Posts tonen met het label Recensies. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Recensies. Alle posts tonen

donderdag 8 februari 2024

Boekrecensie, korte bespreking of leessuggestie?

Hoe moet ik de korte stukjes die ik over boeken schrijf, noemen?
 
Boekrecensies is mij te pretentieus. Bij een boekrecensie denk ik aan een wat uitgebreidere beschrijving van de inhoud in combinatie met opmerkingen van de bespreker over wat hij van een boek vindt en waarom, eventueel aangevuld met één of meer citaten. 
 
Als ik een boekrecensie van een ander lees, ben ik eigenlijk maar in één ding geïnteresseerd, lijkt het besproken boek mij de moeite van het lezen waard? Een korte bespreking van de inhoud helpt om hierbij een goede keuze te maken, maar opmerkingen over wat de bespreker goed of slecht aan het boek vindt, boeien mij niet zo. Iedereen heeft een andere smaak en ik bepaal zelf wel wat ik van het boek vind als ik het zelf lees.
 
Ik werk nauwelijks met inhoudsbeschrijvingen en al helemaal weinig met opmerkingen over wat ik goed of slecht vind aan een boek. Bijna ieder boek dat ik bespreek vind ik de moeite meer dan waard. Ik werk wel veel met citaten, mijn lezers kunnen zich zelf een oordeel vormen over de kwaliteit van de citaten en zo mogelijk beslissen om het boek te gaan lezen. Leessuggesties lijkt mij de meest toepasselijke term voor mijn stukjes.
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

dinsdag 7 april 2020

Robert Hofman: De beste films aller tijden

Robert Hofman: Beste films aller tijden : de speelfilms die iedereen gezien moet hebben (Nederland, 1993): 397 blz: Uitgeverij Luitingh-Sijthoff

De meeste filmgidsen die ik ken hebben twee grote nadelen. Het eerste nadeel is dat deze gidsen in het Engels geschreven zijn en dat er over het algemeen veel te weinig aandacht is voor niet-Engelstalige films. Het tweede grote nadeel is dat er veel te veel films worden beschreven, ook diegenen die absoluut niet van belang zijn, waardoor deze gidsen weinig handzaam zijn.

Het handzame boekje "Beste films aller tijden" is een gunstige uitzondering. 
 
Tot halverwege de jaren 90 kwam er af en toe een nieuwe editie uit van de "Speelfilmencyclopedie". Hierin stonden talloze speelfilms van over de hele wereld beschreven, zowel de goede als de slechte.

In de "Beste films aller tijden" is een selectie gemaakt uit de "Speelfilmencyclopedie" waarin alleen die films worden besproken met een waardering van 3,5 of 4 sterren. Het resultaat is een boekje waarin zo'n 2000 films worden besproken.

Er worden in dit boekje, naast de bekende Hollywoodklassiekers, ook veel films uit de niet-Engelstalige wereld besproken. Ik zag bijvoorbeeld voorbijkomen een aantal films van Ingmar Bergman, Kenji Mizoguchi en Satyajit Ray (op het moment mijn drie favoriete regisseurs), animatiefilms uit de Sovjet Unie en uit de Japanse Toei-studio's. Poppenfilms uit Tsjechoslowakije, een Hongaarse documentaire over het leven van mijnwerkers en een aantal films van Youssef Chahine, de grondlegger van de Arabische cinema worden besproken.

Ook is het erg leuk om te kijken welke Nederlandse en Belgische films de selectie hebben gehaald.
 
Van de films die ik ken klopt de waardering meestal wel ongeveer. Zodoende staan vrijwel alle films die echt de moeite waard zijn erin (de 2 belangrijkste films die ik mis zijn "Heimat", de 15 uur durende filmserie van Edgar Reitz en "The Music Box" met Laurel & Hardy).

Het boekje is daarmee een zeer handig naslagwerkje, dat ook in de tijd van online filmrecensies zoals die van IMDB.com zijn nut nog bewijst. Jammer is wel dat het boekje al 27 jaar oud is. Een nieuwe editie zou zeer welkom zijn, ik wil daar de nieuwprijs graag voor betalen!
 
