Posts tonen met het label Psychiatrie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Psychiatrie. Alle posts tonen

dinsdag 25 augustus 2026

Over de psychiatrie in Nederland

Ik ben al 36 jaar ervaringsdeskundige in de psychiatrie. Volgens mij is het motto dat het meeste aan de patiënten wordt meegegeven: "Zoek het zelf maar uit". 
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

maandag 26 mei 2025

J.M.A. Biesheuvel: De wereld moet beter worden

J.M.A. Biesheuvel: De wereld moet beter worden (Nederland, 1984): 231 blz (Uit "Verzameld werk": Deel 1: Blz 221-451: Uitgeverij van Oorschot (2008))
 

 
Maarten Biesheuvel was niet tevreden over zijn tweede verhalenbundel "Slechte mensen" uit 1973 en zijn derde bundel "Het nut van de wereld" uit 1975. Hij heeft een aantal verhalen uit die twee bundels geschrapt en een aantal bijgewerkt, waarna hij de overgebleven verhalen heeft gebundeld in "De wereld moet beter worden" uit 1984.
 
Ik vind "De wereld moet beter worden" een duidelijk minder boek dan zijn eersteling. De meeste verhalen ben ik al weer vergeten. Er staan een paar verhalen in die ik geslaagd vind: "Onrust" over Noord-Beveland, "Vertrek van een boomvarken", "Paviljoen E" over een opname in een psychiatrisch ziekenhuis, volgens mij het sterkste verhaal in deze bundel, en het titelverhaal "De wereld moet beter worden".
 
Maar Maarten Biesheuvel is een zo eigenzinnige schrijver dat ook zijn mindere verhalen bijna altijd de moeite waard zijn om te lezen. Hopelijk geven de citaten een aardige indruk. 
 
Citaten:
- Noord-Beveland, zon van mijn geest, licht voor mijn bewustzijn, lamp voor mijn voeten, heerlijke streek, balsem voor mijn ziel, drager van mijn onuitsprekelijk geluk, in regen, wind, mist, harde wind en bij vorst ben jij mijn liefde en het kleinood dat ik zachtjes, het behoedzaam voor iedereen verbergend, aan mijn borst koester. En bekijk ik de aarde, van de maan of Sirius af, dan zie ik, door mijn zeer scherp ingestelde kijker heen, de lichtjes van alle streken der aarde het heelal inpriemen behalve van Noord-Beveland dat op die manier op een rustbrengend zwart gat lijkt. In jou, in je vette kluiten, in je uien, gladiolen, aardappelen en suikerbieten, in je fazanten, korhoenders, konijnen, hazen, reeën, duinen, schorren en stranden heb ik mijn Paradijs op aarde gevonden. Jij bent het lief eiland waarnaar ik verlang, een zeer glinsterende parel aan de horizon van mijn voorstellingsvermogen, heerlijk land met je schepen, boten en water. Schaterend sla ik mijn armen over elkaar en ga voor een ogenblik, schuin naar achter op mijn stoel hangend, als in vervoering naar de wolkenlucht kijkend, met het geluid van duizenden automobielen in mijn oor, even aan je denken en zie je reeds rijzen als de glanzendste kindertekening, aandoenlijk, lief, vermakelijk door je maatschappelijke overzichtelijkheid. Kleinood der kleinodiën, altaar der altaren, huis vol godsvrucht en bescheidenheid, Noord-Be-ve-land - ik heb u zo lief. Vette zeeklei, Psalmen, meeuwen!!

- ... Het gaat erom dat ik gelukkig kan zijn met het weinige dat ik heb. Geen afleiding, geen salons met interessante gesprekken, niet toegeven aan de noden van het lichaam en de geest. En als er iets weg is, het zoeken tot je een ons weegt. Ook een balpen is een wonder dat niet veronachtzaamd dient te worden. Het gaat niet aan om, als je de oude mist, vlug een nieuwe te kopen, het gaat niet aan om naar een vreemde vrouw te lachen terwijl je de hand van je eigen gade vasthoudt, je kunt niet tegelijk een raceboot besturen, een sigaret roken, een eigenaardig gesprek voeren, je sokken uittrekken, je mouwen oprollen, een glas bier drinken, half om half Erasmus lezen en plaatjes uit Playboy op het dashboard van de boot plakken.
 
- "Morgen begint het folkloristisch wegschieten van eilandvreemde elementen," mompel ik, "vreemdelingen, wegwerpaanstekers, premie-spaarregelingen, dubbeldaks-ijskasten met automatische afstandbesturing, sportwagens, plastic flessen, luciferdoosjes, aanbiedingen voor een nieuwe stereofonische geluidsinstallatie, vliegtuigtickets, wetenschappelijke boeken, kunstenaars, kunstbloemen, Franse kranten, buitenlandse muziekplaten - alles wat niet met het eiland, zoals het 's winters hoort te zijn, te maken heeft zal naar Vlaanderen en Holland worden geschoten, de dammen doorgestoken onder begeleiding van het eeuwenoude fanfarekorps "De Noord-Bevelander", eilanden op drift, mij zullen ze als reukoffer aan de God der Vaderen offeren, met hunne tanden zullen zij knersen en alle de dieren in mijn hof met hunne stokken slaan. Ik hoor hier niet thuis en had minstens verleden week reeds moeten vertrekken."
 
- Waarom moet een academicus altijd in een zogenaamde topfunctie werken? Waarom kan hij niet in eer en deugd putjesschepper zijn?
 
- Mijn kamer! Wat heb ik mijn kamer gezellig ingericht. Hier hangen de portretten van de mannen op wie ik gesteld ben, hier hangen de afbeeldingen van fregatten waar ik zo graag op zou varen, hier staan mijn boeken, hier is mijn toverlantaarn, mijn verrekijker, mijn bronzen Erasmus-beeldje, mijn tabak en pijpen, hier ligt mijn kistje met duelleerpistolen, hier staan mijn bed en mijn bureau's, hier hangen mijn kunstwerken, ik ben het liefst alleen, slechts bij uitzondering wordt een vriend hier toegelaten.
 
- Tijdens de rit terug had hij meer dan drie uur geprobeerd zijn schoonzoon van zijn waanzin te overtuigen dat er geen Engelen zijn, dat God misschien bestaat maar waarschijnlijk niets ziet, dat de wereld bepaald niet op een Messias, maar wel op een goede jurist, een capabele journalist of politicus zat te wachten.
 
- Eva zat te overdenken of het nu werkelijk nodig was geweest Jacob naar een inrichting te brengen. Spoedig kwam ze tot het duidelijke inzicht dat dat inderdaad het geval was. Een krankzinnige vriend verzorgen is wel aardig maar het moet niet een al te zenuwslopende zaak worden. En als de patiënt bovendien nog gevaarlijk voor zijn omgeving wordt ... Op een gegeven moment had Eva hem rechtop in bed, panisch verschrikt kijkend aangetroffen. Hij riep haar. Ze kwam. "Ik zal je moeten slachten," zei Jacob, "het is het enige zoenoffer dat God nog aan wil nemen, je hoeft niet zo verschrikt te kijken ... er zijn meer mensen geofferd tot nog toe, als God dit van me vraagt dan zal ik het doen, ga maar op de tafel liggen."
[Even later beslist Jacob dat God als zoenoffer ook genoegen neemt met Basje, de poes. Uiteindelijk volstaat het offer van een half bruin brood, liefst volkoren.]
 
- Tijdens ons merkwaardig gesprek - zotten klagen elkaar gaarne hun nood maar kunnen elkaar ook niet begrijpen, ze zijn hoogst verontwaardigd als blijkt dat de luisteraar geen angst heeft voor bijvoorbeeld een spin in een lege emmer, maar wel voor de idee van de martelkamer ...
 
