Posts tonen met het label Vijf keer gelezen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Vijf keer gelezen. Alle posts tonen

woensdag 15 mei 2024

Marcel Proust: Op zoek naar de verloren tijd: Deel 1: De kant van Swann

Marcel Proust: Op zoek naar de verloren tijd: Deel 1: De kant van Swann (Frankrijk, 1913): 537 blz: Vertaald door Thérèse Cornips (2009): Uitgeverij de Bezige Bij
 

 
"Op zoek naar de verloren tijd" van Marcel Proust wordt vrij algemeen beschouwd als één van de belangrijkste romans ooit. Ik kan het hier alleen maar mee eens zijn. Ik heb de serie 2 keer in zijn geheel gelezen, in 2005 en in 2018. "De kant van Swann" heb ik voor het eerst gelezen in 2005 in een oudere vertaling. Thérèse Cornips heeft nadat ze de delen 3 tot 7 van de serie had vertaald, "De kant van Swann" vertaald. Aan de vertaling van het tweede deel "In de schaduw van de bloeiende meisjes" is ze helaas niet meer toegekomen. Na de vertaling van Thérèse Cornips is er nog een nieuwere vertaling verschenen (in de Perpetua-reeks!) van een drietal mannelijke vertalers. Deze nieuwere vertaling vind ik beduidend minder mooi dan die van Cornips. Nu heb ik de vertaling van Cornips voor de derde keer gelezen, waarmee ik het boek vijf keer heb gelezen.

Als je begint met het lezen van "De kant van Swann" lijkt het taalgebruik van Proust erg moeilijk. Hij gebruikt veel lange zinnen, met veel komma's en bijzinnen waarin hij zeer precies formuleert. Na een tijdje went het en kan ik genieten van het mooie taalgebruik. Proust vertelt zijn verhaal met een groot psychologisch inzicht. Niet wat er staat is het belangrijkste, maar vooral de manier waarop het gezegd wordt.
 
Het beroemdste fragment uit de hele "Op zoek naar de verloren tijd" staat op de bladzijden 90 tot 94 waarin beschreven wordt hoe de verteller een soort cakeje, Petites Madeleines geheten, in zijn thee doopt, de thee met cakeje opdrinkt en vervolgens een heleboel herinneringen aan vroeger krijgt, die hij op een andere manier nooit had verkregen.
 
Citaten:
- Mijn enige troost , als ik naar boven naar mijn slaapkamer ging, was dat mama mij een kus zou komen geven als ik in bed lag. Maar dat goedenachtzeggen duurde zo kort, zij ging zo vlug weer naar beneden, dat het moment waarop ik haar naar boven hoorde komen en er daarna door de gang met de openslaande deuren het zachte ruisen kwam van haar blauwe mousselinen tuinjurk, waar koordjes van gevlochten stro aan hingen, een smartelijk moment voor me was.

- Mijn moeder was genoodzaakt het gesprek af te breken, maar zelfs aan deze belemmering ontleende zij nog een fijngevoelige gedachte, zoals de tirannie van het rijm goede dichters dwingt tot de vondst van hun grootste schoonheden ...

- Ik was dan ook van plan om in de eetkamer al van te voren, als de maaltijd was begonnen en ik het ogenblik voelde naderen, van die kus die zo kort en vluchtig zou zijn alles te maken wat ik er in mijn eentje van maken kon, alvast het plekje op de wang te kiezen dat ik zou kussen, mijn gedachten erop voor te bereiden, zodat ik dankzij die mentale aanloop tot een kus de hele minuut die mama mij zou gunnen kon wijden aan het voelen van haar wang tegen mijn lippen, zoals een schilder die maar korte poseerzittingen kan krijgen zijn palet prepareert en al van tevoren uit zijn geheugen en aan de hand van zijn aantekeningen alles heeft gedaan waarvoor hij het desnoods zonder de aanwezigheid van zijn model kon stellen.
 
- Françoise was een van die gedienstigen die enerzijds, in een huishouden, bij een buitenstaander op het eerste gezicht het minst in de smaak vallen, misschien doordat zij zich niet de moeite geven hem voor zich in te nemen en niet voorkomend tegenover hem zijn, heel goed wetend dat zij hem niet nodig hebben, dat, veeleer dan dat zij ontslagen worden, hij niet langer zou worden ontvangen; en die anderzijds juist degenen zijn op wie hun baas en bazin het meest zijn gesteld omdat ze hun ware capaciteiten hebben ondervonden, en niet geven om die oppervlakkige gezelligheid, dat willige gebabbel dat op een gast een gunstige indruk maakt, maar waarachter vaak een hardleerse onbenulligheid schuilt.
 
- Want aan de vaste basis van eieren, koteletten, aardappels, vruchtengelei en biscuits, die zij ons niet eens meer aankondigde, voegde Françoise - al naar de werkzaamheden op de velden en in de boomgaarden, de opbrengst van de visserij, de wisselvalligheden van de handel, de goede gaven van de buren en haar eigen vernuft - nog iets toe, en wel zo dat ons menu, net als die dertiende-eeuwse vierpassen uitgehouwen in de steen van kathedraalportalen, enigszins het ritme van de jaargetijden en de episoden van het leven weerspiegelde: een griet omdat de marktvrouw haar gegarandeerd had dat hij vers was, een kalkoen omdat zij een mooie op de markt van Roussainville-le-Pin had gezien, kardoen met merg omdat ze die nog niet op die manier voor ons gemaakt had, een gebraden lamsbout omdat de buitenlucht hongerig maakt en hij tussen nu en zeven uur de tijd had om te zakken, spinazie voor de afwisseling, abrikozen omdat ze nog haast niet te krijgen waren, aalbessen omdat er over twee weken geen meer zouden zijn, frambozen die M. Swann speciaal was komen brengen, kersen, de eerste die van de kersenboom in de tuin kwamen nadat hij twee jaar niet had gedragen, roomkaas waar ik vroeger veel van hield, een amandeltaart omdat zij hem de vorige dag besteld had, een brioche omdat het onze beurt was om er een aan te bieden. Als dat alles op was werd ons, speciaal voor ons bereid maar meer in het bijzonder gewijd aan mijn vader die een liefhebber was, een crème au chocolat aangeboden als spontane inval, als persoonlijke attentie van Françoise, luchtig en licht als een gelegenheidsstuk waar zij al haar talent in had gelegd.

Over cocottes:
- Het leek me later dat in de rol van deze nietsdoende en leergierige vrouwen een van de ontroerende kanten was dat zij hun gulle hart, hun talent, een latent schoonheidsideaal van het gemoed - want zoals kunstenaars verwezenlijken ze het niet, geven ze het geen plaats in het kader van het gewone bestaan - en een schat die hun weinig kost, aanwenden om het ruwe, ongepolijste leven van de mannen met een kostbare, sierlijke zetting op te luisteren.
 
- Hij, Swann, probeerde niet de vrouwen met wie hij zijn tijd doorbracht mooi te vinden, maar zijn tijd door te brengen met de vrouwen die hij om te beginnen mooi had gevonden.
 
- " ... Ik vind het eigenlijk belachelijk dat een man met zijn intelligentie lijdt om een vrouw van dat slag, een die niet eens interessant is, want het moet een idioot zijn, zegt men," voegde ze eraan toe met de wijsheid van mensen die niet verliefd zijn en vinden dat een geestrijk man alleen ongelukkig zou mogen zijn om een vrouw die de moeite waard is, wat ongeveer gelijk staat met verbaasd zijn dat iemand zich verwaardigt aan de cholera te lijden door toedoen van iets zo nietigs als de kommabacil. 

