Een onregelmatig verschijnend blog over alles wat mij bezighoudt, maar vooral over boeken, films en lekker eten.
maandag 8 september 2025
Simon Carmiggelt: Gedundrukt
zondag 6 oktober 2024
Carolijn Visser: Oom Brian de pitbullwerper
- "Tegenwoordig wonen veel Australische mannen overdag in de garage," legde mijn echtgenoot uit. Vroeger brachten ze vrijwel al hun vrije tijd in de pub door, maar sinds de politie automobilisten streng op alcohol controleert, kunnen ze daar moeilijk komen, er is niet altijd een pub dicht in de buurt. De garage is een redelijk alternatief. Bezoekende vrienden lopen direct door, ze weten waar ze hun mate kunnen vinden. Tot opluchting van de vrouw des huizes, want die heeft liever geen manvolk over de vloer. De strijd der seksen wordt in Australië nog steeds met veel vuur gestreden.
- Sinds zijn laatste mededeling is het gezicht van Da Wei verstard. Als bevroren kijkt hij naar buiten. "Mijn moeder ..." mompelt hij, zoekend naar de juiste Engelse woorden, "mijn moeder was oogarts. Op een dag tijdens de Culturele Revolutie kwam een groep middelbare scholieren naar ons huis. Klasgenoten van mijn zus. Ze namen mijn moeder mee en sloegen haar dood."
- De eerste keer dat ik China bezocht was in 1981, toen vrijwel alle Chinezen nog in blauwe of groene maopakken waren gekleed. Ik sprak geen woord Chinees, ik kon geen enkel karakter lezen en voelde me een blinde die op de tast de weg moest vinden in dat land.
- De oude, spichtige kokkin lijkt meerdere armen te hebben, als een hindoeïstische godin. In razende vaart heeft ze oranje gekleurde kruidenpasta en garnalen aangebakken. Nu strooit ze noedels in haar grote wok en mikt er een plens donkere saus achteraan, het vuur draait ze op tot verzengende hoogte. Twee eieren vliegen door de lucht, de schalen breken op de rand, de inhoud belandt midden in het gerecht. Taugé, lenteuitjes en drie scheuten van het een of ander volgen. Een assistente staat al klaar met een plastic bord, op de bodem ligt een stuk bananenblad gevlijd. Dan barst een regenbui los, druppels roffelen op het zinken dak. De kokkin hoort niets, ziet niets, is alweer halverwege de volgende bestelling.
- Ik ken Kenny uit de tijd dat hij in een krot woonde en in een uitgeholde boomstam de zee op ging om te vissen. Op een dag vond hij een kist cocaïne. Dat komt vaak voor aan deze kust: straatarme Miskito-indianen vissen regelmatig een hoeveelheid drugs op uit zee die ze voor honderd- of tweehonderdduizend dollar aan een handelaar kunnen verkopen. Het bijzonderste van de hele zaak is dat het Miskito's lukt zo'n bedrag in een maand te verbrassen. Weken achter elkaar wordt er gedronken, gefeest en gewinkeld. Daarna gaat iedereen weer vissen met z'n kayuko en water halen bij de put alsof er niets is gebeurd. Maar Kenny heeft een sloep met een motor aan het avontuur overgehouden. En een huis van cement.
- Later, bij een biertje naast de aalbesstruiken, hebben we het over het begin, toen hij Ests ging leren in Tartu, de universiteitsstad in het zuiden. "Het lukte mij anders niet informatie te verzamelen voor mijn onderzoek, vrijwel geen enkele Est sprak Engels in die tijd. Het lokaal waar ik les kreeg was onverwarmd, daar was geen geld voor. We zaten met onze jassen aan rond een oliekachel." Met bevriende Estse studenten ging hij soms iets drinken in de bierkelder van Tartu. "Je kon er knoflookbrood en schnitzel bij krijgen, dan had je het wel gehad." Onvoorstelbaar karig was alles in Estland in die tijd, toch zijn het herinneringen van niet meer dan anderhalf decennium terug.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
zondag 17 maart 2024
I.E. Babel: Verhalen
Babel heeft niet heel veel gepubliceerd, dit ene deel van de Russische bibliotheek bevat alle verhalen die van hem bekend zijn. Waarschijnlijk is er door de Russische geheime dienst nog wel het een en ander aan verhalen vernietigd na zijn arrestatie.