Een beschrijving van een manische periode:
- "Vooruit, je doet niet gek maar je doet in ieder geval te veel, we zijn het eens nagegaan: je speelt viool, piano en je zingt, je studeert nog verschillende andere instrumenten, je moet overdag je werk doen om je brood te verdienen, je bent voorzitter en beschermer van een vereniging tot bescherming van de fundamentele rechten van de mens, je zit in een jury voor het beoordelen van schilderijen, je doet acties tegen de vivisectie, je houdt zelf zes poezen, je schrijft iedere dag één of twee verhalen, je maakt een schilderij en twee etsen, je schrijft opstellen voor literaire en wetenschappelijke tijdschriften, je hebt twee weeskinderen over wie je je ontfermen wilt, je geeft al je geld weg, maar niet aan erkende liefdadigheidsinstellingen zodat je steeds meer in de knoop komt met de belastingen, je bent een groot, hartstochtelijk bestrijder van het Christendom, je houdt je kortom met alles tegelijk bezig."

- Iemand ging inboorlingen in Afrika of Thailand de grondbeginselen van de landbouw bijbrengen, de Nederlandse landbouw! kosten nog moeite werden gespaard, na twee jaar waren er tien  kroppen sla, die kroppen kostten, als je het goed uitrekent, vierhonderdduizend gulden per stuk (irrigatiewerken, mestschepen, landbouwingenieurs, stencils, vliegtuigen, ploegen, eggen, pornografie, landbouwzaden), niemand van de inboorlingen lustte sla, de kroppen werden gedroogd, de bladeren werden in de hete zon fijngestreken en toen hebben ze geprobeerd of de slabladeren te gebruiken waren als schutblad voor de sigaren van het opperhoofd, ze waren te gebruiken maar het smaakte niet lekker, de sigaren zijn in zee gegooid. De grondbeginselen van de landbouw bijbrengen, hulp, zending, het is waanzin, een belediging.
 
   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zondag 20 augustus 2023

Psychiatrie en medicijnen

Binnen de psychiatrie weet men al minstens 50 jaar met grote zekerheid dat het regelmatig gebruik van de juiste medicijnen het verloop van veruit de meeste psychiatrische ziekten in gunstige zin beïnvloedt. Sinds de jaren 70 zijn er talloze onderzoeken gedaan naar de effectiviteit van een behandeling met medicijnen in vergelijking met het niet behandelen met medicijnen. Men onderzoekt hiermee iets wat men al lang weet, uit ieder nieuw onderzoek blijkt dat het gebruik van medicijnen gunstig werkt. Waarom is er onder psychiatrische patiënten zo'n grote onwil om medicijnen te slikken en waarom roepen zo veel gezonde mensen dat dat een goed idee is?
 
Om met het laatste te beginnen, de meeste mensen hebben totaal geen verstand van de psychiatrie en denken dat medicijnen altijd rotzooi zijn, die je beter niet kunt gebruiken. Overigens geldt dat niet voor lichamelijke ziektes. Iedereen die diabetes heeft, een hartkwaal, hoge bloeddruk of iets dergelijks zal zonder enig voorbehoud medicijnen slikken.
 
Mensen met een psychiatrische kwaal ontbreekt het in de meeste gevallen aan ziekte-inzicht. Ze krijgen van de psychiater pillen voorgeschreven, maar ze weten eigenlijk niet wat die pillen precies doen. Wat ze wel merken is dat ze suf worden van de pillen en allerlei vervelende bijwerkingen krijgen. Wat ligt er dan meer voor de hand om de pillen af te bouwen en er helemaal mee te stoppen?
 
Het is de taak van de behandelaars om te proberen ervoor te zorgen dat de patiënten ziekte-inzicht krijgen. Het helpt daarbij als ze niet worden tegengewerkt door het grote publiek, dat de ballen verstand heeft van de psychiatrie, en dat vaak roept dat medicijnen onzin zijn. Jammer genoeg zijn we nog lang niet zo ver dat iedere psychiatrische patiënt de juiste medicijnen in de juiste dosering krijgt. Als dat ooit zou lukken, dan zou er veel gewonnen zijn.  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

woensdag 16 augustus 2023

Psychiatrische patiënt

Ik heb in het verleden wel eens te horen gekregen dat ik mij gedroeg als een psychiatrische patiënt. Mijn antwoord daarop is duidelijk, ik ben immers ook een psychiatrische patiënt.
 
Als je er redelijk verzorgd bijloopt, netjes geschoren bent, fris ruikt en samenhangend uit je woorden komt, dan vergeet men al snel dat men met een kwetsbaar persoon te maken heeft, die bij lange na niet zo  goed functioneert als de meeste gezonde mensen dat doen. 
 
Ik schat dat mijn productiviteit ongeveer op 33% ligt van een goed functionerend persoon. Het lijkt mij zeer begrijpelijk dat ik die 33% vooral inzet voor dingen die ik echt leuk vind en voor contacten met mijn familie en vrienden.
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

maandag 24 januari 2022

Saskia Bos: Schizofrenie en bergen beklimmen

Saskia Bos: Schizofrenie en bergen beklimmen (Nederland, 2016): 190 blz: Uitgeverij de Graaff

Schizofrenie en bergen beklimmen
 
Saskia Bos hoort al vanaf haar elfde stemmen. Op de middelbare school loopt het uit de hand. In opdracht van de stemmen verwondt ze zichzelf en op aanraden van school zoeken Saskia en haar ouders hulp bij een psycholoog.
 
Dit is het begin van een lange zoektocht naar allerlei hulpverleners, psychologen, psychiaters, casemanagers en instanties zoals psychiatrische ziekenhuizen, het RIAGG en een stemmenpoli op zoek naar een manier om met de klachten te leven.
 
Uiteindelijk wordt de diagnose schizofrenie gesteld. Helaas kan men de ziekte schizofrenie niet genezen, hooguit kan men ermee leren omgaan met behulp van medicijnen.  

Saskia doet een poging tot zelfmoord, maar weet uiteindelijk haar leven op de rails te zetten door veel te sporten (fietsen, hardlopen en voetballen) een hond te nemen en in de bergen te gaan wandelen.
 
"Schizofrenie en bergen beklimmen" is een uitstekend geschreven boek dat makkelijk weg leest en voor mij nogal confronterend is. Saskia is heel open over haar ziekte en alleen al daarom is het heel mooi dat dit boek is uitgegeven. In het boek zijn een aantal teksten uit haar dossier opgenomen. Wat opvalt is dat die teksten nogal wollig zijn en in vakjargon zijn geschreven met veel moeilijke woorden. Saskia zelf schrijft veel leesbaarder.
 
Citaten:
- Na twee maanden psychotherapie word ik gebeld, mijn therapeut is voor lange tijd ziek en ik krijg een nieuwe. Aan de nieuwe vraag ik wat er aan de hand is met de oude therapeut, ik maak me zorgen en hoop dat ze niet ernstig ziek is. Maar de nieuwe mag daar niets over vertellen in verband met privacy. Mijn dossier is inmiddels overgeheveld naar de nieuwe, mijn privacy doet er blijkbaar wat minder toe.

- Een andere verpleegkundige vindt dat ik moet opschrijven wat ik denk. Ik doe dat, maar als ik zie dat mijn geschreven gedachten, zonder toestemming van mij, meegenomen zijn naar het kantoor van de verpleegkundigen en daar door iedereen gelezen worden, zet ik geen woord meer op papier. 

- Ik heb vaak bij mijn ouders geopperd om een tweede huis in Spanje te kopen, of nog liever, in Afrika, dan kan ik 's winters in de echte zon zitten. Maar dat doen ze niet, beetje jammer.

