Ik kreeg er plezier in en schreef de ene brief na de andere, alleen om weer een dubbeldekkertje de lucht in te kunnen sturen. "Kan ik dan mijn brieven inleveren, porto betalen en ze zonder zegels versturen?" vraag ik het meisje. "Dat is onmogelijk," zegt ze, terwijl ze nurks langs me heen kijkt, "Op een brief hoort een postzegel. It is simple."

- Een sigaret. Ik ben niet de enige die een sigaret wil. Ze zijn niet eenvoudig te krijgen. In de winkels zijn ze al maandenlang uitverkocht. Maar misschien vind ik ze op straat. Op de zwarte markt worden ze wel verkocht. Voor een bioscoop tref ik jongens die sigaretten van het merk Sportsman per stuk verkopen. Ik aarzel. Zal ik wel gaan roken? Misschien kan ik me beter gaan bedrinken. De jongens denken dat ik tob over de prijs. Ik hoef geen hele sigaret te kopen als dat te kostbaar wordt, ik kan ook een trekje nemen. Een shilling per trek. Zij zullen de trekjes tellen. Ik veroorloof mezelf een hele sigaret en savoureer die, zittend op de stoeprand.

- "Is Wilfried er?" 
"I expect him any time," zegt de pater. 
"Would you like some coffee?" Hij schuift een thermoskan met water naar mij toe en reikt een blik poederkoffie aan. 
"Are you British? O, I thought you were British. I have been in Britain. In Britain they ask you: "Would you like tea or coffee?" They want you to take tea, but I like coffee, so I ask coffee: "Coffee, if you don't mind."  Then they ask you,"Kibara schiet in de lach: ""With sugar or without sugar?""
Hij imiteert een keurig Oxford-accent en geeft commentaar in zijn afgebeten Afro-Engels, "But this is only the beginning: "With cream or without cream?"" 
Kibara schudt nu van het lachen: "Mild or hot?" De dikke pater zwaait heen en weer met zijn hoofd. "Al those questions mbwana and then, in the end, you get a tiny little cup."

- Uit een raam is het glas verdwenen. Inbrekers kunnen zo naar binnen, maar behalve een bureau, twee stoelen en archiefmateriaal is er niets te halen. In Nederland breken dieven glas op zoek naar iets anders, maar hier is het glas zelf doelwit. Voorzichtig is de ruit uit de sponningen getikt.

- Onder een boom naast een pompstation zitten jongens, omringd door stapels autobanden. Bandelichters, een met de voet te bedienen luchtpompje en een doos met benodigheden om banden te plakken vormen de pijlers van hun bedrijf.

- Kook je nog altijd voor de paters, vraag ik? Levocatus beaamt het. Alleen door verschillende beroepen en bezigheden te combineren kan hij zijn uitgebreide familie onderhouden. Hij werkt als missiekok, bewaker, psycholoog, traditioneel genezer, stoker van sterke drank, hennepkweker en hij verhandelt alles waar winst in zit.

  

zondag 19 juni 2016

David Quammen: Het lied van de dodo

David Quammen: Het lied van de dodo (Groot Brittannië, 1996): 735 blz: Vertaald door Peter Out (1998): Uitgeverij Atlas: Oorspronkelijk uitgever Simon & Schuster

LIED VAN DE DODO"Het lied van de dodo" gaat over de eilandbiogeografie. De biogeografie bestudeert de verspreiding van soorten. Het is de wetenschap die onderzoekt waar dieren leven, waar planten zich bevinden en waar ze ontbreken. De eilandbiogeografie onderzoekt waarom relatief veel soorten alleen op eilanden voorkomen, waarom die soorten meestal zeldzaam zijn en makkelijk uitsterven en wat dat zegt over de evolutie.

De held van het verhaal van David Quammen is Alfred Russel Wallace (zie ook mijn vorige bespreking over "Het Maleise eilandenrijk") die onderzoek deed in het Amazonegebied tussen 1848 en 1852. Bij de overtocht naar Engeland leed het schip waarop hij voer schipbreuk waarbij hij zijn complete verzameling verloor en een groot deel van zijn aantekeningen. Later verzamelde hij diersoorten van 1854 tot 1862 in wat nu Indonesië heet. Hij bedacht gelijktijdig met Darwin de evolutietheorie.

