Posts tonen met het label Vluchtelingen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Vluchtelingen. Alle posts tonen

vrijdag 12 juni 2020

Dvd: Tony Gatlif: Djam

Djam (Frankrijk, 2017): 92 min: Regisseur Tony Gatlif

Djam PosterIk heb "Djam" nu voor de derde keer in relatief korte tijd bekeken. Zoals bij alle echt goede films wordt deze film bij iedere keer opnieuw kijken beter.

Djam is een levenslustige, wereldwijze en vrijgevochten Griekse jonge vrouw . Zij woont samen met haar stiefvader Kakourgos, die ze oom noemt, en haar tante op het eiland Lesbos. De moeder van Djam was een befaamde Rebetiko-zangeres en is al overleden.

Djam krijgt van haar oom de opdracht om naar Istanbul af te reizen om daar een krukas te kopen om hun boot te kunnen repareren.

In de eerste scene in Istanbul is Djam aan het buikdansen in een café vol muzikanten. Vervolgens ontmoet ze Avril, een jonge Franse vrouw die onderdak zoekt en die haar bezittingen is kwijtgeraakt. In tegenstelling tot de levenslustige Djam is Avril eerder wat teruggetrokken en erg verlegen. De vriendschap tussen Djam en Avril is het centrale onderwerp van de film.

Samen maken ze allerlei avonturen mee. Ze slapen bovenop het dak van een hotel, ze ontmoeten allerlei mensen en Djam speelt regelmatig op haar baglamadaki (een snaarinstrument) en zingt daarbij.

Er zitten een flink aantal prachtige scenes in "Djam" en een paar die een beetje wringen, maar als geheel is "Djam" een zeer aangename film om te bekijken en meer dan de moeite waard.

Ik vind "Djam" duidelijk de beste film die ik de afgelopen tijd van Tony Gatlif heb gezien. Ik vind de rol van hoofdrolspeelster Daphné Patakia één van de meest indrukwekkende vrouwelijke hoofdrollen die ik ooit in een film heb gezien. Daarbij komt dat Daphné Patakia alles kan: ze acteert geweldig, zingt prachtig, kan goed dansen en buikdansen, speelt de baglamadaki en ze ziet er ook erg goed uit. Bovendien straalt ze een enorme levenslust uit.

Op IMDB krijgt "Djam" van een kleine 1.200 mensen een veel te lage waardering van slechts 7,2.

  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zondag 1 april 2018

Rodaan Al Galidi: Hoe ik talent voor het leven kreeg

Rodaan Al Galidi: Hoe ik talent voor het leven kreeg (Irak, 2016): 472 blz: Uitgeverij Jurgen Maas

Hoe ik talent voor het leven kreeg"Hoe ik talent voor het leven kreeg" wordt aangeprezen als zijnde een roman, maar eigenlijk is het een non-fictie boek waarin het leven van een vluchteling in een AZC (= asielzoekerscentrum) wordt beschreven.

Rodaan Al Galidi is in 1991 uit het Irak van Saddam Hoessein gevlucht. 7 jaar lang reisde hij rond de wereld, op de vlucht. In 1998 kwam hij in Nederland aan, waar hij in een AZC verbleef, totdat hij 9 jaar later een verblijfsvergunning kreeg.

Galidi beschrijft het leven in het AZC vol mededogen en met de nodige humor. Hij beschrijft de levens van talloze van zijn collega's, hoe die proberen te overleven, en ook hoe ze het personeel proberen voor de gek te houden.

Wat opvalt in het AZC, zijn de talloze regeltjes waaraan de vluchtelingen moeten voldoen. Een gewoon mens zou er gek van worden, maar de asielzoekers accepteren het als het onvermijdelijke.

Ik heb het boek van Al Galidi met heel veel plezier gelezen. Ik kwam aan deze titel dankzij de lovende bespreking van Hella. Met dank aan Hella!

Hieronder een aantal citaten:

- Mijn moeder is analfabeet, maar ze wist van Nederland dat de koeien er veel melk hebben. Hollandse koeien hebben in Irak een betere naam dan Rembrandt.

- Zeven jaar van honger, verdwalen en angst. Vreemdelingenpolities bij vele grenzen hadden mij gebeten, alleen omdat ik dat kleine, dunne boekje, zonder gedichten of poëtische zinnetjes, niet had; een paspoort.

- Al snel verdwenen de andere vogels een voor een. In het begin wist ik ook niet hoe dat kwam. Ik dacht dat ze naar andere wateren vlogen, maar toen meneer en mevrouw Bouma zich afvroegen waar de vogels gebleven waren, snapte ik ineens waar die veertjes in de keuken vandaan kwamen. Zo ontdekte ik dat de vogels in de pannen van de asielzoekers en daarna in hun magen verdwenen.

- Ik ontdekte dat de Nederlanders hun taal graag aan anderen willen leren, maar dat ze geen geduld hebben om te luisteren als iemand het niet goed spreekt.

- Pas later ontdekte ik dat Nederlanders respect hebben voor regels. Een criminele Nederlander volgt meer regels dan een advocaat in Irak.

- Ook tijdens de les was er soms sprake van grappige spraakverwarring... Maar het leukste misverstand was bij de uitleg van het woord "gastvrij". "Ik ben gastvrij," zei Albertina en wees naar zichzelf. Niemand begreep precies wat ze bedoelde. Albertina bleef op zichzelf wijzen en streelde over haar dikke buik, alsof ze net lekker gegeten had. "Gas?" vroeg een van de asielzoekers, kauwend op de chocola. "Vrij," riep een ander. "Albertina gasvrij?" zei Esmat, een van de leerlingen, in het Arabisch. "Ze heeft scheten genoeg in haar buik om een fietsband mee op te pompen."

- Mensen die geboren worden met goede paspoorten zullen nooit weten hoe scherp de tanden van deze wereld zijn en hoe hard als ze bijten. De tanden van deze wereld: politieagenten, de vreemdelingenpolitie, douanebeambten, receptionisten van goedkope hostels.

- Bij elk probleem buiten het AZC waar de asielzoeker bij betrokken is, is hij de schuldige. Altijd. Ongeacht het soort probleem of wie het begon. Altijd moet de asielzoeker zich aanpassen aan de buitenwereld, gehoorzaam zijn en onderdanig, of nog liever, onzichtbaar.

- Bij hem konden we niet onze drie wapens gebruiken; zielig doen, overdrijven en liegen.

- Daarom leren de asielzoekers de Nederlanders hun eigen taal: "het Asielzoekers". Wat voor taal dat is? Het klinkt als een paar woorden Nederlands met een paar woorden Engels, die worden samengeraapt en door de grammatica van de moedertaal van de asielzoeker gehusseld.

- Stel je een gebouw voor vol wachtende mensen, tussen wie jij moet leven. Op een station of bij een bushalte met een paar mensen zal je je binnen een kwartiertje al onrustig voelen en om je heen kijken naar die mensen, die ook onrustig om zich heen of naar hun horloge kijken. Die situatie, maar dan met een paar honderd mensen en jarenlang. Niet wachtend op een bus of een trein, maar om je leven te beginnen.

- Ik stond een keer voor hem in de rij voor het melden. De rij stond stil. Mijn excuses voor al die stilstaande rijen in mijn verhaal. Maar in het AZC gebeurt er weinig, behalve wachten, in de rij staan en melden.

  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.