- Thuis werd ik geaccepteerd om wie ik ben en mijn psychiatrische klachten hebben de sterke band tussen mij en mijn broer en zussen gelukkig niet kapot gemaakt. Misschien zelfs wel sterker.

- Met mijn klasgenoten had ik niet veel contact ... Tijdens de les kreeg ik vaak een berichtje via msn van een klasgenoot die naast me zat. Het leek mij logischer om gewoon live met elkaar te praten, maar ik was de enige met die mening.

- Wat ik lastig vind van een open afdeling is dat het heel druk is. De deur naar buiten staat open en iedereen loopt af en aan. Artsen, verpleegkundigen, bezoekers en patiënten lopen door elkaar heen. Ik ken hier nog helemaal niemand en heb geen idee wie hier wel thuis hoort en wie niet.

Over haar hond, die ze Masai genaamd heeft:
- Zelf vond ik het leuk om eenden op te jagen en ik leerde Masai dat ook. Maar ik deed het alleen als niemand keek, en hoewel ik Masai had uitgelegd dat hij het alleen stiekem mocht doen, deed hij het toch als andere mensen keken. De afkeurende blikken van de mensen maakte dat ik het Masai weer afleerde om eenden op te jagen.

- Voordat ik Masai kreeg deed ik bijna niets op een dag, ik had geen ritme en geen doel. Met de komst van Masai was dat compleet veranderd. Ik moest op tijd op, want Masai moest plassen. Ik moest naar buiten, want Masai had beweging nodig. Ik moest de wijde wereld in, want Masai moest gesocialiseerd worden. En zo zorgde Masai ervoor dat ik weer een dagritme had.

- De verpleging is bijna nooit op de afdeling, ze zitten altijd op hun kantoor. Alleen om ons te wekken, tijdens de maaltijden en tijdens de koffiemomenten zijn ze op de afdeling.

- Ook thuis bleef ik suïcidaal. Een paar dagen na de opname deed ik nog een poging om mijzelf op te hangen. Mama wist dat ik dood wilde en liet me zo min mogelijk alleen, ze vond me dan ook snel en maakte de riem, die strak om mijn nek zat, los. Ze gaf me een knuffel en huilde. Ze zei dat ze begreep dat ik dood wilde, maar vroeg me om alsjeblieft nog even vol te houden.

- Hardlopen was, en is nog steeds, mijn beste medicijn.

- Ik had flink gespaard tijdens de opnames, dat is een voordeel van opgesloten zijn, je kan niet weg om even te shoppen, dus je betaalrekening blijft onaangeroerd.

- Masai werd zo, zonder dat hij het wist, mijn hulphond. Een soort blindengeleidehond, maar dan andersom. Een blindengeleidehond waarschuwt blinde mensen om dingen te ontwijken, die zijzelf niet kunnen zien. Masai leert mij om dingen te negeren, die er in werkelijkheid niet zijn. Masai heeft geen enkel probleem met de extra verantwoording die hij als hulphond heeft, hij vindt het prima om af en toe op me te liggen en voor me te waken. Als hij in ruil daarvoor twee keer per dag het bos in mag om te rennen, en twee keer per dag zijn eten krijgt, dan is hij dik tevreden.

- Bij die reisorganisatie kunnen ze zeggen: "We willen je niet meer mee, want wij willen geen risico lopen," maar ikzelf kan dat niet. Ik kan geen aangetekende brief naar meneer Schizofrenie sturen, met het verzoek om deze vakantie thuis te blijven. Schizofrenie zit aan mij vast en reist altijd met mij mee.

- Met elke tocht die ik maakte, kreeg ik meer zelfvertrouwen. Ik voelde me steeds minder een psychiatrisch patiënt en in de bergen vergat ik dat ik ziek ben. Ik had nog steeds veel last van mijn ziekte, maar ik had een passie om voor te leven.

- Schizofrenie regeert nog steeds mijn leven. Om het in de hand te houden, zijn mijn dagen gestructureerd en rustig. Ik sport veel en eet gezond. Ik doe niets onverwachts, bereid alles goed voor en maak bij alles wat ik doe de overweging of het niet te druk is. Soms doe ik teveel, en moet ik dat bekopen met dagen waarop schizofrenie weer de baas is. Dan kruip ik met Masai op de bank en wacht tot ik me weer beter voel.

    

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

vrijdag 6 augustus 2021

Vsevolod Garsjin: De beren

Vsevolod Garsjin: De beren en andere verhalen (Rusland, 1877-1887): 221 blz: Vertaald door Hans Boland (2011): Uitgeverij Athenaeum-Polak & van Gennep
 
De beren en andere verhalen
 
De meeste lezers van mijn blog zal de naam Vsevolod Garsjin niets zeggen. Een enkeling kent misschien het korte verhaal "De rode bloem" waarin de geschiedenis wordt verteld van iemand met een psychose. Het totale oeuvre van Garsjin is zeer klein. Vertaler Hans Boland heeft uit dat kleine oeuvre 9 verhalen gekozen en vertaald die volgens hem tot de beste verhalen uit de Russische literatuur behoren. Deze 9 verhalen zijn aangevuld met een verhaal van Tsjechow, waarin de hoofdpersoon gebaseerd lijkt op het leven van Garsjin. Verder is er een kort stukje van Hans Boland over Garsjin.

Twee verhalen gaan over het soldatenleven: het eerste verhaal dat Garsjin publiceerde ""Vier dagen" en het verhaal "Uit de herinneringen van soldaat Ivanov". Beide verhalen zijn gebaseerd op de herinneringen van Garsjin die zelf soldaat is geweest en gaan over de verschrikkingen van de oorlog. 

In "Vier dagen" is een gewonde soldaat lange tijd bewusteloos geweest en is hij net bijgekomen en heeft hij enorme dorst. In "Uit de herinneringen van soldaat Ivanov" wordt een veldtocht tegen de Turken beschreven. 
 
Een wat langer citaat uit dit verhaal:
- " ... U moet weten, Ivanov ... mag ik u bij uw voornaam noemen?"
 "Vladimir."
 "Vladimir, goed zo. U moet weten dat ik altijd al een kip zonder kop ben geweest. Wat ik allemaal niet heb uitgevreten! Net als in dat liedje: "Ik was jong en ik had geld, dus ik ging mijn gang, maar mijn geldje is geteld, zodat ik nu hang." Ik kon onderofficier worden. Dit mag dan een regiment van lompe ijzervreters zijn, maar roemrijk is het ook. Met meer geluk dan wijsheid heb ik mijn opleiding afgemaakt en nu loop ik alweer bijna twintig jaar in het gareel. Deze keer gaan we de Turk in mootjes hakken. Laten we er eentje op nemen, mijne heren, puur, waarom zouden we het aanlengen met thee? Borrel kanonnenvlees."
 "Chair à canon," vertaalde Wentzel.
 "Voor mijn part op z'n Frans, sjerakanon. Onze kapitein hier is een knappe kop, Vladimir ..." 

Er staan in de bundel 3 sprookjesachtige verhalen die wel wat doen denken aan het werk van Hans Christiaan Andersen: "Attalea princeps" over een palmboom uit Brazilië die in een kas staat en verlangt naar de buitenlucht. "Er was eens" over een mestkever, een mier, een krekel en een paard die een discussie voeren. En "De bereisde kikker" die eens wat van de wereld wil zien en daartoe een groep eenden zo gek krijgt om hem door de lucht te vervoeren.

- Het verhaal "Kunstenaars" gaat over twee kunstenaars die tegenstrijdige opvattingen hebben over waartoe kunst dient. 
 