David Quammen reisde voor zijn boek de hele wereld rond, bezocht projecten waar natuurbeschermers bedreigde diersoorten proberen te beschermen en sprak met tal van wetenschappers. Plaatsen die hij onder andere bezocht zijn:

- Komodo: waar de reusachtige Komodovaraan leeft.
- Guam in de Marianen waar een uitheemse slang in zulke hoeveelheden voorkomt dat hij alle zeldzame vogeltjes heeft opgegeten.
- Madagascar: waar de tenreks, de lemuren en de Indri leven.
- Mauritius: waar een zeldzame torenvalk leeft.
- Aldabra: waar reuzenschildpadden voorkomen.
- de Galapagoseilanden waar van alles leeft.
- Hawaï: met zijn Hawaïvinken.
- Tasmanië: met de buidelwolf
- Een eilandje vlakbij Baja California waar een zeldzame reptielsoort leeft: de Chuckwalla

Quammen is niet te beroerd om aan speculaties te doen over hoe het proces van uitsterven precies in zijn werk gaat. Het boek is zeer onderhoudend en met een dosis lichte humor geschreven. Voor mij is "Het lied van de Dodo" veruit het mooiste populair natuurwetenschappelijke boek dat ik ooit las.

Een mooi voorbeeld van een speculatie van Quammen is te vinden op bladzijden 301 en 302:

Denkt u zich eens twee soorten in die op hetzelfde kleine eilandje leven. Een ervan is de muis. Totale populatie tienduizend. De ander is een uil. Totale populatie tachtig. De uil is een felle en behendige muizenjager. De muis is bang, kwetsbaar en een makkelijke prooi. Maar de muizenpopulatie geniet als collectief de veiligheid van het getal.

Laten we zeggen dat een driejarige droogte het eiland van de uilen en muizen treft, gevolgd door een door bliksem veroorzaakte bosbrand, toevallige gebeurtenissen die beide soorten treffen. De muizenpopulatie valt terug naar vijfduizend, de uilenpopulatie naar veertig. Midden in hun eerstvolgende paartijd slaat een tyfoon toe, die de boomkruinen verschroeit en een hele generatie nog niet uitgevlogen uilen doodt. Daarna gaat er een jaar vredig voorbij, waarin de uilen- en muizenpopulatie beide stabiel blijven, met geleidelijke verliezen door ouderdom en individuele pech die min of meer in evenwicht worden gehouden door nieuwe geboorten. Vervolgens wordt de muis getroffen door een epidemie, die de populatie terugbrengt tot duizend, minder dan de afgelopen decennia het geval is geweest. Deze extreme collaps treft zelfs de uil, die honger begint te lijden door een gebrek aan prooi.

Onder de door honger verzwakte uilen breekt door een dodelijk virus ook een epidemie uit. Slechts veertien vogels overleven. Zes van die veertien uilen zijn wijfjes en drie van de zes zijn te oud om zich voort te planten. Dan stikt een jong wijfje in een muis. Daarmee hebben we nog twee vruchtbare wijfjes over. Een van hen verliest haar volgende legsel aan een slang. Het andere wijfje heeft een succesvol nest en slaagt erin vier jongen groot te brengen, alle vier toevallig mannetjes. De uilenpopulatie is nu noodlijdend en op het punt van acuut gevaar. Twee vruchtbare wijfjes, een paar oudere wijfjes en een tiental mannetjes. Samen bezitten ze te weinig genetische verscheidenheid om zich te verweren tegen verdere problemen en er bestaat grote kans op inteelt tussen moeder en zoon.

Tien jaar verstrijken waarin de uilenpopulatie door inteelt  voortdurend zwakker wordt. Er zijn een paar nieuwe wijfjes uitgebroed, kostbare aanwinsten voor de geslachtsverhouding, maar een paar van hen blijken door inteelt onvruchtbaar.

Daarna teistert een nieuwe bosbrand het eiland en doodt vier volwassen uilen. De vier dode uilen waren allemaal vruchtbare wijfjes, cruciaal voor de bedreigde populatie. Bij de uilen is nu nog slechts één wijfje over dat jong en vruchtbaar is. Ze krijgt kanker aan de eierstokken, niet verwonderlijk gezien de inteelt onder haar voorouders. Ze sterft kinderloos. Niets van dit alles is onaannemelijk. Die dingen gebeuren. De uilenpopulatie - nu gereduceerd tot een tiental tobberige mannetjes, een paar oude vrijsters en geen enkel vruchtbaar wijfje - is tot uitsterven gedoemd.

  

zondag 25 januari 2015

Stephen Jay Gould: Bully for Brontosaurus


Product DetailsDoor zijn optreden in het VPRO tv-programma "Een schitterend ongeluk" is Gould bekend geworden bij het Nederlandse publiek.

Gould was (hij is helaas in 2002 aan kanker overleden) paleontoloog met een brede algemene interesse (oa: baseball en koormuziek).

