Posts tonen met het label 14e eeuw. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 14e eeuw. Alle posts tonen

zaterdag 20 april 2024

Kenko: De kunst van het nietsdoen

Kenko: De kunst van het nietsdoen (Japan, 1330-1351): 183 blz: Vertaald door Jos Vos (2020): Uitgeverij Van Oorschot

De kunst van het nietsdoen
 
De eerdere selectie die Jos Vos van dit boek opnam in zijn bloemlezing "Eeuwige reizigers" heeft hij "Overpeinzingen in ledigheid" genoemd, maar voor een afzonderlijke uitgave in boekvorm vond hij die titel te zwaar. Zijn uitgever kwam met het idee om van de titel "De kunst van het nietsdoen" te maken, een titel die ook wat mij betreft veel meer uitnodigt tot het lezen van het boek.
 
"De kunst van het nietsdoen" is vergelijkbaar met en zwaar schatplichtig aan "Het hoofdkussenboek" van Sei Shonagon uit 1000. Beide boeken zijn een melange van persoonlijke herinneringen, anekdotes, beschouwingen en lijstjes, maar waar Sei Shonagon wil laten uitkomen dat zij deel uitmaakte van een paleiscultuur zonder weerga, daar benadrukt Kenko vooral dat de ceremoniën en gebruiken uit zijn eigen tijd niet op kunnen tegen het glorieuze verleden.
 
Ik vind "De kunst van het nietsdoen" niet zo indrukwekkend als zijn illustere voorganger, maar het boek heeft zeker zijn eigen charmes.
 
Citaten:
1
- Nooit zul je het gezelschap beu raken van iemand die zijn woorden zorgvuldig kiest en prettig is om naar te luisteren zonder ooit breedsprakig te worden.

7
- Indien er geen einde aan ons leven kwam en we niet vervlogen als de dauw in Adashino of de rook op de Toribe-berg, wat zou het leven ons dan onberoerd laten ... Juist aan onzekerheid ontleent het zijn charme.
 
10
- Hoe tijdelijk een woning ook mag wezen, een huis dat volkomen naar wens is ingericht, volgens de smaak van de eigenaar, is iets heerlijks.

13
- Geen groter soelaas dan in je eentje bij een lamp te zitten met een opengespreid boek en bevriend te raken met iemand uit lang vervlogen tijden die je nooit hebt ontmoet.

21
- Geen betere balsem dan het zwerven door een omgeving met helder water en ongerept groen, ver van het menselijk gewoel.

30
- Hoeveel maanden of jaren er ook voorbijglijden, we vergeten de doden zeker niet, maar het is zoals er wordt verteld: met iedere nieuwe dag staan ze verder van ons af. Hoe vaak we ook aan hen denken, we voelen al lang niet meer de diepe droefheid van het eerste ogenblik; we verkopen volop kletspraatjes en lachen zelfs al eens. Het stoffelijk overschot ligt diep in de bergen, eenzaam en verlaten. We trekken er alleen op de voorgeschreven dagen naartoe. De grafzuil zit algauw onder het mos en de herfstbladeren. Behalve de avondlijke stormen en de nachtelijke maan komt er niemand meer op bezoek.

45
- Kinyo, die de tweede rang aan het hof bekleedde, had een broer die bekendstond als bisschop Ryogaku en die erg opvliegend van aard was. Bij zijn ambtswoning stond een grote netelboom, daarom noemde iedereen hem "bisschop Netel". Omdat hij die naam volkomen ongepast vond, liet hij de boom omhakken. De stronk bleef echter overeind, en daarom noemde iedereen hem "bisschop Stronk". Hier werd hij bozer om dan ooit. Hij liet de stronk opgraven en weggooien, maar toen ontstond er een brede sloot. Voortaan werd hij alom "bisschop Sloot" genoemd!

49
- Vaak ziet een mens zijn dwaling pas in als hij onverwacht door ziekte wordt overvallen en hem opeens niet veel tijd beschoren is. Met "dwaling" bedoel ik doodeenvoudig dat hij ruim de tijd neemt voor dingen waar haast bij is, en zich haast met dingen waar hij alle tijd voor heeft.

57
- Het is hoogst ontmoedigend om iemands inleiding op een gedicht te lezen wanneer het gedicht zelf niet deugt. Niemand met ook maar enig verstand van poëzie zou er woorden vuil aan maken.
 Het is een ware marteling om iemand aan het woord te horen over iets wat zijn pet te boven gaat, op eender welk gebied.

72
- Weerzinwekkende dingen:
Als er te veel spullen rondslingeren in een zitvertrek.
Een overvloed aan penselen bij je inktsteen.
Een overvloed aan boeddhabeelden in een privékapel.
Een overvloed aan rotsen en planten in een tuin.
Te veel kinderen en kleinkinderen in huis.
Te veel gepraat bij een ontmoeting.
Als er te veel goede daden worden vermeld in een smeekschrift aangeboden aan een tempel.

Hoe overvloedig ook, boeken op een boekenwagentje en afval op een afvalhoop zijn niet weerzinwekkend.

73
- Niemand zal veel aanstoot nemen aan verzinsels zolang hijzelf maar goed uit de bus komt.