Twee citaten:
- Ik heb nooit enige goede invloed van een schilderij op wie dan ook kunnen ontdekken. Waarom zou ik dan geloven dat daar toch sprake van is?
 Waarom ik daarin zou geloven? Omdat ik wel moet, het is een absolute noodzaak. Maar hoe doe je dat dan, geloven? Hoe moet je jezelf ervan overtuigen dat je leven niet uitsluitend en alleen maar dient om de domme nieuwsgierigheid van de massa te bevredigen - zo niet erger, bijvoorbeeld om de lagere instincten te prikkelen - en alleen maar goed is om de ijdelheid te strelen van een ronde buik op benen met een vette portemonnee, die vadsig op een schilderij van je afloopt, een werk dat je hebt doorleefd, waarvoor je hebt geleden en dat je dierbaar is, niet geschilderd met verf en verfkwast maar met je bloed en je zenuwen, terwijl zo'n vent dan mompelt: "Hm, niet slecht", waarna hij zijn hand in zijn bolle broekzak steekt, je wat honderdjes toewerpt en vertrekt met wat van jou is.

- Je moet gewoon helder zijn - zolang je aan een schilderij werkt ben je kunstenaar, maar zodra het af is moet je onderhandelen. En hoe handiger je daarin bent hoe beter. Kunstkopers doen immers maar al te vaak hun uiterste best ons soort mensen een loer te draaien.

Er zijn nog twee sterke verhalen: "De beren" over een maatregel waardoor alle beren van de zigeuners moeten worden afgemaakt en "Het sein" waarin het leven van een spoorwachter en zijn collega wordt beschreven.

Maar het beroemdste verhaal van Vsevolod Garsjin is natuurlijk "De rode bloem". Dit verhaal beschrijft zeer overtuigend iemand die een psychose meemaakt. Ik heb zelf ook een paar psychosen meegemaakt en herken veel in dit verhaal. Op een dag komen vier mannen met een patiënt in een ziekenhuis. De patiënt is vreselijk in de war en heeft al tien dagen niet geslapen. Op het terrein van het ziekenhuis bloeien een paar rode papavers. De patiënt denkt dat al het kwaad in de wereld verdwijnt als hij erin slaagt om die papavers te plukken.
 
- De zieke sprak vol vuur verder: "Sinds ik het bezit ben van zo'n gedachte voel ik me als herboren. Mijn gevoelens zijn duidelijker, mijn hoofd werkt beter dan ooit. Zaken waar ik vroeger alleen vat op kreeg na eindeloos gepieker en geredeneer, snap ik nu intuïtief. Alles wat de filosofie tot stand heeft gebracht is reëel toegankelijk voor mij geworden. De grootse idee van het fictieve van ruimte en tijd is iets wat ik in eigen persoon ook zo ervaar. Ik leef in alle tijden. En zonder ruimte, overal en nergens, wat u wilt. Daarom maakt het me ook niet uit of u me hier houdt of laat gaan, of ik vrij ben of vastzit. Ik heb eerder al opgemerkt dat er in deze inrichting nog een paar mensen zijn zoals ik. Maar voor de anderen is de situatie ronduit vreselijk. Waarom laat u ze niet vrij? Wie is er gebaat ..."
 De dokter onderbrak hem: "U zei dat u buiten ruimte en tijd leeft. Maar het valt toch niet te ontkennen dat we in dit vertrek zitten en" - met een blik op zijn horloge - "dat het 6 mei is, half elf 's morgens. Hoe ziet u dat?"

Ik heb dit boek een paar weken geleden cadeau gekregen en heb er van genoten. Het schijnt dat er over de vertaalopvattingen van Hans Boland heel wat te doen is in het wereldje van vertalers en uitgevers, maar hij heeft het Russisch van Garsjin omgezet in een uiterst soepel lopend en zeer prettig leesbaar Nederlands. Ik hoop dat Boland nog lang vertaler blijft.

      

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

donderdag 6 juni 2019

Over het nut van therapie

Opmerking vooraf: ik heb het in dit stukje over psychiatrische patiënten. Ik bedoel hiermee uitdrukkelijk alleen schizofreniepatiënten of lijders aan een soortgelijke ziekte mee, dus geen lijders aan angststoornissen, fobieën, anorexia of andere psychiatrische ziekten.

Men is binnen de medische wereld verdeeld over het effect van praten en pillen ten opzichte van elkaar. De meeste psychologen schatten in, dat het aandeel van hun gesprekken met patiënten minstens zo belangrijk is voor de behandeling als het aandeel van pillen. Psychiaters schatten in dat het aandeel van pillen aanzienlijk belangrijker is. Hoe denk ik erover?

Voordat ik mijn eerste psychose kreeg in 1990 had ik alleen ervaring met mijn vader als patiënt. Ik had me nooit erg in zijn situatie verdiept en had niet door dat zijn medicijnen een uiterst belangrijk onderdeel van zijn behandeling waren. Mijn onwetendheid was zo groot, dat ik het zelfs toejuichte als hij een tijdje zijn pillen liet staan. Over het algemeen dacht ik dat voor de behandeling van een psychiatrische patiënt, gesprekken belangrijker waren dan medicijnen.

Dat optimistische idee van mij verdween al snel na mijn eerste psychose. Een jaar na mijn eerste psychose dacht ik: 50% praten en 50% pillen. In 2002, een jaar na mijn laatste psychose dacht ik: 20% praten en 80% pillen. Inmiddels heb ik mijn inzichten weer bijgesteld en denk ik dat het belang van pillen ten opzichte van praten misschien wel 90% tegen 10% is.

De afgelopen maand heeft een psychotische jongen 3 mensen doodgestoken. Naar aanleiding hiervan hebben een aantal psychiaters opgeroepen om meer gelden vrij te maken voor psychotherapie. Dat klinkt natuurlijk heel mooi, maar is het ook zinvol?

Met praten alleen krijg je iemand die psychotisch is in geen 100 jaar uit zijn psychose. Met de juiste medicijnen kan dat soms al binnen een dag lukken. Psychotherapie is nogal ingrijpend en kan veel overhoop halen. Voor iemand die gevoelig is voor het krijgen van psychosen lijkt mij dat geen goed idee. In plaats van dat psychotherapie helpt, denk ik dat het eerder schadelijk is.

Reacties op dit stuk zijn meer dan welkom.


donderdag 30 mei 2019

Gedichtje uit de "Open geest"

De "Open geest" is het kwartaalblad van Anoiksis, de vereniging voor mensen met schizofrenie en een gevoeligheid voor psychosen. In dit blaadje staan bijdragen van leden, vaak ook gedichten. In verreweg de meeste gevallen zijn dit zwijmelgedichten die niets voorstellen, maar in het nummer dat zaterdag in mijn brievenbus lag stond een gedichtje waar ik van onder de indruk was. Het gedicht is geschreven door een zekere Maurits.

Door mijn achterdocht
Vlieg ik steeds uit de bocht

Deze schrijver heeft het goed begrepen. Hij heeft iets te melden en hij brengt het pakkend onder woorden. Hulde!

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.



woensdag 29 mei 2019

Het gebruik van Haldol

Haldol is een medicijn dat voorkomt dat je een psychose krijgt en dat als je al een psychose hebt, die onderdrukt.

Sinds mijn eerste psychose in 1990 heb ik anti-psychotische medicijnen geslikt. Vanaf het begin tot aan 2017 kreeg ik een depotinjectie met Anatensol. In 2017 werd de Anatensol uit de handel genomen en ben ik in overleg met de psychiater overgestapt op Haldol.

