Posts tonen met het label Woestijnen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Woestijnen. Alle posts tonen

zaterdag 9 oktober 2021

Dvd: Tracks

Tracks (Australië, 2013): 107 min: Regisseur John Curran
 
Tracks [2013]
 
"Tracks" is de verfilming van een waargebeurd verhaal.
 
In 1977 maakte de Australische Robyn Davidson samen met 3 volwassen kamelen, een jonge kameel en haar hond Diggity een trektocht van 2.700 kilometer dwars door de woestijnen van West-Australië vanaf Alice Springs tot aan de Indische Oceaan.
 
Voordat Robyn Davidson aan haar tocht begon moest er nogal wat gebeuren. Ze moest leren omgaan met kamelen en ze moest ook aan geld zien te komen. Bij dat laatste werd ze geholpen door de Amerikaanse fotograaf Rick Smolan, die voor National Geographic werkte, het tijdschrift dat haar reis wilde sponsoren op voorwaarde dat Smolan foto's mocht maken van Davidson tijdens haar tocht. Tijdens haar tocht en de drie bezoeken van Rick aan Robyn en haar gezelschap hadden Robyn en Rick iets wat op een losse romantische relatie leek.
 
Ik vind "Tracks" een erg onderhoudende film met in de eerste plaats prachtige beelden van het Australische landschap. Hoewel Robyn Davidson (gespeeld door Mia Wasikowska) een eigenzinnige vrouw is die bovendien een beetje mensenschuw is, voel ik toch direct sympathie voor haar en haar onderneming. Er gebeurt genoeg tijdens de tocht om de film in ieder geval voor mij boeiend te houden.
 
Op IMDB krijgt "Tracks" van  bijna 29.000 mensen een waardering van 7,2 en een metascore van 7,8.
 
      
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

zondag 4 april 2021

Alan Moorehead: Cooper Creek

Alan Moorehead: Cooper Creek: Het verhaal van de noodlottige expeditie van Burke en Wills naar het gloeiend hete binnenland van Midden-Australië (Australië, 1963): 211 blz: Vertaald door Anneke Meijer-Verkouter (1990): Uitgeverij Hollandia
 

 
Het verhaal van de mislukte expeditie van Robert O' Hara Burke en William John Wills heeft zich in het collectieve geheugen van Australië vastgezet. Zoals dat gaat is het grote publiek meestal veel meer geïnteresseerd in expedities waar tenminste een aantal mensen komen te overlijden dan in die expedities die vlekkeloos verlopen. 
 
Alan Moorehead vertelt in "Cooper Creek" het verhaal van deze expeditie op een zeer onderhoudende manier. Ik vind het in dit geval niet zo heel veel uitmaken, maar de Nederlandse vertaling loopt niet altijd even soepel.
 
In de winter van 1860 gingen Burke en Wills met een  groot en goed uitgerust gezelschap vanuit hun thuisbasis Melbourne op weg naar het noorden. De bedoeling was dat ze Australië van zuid naar noord zouden doorsteken en het onbekende land daartussen verkennen en in kaart brengen.

Voor deze expeditie waren kosten noch moeite gespaard, maar uiteindelijk werd een aantal fatale beslissingen noodlottig voor een aantal deelnemers van de expeditie, waaronder de expeditieleider Burke en zijn tweede man Wills.

"Cooper Creek" is een waardige toevoeging aan de boeken over mislukte expedities.

Citaten:
- Het was nu erg heet - tot 43 graden in de schaduw - maar deze hitte, schreef Wills, was door de droogte van de lucht niet erger dan wat ze in Melbourne te verduren hadden gehad. In een brief aan zijn zuster in Engeland bagatelliseerde hij zijn ervaringen: "Tot nu toe is de reis een makkie geweest." En dat ondanks het feit dat "wij voor water dat jij nooit zou willen proeven, onze lippen aflikken alsof het een glas sherry of champagne betrof".

- Het recept voor het bereiden van de prachtige rosékaketoe luidt blijkbaar als volgt: je kookt hem met een oude schoen en als de schoen mals is, gooi je de kaketoe weg en eet je de schoen op.

- Bij toeval kwamen ze op een inboorlingenpad terecht dat veelbetreden en hard was en dat voerde hen een bos in waar een groep zwarten kortgeleden rond hun kampvuren bataat had opgegraven. Deze bataat, zegt Wills, was zo overvloedig aanwezig dat zij (de zwarten) het zich konden permitteren er een heleboel van achter te laten nadat ze er waarschijnlijk de allerbeste uitgezocht hadden. Wij waren niet zo kieskeurig, maar aten een heleboel bataten die zij niet goed genoeg gevonden hadden op. We vonden ze erg lekker.