91
- "Als je op een voorspoedige dag het kwade doet, leidt dat gegarandeerd tot ellende. Doe je het goede op een onheilsdag, dan mag je zeker zijn van een gunstig resultaat," zo zegt men. Voorspoed en ongeluk liggen aan de mens, niet aan de kalender.

97
- Er zijn voorbeelden te over van dingen die zich aan iets anders vastklampen, eraan vreten en het schade toebrengen. Het lichaam heeft luizen, een huis ratten, een land rovers, minderwaardige lieden hebben hun rijkdom, een rechtschapen mens heeft zijn deugdzaamheid en een monnik heeft de boeddhistische leer.

98
- Als je twijfelt of je iets al dan niet zou doen, is het gewoonlijk beter het te laten.

127
- Als een wijziging niets oplevert, kun je er beter van afzien.

134
- Het is altijd gênant om je te begeven in een gezelschap waar je niet welkom bent.

170
- Niets ergerlijkers dan een visite die te lang wordt uitgesponnen.

   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

maandag 18 juli 2022

Stoppen of doorlezen? Dante Alighieri: De goddelijke komedie

Dante Alighieri: De goddelijke komedie (Italië, 1321): 2 delen: 737 & 578 blz: Vertaald door Ike Cialona & Peter Verstegen (2000): Uitgeverij Athenaeum-Polak & Van Gennep, de Gouden Reeks
 

 
Dante was ongetwijfeld de beroemdste Italiaanse dichter ooit en zijn "De goddelijke komedie" is het beroemdste boek uit de Italiaanse literatuur. In Italië wordt "De goddelijke komedie" uitgebreid behandeld op de middelbare school en veel Italianen en liefhebbers van de Italiaanse cultuur spreken vol bewondering over hem. De grote vraag is al die mensen wel eens geprobeerd hebben om het boek te lezen. Gebaseerd op mijn eigen ervaring vermoed ik van niet.

Er zijn een flink aantal Nederlandse vertalingen van "De goddelijke komedie" gepubliceerd in de loop der jaren. De vertaling van Cialona en Verstegen in dichtvorm en de prozavertaling van Frans van Dooren zijn waarschijnlijk de twee meest bekende recente vertalingen.

Ik heb de prozavertaling van Frans van Dooren in 2006 in zijn geheel gelezen. Dat viel niet mee. Dante is natuurlijk bekend als dichter en het schijnt dat in het Italiaans vooral de dichtvorm bewondering afdwingt. Als je de vorm verandert van een gedicht naar proza, dan mis je het belangrijkste element van het boek. Het verhaal getuigt van een middeleeuwse visie op het leven en is zonder uitgebreide studie voor een doorsnee lezer zowel onbegrijpelijk als weinigzeggend. 

De gezamenlijke vertaling door Ike Cialona en Peter Verstegen is prachtig uitgegeven in de Gouden reeks van uitgeverij Athenaeum-Polak en Van Gennep. Hij bestaat uit twee kloeke hardcovers met stofomslag en leeslinten in een cassette. Het eerste deel bevat de Nederlandse vertaling op rijm en de illustraties van Gustave Doré. Over smaak valt veel te twisten. Gustave Doré was ooit wereldberoemd, maar zijn faam is tanende. Ik geef in ieder geval niet veel om zijn tekeningen. Het tweede deel bevat de Italiaanse tekst en een zeer uitgebreid commentaar.

Ik heb de eerste 3 Canto's uit het boek gelezen, tot en met bladzijde 36. Dat is natuurlijk geen heel uitgebreide kennismaking, maar meer dan genoeg om zeker te weten dat deze rijmende vertaling mij totaal niet aanspreekt. Er zullen ongetwijfeld liefhebbers zijn die hier anders over denken, maar ik vermoed dat de overgrote meerderheid van de lezers het met mij eens zullen zijn, dat stoppen hier de enige verstandige optie is.
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 
Als er een liefhebber voor deze uitgave is, dan kan hij een exemplaar in schitterende staat bij mij kopen voor 30 euro plus bijkomende verzendkosten.
 

zondag 24 augustus 2014

Giovanni Boccaccio: Decamerone


Large Cover ImageHet is 1348 en in Florence heerst de pest. 10 jongelui, 7 vrouwen en 3 mannen ontvluchten de stad en houden elkaar aangenaam bezig met lekker eten en het vertellen van verhalen.

Gedurende de tien dagen die in de "Decamerone" beschreven worden, wordt iedere dag door iedereen een verhaal verteld, 100 verhalen in totaal.

Ik heb alleen de verhalen van de eerste dag en het nawoord gelezen. Het nawoord is niet zo boeiend maar de verhalen zijn dat wel. De meeste verhalen gaan over de liefde.

De verhalen zijn prachtig vertaald door Frans Denissen. De "Decamerone" is ook prachtig verfilmd door Pier Paolo Pasolini (****).

Deze uitgave van de Decamerone in de Gouden reeks van Athenaeum-Polak & van Gennep mag er ook zijn. Het is een mooie gebonden editie met stofomslag en leeslint in een cassette en hij is prachtig geïllustreerd met 100 miniaturen.