- Swann was zoals veel mensen een luie denker en had weinig fantasie. Hij wist wel, als een algemeen geldend feit, dat het leven van individuen vol contrasten is, maar bij ieder in het bijzonder stelde hij zich het hele deel van diens leven dat hij niet kende voor als identiek aan het deel dat hij kende. Hij stelde zich voor wat men hem verzweeg met behulp van wat men tegen hem zei.

- Zoals, uit de verte de rotspunt vanwaar de zeeleeuw het water in duikt de kinderen die weten dat ze hem te zien zullen krijgen in vervoering brengt, zo bracht lang voor ik bij de acacia's was, hun geur, die alom uitstralend, van verre de nabijheid en de bijzonderheid verried van een machtige, lome, plantaardige persoonlijkheid, en vervolgens wanneer ik dichterbij kwam, de zichtbare top van hun luchtige, tere loof, achteloos elegant, koket van snit en dun van stof, waar honderden bloesems op waren neergestreken als gevleugelde, trillende kolonies prachtige parasieten, en zelfs hun vrouwelijke naam, passief en zacht, mijn hart aan het bonzen, maar van een werelds verlangen, zoals de walsmelodieën die alleen nog de namen bij je oproepen van de schone genodigden, aangekondigd door de livreiknecht bij de entree van een bal.
 
Ik vind het lezen van Marcel Proust prachtig. Het eerste deel "De kant van Swann" en vooral het tweede deel "In de schaduw van de bloeiende meisjes" vind ik de twee mooiste delen van de cyclus. De overige vijf delen zijn ook erg mooi, maar wat mij betreft niet essentieel. De Franse striptekenaar Stéphane Heuet vond blijkbaar hetzelfde. Heuet heeft de eerste twee delen van "Op zoek naar de verloren tijd" bewerkt tot een prachtige strip waarbij hij ongeveer 10-20% van de tekst heeft gebruikt. Als het beginnen aan de hele "Op zoek naar de verloren tijd" te intimiderend lijkt, kun je altijd nog beginnen met deze strip. Grote kans dat je daarna de hele cyclus wilt lezen. 

   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom. 
 

zaterdag 6 april 2024

George Orwell: Dierenboerderij

George Orwell (tekst) & Ralph Steadman (tekeningen): Dierenboerderij (Groot-Brittannië, 1945): 165 blz: Vertaald door Anthony Ross (1956): Uitgeverij de Arbeiderspers

Dierenboerderij : een sprookje voor…
 
Ik heb "Dierenboerderij" al vier keer eerder gelezen. De eerste keer was voor de lijst van de Middelbare school. Toen vond ik het een aardig boekje, vooral lekker dun, maar zag ik nog niet in wat voor geniaal boek het is.

Het verhaal mag min of meer bekend worden verondersteld. Op de Herenboerderij van boer Jansen hebben de dieren het slecht en ze dromen van een opstand en vooral van een beter bestaan. Onder leiding van de varkens Sneeuwbal en Napoleon lukt het ze om de boer en boerin weg te jagen. Opeens moeten ze zelf voor hun kost zorgen en dat blijkt ze zo goed af te gaan dat ze het veel beter hebben dan voorheen. Er is even zelfs sprake van een driedaagse werkweek. Bijna alle dieren werken naar vermogen mee, er zijn er paar die er de kantjes van af lopen zoals Mollie de merrie, Mozes de raaf en de kat. De varkens hebben de leiding op zich genomen. 

Langzaam maar zeker blijkt dat toch niet alles zo goed gaat en dat de varkens een klasse vormen met privileges. Het wordt nog erger als Napoleon een stel woeste honden opfokt en Sneeuwbal wegjaagt. Steeds als er enige vorm van kritiek komt van de overige dieren zeggen de varkens "Maar jullie willen boer Jansen toch niet terug hebben?" en verstomt de kritiek.

Er valt veel meer te zeggen over deze prachtige fabel, maar ik wil iedereen die hem niet kent aanraden om hem toch vooral zelf te lezen. Het is maar een dun boekje dat je makkelijk in een avond kunt lezen. Mijn exemplaar heeft als voordeel dat het geïllustreerd is met prachtige tekeningen van Ralph Steadman.             
 
Citaten:
- "De Mens is het enige schepsel dat verbruikt zonder ook maar iets voort te brengen. Hij geeft geen melk, hij legt geen eieren, hij is te zwak om een ploeg te trekken, hij kan niet hard genoeg rennen om een konijn te vangen. Toch is hij de Heer aller dieren. ..."
 
- De Majoor vervolgde:
 "Ik heb nu weinig meer te zeggen. Ik herhaal slechts, denk steeds aan jullie plicht tot vijandschap jegens de Mens en al zijn doen en laten. Alles wat op twee poten loopt is een vijand. Alles wat op vier poten loopt of vleugels heeft, is een vriend. En bedenk ook dat wij in de strijd tegen de Mens niet op hem mogen gaan lijken. Zelfs wanneer wij hem hebben overwonnen, dienen jullie zijn ondeugden niet over te nemen. Geen dier mag ooit in een huis leven, of in een bed slapen, of kleren dragen, of alcohol drinken, of tabak roken, of geld aanraken, of handel drijven. Alle gewoonten van de Mens betekenen kwaad. En, boven alles, geen dier mag ooit zijn gelijke tiranniseren. Geen dier mag ooit een ander dier doden. Alle dieren zijn gelijk. ..."            

- De eerste ogenblikken konden de dieren hun geluk niet op. Hun eerste daad was met z'n allen langs de grenzen van de boerderij te galopperen om zich ervan te verzekeren dat er geen menselijk wezen meer te vinden was; vervolgens renden zij terug naar de gebouwen teneinde de laatste sporen van Jansens gehate regime uit te wissen. De tuigkamer achter in de stal werd opengebroken; de bitten, de neusringen, de hondekettingen, de wrede messen waarmee Jansen biggen en lammeren castreerde, alles werd in de waterput gesmeten. De teugels, de halsters, de oogkleppen, de onterende voederzakken gingen op de brandende afvalhoop op het erf. Dezelfde weg gingen de zwepen. Alle dieren dansten van plezier toen zij zagen hoe de zwepen door de vlammen werden verteerd.

- De varkens lieten zich niet met het eigenlijke werk in, maar hielden leiding en toezicht op de anderen. Op grond van hun buitengewone kennis was het vanzelfsprekend dat zij het leiderschap op zich namen.

- Benjamin kon evengoed lezen als welk varken ook maar oefende nooit. Voor zover hem bekend, zei hij, was niets de moeite van het lezen waard.

- Na veel hoofdbrekens verklaarde Sneeuwbal dat de zeven geboden samengevat konden worden in één enkele leuze, namelijk: "vier poten goed, twee poten slecht". Dit, zo zei hij, bevatte het essentiële beginsel van het animalisme.

- Toen zij de leerspreuk eenmaal uit het hoofd kenden, bleken de schaper er veel mee op te hebben, en dikwijls als zij in het veld lagen begonnen zij allen te blaten "vier poten goed, twee poten slecht! vier poten goed, twee poten slecht!" en bleven daarmee uren doorgaan zonder er ooit moe van te worden.
 