Omdat ik de Anatensol altijd in de vorm van een spuit kreeg (eenmaal in de drie weken 25 milligram) werd besloten dat ik de Haldol ook met een spuit kreeg. De eerste keer kreeg ik een dosering van 80 milligram. Dat bleek een veel te hoge dosering, de eerste weken kon ik mij nauwelijks normaal bewegen en voelde ik me verschrikkelijk.

Ik besloot onmiddellijk om geen spuiten meer te nemen, maar de Haldol in de vorm van pillen te slikken. Op die manier kon ik zelf de dosering bepalen. Een week of 6 na de spuit ben ik begonnen met het slikken van de pillen, 1 milligram per dag. De eerste 2 maanden ging dat goed (ik had waarschijnlijk nog wat medicijnen van het depot in mijn lijf zitten). Ik voelde me veel beter en begon heel optimistisch met het opruimen van mijn zolder.

Het opruimen van mijn zolder was een voorteken. Uiteindelijk bleek 1 milligram per dag te weinig, ik dreigde weer psychotisch te worden. Toen het echt uit de hand dreigde te lopen slikte ik 5 tabletten in een keer en was binnen 2 uur tijd weer tot rust gekomen. Sinds die tijd slikte ik 2 milligram per dag.

Doordat ik weer meer medicijnen slikte was ik weer een stuk rustiger (zeg maar gerust slomer), sliep ik veel meer en deed ik minder.

Omdat ik hier ook niet tevreden mee was heb ik 5 weken geleden besloten om te minderen naar 1,5 milligram. Dat ging een tijdje goed, ik sliep minder en was weer een stuk actiever.

Ik ken de voortekenen zo langzamerhand wel en merkte dat ik opnieuw een stuk onrustiger werd. Ik ben inmiddels  naar de 1,75 milligram per dag gegaan. Intussen heb ik wel weer mijn zolder voor een groot deel opgeruimd.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

dinsdag 23 april 2019

9: One flew over the Cuckoo's nest

One flew over the Cuckoo's nest (Verenigde Staten, 1975): 128 minuten: Regisseur: Milos Forman

One Flew Over the Cuckoo's Nest Poster"One flew over the Cuckoo's nest" is de film waarin Jack Nicholson doorbrak en een beroemd acteur werd.

Op een goede dag wordt in een psychiatrisch ziekenhuis Randall McMurphy (Jack Nicholson) binnengebracht. Het is niet helemaal duidelijk wat er met hem aan de hand is: hij is tamelijk gewelddadig, maar of hij nu echt gek is of alleen maar speelt dat hij gek is, daar probeert men in het ziekenhuis achter te komen.

McMurphy ontregelt de hele gang van zaken in het ziekenhuis. Zijn grote tegenspeelster is de verpleegkundige Mrs Ratched die probeert om hem in het gareel te krijgen wat niet lukt.

Op een dag klimt McMurphy over de omheining, opent het hek en neemt zijn medepatiënten mee op een bustochtje en een vistrip naar de zee.

"One flew over the cuckoo's nest" is wat mij betreft een van de beste films die ik ken. De sfeer in het psychiatrisch ziekenhuis is geweldig getroffen en ik kan uit eigen ervaring zeggen dat veel zaken nog steeds zo zijn als hier uitgebeeld: denk aan de uitdeling van de medicijnen, de groepstherapie, de manieren van recreatie. Gelukkig is men in Nederland wat minder streng.

Bij de dubbeldvd die ik heb zit een making of, die ook erg de moeite van het bekijken waard is. Een absoluut meesterwerk!

Op IMDB krijgt "One flew over the Cuckoo's nest" van ruim 800.000 mensen een waardering van 8,7 en staat daarmee op plaats 16 van de hoogst gewaardeerde films.


  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zaterdag 14 juli 2018

Een dure behandeling

Ik kreeg vorige week een declaratieoverzicht van Het Zilveren Kruis, mijn ziektekostenverzekering tot 31 december 2017. Er stond een declaratie op van 7.342,90 euro ten bate van Altrecht. Bij Altrecht ontvang ik mijn behandeling. Omdat ik mijn ogen niet geloofde heb ik Het Zilveren Kruis om informatie gevraagd over deze declaratie. Wat blijkt nu: Altrecht heeft een afspraak gemaakt met Het Zilveren Kruis over een bepaalde behandeling, waarvoor ze een vergoeding krijgen die wettelijk is vastgesteld op dit bedrag. Daarbij maakt het niet uit hoeveel zorg ze daadwerkelijk leveren, of iemand nu één keer in de maand een gesprek heeft, of dat hij dagelijks begeleiding nodig heeft.

Ik heb even proberen uit te rekenen wat dit in mijn geval betekent.
Ik heb 3 behandelaars gesproken: de psychiater die laten we zeggen 80 euro bruto per uur kost. Verder mijn casemanager die zeg 40 euro bruto per uur kost. En dan nog de ervaringsdeskundige, die zeg 30 euro bruto per uur kost.
Mijn psychiater heb ik gedurende het afgelopen jaar 5 keer gesproken, 20 minuten per keer, dat maakt 135 euro.
Mijn casemanager heb ik ongeveer 4 keer 1 uur en 13 keer 30 minuten gesproken, dat maakt 420 euro.
De ervaringsdeskundige heb ik 10 keer 45 minuten gesproken, dat maakt 225 euro.

In totaal heeft mijn begeleiding Altrecht dus ongeveer 780 euro gekost. Waar blijft de rest van het geld? Gaat dat naar de directeur van Altrecht zodat hij in een grote Mercedes kan rijden?
Ik vind deze manier van declareren weinig transparant en aanzetten tot misbruik. Wij klagen met zijn allen over de hoge kosten van de gezondheidszorg en dan zou dit toch eigenlijk niet moeten mogen.

Verder heeft mijn psychiater besloten dat mijn behandeling beter overgedragen kan worden aan de huisartsenpost. Dat begrijp ik nu een stuk beter, zo'n bedrag aan behandeling kunnen ze in mijn geval niet verantwoorden. Dat betekent dat ik minder begeleiding krijg. Volgens Altrecht omdat het goed met mij gaat. Volgens mij gaat het helemaal niet zo goed, maar klopt de manier van financiering niet en ben ik daar gewoon de dupe van.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

De pillenwinkel

Pillen zijn voor veel mensen een noodzakelijk goed. Ook voor mij geldt dat, zonder pillen had ik geen leven. Ik slik de volgende pillen:

- 2 tabletten van 1 mg Haloperidol (Haldol): een antipsychotisch medicijn.

Tot afgelopen september kreeg ik een depotinjectie van Anatensol, 0,8 ml vloeistof met 20 mg medicijn eens in de 3 weken. Dit medicijn heb ik 27 jaar gebruikt, vanaf 1990 en ik was hier redelijk tevreden over. Geen reden om over te stappen op een ander medicijn, maar ik moest wel omdat de Anatensol uit de handel werd genomen. Na overleg met mijn psychiater besloot ik om over te stappen op Haldol, het meest gebruikte antipsychotische medicijn binnen de psychiatrie. Vanwege de veelal zeer negatieve verhalen over Haldol was ik hier niet bepaald happig op.

Ik begon met een injectie van 0,8 ml met 80 mg medicijn. Deze injectie was een klap in mijn gezicht, veel te zwaar en ik kreeg last van vervelende bijwerkingen zoals een trillende arm en bewegingsonrust. Ik heb meteen aangegeven dat ik mij hier zeer klote bij voelde. Normaal krijg ik na 3 weken weer een nieuwe injectie. Nu heb ik 6 weken gewacht en heb het toen met een pilletje geprobeerd, één pilletje van 1 mg per dag om mee te beginnen, met het idee dat als dit niet genoeg bleek de dosering te verhogen. Één pilletje leek in het begin goed te werken, ik werd een stuk actiever en heb zelfs mijn zolder in 4 weken tijd opgeruimd. Na een tijdje werd ik te druk, ik ging richting een psychose.