Wat Bettina schrijft over "De rode ruiterij" geldt zonder meer voor heel deze bundel. De verhalen zijn geschreven door een soldaat in dienst van het Rode leger en in strijd met de Witten (= de niet bolsjewieken). Veel wordt verteld over het geweld dat een oorlog nu eenmaal met zich mee brengt, afgehakte ledematen, kogelwonden, dode paarden, maar ook prachtige natuurbeschrijvingen.
Uit het prachtige verhaal de sjabbes-nachmoe:
- Zoals elke doorgewinterde en oververmoeide ambtenaar verstaat hij de kunst in de lege minuten van het bestaan zijn hersenactiviteit volledig stil te leggen.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
zondag 29 oktober 2023
A.L.Snijders: De mol en andere dierenzkv's
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
maandag 28 augustus 2023
Anton P. Tsjechov: Verzamelde werken: deel 2
- Sofja Petrovna vertelde later dat er in haar binnenste "een chaos heerste die zich even moeilijk liet ontwarren als een snelle zwerm mussen te tellen is."
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
donderdag 8 juni 2023
A.L. Snijders: Tat Tvam Asi
- Wie je werkelijk was, staat geschreven in de levens van anderen.
- Ik zou het zonder woorden willen zeggen, maar dat lukt me niet, ik kan niets zonder woorden zeggen.
- Een schrijver van korte verhalen heeft de plicht het leven samen te vatten, te concentreren en een vorm te vinden voor de meest bondige uitdrukking van de essentie, zoals een wiskundige formule; aan de lezer wordt overgelaten dit extract met zijn geestelijk vocht aan te lengen, volgens zijn eigen smaak, kennis, mogelijkheden, zoals het de consument is en niet de producent die de whisky met soda aanlengt en de koffie met melk.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
donderdag 29 september 2022
A.L. Snijders: De taal is een hond
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
woensdag 21 september 2022
A.L. Snijders: Ik leef aan de rand van de wereld
- Voltaire (of een andere beroemde man) heeft gezegd dat alle genres goed zijn, behalve het vervelende.
- Hoe vindt u het woord "carrièrejaren"? Voor iemand die altijd onderwijzer is gebleven en in een oude auto rijdt. Uitdagend - bedoeld als grapje. De jaren tussen mijn jeugd en mijn ouderdom hebben nooit bestaan, het eerste deel was een uitloper van mijn jeugd, het laatste deel de aanloopjaren naar mijn ouderdom.
- Terwijl ik bijvoorbeeld probeer uit te leggen dat spelling (en vooral de fouten) bijna nooit consequenties heeft voor begrip, verstaanbaarheid, communicatie, maar altijd gebruikt wordt als graadmeter voor de hiërarchische plaats in de maatschappij (gemeenschap, bedrijf, school, gezin).
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
zondag 10 juli 2022
Stoppen of doorlezen? Alice Munro: Te veel geluk
vrijdag 1 juli 2022
Belcampo: Al zijn fantasieën
In "Nieuwe verhalen" staan wat langere verhalen. "Het laatste getuigenis" over wat er gebeurt met Nederland nadat er teveel geluisterd is naar gekken, "Het grote gebeuren" een soort van laatste oordeel in Rijssen en vooral het prachtige "Het verhaal van Oosterhuis" over een man die in Brits-Indië lange tijd in een afgelegen vallei heeft geleefd.
donderdag 10 september 2020
Konstantin Paustovski: Goudzand

Na de dood van iedere schrijver die enigszins van belang is geweest wordt nog jarenlang zijn of haar archief doorgespit op zoek naar nog niet uitgegeven teksten die nog van belang kunnen zijn. Het is begrijpelijk dat men profijt probeert te slaan uit de nalatenschap van de overleden schrijver, maar deze zoektocht levert zelden iets op dat werkelijk van belang is. De schrijver heeft waarschijnlijk niet voor niets besloten om deze teksten tijdens zijn of haar leven niet te publiceren.
Wim Hartog, liefhebber van Paustovski van het eerste uur en degene die het belangrijkste werk van Paustovski in het Nederlands heeft vertaald, is jarenlang bezig geweest met het doorspitten van Paustovski's archief, het selecteren van teksten daaruit en die in het Nederlands te vertalen. Het doel van Wim Hartog was om zo als het ware een biografie van Paustovski te schrijven in zijn eigen woorden. Dit vond Wim Hartog van belang aangezien er over Paustovski nog geen echte biografie is verschenen.