- Brulbeer werd erop uitgestuurd om de anderen de noodzakelijke uitleg te geven.
 "Kameraden!" riep hij. "Jullie verbeelden je toch niet, naar ik hoop, dat wij varkens dit doen met zelfzuchtige bedoelingen, om onszelf te bevoordelen? Velen van ons lusten helemaal geen melk en appels. Ikzelf lust ze ook niet. Wanneer wij deze dingen nemen, doen wij het alleen voor onze gezondheid. Melk en appels bevatten echter, naar de wetenschap heeft aangetoond kameraden, bestanddelen die absoluut noodzakelijk zijn voor het welzijn van een varken. Wij varkens zijn hoofdarbeiders. De hele huishouding en organisatie van deze boerderij berust op ons. Dag en nacht waken wij over uw welzijn. Het is ter wille van jullie dat wij die melk drinken en die appels vreten."

- Bokser, die nu tijd had gehad om over een en ander na te denken, sprak het algemene gevoelen uit met de woorden: "Wanneer kameraad Napoleon het zegt, dan moet het juist zijn." En van dit ogenblik af nam hij "Napoleon heeft altijd gelijk" tot lijfspreuk, als aanvulling op zijn persoonlijk motto "ik zal harder werken".

- Napoleon werd tegenwoordig nooit meer eenvoudig "Napoleon" genoemd. Men sprak altijd over hem in een vormelijke stijl, zoals "onze Leider, kameraad Napoleon", en de varkens bedachten voor hem graag eretitels als Vader alle Dieren, Vrees der Mensheid, Beschermer der Schapen, Vriend der Eenden en wat niet meer.

Het boek eindigt aldus:
- Twaalf stemmen schreeuwden kwaad en zij klonken alle hetzelfde. Het was nu geen vraag meer wat er met de gezichten van de varkens was gebeurd. De dieren buiten keken van varken naar mens en van mens naar varken en van varken naar mens; maar het was reeds onmogelijk geworden te zeggen wie een mens en wie een varken was.

Voor een aantal afbeeldingen uit het boek, klik hier.

    
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
   

dinsdag 28 maart 2023

Tolstoj: Oorlog en vrede 6: Verfilmingen

Tolstoj: Oorlog en vrede (Rusland, 1867-1869): 2 delen: 1552 blz: Vertaald door Yolanda Bloemen & Marja Wiebes (2006): Uitgeverij van Oorschot: de Russische bibliotheek
 

 
Er zijn in de loop der jaren meerdere verfilmingen gemaakt van "Oorlog en vrede". Ik heb er 5 gezien die ik hieronder uiterst kort zal bespreken.
 
1): De Hollywoodversie van King Vidor uit 1956 met onder andere Audrey Hepburn als Natasja. Best een mooie film, maar met een lengte van slechts 208 minuten doet de film te weinig recht aan het boek.
 
2): De Russische verfilming uit 1965 door Sergej Bondartsjoek die zelf Pierre Bezoechov speelde. Dit vind ik een sublieme film, één van de grote films aller tijden. De film is met bijna 7 uur precies goed van lengte.
 
3): De BBC-serie uit 1972 met Anthony Hopkins als Pierre Bezoechov. Deze serie is met 15 uur veel te lang, te langdradig en deels slaapverwekkend. Ik denk dat het meer moeite kost om deze serie uit te zien dan de 1.552 bladzijden van het boek te lezen.
 
4): De internationale film uit 2005, opgenomen in Joegoslavië. Deze serie duurt ongeveer 7 uur en oogt erg mooi. 

5): De BBC-serie uit 2015, een prachtige verfilming die schitterend oogt en één van mijn favoriete televisieseries ooit.
 
Voor veel mensen zal de BBC-versie uit 2015 de eerste keus zijn. Daar valt heel veel voor te zeggen, maar mijn favoriete verfilming is die van Bondartsjoek uit 1965. De BBC-versie uit 2015 is mijn tweede keus, de internationale versie uit 2005 is keus drie, de Hollywood-film uit 1956 is keus vier en de BBC-serie uit 1972 zou ik vermijden.

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

Tolstoj: Oorlog en vrede 5

Tolstoj: Oorlog en vrede (Rusland, 1867-1869): 2 delen: 1552 blz: Vertaald door Yolanda Bloemen & Marja Wiebes (2006): Uitgeverij van Oorschot: de Russische bibliotheek
 

 
Citaten deel 4:
- Alleen iemand die zelf ooit heeft ervaren wat het wil zeggen enkele maanden onafgebroken in een sfeer van oorlog en strijd te verkeren, kan het genot begrijpen dat Nikolaj ondervond toen hij het gebied dat de troepen met hun foerage- en proviandwagens en hun veldhospitalen in beslag namen had verlaten en hij dorpen zag zonder soldaten, wagens, moddersporen van kampementen, maar met boeren en boerenvrouwen, landhuizen, velden met grazend vee en poststations met suffende postmeesters.
 
- In 1812 was het provincieleven precies zoals het altijd was geweest, alleen met dit verschil dat het in de steden levendiger was geworden doordat er veel welgestelde, uit Moskou gevluchte families gearriveerd waren, en dat er in alles wat er in die tijd in Rusland gebeurde iets merkbaar was van een zekere zorgeloosheid - wat zullen we ons druk maken, wat kan het ons schelen - en ook dat de algemene gesprekken, die tussen mensen onvermijdelijk zijn en die vroeger over het weer en over gemeenschappelijke kennissen gingen, nu over Moskou, over de oorlog en over Napoleon gingen.
 
- Een vrouwtjelief voor goede raad, een schoonmama voor regelmaat, zei hij, maar er is niemand je zo lief als je eigen moedertje.

- Ons geluk, vriendje, is als water in een sleepnet, zolang je het voortsleept is het vol, maar als je het ophaalt zit er niets meer in.

- Vanaf het moment dat Natasja vorst Andrej verpleegde, had hij haar nabijheid altijd lichamelijk ervaren. Ze zat in een leunstoel naast hem, zodat ze hem afschermde van het licht van de kaars en breide een kous (ze was gaan breien sinds vorst Andrej tegen haar had gezegd dat er geen betere ziekenverzorgsters bestonden dan kousen breiende oude kindermeiden en dat breien iets rustgevends had.)

- Aangenomen dat het Napoleons doel was geweest zijn eigen leger te gronde te richten, dan hadden de meest kundige strategen geen andere reeks van handelingen kunnen bedenken die met dezelfde trefzekerheid en even onafhankelijk van alles wat de Russische troepen ondernamen, het Franse leger zo volledig te gronde zou hebben gericht als datgene wat Napoleon deed.

- Napoleon die op ons de indruk maakt dat hij de leidende kracht was van deze hele beweging ... , Napoleon was gedurende deze hele periode als een kind dat binnen in een rijtuig een koordje in zijn handen houdt, en zich verbeeldt dat hij het rijtuig stuurt.

- De afwezigheid van lijden, de bevrediging van behoeften en als gevolg daarvan de vrijheid in de keuze van de eigen bezigheden, dat wil zeggen van een leefwijze, leek Pierre nu de onbetwistbare en hoogste vorm van geluk voor de mens. Hier zag Pierre nu voor het eerst in zijn leven ten volle de waarde van het genot te kunnen eten wanneer men honger heeft, te kunnen drinken wanneer men dorst heeft, te kunnen slapen wanneer men slaap heeft, van warmte wanneer men het koud heeft, van een gesprek met een ander wanneer men wil spreken en een menselijke stem wil horen.