- "Toen ik merkte dat de kreek ver naar het noorden afboog, keerde ik terug naar het kamp van de zwarten en toen ik daar voorbij wilde lopen, nodigden ze me uit om te blijven. Dat deed ik dus en ik werd nog gastvrijer ontvangen dan te voren en mocht plaats nemen in een gunyah waar ze me volop vis en nardus gaven en ook een paar lekkere vette ratten. Die waren heerlijk. Ze werden met het vel er nog om gebakken. ..."

- Wills had nu zijn eerdere mening over de zwarten van de Cooper Creek volledig herzien. Hij betitelt die gemene en verachtelijke inboorlingen van een half jaar geleden nu als "mijn vrienden" en begint in zijn dagboek een lijstje aan te leggen van woorden die zij gebruiken.

   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

dinsdag 24 januari 2017

Wilfred Thesiger: Woestijnen van Arabië

Wilfred Thesiger: Woestijnen van Arabië (Groot Brittannië, 1959): 358 blz: Vertaald door Tinke Davids (1993): Uitgeverij de Arbeiderspers: Oorspronkelijk uitgever Longmans, Green
 
Small Cover ImageWilfred Thesiger was een Engelsman die opgroeide in Abessinië, het tegenwoordige Ethiopië. Al op jonge leeftijd ging zijn hart uit naar de wildernis. Toen hij de kans kreeg om voor de sprinkhanenbestrijding door Saoedi-Arabië te reizen greep hij die met beide handen aan.

"Woestijnen van Arabië" is het verslag van meerdere tochten die Thesiger maakte door de uitgestrekte woestijnen van Saoedi-Arabië in het gezelschap van de Bedu in de jaren van 1945 tot 1950. Thesiger trok met een kleine groep op kamelen de woestijn door en leed vaak honger en dorst. 

Het boek is prachtig geschreven en ik vind het zonder meer het mooiste reisverhaal dat ik ken. Zoals gebruikelijk een aantal citaten om de sfeer van het boek te proeven:

- Ik vond het verontrustend wanneer een Danakil naar me staarde, omdat ik het gevoel had dat hij mijn waarde als trofee taxeerde, ongeveer zoals ik een kudde spiesbokken zou bestuderen om het dier met de langste horens uit te zoeken.

 - In de woestijn had ik een vrijheid gevonden die in de beschaving onbereikbaar was; een leven dat niet gehinderd werd door bezittingen, aangezien alles wat niet hoognodig was, niet meer dan een last was. Bovendien had ik daar een kameraadschap gevonden die onverbrekelijk met de omstandigheden was verbonden, evenals het geloof dat ik daar rust zou vinden. Ik had de bevrediging leren kennen die volgt op ontberingen, en het genot dat voortkomt uit onthouding: de tevredenheid van een volle maag; de weelde van vlees; de smaak van zuiver water; de extase van de overgave wanneer het verlangen naar slaap een marteling wordt; de warmte van een vuur in de kille dageraad.

 - De Bait Kathir waren al even verbijsterd over de manier waarop ik sprak, maar dat weerhield hen niet van het stellen van vragen over "de christenen". "Kenden ze God? Deden ze aan vasten en bidden? Waren ze besneden? Trouwden ze net als moslims, of namen ze gewoon een vrouw als ze daar behoefte aan hadden? Hoeveel bruidsschat betaalden ze? Bezaten ze kamelen? Leefden ze in stammen? Hoe begroeven ze hun doden?"

 - De Bait Kathir slachten vrijwel alle mannelijke kamelenkalven bij de geboorte. Ze leven grotendeels van kamelemelk en hebben geen zin om voer te verspillen aan dieren die daar niets voor kunnen teruggeven.

- In het begin vond ik het leven met de Bedu heel zwaar, en in al die jaren dat ik samen met hen heb gereisd, vond ik de psychische druk steeds moeilijker dan de fysieke inspanning.

- Ik moest nog leren dat geen Bedu bedelen een schande vindt, en dat hij vaak het geschenk in zijn handen bekijkt en zegt: "Is dat alles wat je me geeft?"

- Iedereen hier kende de individuele sporen van zijn eigen kamelen, en sommigen konden zich de sporen herinneren van vrijwel elke kameel die ze hadden gezien. Ze konden in één oogopslag aan de diepte van de afdruk zien of een kameel bereden werd of niet, en of ze drachtig was. Door het bestuderen van vreemde sporen konden ze zien uit welk gebied de kameel afkomstig was.