"Goudzand" bestaat uit een combinatie van vier verschillende soorten teksten. Er zijn de dagboekfragmenten, meestal in een telegramstijl opgeschreven en eigenlijk de moeite van het lezen niet waard. Dan heb je de brieven naar geliefden en vrienden. Deze zijn uitgebreider van stof en geven een aardig beeld van waar Paustovski op een bepaald moment mee bezig was. Dan heb je de journalistieke stukken over bijvoorbeeld een aantal buitenlandse reizen die Paustovski heeft gemaakt en als laatste een aantal korte verhalen. Voor alle teksten die in "Goudzand" staan, geldt dat ze nog niet eerder in het Nederlands gepubliceerd zijn.
Op het oog lijkt het een welkome aanvulling op het al uitgegeven werk van Paustovski. Ik vind het echter zonde van de tijd en energie die Wim Hartog in het samenstellen en vertalen van de teksten heeft gestoken. Geen enkel stuk tekst in "Goudzand" haalt het niveau van Paustovski's prachtige memoires of zijn bundel met korte verhalen "Wilde rozen".
Citaten:
- De waardevolste bron voor het schrijven - het verhaal van je leven - wordt door de meeste schrijvers angstvallig bewaakt. Je gaat er behoedzaam mee om en verstrooit het beetje bij beetje in je boeken.
- Vind je het ook zo dom om dichters granaten te laten frezen? Dat lukt toch niet. Dichters gaan niet naar Taganrog maar naar Sebastopol, ze werken niet in fabrieken maar maken gedichten en beminnen blije meisjes.
- Bijna niemand beseft dat de mens (de ongebroken mens) geroepen is om uit het "nietsdoen" scheppingen voort te brengen. Uit grote luiheid zijn de sierlijke schrijfstijl van Oscar Wilde, Jevgeni Onegin en de poëzie van de dronkaard Verlaine geboren.
- Mooie dingen zijn er niet voor bedoeld om in musea te staan en als rariteiten te worden bekeken, met je mond open van verbazing. Ze horen deel uit te maken van je leven. Als je blik er iedere dag weer langs glijdt, laat dat in je ziel gaandeweg een onuitwisbare indruk achter. Ongemerkt groeit dan je ziel. Het zilvergroene, brokaten gobelin, ooit een antimins, dat bij ons boven de divan hangt, heeft op mij zo'n uitwerking.
- Ik hoefde nooit mijzelf voort te slepen naar een van tevoren bepaald doel. Ik liep graag langs wegen waarvan ik niet wist waarheen ze voerden.
- Ik heb altijd gevonden dat een boek als een mens moet zijn: prachtig en lelijk tegelijk, slim en soms stom, eerlijk zowel als leugenachtig. Een boek is immers een menselijk document! Ik hou niet van volmaakte schrijvers zonder gebreken.
- De voorzitter van de zuiveringscommissie zei dat "een lid van de intelligentsia en van de Partij al zijn vrije tijd hoort te besteden aan het bestuderen van de werken van Lenin en niet aan zoiets onzinnigs als het schrijven van romans".
- Hij gaf een heel rake definitie van de huidige sovjetliteratuur. Hij zei dat deze "net als een Griekse stoomboot veel rook en weinig gang maakt".
- Ik kan het niet over mijn hart verkrijgen je telegrammen te sturen omdat die door vreemden gelezen worden, bijvoorbeeld door de telegrafiste hier, een lompe meid met de bijnaam "tante Motja".
- Maar zodra een verhaal geschreven is, hoor je het nog eens nuchter te bekijken. Als schrijver moet je met strenge hand alles eruit schrappen wat te gedurfd en te intiem is en wat diegenen die hij waardeert en van wie hij houdt, verdriet zou kunnen bezorgen.
- Elk proza heeft zijn eigen ritme, zijn eigen muziek, zijn eigen harmonie, zonder dat je het altijd kunt verklaren. Als je voelt dat een woord het ritme verstoort, kun je er gewoon een ander voor in de plaats zetten en dan "zingt" de zin weer.
- Mijn leven lang heb ik voornamelijk geschreven over hetgeen mijn directe levensindrukken mij ingaven. Of anders gezegd: ik heb niet alleen eigentijdse werken geschreven maar het daarbij ook over mijn eigen tijd gehad.
Rome, 11 oktober 1965 - Over de straten van Rome racen jochies tussen de auto's door op een ding dat hier de nieuwste trend is: een korte plank met twee rolschaatswieltjes eronder, waar ze met één been op staan en ongelooflijke toeren mee uithalen.