- Het lilagrijze, krompotige hondje, Grijsje, rende vrolijk langs de kant van de weg, tilde nu en dan als wilde het bewijzen hoe kwiek en goedgemutst het was een achterpoot op en rende op drie poten verder om even later op alle vier zijn pootjes blaffend op de kraaien af te gaan die op een kadaver zaten. Grijsje was vrolijker en beter doorvoed dan in Moskou. Overal lag vlees van allerlei soort - van mensenvlees tot paardevlees, in verschillende stadia van ontbinding; en omdat de wolven vanwege de voortmarcherende mensen er niet bij konden, kon Grijsje zoveel eten als hij wilde.

- Wanneer men veronderstelt dat het menselijk leven door de rede kan worden gestuurd, vernietigt men de mogelijkheid van het leven.

- "Je bent me niet lief omdat je mooi bent, maar je bent mooi omdat ik je liefheb."

- Natasja had er geen behoefte aan onder de mensen te zijn, maar ze had graag haar familie om zich heen: gravin Marja, haar broer, haar moeder en Sonja. Ze verkeerde graag in het gezelschap van de mensen bij wie het mogelijk was met warrig haar, in haar ochtendjas, met grote stappen uit de kinderkamer naar buiten te komen en met een blij gezicht een luier te laten zien met een gele in plaats van een groene vlek en de troostende woorden te horen dat het kind nu aan de beterende hand was.

   

Lees verder in deel 6 van mijn bespreking: verfilmingen van Oorlog en vrede.
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

maandag 27 maart 2023

Tolstoj: Oorlog en vrede 4

Tolstoj: Oorlog en vrede (Rusland, 1867-1869): 2 delen: 1552 blz: Vertaald door Yolanda Bloemen & Marja Wiebes (2006): Uitgeverij van Oorschot: de Russische bibliotheek
 

 
Citaten deel 3:
- Nadat de tsaar op 13 juni, om twee uur 's nachts Balasjov bij zich had geroepen en hem zijn brief aan Napoleon had voorgelezen, droeg hij hem op de brief mee te nemen en hem persoonlijk aan de Franse keizer te overhandigen. Toen hij Balasjov wegzond, herhaalde de tsaar nogmaals dat hij geen vrede zou sluiten zolang er nog één gewapende vijand op Russische bodem rondliep, en hij beval hem uitdrukkelijk deze woorden aan Napoleon over te brengen. De tsaar had deze woorden niet in zijn brief opgenomen omdat hij met de hem eigen tact aanvoelde dat het niet verstandig was die te gebruiken op het moment dat hij een laatste poging tot verzoening deed ...
 
Een beschrijving van Napoleon:
- Hij had zich zojuist gekleed voor zijn rijtoer. Hij droeg een openvallende blauwe uniformjas over een wit vest, dat zijn ronde buik bedekte, een witte chamois rijbroek die om de dikke dijen van zijn korte benen spande en hoge laarzen. Zijn korte haar was kennelijk net gekamd, maar één lok hing over het midden van zijn brede voorhoofd naar beneden. Zijn mollige witte hals stak scherp af tegen de zwarte kraag van zijn uniformjas, er hing een geur van eau de cologne om hem heen. Op zijn jeugdige volle gezicht met de naar voren stekende kin lag een uitdrukking van minzaam, plechtig, keizerlijk welkom.
 Hij kwam binnen, waarbij hij bij iedere stap een snelle schokkende beweging maakte en zijn hoofd enigszins achterover hield. Zijn hele gedrongen, gezette figuur met de brede dikke schouders en de onbewust naar voren gestoken buik en borst hadden dat statige en indrukwekkende, dat goedverzorgde veertigers vaak hebben.

- En toen Napoleon hoorde dat Moskou meer dan tweehonderd kerken had, zei hij:
 "Waarom zo veel?"
 "De Russen zijn erg vroom," antwoordde Balasjov.
 "Overigens is een grote hoeveelheid kloosters en kerken altijd een teken van achterlijkheid van een volk," zei Napoleon, terwijl hij omkeek naar Caulaincourt voor waardering voor deze uitspraak.

- Een goede legeraanvoerder heeft niet alleen helemaal geen genialiteit en geen bijzondere kwaliteiten van node, integendeel, hij is beter af met het ontbreken van de hoogste en beste menselijke eigenschappen; zoals liefde, poëzie, tederheid, onderzoekende filosofische twijfel. Hij moet beperkt zijn, er vast van overtuigd zijn dat wat hij doet erg belangrijk is (anders verliest hij zijn geduld) en pas dan zal hij een dappere legeraanvoerder zijn. God verhoede dat hij een mens is, dat hij iemand liefheeft, medelijden kent of erover nadenkt wat juist is of niet.

- Wat hadden Sonja, de graaf en de gravin gemoeten, als ze alleen maar naar de zwakke, wegkwijnende Natasja hadden kunnen kijken, zonder iets te doen, als die pillen die om de paar uur ingenomen moesten worden er niet waren geweest, of die warme drankjes, die gehaktballetjes van kip, en al die andere dingetjes die de dokter voorschreef, die de mensen om haar heen een bezigheid en een troost verschaften?
 
- Het stof hing nog net zo onbeweeglijk boven het geroezemoes van de rustende soldaten. Er was geen wind. Toen hij over de dam reed rook vorst Andrej de slijkerige, frisse geur van de vijver. Hij had zin om het water in te gaan, hoe modderig dat ook was. Hij keek eens naar de vijver waarvandaan kreten en gelach opstegen. Het water in de kleine, troebele groene vijver was duidelijk zo'n dertig centimeter gestegen en stroomde over de dam heen, omdat er allemaal naakte, witte soldatenlijven met steenrode handen, nekken en gezichten in rondspartelden. Al dat naakte witte mensenvlees spartelde lachend en schreeuwend rond in die modderpoel, als karpers in een visemmer. Er zat iets vrolijks in dat gespartel en dat gaf het iets bijzonder weemoedigs.
 
- Vorst Vasili zei fluisterend:
 "Ik weet zeker dat Koetoezov als uitdrukkelijke voorwaarde heeft gesteld dat de tsarevitsj niet bij het leger zal zijn: vous savez qu'il a dit à l'Empereur?" En vorst Vasili herhaalde de woorden die Koetoezov tegen de tsaar gesproken zou hebben: "Ik kan hem niet straffen als hij iets verkeerd doet en hem niet belonen als hij iets goed doet."
 
- Zo'n dertig jaar lang lang was Bogoetsjarovo bestuurd door de dorpsoudste Dron, die de oude vorst altijd Dronoesjka had genoemd. 
 Dron was een van die lichamelijk en geestelijk sterke boeren die zodra ze volwassen zijn hun baard laten staan en die zo, zonder te veranderen, zestig of zeventig worden, zonder een haartje grijs of één rotte tand, en die op hun zestigste nog net zo recht en sterk zijn als op hun dertigste.

- "Maar ze zeggen dat hij een bekwaam veldheer is," zei Pierre.
 "Ik weet niet wat je onder een bekwaam veldheer verstaat," zei vorst Andrej spottend.
 "Een bekwaam veldheer," zei Pierre "is iemand die alle eventualiteiten voorziet ... die de plannen van zijn tegenstander doorziet."
 "Dat is onmogelijk," zei vorst Andrej, alsof het om een al lang besliste kwestie ging.