Na overleg met de psychiater heb ik besloten om voortaan 2 mg Haldol te nemen. Eerst nam ik een dosis van 5 mg (nog altijd niet veel in vergelijking met de spuit) en de dag daarop 2 tabletten van 1 mg. Sinds die tijd neem ik iedere dag 2 tabletten van 1 mg en voel ik mij redelijk goed. De overstap op Haldol lijkt goed gelukt. Ik voel me er waarschijnlijk prettiger bij dan bij de Anatensol. De afgelopen 2,5 maanden voel ik mij zelfs voor mijn doen erg goed (heeft natuurlijk ook met het mooie weer te maken). Ik voel mij nu al geruime tijd beter dan ik mij ooit gevoeld heb de afgelopen 10 jaar. Ik heb helaas nog steeds erg weinig energie, maximaal kan ik op één dag, zo'n 6 tot 7 uur van huis weg zijn zonder in te storten

- 1,5 tablet van 400 mg Priadel: een Lithium-preparaat, tegen depressie en stemmingswisselingen.
In de praktijk voel ik mij hierdoor altijd wat minder.

- 1 tablet van 0,4 mg Tamsulosine: voor de prostaat.

De Tamsulosine ontspant de spieren van de prostaat, waardoor de pisbuis niet meer wordt afgeklemd. Nu kan ik weer enigszins normaal plassen, hoewel ik wel achterlijk veel naar het toilet moet, overdag wel ieder uur en 's nachts zo'n 6 tot 8 keer.

- 1 tablet van 10 mg Amlopodine: tegen een te hoge bloeddruk.

- 1 tablet van 1 mg Melatonine: een lichaamseigen hormoon om beter te kunnen slapen en om mijn dag- en nachtritme onder controle te kunnen houden.

Na jaren zeer ernstige problemen met mijn dag- en nachtritme, ben ik sinds oktober 2013 begonnen met het slikken van Melatonine. Mijn problemen met mijn ritme waren van de ene op de andere dag opgelost, voor mij is Melatonine een wondermiddel. Ik slaap nog altijd zeer veel, ongeveer van 24.00 uur tot 14.00 uur.

- 2 tabletten van 20 microgram vitamine D: omdat ik daar een tekort aan heb, helpt tegen vermoeidheid.

Verder heb ik in het verleden ook nog af en toe de zogenaamde pammetjes geslikt:
- Temazepam: een middel om makkelijker in te slapen.
- Oxazepam (= Seresta): een middel dat zo nodig rustgevend werkt.

Kortom, een hele pillenwinkel!

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zaterdag 30 december 2017

20: De psychiatrische patiënt in boeken en films

Gezien het enorme aantal psychiatrische patiënten zijn er maar verrassend weinig boeken geschreven door of over psychiatrische patiënten en ook zijn er maar heel weinig films die de psychiatrie als onderwerp hebben.

Ik heb de volgende boeken gelezen en films gezien:

- De autobiografische trilogie "Een engel aan mijn tafel" van Janet Frame. Janet Frame is een Nieuw Zeelandse schrijfster en is wereldwijd gezien waarschijnlijk de bekendste schrijver die haar ervaringen in de psychiatrie op papier heeft gezet. Van deze trilogie is een uitstekende film gemaakt door Jane Champion. Janet Frame heeft nog een andere roman geschreven specifiek over haar ervaringen in de psychiatrie, maar die heb ik (nog) niet gelezen.

- Sera Anstadt: "Al mijn vrienden zijn gek" en Yvonne Klinkert: "Als zand door mijn vingers". Twee moeders die allebei hebben geschreven over hun schizofrene zoon. Ik kan mij niet veel meer herinneren van deze romans, behalve dat het wel heel erg slecht ging met hun zoons, veel slechter dan bij mij en mijn vrienden.

- Ken Kesey "One flew over the cuckoo's nest" een boek over een opstandige patiënt McMurphy, die in conflict komt met de regels in het psychiatrische ziekenhuis. Het boek is goed, maar de verfilming hiervan is werkelijk fenomenaal met een fantastische Jack Nicholson in de hoofdrol.

- Myrthe van de Meer "PAAZ". Een patiënte die haar ervaringen in een psychiatrisch ziekenhuis heeft verwerkt tot een roman. Dit boek is goed ontvangen, maar ik vind van de Meer een beetje knullig schrijven. Ze heeft nog twee vervolgen op dit boek geschreven die ik nog niet heb gelezen.

- De film "Een gelukkige huisvrouw" naar het boek van Heleen van Royen. De film heeft gemengde kritieken gekregen, maar ik heb hem met plezier bekeken.

- August Willemsen "De val". Willemsen is een succesvol schrijver en vertaler van Portugese en Braziliaanse literatuur. "De val" is een prachtig geschreven, onthutsend en eerlijk verslag van zijn alcoholverslaving en daarop volgende opname in een ontwenningskliniek. Dit boek ontstijgt het genre verre en is wat mij betreft een van de hoogtepunten in de Nederlandstalige literatuur.

- De bekendste psychiatrische patiënt in de Nederlandse literatuur is natuurlijk Maarten Biesheuvel. In zijn verhalen mengt hij op een fascinerende manier de werkelijkheid en zijn fantasie. Veel van zijn verhalen zoals "De heer Mellenberg", "Brommer op zee", "Tankercleaning" behoren tot de mooiste verhalen die ik ooit heb gelezen.

- Een schrijver die vrijwel nooit als psychiatrisch patiënt wordt beschouwd, maar die dat volgens de huidige normen vrijwel zeker was, was de Markies de Sade. Zijn "120 dagen van Sodom" is een soort encyclopedisch overzicht van alle seksuele afwijkingen die ooit bedacht zijn en wordt beschouwd als het meest godslasterlijke boek dat ooit is geschreven. 99% van de mensen zal hiervan gruwen. Als je het leest als de bizarre fantasieën van een gestoorde gek, dan kun je de humor van sommige passages inzien.

- "Sigmund" van Peter de Wit. "Sigmund" is een strip over een psychiater, zijn patiënten en de verhouding tussen beiden die sinds 1994 dagelijks in de Volkskrant verschijnt. Ik weet niet wat Peter de Wits verhouding tot de psychiatrie is. Ik vermoed dat hij meer gebruikt maakt van zijn fantasie dan van de werkelijkheid, maar zijn strips zijn een genot om te lezen.

- De film "A beautiful mind" gaat over een briljante wiskundige die al vrij jong schizofrenie krijgt. Als je toevallig deze film in de bioscoop hebt gezien, dan weet je dat de plotwending in de eerste scene na de pauze briljant is. De film geeft een goed, zij het wat geromantiseerd beeld van het leven met schizofrenie.

Zoals jullie zien, het is maar een kort lijstje. Als jullie nog meer boeken of films kennen met de psychiatrie als onderwerp, dan hoor ik het graag.

Dit is het laatste stukje van mijn serie over de psychiatrische patiënt. Ik hoop dat ik erin geslaagd ben om een redelijk compleet en herkenbaar beeld te schetsen van hoe mijn leven en dat van andere psychiatrische patiënten eruit ziet. Ook hoop ik dat jullie de stukjes met plezier hebben gelezen, ik heb tijdens het schrijven ervan regelmatig hardop moeten lachen. Misschien schrijf ik hier in de toekomst nog wel eens vaker over. Voor nu, een prettig uiteinde en geniet van de oliebollen!