- Na het overlijden van Paustovski werd er nog een brief aangetroffen in de la van zijn schrijftafel. Deze is ongedateerd en kan worden beschouwd als een door hem nagelaten "persoonlijk testament". In zijn voorwoord bij zijn Verzameld werk in negen delen heeft Paustovski geschreven: "Het heeft geen zin van een auteur nadere uitleg van zijn werk te verwachten. Tsjechov zei in dergelijke gevallen altijd: "Leest u mijn boeken maar want daar staat alles al geschreven." Ik wil deze woorden van Tsjechov graag beamen."
Zelfs dit tijdens het leven van Paustovski niet uitgegeven werk is voor mij nog altijd aangenamer en interessanter om te lezen dan 99% van de boeken die in de boekwinkels liggen en 80% van de boeken die ik heb gelezen.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
maandag 18 mei 2020
Konstantin Paustovski: Wilde rozen 3
Verhaal 4: Wilde rozen (1951): 16 blzEen meisje is op weg naar de benedenloop van de Wolga voor haar werk.
Citaten:
- In de struiken klonk een klakkend geluid, waarna het weer stil werd. Daarna klonk het geluid opnieuw. En opnieuw werd het stil. Het leek alsof hiermee iemand de stilte en het weergavevermogen van de nacht wilde uittesten. Even later ging het klakken over in een lange triller en brak met een korte fluittoon af. Meteen antwoordden tientallen vogelstemmen op deze fluittoon en plotseling steeg uit het dichte kreupelhout nachtegalengezang op.
- Masja maakte zichzelf natuurlijk wijs dat zij alles alleen maar een beetje eng vond. Zij vond het gewoon doodeng. Zij stelde zich voor hoe ze bij het bosrevier zou aankomen en hoe de opzichter - vast zo'n helemaal onder het stof zittende, sombere man met een zwarte jekker waarvan de zakken uitgeboord waren en laarzen waar klonten klei aan kleefden - haar zou zien, met haar grijze ogen (net twee tinnen schoteltjes, vond zij zelf) en haar vlechten en bij zichzelf zou denken: Prachtig hoor! Op zulke meisjes met vlechtjes zaten we nou net te wachten! Die komt hier natuurlijk haar boekenwijsheid even luchten. Maar wij hebben wel andere zorgen aan ons hoofd! Als de verzengende steppewind richting Astrachan toeslaat, dan zul je hier weinig aan je leerboeken hebben, juffie.
- De piloot keek Masja van opzij aan. "Die zit in gedachten heel ergens anders," mompelde hij. Hij wendde zich af maar richtte meteen daarop zijn blik weer op haar. Er was hem een passage te binnen geschoten uit een roman die hij lang geleden gelezen had. Daarin stond dat er op de wereld niets mooiers is dan de ogen van kinderen en van jonge meisjes, 's morgens vroeg als de nacht er nog donker in aanwezig is maar tegelijkertijd het ochtendlicht er al in straalt. Misschien is dat lang niet dom gezegd, dacht de piloot.
- "Bravo!" zei een bekende stem achter Masja's rug. Zij draaide zich om. In de deuropening stond de acteur met over zijn schouders een badhanddoek. Hij was gehuld in een blauwe pyama met bruine omslagen aan de mouwen. "Bravo!" herhaalde hij. "Ik houd van ochtendlijke gesprekken. 's Morgens zijn onze gedachten vaak even zuiver als pasgewassen handen."
- "Neemt u mij niet kwalijk. Ongewild heb ik uw gesprek gehoord en ik wil daar nog een kleinigheid aan toevoegen in de vorm van een onweerlegbare waarheid. Iets waar ik, mogen we rustig zeggen, pas aan het eind van mijn leven achter ben gekomen." "Wat is dat dan voor grote waarheid?" vroeg de piloot. "Je ironie bevalt me niet," citeerde de acteur met de opzettelijk overdreven stem van een slechte declamator en hij lachte luid. "Het is maar een simpele waarheid, namelijk dat elke dag van het leven wel iets goeds brengt. En als u, zoals u zich verwaardigde uit te drukken, de dingen uit uw leven op een rijtje zet, dan moet u daarmee onwillekeurig vooral aan de poëtische en zinvolle inhoud ervan denken. Dat is prachtig! En wonderlijk! Alles rondom ons is vol poëzie. Gaat u daarnaar op zoek. Dat is wat ik, oude man, u meegeef voor alle eeuwigheid. Geen tegenwerpingen, punt uit."