- "Geen gevangenen maken," vervolgde vorst Andrej. "Dat alleen al zou de hele oorlog veranderen en minder wreed maken. Tot nu toe hebben we oorlogje gespeeld, en dat is mensonterend, we doen of we grootmoedig zijn  en dat soort dingen. Die grootmoedigheid en die gevoeligheid zijn als de grootmoedigheid en gevoeligheid van een adellijke dame die flauwvalt als ze een kalf ziet slachten; ze is zo gevoelig dat ze geen bloed kan zien, maar ze eet met smaak kalfsvlees met saus."

- Pierre merkte dat na iedere kogel die doel trof, na ieder verlies de algemene vrolijkheid toenam.

- Wie de wanordelijke achterhoede van het Russische leger zou hebben gezien, zou gezegd hebben dat de Fransen nog maar één kleine inspanning behoefden te leveren en het Russische leger zou verdwenen zijn in het niets; en wie de Franse achterhoede zou hebben gezien zou gezegd hebben dat de Russen nog maar één kleine inspanning behoefden te leveren en de Fransen zouden vernietigd zijn. Maar de Fransen noch de Russen konden die inspanning opbrengen, en de vlam van de veldslag doofde langzaam uit.

- Er waren slechts twee aanwijzingen voor de toestand waarin Moskou zich bevond: het grauw, dat wil zeggen de vele armen op straat en de prijzen. Fabrieksarbeiders, huisbedienden en boeren waren 's ochtends vroeg in groten getale, samen met ambtenaren, seminaristen en edellieden, opgetrokken naar Tri Gory. Nadat men daar tevergeefs op Rastoptsjin had gewacht en tot de overtuiging was gekomen dat Moskou prijsgegeven zou worden, verspreidde de menigte zich over de stad, over de taveernes en kroegen. De prijzen gaven op die dag ook de stand van zaken aan. De prijzen van wapens, goud, van paarden en wagens gingen steeds verder omhoog, terwijl de waarde van papiergeld en van stadsgoederen steeds lager werd, zodat het 's middags wel voorkwam dat vrachtrijders die kostbare zaken, zoals laken vervoerden de helft van hun vracht als betaling kregen, terwijl er voor een boerenpaard vijfhonderd roebels werd betaald en meubels, spiegels en bronzen beelden werden weggegeven.

- Iedere bestuurder denkt in rustige, vreedzame tijden dat de hele onder zijn jurisdictie vallende bevolking slechts door zijn inspanning vooruitgang boekt, en in dit besef van de eigen onvervangbaarheid ligt voor elke bestuurder de beloning voor zijn moeite en inspanning.

   
 
Lees verder in deel 5 van mijn bespreking: citaten uit Oorlog en vrede deel 4.
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

Tolstoj: Oorlog en vrede 3

Tolstoj: Oorlog en vrede (Rusland, 1867-1869): 2 delen: 1552 blz: Vertaald door Yolanda Bloemen & Marja Wiebes (2006): Uitgeverij van Oorschot: de Russische bibliotheek
 

 
Citaten deel 2:
- "De Franse soldaten, zei hij, moeten met hoogdravende woorden tot de strijd worden opgewekt, de Duitsers moeten er op logische wijze van overtuigd worden dat het gevaarlijker is om te vluchten dan aan te vallen, terwijl je een Russische soldaat alleen maar hoeft tegen te houden en tot kalmte te manen."
 
- Toen freule Marja terugkwam van haar vader, zat de kleine vorstin te handwerken, en ze keek freule Marja aan met die speciale uitdrukking van innerlijke, gelukkige rust die alleen zwangere vrouwen eigen is.
 
- Boris glimlachte voorzichtig en wel op zo'n manier dat zijn glimlach zowel kon doorgaan voor ironie, als voor instemming met de geestigheid, al naar gelang de grap werd opgevat.

- Tsja, jongen, zei vorst Nikolaj Andrejitsj tegen zijn zoon, terwijl hij Pierre op de schouder sloeg, die vriend van jou is een beste kerel, ik ben erg op hem gesteld! Een ander zegt allerlei verstandige dingen maar je hebt geen zin om ernaar te luisteren, en hij kletst allerlei onzin en maakt een oude man als ik weer scherp.

- Ofschoon vorst Andrej tegenover Pierre had beweerd onverschillig te staan tegenover wat er allemaal in de wereld gebeurde, volgde hij de gebeurtenissen terdege, liet hij veel boeken bezorgen en merkte hij tot zijn eigen verbazing dat, als er bij hem of zijn vader bezoekers rechtstreeks uit Petersburg, uit het brandpunt van het leven, kwamen, die mensen minder wisten van wat er allemaal in de buitenlandse en binnenlandse politiek gebeurde dan hij, die ver weg in de provincie leefde.
 
- Bovendien koketteerde Speranski, ofwel omdat hij oog had voor de talenten van vorst Andrej, ofwel omdat hij het nodig achtte hem voor zich te winnen, tegenover vorst Andrej met zijn onpartijdige, rustige oordeel, en vleide hij vorst Andrej met het subtiele, met zelfverzekerdheid gepaard gaande gefleem, dat bestaat uit de stilzwijgende veronderstelling dat je gespreksgenoot en jijzelf de enigen zijn die in staat zijn de domheid van alle anderen in te zien als ook het vernuft en de diepte van de eigen gedachten.
 
- Voor het oog van de wereld was Pierre een grand seigneur, de enigszins blinde en lachwekkende echtgenoot van een beroemde vrouw, een intelligente zonderling die niets uitvoerde maar ook niemand kwaad deed, een brave borst.
 
- Natasja vond een familieonderdonsje op een bal gênant, alsof er geen andere plaats voor familiegesprekken was dan op een bal!
 
- Zoals iedereen die in de hogere kringen is opgegroeid, vond vorst Andrej het plezierig om in die kringen iemand te treffen die niet het stempel van het mondaine leven droeg.

- Berg glimlachte in het besef van zijn superioriteit ten opzichte van zijn zwakke vrouw en zweeg even, terwijl hij bedacht dat zijn lieve echtgenote toch maar een zwakke vrouw was die niet in staat was te bevatten wat de waardigheid van een man inhoudt, wat het betekende ein Mann zu sein. Vera glimlachte tegelijkertijd, eveneens in het besef van haar superioriteit ten opzichte van haar deugdzame, goede echtgenoot die, volgens Vera, toch net als alle mannen een verkeerde kijk op het leven had. Berg ging af op zijn vrouw en beschouwde alle vrouwen als zwak en dom. Vera ging alleen af op haar man en betrok haar waarneming op alle mannen, en dacht dat alle mannen alleen zichzelf verstand toedichtten en tegelijkertijd niets begrepen en hoogmoedig en egoïstisch waren.

- Ik ken uw zuster te weinig, antwoordde vorst Andrej ... en verder heb ik opgemerkt dat een vrouw des te standvastiger is naarmate ze minder aantrekkelijk gevonden wordt ...

- "Hélène, die nooit van iets anders heeft gehouden dan van haar eigen lichaam, en die een van de domste vrouwen ter wereld is, dacht Pierre, wordt door de mensen gezien als het toppunt van intelligentie en verfijndheid, en ze wordt door iedereen geacht. ..."

- Gravin Bezoechov had niet ten onrechte de naam een fascinerende vrouw te zijn. Ze verstond de kunst om op een heel simpele en natuurlijke manier dingen te zeggen die ze niet meende, en dan vooral vleiende dingen.

 - En met die voor domme mensen zo kenmerkende voorliefde voor een conclusie waartoe ze zelf zijn gekomen herhaalde Anatole de redenering die hij Dolochov al honderdmaal had voorgehouden.
 