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

donderdag 28 december 2017

19: De omgang met de psychiatrische patiënt

Het is moeilijk om algemene richtlijnen op te stellen voor de omgang met de psychiatrische patiënt. Wat bij de een heel goed werkt, werkt bij de ander helemaal niet. Als ik een richtlijn mocht geven zou het de volgende zijn: wees jezelf en ben duidelijk.

Psychiatrische patiënten zijn over het algemeen slimmer dan je denkt. Ze zullen het snel doorhebben als je iets tegen hen zegt dat je niet meent. Ook zijn de meesten geneigd hun eigen gang te gaan en zich niet teveel van jouw opmerkingen aan te trekken. Meestal werkt het veel beter om samen met hen iets te doen, dan om alleen te zeggen dat ze iets moeten doen. Ga mee hardlopen in plaats te zeggen dat sporten gezond is.

Aan de andere kant is het ook heel belangrijk om duidelijk te zeggen waar het op staat. Aan een patiënt vragen hoe vaak hij zich wast begrijpt hij niet. Hij zal bijvoorbeeld zeggen dat hij zich regelmatig wast. Zeggen dat hij stinkt en dat hij de volgende keer onder de douche moet gaan voordat je op bezoek wilt komen, omdat je anders geen zin hebt om hem op te zoeken is veel duidelijker.

Mijn vader was een geval apart, die trok zich nergens iets van aan. God wikt en pa beschikt luidde bij ons het spreekwoord.

Lees verder in deel 20, het laatste deel in de serie

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

dinsdag 26 december 2017

18: De psychiatrische patiënt en wapenbezit

(Vuur-)wapens horen alleen toegestaan te zijn aan militairen en politiemensen voor het handhaven van de openbare orde en het achterna zitten van criminelen. Iedere vorm van wapenbezit voor particulieren dient uit den boze te zijn. In Amerika denken ze daar natuurlijk anders over. Iedere malloot kan daar zijn schietvaardigheden oefenen in een overvol winkelcentrum. In Amerika ligt het aantal dodelijke slachtoffers van vuurwapenmisbruik in verhouding tot de bevolking dan ook zo'n 50 keer hoger dan bij ons. Zeker aan een psychiatrische patiënt zou ik geen kalasjnikov verkopen.
Voor zover ik weet heeft geen van mijn vrienden een wapen in zijn bezit anders dan een bevroren lamsbout of een broodmes.

Lees verder in deel 19

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zondag 24 december 2017

17: De psychiatrische patiënt en zijn financiën

Alle psychiatrische patiënten hebben weinig geld, maar de ene psychiatrische patiënt heeft nog minder geld dan de andere psychiatrische patiënt. Veel patiënten moeten slechts van een Wajong-uitkering rondkomen. Met een bedrag van 980 euro per maand is dat niet bepaald een vetpot. Als je dan ook nog rookt, wat de meeste psychiatrische patiënten doen, dan heb je nooit geld over om eens lekker uit eten te gaan, iets leuks voor jezelf te kopen of om op vakantie te gaan.

Hoe zit dat bij mij? Ik heb geluk, ik heb iets extra. Het scheelt ook dat ik niet rook, geen auto rijd en tegenwoordig niet meer op vakantie ga, alle drie grote kostenpotten.Daarom heb ik geld om 2 keer per week uit eten te gaan bij de Indonesiër in de buurt en verder om af en toe eens wat luxueuzer uit eten te gaan, of om boeken, cd's en dvd's te kopen.

Mijn vader kon veel luxueuzer leven, hij had een royale uitkering. Hij deed er in mijn ogen niet veel mee, behalve een flat kopen en drank en sigaretten.

Ruben, Tom, Wim, Gijs en Bernard zitten ongeveer in dezelfde financiële situatie als ik. In alle gevallen hebben ze wat meer dan alleen een uitkering omdat ze ook werken. Gijs en Bernard die niet betaald werken hebben een wat royalere WAO-uitkering.

Lees verder in deel 18.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

vrijdag 22 december 2017

16: De psychiatrische patiënt en zijn hobby's

De meeste mensen hebben naast hun werk ook een of meer hobby's, dingen die ze graag doen, zo maar voor hun plezier. Voor psychiatrische patiënten is het niet anders, al lijkt een groot deel van hen alleen geïnteresseerd in hun rokertje, drank en de televisie. Hier noem ik achtereenvolgens een aantal hobby's die ik en mijn vrienden hebben.

Muziek:
Ik ben een groot liefhebber van allerlei soorten muziek, variërend van klassiek, opera, wereldmuziek tot Nederlandstalige muziek. Ik heb hier al wel eens over geblogd en zal dat nog wel vaker doen.

Mijn vader had een beperkte platencollectie. Ik herinner mij vooral de 5e symfonie van Beethoven die hij vrijwel dagelijks draaide (hij had alle symfonieën in de uitvoering van Herbert von Karajan, maar de andere draaide hij nauwelijks). Verder "Sheherazade" van Rimsky-Korsakov, Abba, Vicky Leandros, Nana Moskouri, Boudewijn de Groot en Jaap Fisher (= Joop Visser). Vreemd genoeg is deze muziek ook tot mijn eigen favorieten gaan behoren op Vicky Leandros en Nana Moskouri na, die ik nooit meer draai. Bij de uitvaart van mijn vader hadden we uit bovengenoemde muziek gekozen.

Ruben heeft een uitgebreide platen en cd-verzameling en is verzamelaar en handelaar van en in audioapparatuur. Bij hem staan altijd wel een stuk of 7 sets luidsprekers tentoongesteld.
Gijs, Wim, Tom en Bernard luisteren graag naar muziek, maar zijn er niet zo fanatiek mee bezig als ik of Ruben.

Film:
Ik ben ook een filmliefhebber, ik heb een enorme verzameling dvd's. Wim, Tom, Gijs, Ruben en Bernard zijn over het algemeen niet zo geïnteresseerd in films, maar kijken graag mee als ik bij mij thuis een goede film opzet.

Sport:
De enige vorm van sport die de meeste psychiatrische patiënten beoefenen is de dagelijkse wandeling naar de dichtstbijzijnde kroeg of supermarkt.

Voordat ik ziek werd sportte ik relatief veel. Ik liep vaak hard en fietste regelmatig lange afstanden, vooral tijdens de vakanties. Nadat ik ziek werd heb ik bijna nooit meer hardgelopen. Wel ben ik de eerste jaren (tot 1996) nog met de fiets op vakantie geweest. Tegenwoordig fiets ik haast nooit meer. Wel probeer ik om iedere dag een uur te wandelen, wat ik meestal net niet haal.

Van mijn vrienden doet alleen Ruben wat aan sport. Hij loopt af en toe hard en fietst ook veel, zelfs op vakantie. Bernard fietst een keer per week van Houten naar Lunetten en terug (10 kilometer) om bij mij te komen eten. Gijs wandelt vaak.

Lezen:
Psychiatrische patiënten die lezen vormen een grote uitzondering. Mijn vader las erg veel, maar verder ben ik de enige in mijn vriendengroep die regelmatig een boek leest.

Fotografie:
Van 1988 tot 2000 heb ik vooral tijdens vakanties redelijk fanatiek gefotografeerd. Ik hoop om ooit nog eens wat foto's op dit blog te plaatsen. Ik heb de overstap naar een digitale camera nooit gemaakt en heb sinds 2001 nooit meer gefotografeerd. Alleen Gijs fotografeert enigszins serieus. Hij maakt ook fotocollages.

Lekker eten en koken:
Van lekker eten houdt volgens mij iedere psychiatrische patiënt, misschien nog wel meer dan gezonde mensen. Mijn vriendenkring bestaat uit een aantal smulpapen en zelf lust ik ook wel wat. Ik kook graag voor vrienden, ik ben wel een beetje een luie kok. Gijs en Tom koken meestal voor zichzelf. Wim gaat vaak buiten de deur eten. Bernard en Ruben eten vooral veel maaltijdsalades van de Albert Heijn.