Verhaal 5: De Iljinskikolk (1964): 13 blz
Over een majestueuze plek in de natuur vlakbij een blokhut waar een man al zijn zomers doorbrengt.
Citaten:
- Je kan je leven lang op hetzelfde lapje grond zitten en toch buitengewoon veel hebben gezien. Alles hangt af van je weetgierigheid en de scherpte van je blik.
- Wij houden kennelijk niet van pathetische taal omdat we deze niet weten te hanteren. Wij zijn eerder tot protocollaire droogheid geneigd, uit angst dat ons sentimentaliteit wordt aangewreven. Ondertussen zouden velen, onder wie ook ik, het liever niet over "de velden van Borodino" hebben, maar over "de majestueuze velden van Borodino", zoals men in vroeger tijden zonder valse schaamte over de "majestueuze zon van Austerlitz" sprak.
- Het leven in een windmolen, doordrenkt van de geur van meel en oude kruiden, moest bijzonder prettig zijn geweest. In onze molen bij Voronezj veel meer dan in de molen van Alphonse Daudet. Die van Daudet was namelijk van steen, terwijl de onze van hout was, vol lieve geuren van hars, graan en warkruid, vol luchtstromen van de steppen, licht van de wolken, jubelen van leeuwerikken en tjilpen van een bepaald slag kleine vogeltjes, misschien gorzen of goudhaantjes.
- De schedel was donkerbruin. Een sabelhouw had hem van de kruin tot het voorhoofd doorkliefd. Vermoedelijk lag hij daar al in de aarde sinds de Tataarse invasie. En vermoedelijk had hij nog gehoord hoe de deva riep, hoe de vossen tegen de bloedig ondergaande zon blaften en hoe de wielen van de Scythische karossen langzaam over de steppewegen knarsten.
- Nee, een mens kan echt niet zonder vaderland, zoals hij ook niet zonder hart kan leven.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
zondag 17 mei 2020
Konstantin Paustovski: Wilde rozen 2

Verhaal 2: Het sterrenbeeld Jachthonden (1936): 42 blz
Ten tijde van de Spaanse burgeroorlog zit een groep astronomen bij elkaar in een Frans observatorium op Spaans grondgebied, terwijl de oorlog langzaam dichterbij komt.
Citaten:
- Van jaar tot jaar nam de gewenning en behoefte aan alleen-zijn toe. De stilte was zo constant aanwezig dat Mérot, als hij bij toeval eens een boek las, dit als lawaaierig ervoer. Niet omdat hij daarbij geluiden hoorde, maar omdat hij ze zich levendig voorstelde. Hoe meer tumult en luide gesprekken er in een boek beschreven werden, des te meer ergerde hem dat.
- Af en toe vroegen ze hem hoe het eraan toeging in het universum van de mensen waar voor hun alleen maar onprettige dingen te verwachten vielen. Zijn antwoord luidde steevast dat men daar nog altijd stapelgek was. Daarmee wist iedereen voldoende.
- Nysted werd er tweemaal op betrapt dat hij midden op de dag de zoeker van de telescoop gericht had op de rand van de in de verte gelegen bergen. De anderen deden alsof ze het niet hadden opgemerkt want onder astronomen huldigde men de opvatting dat alleen stomkoppen een telescoop misbruikten als tijdverdrijf om de aarde te beschouwen.
- Alles om hun heen stond te beven en gilde in allerlei toonaarden. De vlaggenmast stond onder zo'n spanning dat hij zoemde, de kale tuin floot met een geluid van honderden woedende fluiten, stuk gevallen dakpannen knerpten onder hun voeten, ruiten rinkelden en plaatijzeren dakbedekking lag in korte cadans luid te rammelen.
- Storm brengt de mensen bijeen. De verbeelding wordt aangewakkerd. Zelfs saaie lieden weten gedurende een storm de juiste woorden te vinden om het lichte gevoel van opwinding weer te geven waar de mens door bevangen wordt als buiten, achter de veilige muren, de wind als bezeten te keer gaat.
- De vliegenier kon niet omkijken omdat hij moest letten op de steile rotsen voor hem, maar was zich ervan bewust dat achter zijn rug, zijn weerloze rug, een orkaan op hem joeg als een hazewind op een haas.