- En ze begon wanhopig te huilen, zoals alleen mensen huilen die voelen dat ze de oorzaak van hun eigen ellende zijn.

   

Lees verder in deel 4 van mijn bespreking: citaten uit Oorlog en vrede deel 3.
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

zondag 26 maart 2023

Tolstoj: Oorlog en vrede 2

Tolstoj: Oorlog en vrede (Rusland, 1867-1869): 2 delen: 1552 blz: Vertaald door Yolanda Bloemen & Marja Wiebes (2006): Uitgeverij van Oorschot: de Russische bibliotheek
 

 
Citaten deel 1:
- ... Niets is voor een jongeman zo onontbeerlijk als het gezelschap van verstandige vrouwen.
 
- Invloed in de wereld is echter een kapitaal waarmee je zuinig moet omgaan om het te behouden. Vorst Vasili wist dit en toen hij eenmaal had begrepen dat als hij voor iedereen die hem daarom verzocht gunsten zou vragen, hij weldra niets meer voor zichzelf zou kunnen vragen, wendde hij zijn invloed zelden aan.
 
- Zelfs in de beste, hartelijkste en meest ongecompliceerde vriendschappen zijn complimentjes of vleierij even onontbeerlijk als smeerolie is om raderen te laten draaien.
 
- Ja, daar hebt u gelijk in, vervolgde de gravin. Tot nu toe ben ik God zij dank altijd een vriendin voor mijn kinderen geweest en genoot ik hun volle vertrouwen, zei de gravin, dezelfde vergissing makend als zoveel ouders, die denken dat hun kinderen geen geheimen voor hen hebben.

- Natasja, die tegenover hem zat, keek naar Boris zoals een meisje van dertien kijkt naar de jongen die ze zojuist voor het eerst heeft gekust en op wie ze nu verliefd is. Soms richtte zij diezelfde blik op Pierre, en de blik van dit grappige, levendige meisje maakte dat hij zelf ook wilde lachen, al wist hij niet waarom.

- De vorstin glimlachte, zoals mensen glimlachen die meer over een onderwerp denken te weten dan degenen met wie zij spreken. 

- Hij [vorst Nikolaj Andrejevitsj Bolkonski] zei altijd dat er voor de menselijke ondeugden maar twee oorzaken waren: ledigheid en bijgeloof, en dat er slechts twee deugden waren: werkzaamheid en verstand.

- Maar zijn landgenoten marcheerden, schouder aan schouder, zodat de bajonetten tegen elkaar stootten, zonder onderbreking in een aaneengesloten massa over de brug. Vorst Nesvitski keek over de leuning naar beneden en zag de snelle, ruisende, kleine golfjes van de Enns, die samenvloeiden, opspatten en ombogen bij de pijlers van de brug, om dan weer achter elkaar voort te jagen. Daarna keek hij weer op de brug en zag net zulke eenvormige, levende golven van soldaten, pluimen, sjako's met snoeren en overtrekken, ransels, bajonetten, lange geweren en onder de sjako's gezichten met brede jukbeenderen, ingevallen wangen en een uitdrukking van onbezorgde vermoeidheid en benen die zich voortbewogen door de plakkerige modder dat de planken van de brug bedekte. Nu en dan dook tussen de eenvormige golven van soldaten als een vlok wit schuim in de golven van de Enns een officier op in een lange mantel en met een van de soldatengezichten afwijkende fysionomie; nu en dan werd met de golven infanteristen over de brug, als een spaander die meegevoerd wordt door een rivier, een te voet gaande huzaar, oppasser of burger meegenomen; soms ook dreef over de brug, als een stuk hout dat over een rivier voortdrijft, van alle kanten omgeven, een hoog bepakte en met leren dekzeil afgedekte officiers- of regimentswagen.
 
- Als ze over het huwelijk dacht, droomde freule Marja altijd over huiselijk geluk, over kinderen, maar haar grootste, sterkste en meest geheime verlangen gold de aardse liefde.
 
- Rostov zag dat de ogen van de tsaar vol tranen stonden en hij hoorde hem bij het wegrijden in het Frans tegen Czartoryski zeggen:
- Wat verschrikkelijk, wat is oorlog toch iets verschrikkelijks!
 Quelle terrible chose que la guerre!
 
- Dachten de leden van de raad aanvankelijk nog dat Koetoezov deed alsof hij sliep, de nasale geluiden die hij tijdens de nu volgende voorlezing uitstootte waren het bewijs dat het de opperbevelhebber op dat moment om een veel belangrijker zaak ging dan de wens zijn minachting uit te spreken over een aanvalsplanopstelling of iets anders - namelijk om het voldoen aan de onweerstaanbare menselijke behoefte aan slaap. Hij sliep echt.

- Als hij veertigduizend man heeft is het veel, antwoordde Weirother met de glimlach van een dokter die van een kruidenvrouwtje raad krijgt over een behandelwijze.

- Een soldaat op mars is net zo ingesloten en beperkt door zijn regiment als een zeeman is door het schip waarop hij zich bevindt. Hoe ver hij ook gaat, tot welke vreemde, onbekende en gevaarlijke breedtegraden hij ook doordringt, zijn omgeving is, zoals voor een zeeman het dek, de masten en de tuigage van zijn schip, altijd en overal hetzelfde: dezelfde kameraden, dezelfde gelederen, dezelfde sergeant Ivan Mitritsj, dezelfde regimentshond Roetmop, dezelfde officieren.

   

Lees verder in deel 3 van mijn bespreking: citaten uit Oorlog en vrede deel 2.
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zaterdag 25 maart 2023

Tolstoj: Oorlog en vrede 1: Inleiding en korte inhoud

Tolstoj: Oorlog en vrede (Rusland, 1867-1869): 2 delen: 1552 blz: Vertaald door Yolanda Bloemen & Marja Wiebes (2006): Uitgeverij van Oorschot: de Russische bibliotheek
 

 
Als je mij vraagt naar mijn favoriete roman uit al die vele honderden romans die ik heb gelezen, dan zijn er twee mogelijke kandidaten. De eerste kandidaat is "Anna Karenina", ook van Tolstoj, in de vertaling van Hans Boland en de tweede is deze vertaling van "Oorlog en vrede". Beide romans geven aan de hand van de belevenissen van een aantal personen een beeld van een hele maatschappij. "Anna Karenina" is wat strakker van compositie, "Oorlog en vrede" waaiert breed uit over alle terreinen van het leven en is nog ambitieuzer van opzet. Wat ook meehelpt is dat beide romans in een prachtig Nederlands zijn vertaald, dat zeer soepel loopt en erg mooi is om te lezen. Als ik voor één van beide romans moet kiezen, dan ga ik toch voor "Oorlog en vrede", dat ik nu voor de 5e keer heb gelezen.
 
"Oorlog en vrede" was ook één van de favoriete romans van mijn vader. Mij heeft het moeite en tijd gekost om tot de wereld van "Oorlog en vrede"door te dringen. Toen ik de roman voor het eerst las moest ik het doen met de nogal verouderde vertaling van René de Vries uit 1966. Bij de eerste 2 pogingen strandde ik al voor bladzijde 200. Pas bij de derde poging in juli 1999 las ik "Oorlog en vrede" voor het eerst in zijn geheel. 
 