  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zondag 21 juli 2019

Patrick Duynslaegher: Blik op zeven

Patrick Duynslaegher: Blik op zeven: flashback op 100 jaar film (België, 1995): 477 blz: Uitgever: Roularta Books
 

Blik op zeven

Er zijn een aantal gidsen in de handel waarin een groot aantal films worden besproken. De meeste van deze gidsen zijn in het Engels. Een Nederlandstalige gids is "Blik op zeven" van de Vlaamse filmrecensent Patrick Duynslaegher.

Meestal geven dit soort gidsen een soort van encyclopedisch overzicht van films op alfabetische volgorde, waarin van veel te veel films, steeds een korte bespreking van de inhoud en een sterrenwaardering wordt gegeven.

Wat handig is in deze gids, behalve dat hij in het Nederlands is, is dat de films per jaar worden besproken. Binnen ieder jaar worden eerst de 5 sterren films, vervolgens de 4,3,2 en 1 ster films en als laatste de films zonder sterrenwaardering besproken. De waardering met sterren loopt hier anders dan gebruikelijk is. Vijf sterren reserveert Duynslaegher voor films die gebeurtenissen waren in de filmgeschiedenis en die films die tot zijn absoluut favoriete films behoren. Vier sterren zijn meesterwerken, drie sterren zeer goede films, twee sterren zijn goede films en 1 ster films zijn matige films. Over de films zonder sterrenwaardering is hij niet te spreken.
Behalve bij de vijf sterren films, moet je eigenlijk steeds 1 ster optellen bij de waardering van Duynslaegher.

Omdat het boek zo is ingedeeld, per jaar en per waardering is in een oogopslag te zien wat volgens de samensteller de belangrijkste films van een jaar waren. Dit werkt erg prettig, zo kan ik snel ideeën opdoen voor films die ik wil zien.

De kwaliteit van de recensies is wisselend. De 5 en 4 sterren films en de meeste 3 sterren films krijgen meestal een grondige bespreking, die over het algemeen prettig leest. Er zijn daarentegen films die Duynslaegher wel heel erg kort afdoet, zoals het werk van regisseurs zoals Ingmar Bergman, Andrej Tarkovsky en Woody Allen, die ik toch alle drie bijzondere regisseurs vind.

Ik heb de gids in zijn geheel gelezen, de films aangestreept die ik al gezien heb en die ik nog wil gaan zien, en deze vervolgens ook aangestreept in de index. Zo heb ik er gauw 50 films bij, die ik ooit nog wil gaan zien.

  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zondag 26 mei 2019

RadioTimes Guide to Films 2017

RadioTimes Guide to Films 2017 (Groot Brittannië, 2016): 1712 blz: Uitgeverij Immediate Media Company London

Radio Times Guide to Films 2017De "RadioTimes Guide to Films" is een ontzettend uitgebreide filmgids van 1.712 bladzijden, waarin maar liefst zo'n 24.000 films worden besproken en waarin ook nog eens filmoverzichten staan van zo'n 2.000 regisseurs en 40.000 acteurs en actrices.

In deze gids is vooral veel aandacht voor films uit de Engelstalige wereld (ik geloof dat iedere film die ooit is uitgebracht in Groot Brittannië er in staat) en verder in vergelijking met andere Engelstalige gidsen (bijvoorbeeld die van Leonard Maltin) staan er ook veel films in besproken uit andere landen. De films worden gewaardeerd volgens een sterrensysteem van 1 tot 5 sterren, aan halve sterren doet men hier niet.

Wat opvalt is dat wel erg veel films de maximale waardering van 5 sterren krijgen (volgens de gids zelf ruim 800 films, of bijna 4% van het totale aantal besproken films). Ik heb best veel van die films gezien en een groot deel daarvan vind ik aardig om te bekijken, maar beslist geen 5 sterren waard.