- In volle vaart rijden ze voorbij aan middeleeuwse kathedralen op de muren waarvan de zinderende hitte een grijze roetaanslag lijkt achter te laten, voorbij aan rivieren met schoon, helder water waar vreedzame stieren sloom hun dorst staan te lessen, voorbij aan scholen waar kinderen zingen, voorbij aan paleizen waar in de schemeravond door de dunne linnen gordijnen voor de ramen de schittering van de schilderijen van grote meesters zichtbaar is, voorbij aan tuinen en akkers waar iedere kluit aarde door de stevige knuisten van de bedaarde dorpelingen gewikt en gewogen wordt en zorgvuldig wordt verstrooid. Ze stuiven voorbij parken en voorbij aan fabrieken die door de hete, rondzoevende raderwerken zoemen als bezige bijen en vliegen voort langs een land vol wind, geschater, gezang, hartelijke bejegeningen en galmende geluiden van prachtige ambachten.
- Wanneer zij zich op de terugweg begeven en langs dezelfde steden snellen, blijken die tot puin te zijn geschoten en hangt er een stank van lijken. Ze komen voorbij scholen waar vlak voor de ingang vermoorde kinderen liggen bij wie een klacht nog aan de lippen lijkt te ontsnappen, voorbij radeloze vrouwen die met een verglaasde blik over de wegen hollen, voorbij mensen die met geboeide handen aan de deurknop vastgebonden de kogel hebben gekregen, voorbij door brand ontbladerde tuinen, voorbij geblakerde resten van paleizen en voorbij met zwartsel op witte ommuringen aangebrachte leuzen als "Dood aan allen die dromen van vrijheid en gerechtigheid!", "Dood aan allen die niet aan onze kant staan!".
- Van beneden, vanuit de vallei gezien deden de bewoners van het observatorium hem denken aan lijken die als mechanische poppen doen alsof ze levend zijn en discussiëren, praten, eten en sterren observeren. Vooral Dufour, een lopend uurwerk met een voorname klank, irriteerde hem. De sullige Hervé leek hem een goed mens te zijn, maar het leven in het observatorium had van hem een lege en uitgedroogde mummie gemaakt.
- "Zo zie je maar, Nysted," zei hij met een geforceerde glimlach, "opeens dringt voor het eerst in onze retraite het leven binnen, maar wel in de gedaante van de dood."
- "De persoon die wij probeerden te redden en zo-even hebben begraven, is een Franse dichter. De dichters zijn broeders van de astronomen. De vaste wetten van het universum manifesteren zich inhoudelijk niet alleen in het leven dat ons omringt, maar ook in de dichtkunst." "Dat is evident," mompelde Dufour. "Leest u die brief nou maar voor." "Als dat voor u zo evident zou zijn," antwoordde Nysted, "dan zou u in de huidige tijdruimte niet bezig zijn met het uitrekenen van de omloopbaan van planeet nr. 1212. De doorsnede van deze planeet bedraagt niet meer dan een kilometer. Ik beschouw dit werk even overbodig als het tellen van het aantal stofjes op aarde."
- "Voor mij is het echter zo dat, juist omdat je maar één keer leeft en het leven onnavolgbaar en prachtig is, het mij lichter valt met open vizier het gevaar tegemoet te gaan en voor dat grootste goed te vechten of er voor te sterven dan dat ik mooie woorden op papier zet en met de slechte adem van mijn geweten te kampen heb.
Ik ben er zeker van dat je me zult begrijpen. Ik ben er niet meer om je te kunnen troosten. Ik houd van de aarde omdat jij erop leeft, houd van de lucht omdat deze jouw gezicht beroert, houd van ieder grassprietje waar je blik even op rust, houd van iedere voetafdruk van jou in het vochtige zand en houd van d enachtelijke stilte omdat ik dan jouw ademhaling hoor. Desondanks vlieg ik weg. Met naar alle waarschijnlijkheid de dood ten gevolge.
Vaarwel! Maak de vissersvrouwen deelgenotes van je verdriet indien je daar de kracht toe hebt. Meer medeleven dan bij deze eenvoudige, door het leven getekende vrouwen zul je nergens tegenkomen. Er is daar immers niet één familie die niet zulk verdriet gekend heeft."
Lees verder in het derde deel van mijn bespreking van "Wilde rozen".
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
zaterdag 16 mei 2020
Konstantin Paustovski: Wilde rozen 1

Ik kreeg een tijdje terug van een vriend dit dunne maar prachtige boekje met daarin 5 verhalen van de Russische schrijver Konstantin Paustovski, vertaald door Wim Hartog. Paustovski is al lang een van mijn favoriete schrijvers. Zijn 7 delen memoires in de serie Privé-Domein las ik voor het eerst in 2000 en voor een tweede keer in 2010. Een derde lezing, speciaal om de serie te bespreken voor mijn blog staat op het programma.