Toen ik hoorde dat er een nieuwe vertaling uitkwam van de hand van de Leidse Slavisten Yolanda Bloemen en Marja Wiebes die eerder "Berichten uit Kolyma" van Varlam Sjalamov prachtig in het Nederlands hadden vertaald, kocht ik deze op de dag dat hij uitkwam en las hem in oktober 2006 voor de eerste keer. Er was inmiddels ook een vertaling van de oerversie van "Oorlog en vrede" uitgekomen. Die vertaling was ook mooi, zij het niet zo mooi als de versie van Bloemen en Wiebes, maar deze oerversie was toch aanmerkelijk minder indrukwekkend dan de definitieve uitgave. Eind 2013 en begin 2014 herlas ik de vertaling van Bloemen en Wiebes en nu heb ik hem voor de derde keer gelezen, wat in totaal maakt dat ik "Oorlog en vrede" vijf keer heb gelezen.

"Oorlog en vrede" is in alle opzichten een kolossaal boek, het telt 1552 bladzijden en bevat honderden karakters. 
 
Het boek behandelt het wel en wee van vijf adellijke families:

1) De familie Rostov, bestaande uit graaf Ilja en gravin Natalia en Vera hun oudste dochter, Nikolaj hun oudste zoon, soldaat en één van de hoofdpersonen van het boek, Natasja hun jongste dochter, één van de andere hoofdpersonen en Petja hun jongste zoon. Daarbij komt nog Sonja, een nichtje dat is opgenomen in de familie.

2) De familie Bezoechov, bestaande uit de schatrijke graaf Kirill, die al in het begin van het boek komt te overlijden en Pierre zijn buitenechtelijke zoon die zijn vermogen erft en ook één van de hoofdpersonen.

3) De familie Bolkonski, bestaande uit vorst Nikolaj en zijn zoon Andrej, ook één hoofdpersoon en dochter Marja.

4) De familie Koeragin, met vorst Vasili en zijn vrouw, hun oudste zoon Hippolyte en jongste zoon Anatole en hun dochter Hélène.

5) De familie Droebetskoj met vorstin Anna Michajlovna en haar zoon Boris die een bijrol vervullen.

Behalve deze personages komen er wel meer dan 500 bijfiguren in het boek voor die al dan niet een belangrijke rol spelen. In het begin lijkt het moeilijk om alle personages uit elkaar te houden, maar als je oplet op de voornaamste 5 families en je een beetje aandachtig leest valt het erg mee.

Het mooie van "Oorlog en vrede" is niet alleen dat het een prachtig boek is, maar het is ook nog vertaald in het mooiste Nederlands dat ik ooit ben tegengekomen. Tolstoj gebruikt in zijn boek veel Frans, dat in de tekst onvertaald is gelaten en waarvan onderaan de bladzijden de vertaling wordt gegeven. Frans werd veel gesproken in de adellijke kringen waarin Tolstoj verkeerde.

Het eerste hoofdstuk van deel 1 begint met een soiree bij een hofdame in Petersburg in juli 1805. Hier worden een aantal van de hoofdpersonen voorgesteld. Bij een feest bij de familie Rostov in Moskou in augustus worden de overige hoofdpersonen voorgesteld.

Hoofdstukken 2 en 3 gaan vooral over de oorlog en dan met name die tegen Napoleon die de Russen in de slag bij Austerlitz verslaat.

Deel 2 gaat over de jaren tussen de slag bij Austerlitz en 1812. Voor mij één van de hoogtepunten van het boek is de beschrijving van de wolvenjacht op blz 636-646. Andere gebeurtenissen die beschreven worden zijn een duel tussen Pierre en Dolochov, Nikolaj die een vermogen verliest met kaarten, het eerste bal van Natasja, een huwelijksaanzoek voor Sonja en Natasja.

In het tweede boek trekt Napoleon op naar Moskou. Tolstoj beschrijft de oorlog vooral gezien door de ogen van de gewone soldaten. Napoleon beschouwt hij niet als een geniale leider, maar als een jongetje dat met een koordje in zijn hand in een koets zit en denkt dat hij de koets bestuurt. Tolstoj heeft wel veel bewondering voor de Russische opperbevelhebber Koezoetov die zijn tijd neemt, zegt dat met geduld en tijd alle vijanden overwonnen kunnen worden, en wiens voornaamste taken bestaan uit terugtrekken en het weerhouden van zijn leger om het gevecht aan te gaan.

Het boek telt twee epilogen. De eerste epiloog laat het leven van de hoofdpersonen zien 7 jaar later en de tweede epiloog is een filosofische bespiegeling over de aard van geschiedschrijving, voor mijn gevoel totaal overbodig.

Eigenlijk zou iedereen die een serieus lezer van goede boeken is dit boek moeten lezen. Er zijn 3 vertalingen van "Oorlog en vrede" in omloop. De oudste is van René de Vries uit 1966, een goede vertaling, maar behoorlijk verouderd. Vlak voor deze vertaling verscheen in 2005 een oerversie in de vertaling van Diewke Papma en Pieter Zeeman . Met deze nieuwste vertaling van Marja Wiebes en Yolanda Bloemen kunnen beide oudere versies bij het oud papier.
 
   

Lees verder in deel 2 van mijn bespreking: citaten uit Oorlog en vrede deel 1.
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

maandag 2 januari 2023

Giacomo Casanova: Memoires: Deel 1: De school van het leven

Giacomo Casanova: De school van het leven (Italië, 1790-1798): 332 blz: Vertaald door Theo Kars (1991): Uitgeverij Athenaeum-Polak & van Gennep
 

 
"De school van het leven" is het eerste deel van de memoires van de Venetiaan Giacomo Casanova (1725-1798). In 2015 heb ik een serie van 10 stukjes geschreven met uitgebreide citaten uit dit boek. Nu ben ik van plan alle 12 delen van de memoires te herlezen en kort te bespreken met de mooiste citaten. Ik ben inmiddels gevorderd tot deel 6.

"De school van het leven" gaat over de eerste 18 jaren van het leven van Casanova. Al op jonge leeftijd doet hij zijn eerste seksuele ervaringen op, bij Bettina, een meisje dat drie jaar ouder is dan hijzelf. Hij krijgt de smaak te pakken en blijft de rest van zijn leven onvermoeibaar achter vrouwen aanjagen. 

Behalve zijn liefdesavonturen bevatten zijn memoires veel informatie over de zeden en gewoontes van zijn tijd en zijn ze doorspekt met opmerkelijk veel levenswijsheden. Ik heb afgelopen oktober "De school van het leven" voor de vijfde keer gelezen en kan dit deel van harte aanbevelen aan andere lezers.
 
Citaten:
- U zult lachen als u te weten komt dat ik vaak zonder gewetensbezwaar domoren, schurken en dwazen heb bedrogen als mij dat nodig leek. Wat vrouwen betreft: het bedrog is wederzijds en telt niet, want als er liefde in het spel is, zijn beide partijen gewoonlijk de dupe.
 
- Mijn leven is mijn stof, mijn stof is mijn leven. Omdat ik dit doorbracht zonder ooit te denken dat ik zin zou hebben het te beschrijven, kan het een belang krijgen, dat misschien zou ontbreken als ik tijdens mijn leven het voornemen had gehad het op mijn oude dag te beschrijven en, wat meer is: te publiceren.
 
- Het koesteren van mijn zintuiglijke genietingen is heel mijn leven mijn voornaamste bezigheid geweest; ik heb nooit een belangrijker doel gekend. Omdat ik mij geboren voelde voor de andere sekse, heb ik deze altijd liefgehad, en alles gedaan wat ik kon om wederliefde te wekken. Ik heb ook altijd erg veel van lekker eten gehouden en daarnaast een hartstocht gehad voor alles wat mijn nieuwsgierigheid prikkelde.

