Onno Blom: Zolang de voorraad strekt: De literaire boekenweekgeschenken 1984-2000 (Nederland, 2000): 72 blz: Stichting CPNB
"Zolang de voorraad strekt" is een
gelegenheidsboekje bij een serie van gelegenheidsboekjes. Op voorhand dacht ik dat dit niet veel kon
zijn.
Ik
heb mij zwaar vergist. Ik vind "Zolang de voorraad strekt" een zeer
onderhoudend boek, met mooie teksten en ook nog eens prachtig
vormgegeven. De manier waarop Onno Blom talloze citaten van anderen in
zijn eigen tekst heeft geïntegreerd vind ik ronduit geweldig.
Zoals
de ondertitel van het boek aangeeft gaat "Zolang de voorraad strekt"
over de literaire boekenweekgeschenken tussen 1984 en 2000. Het mag dan
een gelegenheidsboek zijn, maar ik ben zeer onder de indruk. Inmiddels
begin ik wel fan te worden van Onno Blom als schrijver. Misschien komt
het er toch nog eens van om zijn grote biografie over Jan Wolkers te
lezen.
- Theo Sontrop: Een literair boek als geschenk lokt het grootste aantal mensen naar de boekhandel. Ik denk dat je als je een briljant boekje cadeau zou geven over vliegeren of postzegels je een heel dun beentje hebt om op te staan.
-
Maarten 't Hart accepteerde de opdracht en besloot om De ortolaan
beschikbaar te stellen als Boekenweekgeschenk. Een "hele eer" vond hij
het. "Het betekent dat je als schrijver goed genoeg bent om zo'n
geschenk te maken. Ze zullen daarvoor niet iedereen uitnodigen."
-
Marga Minco: Een auteur hoeft aan het geschrevene niets toe te voegen,
hij hoeft niet te interpreteren of toe te lichten. Die taak is weggelegd
voor de criticus.
-
Tessa de Loo: Had iemand me zes jaar geleden voorspeld dat ik op een
dag niet naar een signeersessie van Reve zou kunnen gaan omdat ik zelf
moest signeren, dan had ik hem in zijn gezicht uitgelachen.
- "Ik zou natuurlijk niet alles aannemen," zei Biesheuvel in een interview tijdens de Boekenweek. "Stel dat men mij erelid zou willen maken van een bodybuildersclub, dan zou ik dat afwijzen. Ook een jaar lang vrije toegang tot een discotheek in Noordwijk heeft niet mijn interesse. En zelfs bij de Nobelprijs zou ik denken: het is en blijft een kruitboer, die Nobel, een zuivere kanonnenboer."
- Maar toen het reisverhaal eenmaal algemeen werd geaccepteerd, had Cees Nooteboom genoeg zelfspot om Herman Mussert, de verteller van zijn kersverse Boekenweekgeschenk, te laten zeggen: "Sinds ik ontslagen ben schrijf ik reisgidsen, een debiel gedoe waar ik mijn boterham mee verdien, maar nog lang niet zo stompzinnig als die zogenaamde literaire reisschrijvers die zo nodig hun kostbare ziel over de landschappen van de hele wereld moeten uitsmeren om de burgerij te epateren."
-
Hermans, die door de CPNB gevraagd was het Boekenweekgeschenk van zijn
hand in de hoofdstedelijke Amstelkerk te komen presenteren, eiste,
voordat hij een stap zou zetten in "de smerigste en misdadigste stad van
Europa", excuses van de gezamenlijke Amsterdamse bewindslieden: "Ik wil
dat ze een nieuw besluit nemen. Met als strekking: wat spijt het ons
vreselijk dat we de grote schrijver Hermans volkomen onterecht hebben
beledigd."
- Voor de gelegenheid hadden de Stichting Schrijvers School Samenleving (SSS) en zijn uitgever, Nijgh & Van Ditmar, een hilarisch filmpje laten maken waarin Grunberg werd geportretteerd in alle rollen die hij - op papier én in de werkelijkheid - met verve speelt. Zijn kwaliteiten als kantoorklerk, filmster, uitgever, wijnboer die zijn eigen voorraad opdrinkt, aandelenhandelaar, gigolo, komiek, filmregisseur, oplichter, Don Juan, zelfmoordkandidaat, wereldkampioen tafelvoetbal, secretaris van de vereniging voor genieën en geldwolf kwamen achtereenvolgens aan bod.
-
Na afloop van de Boekenweek stelde hij in zijn stuk in NRC-Handelsblad
zijn persoonlijke top-tien van boekhandels op. De Groningse boekhandel
Scholtens Wristers eindigde op één. Grunberg had er niet alleen een
waterpistool gekregen, maar ook de beha van een meisje gesigneerd. Hij
vroeg zich af of het meisje nog meer gesigneerde beha's had en nu
misschien een gesigneerd behamuseum wilde beginnen. "Daar wil ik best in
investeren. Visitekaartjes met behasigneerder heb ik alvast laten
drukken."
- In De erfenis verliest Lotte Inden zich in tirades tegen de recensenten. Een criticus is nu eens een domme "lapzwans" en dan weer een "talentloze onbenul met het verstand van een mossel en het dociele taalgebruik van een brugklasser, die weliswaar iets kan opschrijven, maar die niet kan schrijven".
Harry Mulisch:
- Het enige waar de CPNB specifieke eisen aan stelde, was de lengte van het boek. Het Boekenweekgeschenk bestaat immers altijd uit 96 pagina's. "Aanvankelijk noemden ze net een te groot aantal woorden. Dus toen heb ik afgedongen. Uiteindelijk werd het gemakkelijk lang genoeg, maar weer niet zó lang dat alle bladzijden - zoals bij veel Boekenweekgeschenken het geval is - volgeplempt staan met woorden. Dat wilde ik niet. Ik wilde gewoon een keurig boekje, met een mooie bladspiegel, een behoorlijk corps. En daar gingen ze mee accoord."