"Bully for Brontosaurus" is een bundeling van 35 essays die eerder verschenen in een wetenschappelijk tijdschrift. De essays omvatten een keur aan onderwerpen die meestal met evolutie te maken hebben. De essays zijn inhoudelijk zeer boeiend en Gould heeft een prettig leesbare schrijfstijl. Voor iedereen die geinteresseerd is in de natuurwetenschappen, en zijn Engels een beetje beheerst, warm aanbevolen.

  

zaterdag 24 januari 2015

Charles Darwin: De afstamming van de mens en selectie in relatie tot sekse


Small Cover ImageIn zijn in 1859 verschenen "On the origin of species" repte Darwin met geen woord over de mens.

Om zijn theorie aanvaardbaar te maken moest Darwin zo min mogelijk aanstoot geven. Natuurlijk vroeg iedereen zich af hoe het met de mens zat. In een openbare discussie werd aan een voorstander van de evolutie gevraagd of hij aan vaderszijde of aan moederszijde van de apen afstamde.
Na een paar jaar besloot Darwin zelf zijn ideeën op te schrijven.

"De afstamming van de mens" geeft een verklaring van het feit dat de mens van de apen afstamt gebaseerd op onderzoek naar de organen van mens en aap. In "Selectie in relatie tot sekse" gaat Darwin in op het proces van natuurlijke selectie. Beide boeken zijn zeer interessant om te lezen hoewel sommige verklaringen niet meer overeenkomen met de huidige ideeën. De vertaling van Ludo Hellemans is prachtig.

  

donderdag 22 januari 2015

William H. Calvin: De rivier die tegen de berg opstroomt


"De rivier die tegen de berg opstroomt" is een verslag van een veertiendaagse tocht met een opblaasbaar roeibootje over de Coloradorivier dwars door de Grand Canyon zoals die is ondernomen door de auteur neurobioloog William Calvin en een aantal collegawetenschappers. 

Terwijl de tocht plaatsvindt wordt door de wetenschappers volop gespeculeerd over de evolutie van de Aarde, dieren op Aarde, de mens en het bewustzijn. Het boek is onderverdeeld in 14 hoofdstukken die ieder een dag van de tocht beschrijven afgewisseld met de nodige speculaties.

Het verhaal van de tocht is niet bijzonder en dient meer om de resterende stukken tekst aan elkaar te breien. De speculaties van de verschillende wetenschappers over de evolutie van o.a. de mens zijn zeer de moeite waard

 

vrijdag 16 januari 2015

Adrian Desmond & James Moore: Darwin


Small Cover ImageDarwins vader was een welgestelde plattelandsarts, zodoende hoefde Charles en zijn oudere broer Erasmus nooit te werken om hun geld te verdienen.

In zijn jeugd was Charles niet opvallend, hij hield van jagen en was een verwoed keververzamelaar. Op zijn 22e verjaardag kreeg hij een uitnodiging om mee te gaan met de reis van de Beagle om de wereld. Op deze reis die 5 jaar duurde en waarop hij herhaaldelijk ernstig zeeziek was gaf hij zijn ogen goed de kost en deed hij de ideeën op die zouden leiden tot de Origin of Species.

Na afloop van de reis schreef hij 3 boeken over de geologie van Z-Amerika en een verslag van de tocht. Intussen trouwde hij nadat hij de voordelen van het trouwen had afgewogen tegen de nadelen. Hij kreeg 10 kinderen waarvan er 3 in de kinderjaren stierven. In 1842 schreef hij een eerste versie van het boek dat de Origin zou worden. Hij hield het bestaan van het manuscript geheim en bleef er tot 1859 aan werken. In de tussenliggende tijd schreef hij een dikke pil over eendemossels. In 1859 kreeg Darwin een brief van Alfred Wallace die een soort samenvatting van zijn evolutietheorie was. Darwin was geschokt en besloot om snel tot gelijktijdige publikatie met Wallace over te gaan.

"On the Origin of Species by means of Natural Selection" werd goedverkocht en zou de grondslag vormen voor de wetenschap van de biologie. Tijdens zijn latere jaren schreef Darwin nog een aantal gespecialiseerde boeken. Hij werd na zijn dood in Westminster Abbey begraven.
Afgezien van het feit dat "Darwin" een erg dik boek is, is het goed geschreven, leest het vlot en is het inhoudelijk erg boeiend.

Ik heb het boek in 2000 gelezen in het Engels, inmiddels is het in het Nederlands vertaald.

 

vrijdag 1 augustus 2014

Edward J. Larson: De proeftuin van de evolutie