Voor veel mensen die de boeken van Paustovski hebben gelezen, behoren zijn memoires tot de mooiste boeken die ze ooit gelezen hebben. Het schijnt dat Paustovski behalve in Rusland nergens zo populair is als in Nederland. Dat is mede te danken aan het prachtige Nederlands van zijn vaste vertaler Wim Hartog.
Het verhaal gaat (ik heb niet gecontroleerd of het waar is, maar het is een mooi verhaal) dat Wim Hartog op jonge leeftijd een Duitse vertaling van de memoires van Paustovski las en daar zo van onder de indruk was dat hij zelf Russisch ging studeren om zo de tekst in het Russisch te kunnen lezen en uiteindelijk ook te kunnen vertalen.
"Wilde rozen" bevat 5 verhalen. Omdat ik dit zo'n uitzonderlijk mooi boekje vind wil ik een groot aantal citaten geven om een indruk van de schoonheid van deze vertaling te geven. Ik splits daarom deze bespreking in drieën. In dit stukje citeer ik uit het eerste verhaal "Etiketten voor koloniale waren" en het derde verhaal "Een druilerige dageraad". Morgen citeer ik uit het tweede en langste verhaal "Het sterrenbeeld Jachthonden" en overmorgen citeer ik uit het vierde verhaal "Wilde rozen" en het vijfde verhaal "De Iljinskikolk".
Ik heb alle verhalen twee keer kort achter elkaar gelezen. Bij Aleph heb ik 35 exemplaren van "Wilde rozen" besteld om cadeau te geven aan al mijn vrienden die ook maar enigszins van lezen houden.
Verhaal 1: Etiketten voor koloniale waren (1924): 26 blz
De schrijver ontmoet een onbekende man die graveur is. De man vertelt hem zijn levensverhaal.
Citaten:
-Thuis vroeg ik mijn vader waar Kamtsjatka lag. "Dat is ver weg, voorbij Siberië," antwoordde hij en hij maakte een smakkend geluid met zijn lippen."Je hebt daar heel veel heerlijke vis, ze wegen wel tachtig kilo per stuk en hun kuit is zo rood als aalbessenjam. Zo'n vis zou niet eens in ons winkeltje passen. Dan heb je er ook nog hermelijn. Wat? Heb je daar nog nooit van gehoord? Dat is een dier dat op een kat lijkt. Zijn vacht wordt gebruikt voor de witte kleding van de tsaar."
"Wat zit jij hem nu allemaal wijs te maken?" schreeuwde mijn moeder uit de achterkamer. "Naar Kamtsjatka worden alle paardendieven en arrestanten gestuurd, zoals bijvoorbeeld Jasjka de zigeuner. Wat zit jij me die jongen te verpesten, zeg!"
- Bent u wel eens op een joodse begrafenis geweest? Nee? Elke godsdienst tracht de dood met iets plechtigs en eeuwigs te omringen. Jullie orthodoxen kennen bij voorbeeld een heel plechtige dodenmis. Denkt u maar eens aan de zin: "Treedt nader voor het geven van de laatste kus!" De laatste kus op koude mensenlippen, daarna zullen grafwormen en natte klei de geliefde kussen. Ik houd van begrafenissen ergens op het platteland, op een met weideklaver begroeid kerkhof, waar de zon wazig op de sjofele kazuifel van de priester schijnt en de geur van de roggevelden die van de wierook overstelpt. Bij jullie is de dood omgeven door majestueuze gebeden en door het Requiem van Mozart.
Maar bij ons bestaat dat allemaal niet. Alles is heel simpel. Dood is dood, verrotting en het lijk is aas. Neem nu de ziel van een kleine jood die zijn hele leven een handeltje in kruidenierswaren heeft gehad. Zijn hele leven werd beheerst door de stank van donsbedden, het troosteloze beeld van ongeplaveide straten, een verdorde vrouw, kinderen onder de korsten, jagen op een vijfkopekestuk. Op feestdagen hief hij een klaagzang aan in de donkere synagoge. Met angst en beven las hij eeuwenoude gebeden voor het aangezicht van de onverbiddelijke Jahweh.