Aan de andere kant zijn er een aantal films (gelukkig een veel kleiner aantal) die maar 3 sterren krijgen, maar in mijn ogen zeker 5 sterren verdienen. Ik vind dit gelden voor de volgende films: "La graine et le mulet", "La vie d'Adèle", "Biutiful", "Dersu Uzala" en "Seven chances", die alle 5 tot mijn top 100 behoren, 2 daarvan zelfs tot mijn top tien.

Los van de vraag of de waardering van de films helemaal klopt, is het grootste probleem de omvang van het boek, het ligt niet bepaald gemakkelijk in de hand. Het boek heeft last van een probleem waar meer boeken last van hebben, de drang tot volledigheid.

Ik heb een aantal suggesties om dit boek een stuk prettiger te maken om door te lezen, zonder dat het daarbij aan kwaliteit hoeft in te boeten:

1) Mensen hebben maar een beperkte hoeveelheid tijd om films te kijken, zelfs een zeer fanatieke filmkijker zal niet meer dan zo'n 300 films per jaar bekijken. Als hij dat 10 jaar volhoudt zijn dat zo'n 3.000 films. Niemand heeft zin om slechte of matige films te bekijken, dus er zullen vrijwel altijd films worden uitgezocht die 4 of 5 sterren krijgen. Mijn eerste suggestie is om alle besprekingen van films met 1, 2 of 3 sterren te verwijderen. Dat scheelt zo'n driekwart van het aantal filmbesprekingen, dan houd je nog zo'n 400 blz over in plaats van 1.450 met filmbesprekingen.

2) Beperk het aantal regisseurs met films tot zo'n 200, dan heb je wel alle echt belangrijke regisseurs, maar geef dan van die regisseurs ook echt alle titels van films die ze geregisseerd hebben.

3) Verwijder het gedeelte van de filmoverzichten van acteurs en actrices. Voor de meeste films is het niet zo van belang wie er precies in meespelen, maar wel wie de film geregisseerd heeft. Voor wie deze gegevens wel wilt weten, is dat makkelijk na te zoeken op internet, bijvoorbeeld bij de site van IMDB.

4) Maak de filmgids iets kleiner van omvang en vergroot het gebruikte lettertype iets zodat de teksten makkelijker lezen.

Als men deze 4 suggesties opvolgt, dan kan men een zeer handzame gids maken van zo'n 600 blz omvang, die prettig in het gebruik is.

   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

donderdag 2 mei 2019

Wam de Moor: De kunst van het recenseren van kunst

Wam de Moor: De kunst van het recenseren van kunst (Nederland, 1993): 240 blz: Uitgeverij Coutinho

De kunst van het recenseren van kunst by Wam…Ik heb me door "De kunst van het recenseren van kunst" heen geworsteld. Ik zeg welbewust geworsteld want het boek blinkt niet bepaald uit in leesbaarheid.

Volgens de schrijver is het doel van het boek om een beginnende recensent houvast te bieden bij het beoordelen en zelf schrijven van recensies. Om het boek in je eentje tot je te nemen is het volstrekt ongeschikt. Ik heb medelijden met studenten die dit boek voor hun studie moeten lezen of erger nog bespreken of bestuderen. Wat wel kan is onder begeleiding van een goede docent dit boek in een rustig tempo door te nemen en de opdrachten te doen. De schrijver heeft gedacht, al doende leert men en zo is het natuurlijk ook.

Ik zal dit boek aan niemand aanraden. Het is nodeloos ingewikkeld geschreven met veel jargon. In plaats daarvan zou ik iemand die besprekingen van boeken, films, muziek of andere kunstuitingen wil gaan schrijven het advies willen geven, bespreek dingen die je interessant vindt, en probeer om een beetje leesbaar op te schrijven waar het over gaat en wat je er van vindt. Vergeet alle overbodige theorie!

Wam de Moor schrijft in dit boek regelmatig dat hij zijn cursisten adviseert om vooral leesbaar te schrijven. Zelf schrijft hij helaas ook niet echt boeiend.

   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.