Schrijven:
Heel Nederland schrijft, maar patiënten in de psychiatrie doen daar voor zover ik weet niet veel aan mee. Wim schrijft regelmatig stukjes in de plaatselijke krant, Gijs heeft leuke stukjes geschreven in het blad van Anoiksis (= de patiëntenvereniging) en zelf houd ik dit blog bij. Ik zou mij niet direct schrijver willen noemen, maar ik heb sinds ik met dit blog ben begonnen, heel wat afgeschreven.

Lees verder in deel 17.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

woensdag 20 december 2017

15: De psychiatrische patiënt en zijn woonruimte

Een van de fijnste maatregelen in Nederland is de individuele huursubsidie. Er zijn in Nederland ongeveer 1 miljoen mensen die hiervan profiteren. Hierdoor is het mogelijk dat mensen met een laag inkomen aangenaam kunnen wonen zonder failliet te gaan. Ik, Ruben, Tom, Gijs, Wim en Bernard wonen aangenaam (mijn vader woonde), in 3 gevallen met huursubsidie en in 2 gevallen is die huursubsidie flink (zo'n 250 euro per maand bij mij en Tom). Ik huur zelf een zeer aangename bovenwoning in Utrecht Lunetten die ruim en erg licht is.

Wat ook erg fijn is, is de WMO, de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Dankzij deze maatregel krijgen ik en Tom en Wim vrijwel voor niets thuiszorg zodat onze woningen schoon gehouden worden. Ik moet er niet aan denken wat er anders met mij zou gebeuren, schoonmaken is niet bepaald mijn sterkste punt. Ook Tom en Wim zijn hier erg bij gebaat.

Lees verder in deel 16.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

maandag 18 december 2017

14: De psychiatrische patiënt en de hulpverleners

Ik denk dat ik namens de meeste psychiatrische patiënten spreek, als ik zeg dat verpleegkundigen over het algemeen de meest vriendelijke mensen zijn die er rondlopen. Bovendien, en dat geldt zowel voor de mannen als de vrouwen onder hen, zien de meesten er aantrekkelijk uit en ruiken ze lekker (behalve diegenen die roken).

Waarom zou ik dan klagen?
Het is vervelend in onze maatschappij dat iedere handeling van het verplegend personeel moet worden vastgelegd, afgevinkt en becommentarieerd. Zodoende zijn verplegers het grootste deel van hun tijd bezig met zaken die niets met hun beroep te maken. In plaats van dat men even de tijd neemt om een patiënt te woord te staan, met ze te wandelen of een spelletje met ze te spelen wordt enorm veel tijd verspild met het volschrijven van talloze patiëntendossiers vol met onzinnige details. Ik schat dat mijn dossier in de loop der jaren is uitgegroeid tot een pak van 500 bladzijden, waar 20 bladzijden ook wel hadden volstaan. Dit alles om de zorgverzekeraars tevreden te stellen. Soms zou men wel eens willen dat er iemand rondliep die helemaal niets noteerde, maar ik snap ook wel dat dat niet kan.

Voor psychiaters en andere doktoren geldt een ander verhaal. In mijn begintijd in de psychiatrie waren psychiaters vooral afstandelijke wat oudere mannen met wie het volstrekt onmogelijk was om een normaal gesprek te voeren. Sinds ongeveer 2000 heb ik een reeks van 4 psychiaters gehad, die allen redelijk normaal zijn, dat wil zeggen vlot in de omgang en dat je goed een gesprek met ze kunt voeren. Mijn huidige psychiater is pas 40 jaar oud en heeft erg veel gevoel voor humor. Heerlijk dat je met zo'n man kunt lachen.

Een ander kwalijk aspect binnen Altrecht (de organisatie waar ik onder val) is het voortdurende heen en weer schuiven van mensen. Je bent net gewend aan de ene SPV-er en dan moet hij naar een andere afdeling toe. In de laatste 5 jaar heb ik te maken gehad met 5 verschillende SPV-ers. Ik erger me daar stevig aan, hoewel ik mij vrij makkelijk aanpas.

Lees verder in deel 15.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zaterdag 16 december 2017

13: De psychiatrische patiënt en zijn lichamelijke gezondheid

Zoals ze in gewone ziekenhuizen meestal te weinig aandacht hebben voor de psychische gezondheid van hun cliënten (hier praat ik bewust over cliënten en niet over patiënten), zo hebben ze in psychiatrische ziekenhuis veel te weinig aandacht voor het lichamelijk functioneren van hun patiënten. Al in de Romeinse tijd gold het spreekwoord: mens sana in corpore sano (= een gezonde geest in een gezond lichaam).
Hoe zit dat bij mij en mijn vrienden? Ik zal enkele voorkomende gezondheidsproblemen bespreken.

Overgewicht: 
De meesten onder ons zijn veel te zwaar. Toen ik ziek werd woog ik 75 kilo. Daarna ben ik tijdens mijn psychose afgevallen tot 68 kilo en vervolgens in 4 maanden tijd aangekomen tot 95 kilo. Inmiddels weeg ik sinds 2002 bijna 120 kilo.
Tom, Ruben en Bernard horen ook tot de zware jongens met een gewicht tussen de 110 en 120 kilo.

Roken:
Op een na al mijn vrienden zijn gestopt met roken. Gijs kan het niet laten. Zelf heb ik nooit gerookt. Mijn vader rookte als een ketter. Hij liep de laatste 20 jaar van zijn leven continu te hoesten.

Alcohol:
Sommigen lusten wel graag een biertje.

Suikerziekte:
Door het overgewicht is er een grotere kans op suikerziekte. Bernard heeft hier last van en moet daarvoor medicijnen slikken. Zelf heb ik last van diabetes insipidens, waardoor ik erg veel moet drinken en veel weer ongezuiverd uit plas.

Prostaat:
Ik heb problemen met mijn prostaat waarvoor ik medicijnen  krijg. Bernard heeft ook problemen met zijn prostaat. Hij is er aan geopereerd.

Apneu:
Ik heb in ernstige mate last van apneu. Om dat te verhelpen heb ik geprobeerd om met een CPAP-apparaat te slapen. Daarbij sluit je met een kapje je neus af, terwijl er een slang loopt tussen het apparaat en het masker waardoor vochtige lucht wordt gepompt. Als het goed is, blaast de lucht de obstakels in de luchtwegen opzij, waardoor je weer normaal kunt ademhalen. In theorie werkt dit perfect, in de praktijk kon ik er niet mee slapen. Daarna heb ik een apparaatje geprobeerd dat begint te piepen zodra je op je rug gaat liggen. Uit het slaaponderzoek bleek dat ik als ik op mijn rug lig tien keer zo veel last had van de apneu, dan als ik op mijn zij lig. Het is dus een kwestie van trainen om niet op je rug te liggen. Ik werd helemaal gestoord van het gepiep van dat apparaatje, dus dat heb ik ook weggedaan. Ik kan mij ook nog laten opereren, maar daar voel ik niets voor. Op dit moment doe ik niets tegen de apneu.
De behandelaars van Tom vonden dat hij zich ook moest laten testen op Apneu, omdat hij ook erg veel slaapt. Tom weet van mijn geklooi en voelt daar vooralsnog niet veel voor.

Hartproblemen:
Mijn vader heeft jarenlang last van hartritme stoornissen gehad, waar hij regelmatig het bewustzijn door verloor. Bij mijn weten heeft hij zijn pillen hiervoor nooit geslikt.

Lees verder in deel 14.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.