- De Bedu weten wat een kameel waard is: "Ata Allah" ofte wel "Gods geschenk" noemen ze haar, en het is haar geduld dat het hart van de Arabieren verovert. Ik heb nooit een Bedu gezien die een kameel sloeg of slecht behandelde. De behoeften van de kameel komen steeds op de eerste plaats.

- In de woestijn hebben de Bedu heel weinig nodig om in leven te blijven. Hun kudden voorzien hen van voedsel en drinken, maar er zijn bepaalde dingen die ze niet zelf kunnen maken. Ze hebben stoffen nodig en kookpotten, messen, munitie, af en toe een lading dadels of graan, en zulke eenvoudige luxeartikelen als een handvol koffie of wat tabak.

- Bedu verlangen niet naar gevarieerde maaltijden en eten met vreugde maandenlang tweemaal daags hetzelfde voedsel, dat ze niet naar kwaliteit beoordelen, maar naar kwantiteit.

- Maar we praatten zelden over seks, want hongerige mannen dromen van eten, en niet van vrouwen, en ons lichaam was meestal te moe om geprikkeld te worden.

- Het is kenmerkend voor Bedu om in extremen te vervallen, om óf buitengewoon gul te zijn, óf onvoorstelbaar krenterig, heel geduldig of bijna hysterisch lichtgeraakt, ongelooflijk dapper of zonder zichtbare reden in paniek. Ze zijn van nature ascetisch en ontlenen bevrediging aan de kale eenvoud van hun leven, en versmaden de gemakken die anderen onontbeerlijk zouden vinden. Hoewel ze, bij de zeldzame gelegenheden die zich voordoen, enorme hoeveelheden eten, heb ik nooit een Bedu ontmoet die gulzig was.

- De Arabieren in Abu Dhabi hadden onze kamelen nogal minachtend willen afdoen door ze te vergelijken met de kamelen van hun sjeiks, totdat bin Ghabaisha zich zo ergerde dat hij zei: "De kamelen van jullie sjeiks zijn inderdaad prachtige dieren en beeldschoon. Ik ben een Bedu, ik heb er oog voor; maar er is er niet één onder die de reis had kunnen maken die wij zojuist achter de rug hebben," en zijn toehoorders zwegen, want deze verontwaardigde knaap sprak de waarheid.

- Ik vertelde zelfs niets aan mijn Rashid, want ik had ontdekt dat de beste manier om een verhaal wereldkundig te maken was om het aan één of twee Arabieren te vertellen, op voorwaarde van geheimhouding.

- Ik zal me altijd herinneren hoe vaak ik gedeemoedigd ben door die ongeletterde kamelenhoeders die, zoveel meer dan ik, beschikten over gastvrijheid en moed, uithoudingsvermogen, geduld en luchthartige bravoure. Onder geen ander volk heb ik ooit een dergelijk gevoel van persoonlijke minderwaardigheid gehad.

   

 

donderdag 21 mei 2015

Arita Baaijens: Desert Songs



Desert SongsIn de herfst van 1988 werd een droom van Arita Baaijens waar. Ze trok gedurende 3 maanden met een gids op een kameel door de woestijnen van Egypte. Ondanks tal van moeilijkheden tijdens de tocht, waaronder de avances die de Duitse gids naar haar maakte was ze enthousiast.

Na een derde tocht in 1990 besloot ze om haar baan in Nederland op te zeggen en als nomade door de woestijnen te trekken. Na een aantal jaren door Egypte en lege woestijnen te trekken reisde ze later in Soedan waar meer mensen nog in de woestijn leven. Een absoluut hoogtepunt voor haar was een tocht in 2001 met kamelendrijvers vanuit Soedan naar Abu Simbel in Egypte waar de kamelen verkocht worden op een kamelenmarkt en geslacht voor hun vlees.

"Desert songs" leest als een liefdesverklaring aan de woestijnen en het nomadenleven en de kamelen. Waarom het boek in het Engels geschreven is, is mij niet duidelijk. Het boek is goed leesbaar en er staan tal van mooie foto's (geen exceptionele) in.

Bonus in het boek zijn 7 korte stukjes van elk 2 bladzijden over vroegere woestijnreizigers van Alexandra Tinne tot Wilfred Thesiger. Het boek geeft een goed beeld van hoe het is om met een kameel door de woestijn te trekken.