Dacht u dat zijn begrafenis ook maar één droeve gedachte zou kunnen wekken? Aan verwelkte bloesems, aan tranen van mooie vrouwen? Alleen de gedachte daaraan is al absurd. Onze begrafenissen zijn haastig, alledaags, een opgewonden gekkenhuis, net een gewoon opstootje, zonder ook maar een spoor van een sacrament.
- Ik moest naar de haven, had geen enkele haast en verheugde me bij de gedachte dat ik langzaam onder de ritselende palmen door de straten zou lopen en pleinen zou oversteken waar lauwe fonteinen ruisten, totdat in de rook uit de schoorstenen van de oceaanstomers en tussen de licht wiegende masten de groene baai met de kokende branding voor mijn ogen op zou doemen.
- De graveur was uitgesproken. Wij liepen de kade op die nog nat was van de nacht. De Elbroes vlamde in een stil roze licht, als wolken boven zee. Hij lag er slaperig bij en ver achter de kade blonk een oceaanstomer met zijn witte bovendekken. Hij kwam uit Trebizonde. Uit de bakkerijen steeg de geur van versgebakken brood op. In de lege koffiehuizen slurpten de eerste stamgasten aan hun Turkse koffie terwijl ze de kralen van het bidsnoer door hun vingers lieten glijden.
Verhaal 3: Een druilerige dageraad (1945): 19 blz
Een man die op doorreis is, moet van een vriend een brief afgeven aan zijn vrouw.
Citaten:
- Het gevoel waar hij door overvallen werd, is natuurlijk heel logisch wanneer iemand onverhoeds in het holst van de nacht terechtkomt in een onbekend huis en andermans leven vol geheimen en raadsels. Dit leven tref je er aan alsof het een boek is dat bij voorbeeld tot bladzijde vijfenzestig gelezen is en open op tafel is blijven liggen. Je werpt een paar maal een blik op die bladzijde en probeert te raden waar het boek over gaat en wat er in staat.
- "Alles wat heel fijn is, glipt bijna altijd voorbij. Begrijpt u?" "Niet echt," antwoordde ze met een frons. "Laat ik proberen het u uit te leggen," zei Koezmin ongemakkelijk. "Ook u is vast wel eens het volgende overkomen. U zit in een trein en plotseling valt uw blik op een open plek in een berkenbos en ziet u in het herfstige zonlicht netten van de kruiswerkspin glanzen. Uw eerste opwelling is uit de rijdende trein te willen springen om op die plek te kunnen blijven. Maar de trein rijdt er aan voorbij. U buigt zich uit het raam en kijkt naar achteren, waar al die bosschages, beemden, ketten en veldwegen wegsnellen. U hoort daarbij een vage galm. U hoort een ondefinieerbaar geluid. De herkomst ervan valt niet te bepalen. Misschien het bos, of de lucht. Of gegons van de telegraaflijnen. Of de nagalm van de rails achter de voortijlende trein. Het geluid flitst in een oogwenk voorbij, maar je herinnert je het je hele leven."
- Van opzij kijkend naar haar rechte rug, zware in een chignon bijeengestoken strengels en pure neiging van haar hals wist hij heel zeker dat hij, als Basjilov er niet was geweest, nergens zou zijn heengereisd maar gewoon tot het eind van zijn ziekteverlof in dit stadje zou blijven en er zijn dagen in stil smachten zou slijten, wetend dat deze lieftallige vrouw, die zich nu aan een melancholieke beschouwing overgaf, zich in zijn nabijheid bevond.
- Op het laatste trapbordes hielden ze even halt. De aanlegplaats en de groene en rode boordlichten van de boot waren al zichtbaar. Hij besefte dat het moment nabij was waarop hij deze vrouw die hij nog nauwelijks had leren kennen vaarwel zou zeggen, en dat hij aan gevoelens die hij voor haar koesterde geen uiting zal weten te geven. Hij wist dat zo zeker, dat zijn hart er door samenkrampte. Hij kon haar zelfs niet zeggen hoe dankbaar hij was dat zij op zijn doorreis hem in haar huis ontvangen had, hem haar stevige kleine hand in de nat geworden handschoen toegestoken had om hem behoedzaam over de gammele trap te geleiden en, steeds weer als een natte tak over een van de leuningen heen stak en zijn gezicht dreigde te bezeren, hem lief gezegd had dat hij moest bukken. Dat had hij dan ook gedwee gedaan.
Lees verder in het tweede deel van mijn bespreking van "Wilde rozen".

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.