- Bettina kwam elke dag mijn haar kammen. Zij waste mijn gezicht, hals en borst en liefkoosde mij als een kind. Ik wist dat ik die strelingen als onschuldig moest opvatten, en nam het mijzelf kwalijk dat ik erdoor van slag raakte. Omdat ik drie jaar jonger dan zij was, dacht ik dat zij niet van mij kon houden met ondeugdzame bedoelingen, en daardoor kreeg ik een hekel aan mijzelf vanwege mijn eigen ondeugdzame verlangens.
 
- Wie echt van iemand houdt, is altijd bang dat het voorwerp van zijn liefde zal denken dat hij overdrijft; en door de vrees te veel te zeggen, zegt hij te weinig.

- Liefde is welsprekend, het onderwerp is onuitputtelijk, maar als het einddoel waarop zij is gericht, niet in zicht komt, zakt zij ineen als deeg bij de bakker.

- Ik was zo ijdel mij nog niet te willen scheren: ik koesterde mijn donshaar omdat dit bewees hoe jong ik nog was. Dit was een absurd idee, maar op welke leeftijd houdt iemand er eigenlijk geen absurde ideeën meer op na? Hij komt makkelijker van zijn ondeugden af.

- Ik eindigde met deze dwaze gemeenplaats, waar men zich van bedient om elk meisje, zelfs een fatsoenlijk, in behoeftige omstandigheden te troosten. Ik voorspelde haar het geluk dat haar ten deel zou vallen door de onweerstaanbare uitwerking van haar charmes.

- Ik had een vast voorgevoel dat ik die avond al mijn geld zou terugwinnen. Enkele jaren later heb ik mij gewroken door een pamflet te schrijven waarin ik voorgevoelens hekelde. Ik geloof dat de enige voorgevoelens waar een wijs man aandacht aan moet schenken degene zijn die hem onheil aankondigen: deze komen voort uit zijn verstand. Voorgevoelens van komend geluk worden door het hart ingegeven, en het hart is een dwaas wie het past in de Fortuin te geloven, want deze is eveneens dwaas.

Lees verder in mijn bespreking van deel 2 van de memoires: "Eigen heer en meester".

   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

maandag 27 december 2021

Marcel Proust (tekst) & Stéphane Heuet (tekeningen en bewerking): Op zoek naar de verloren tijd: In de schaduw van de bloeiende meisjes

Marcel Proust (tekst) & Stéphane Heuet (tekeningen en bewerking): Op zoek naar de verloren tijd: In de schaduw van de bloeiende meisjes (Frankrijk, 2000 en 2002): 2 delen: Elk deel 48 blz: Vertaald door Jelle Noorman (2002 en 2003): Uitgeverij Atlas
 
Op zoek naar de verloren tijd  - In de schaduw van de bloeiende meisjes
 
Voor de algemene inleiding bij deze graphic novel, zie mijn stukje over "Combray".
 
Van de volledige serie van "Op zoek naar de verloren tijd", is het tweede deel "In de schaduw van de bloeiende meisjes" mijn favoriete deel. In dit deel reist Marcel met zijn grootmoeder naar de kustplaats Balbec waar een prachtige kerk staat. Zij logeren in een luxe hotel. Van belang voor Marcel zijn zijn ontmoetingen met de beroemde schilder Elstir en vooral die met een groep meisjes waartussen zijn latere grote liefde zit. 
 
Citaten:
- "Het is hier, dit is de kerk van Balbec."
 Ik zei bij mezelf: "Wat ik tot nu toe heb gezien, waren foto's van deze kerk ...
 ... en van de beroemde Apostelen en het Mariabeeld in het portaal slechts de afgietsels. En nu zie ik de kerk zelf, het beeld zelf: dat is heel wat meer"
 Misschien is het echter ook minder. Mijn geest was verbaasd het beeld dat hij duizendmaal had gehouwen, teruggebracht te zien tot zijn echte vorm in steen ...
 ... onderworpen aan de tirannie van het Specifieke.

- Maar hoeveel groter was mijn smart toen we de lobby van het Grand-Hôtel van Balbec hadden betreden! In dit luxehotel verbleven ook gasten die niet veel betaalden en toch de achting van de directeur genoten, zolang hij zeker wist ...
 ... dat ze niet uit armoe maar uit gierigheid hun hand op de knip hielden. Dat deed niets af aan hun prestige, want gierigheid is een ondeugd en komt derhalve in ieder milieu voor.

- Als de elektrische lampen 's avonds de grote eetzaal met licht overspoelden ...
 ... werd deze een gigantisch aquarium en verdrongen zich de arbeidersbevolking, de vissers, alsmede eenvoudige burgergezinnen, onzichtbaar in het donker, tegen de glazen wand ...
 ... om een glimp op te vangen van het in een trage, gouden deining wiegende luxeleven van deze mensen, dat voor de armen even bijzonder was als het leven van vreemde vissen of weekdieren.
 
- Bloch stelde me aan zijn zusters voor. "Kom, maakt uw peplos met de fraaie gespen eens beter dicht, wat is dit voor vertoon? Ik wed dat je in Balbec bent om schoonheden te ontmoeten."
 Toen ik hem vertelde dat deze reis al lang een diepe wens was geweest, al wilde ik nog liever eens naar Venetië ...
 "Ja, om sorbets te drinken met mooie dames, natuurlijk, en net te doen of je de Stones of Venaice leest van lord John Ruskin, die een saaie mopperaar en stomvervelende zeurpiet is."
 Bloch dacht blijkbaar niet alleen dat in Engeland iedereen van het mannelijk geslacht een lord is, maar ook dat de letter "i" altijd als "ai" wordt uitgesproken.
 
Over de meisjes in Balbec:
- Nu waren hun bekoorlijke trekken niet meer vaag en onbestemd. Wat ik hun verder ook toedichtte, deugdzaamheid in elk geval niet. Geen enkele actrice, boerin of jongedame uit een nonnenschool had me ooit zo knap geleken, gehuld in zoveel mysterie, zo ontzaglijk waardevol, zo ontegenzeggelijk onbereikbaar.
 Men kon onmogelijk zeldzamer soorten bijeen treffen dan deze jonge bloemen, waarvan de golvende, ragfijne haag op dat moment vlak voor mij uiteenweek. Ik vroeg me af of de meisjes die ik daar zag in Balbec woonden en wie zij konden zijn ...
 
- De komst van Mme Elstir zou ons naar ik vreesde nog langer ophouden. Ze bleef niet zo lang.
 Ze had knap kunnen zijn als ze twintig was geweest en met een os door Romeinse dreven had gelopen. Later, toen ik Elstirs mythologische werk leerde kennen, zag ik ook Mme Elstirs schoonheid.
 
- In plaats van zijn gezicht te redden, sprak hij woorden waar ik iets van kon leren: "Ieder mens, hoe wijs ook, heeft in zijn jonge jaren weleens dingen gezegd als zelfs een leven geleid waaraan hij niet graag terugdenkt en waarvan hij elk spoor zou willen uitwissen ... Ik weet dat er jongelui zijn die door hun leermeesters verheven gedachten en een hoogstaande moraal zijn bijgebracht, maar dat zijn armen van geest, krachteloze telgen van theoretici, wier wijsheid ijdel is. Wijsheid ontvang je niet, die moet je zelf ontdekken."
 
       

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

zondag 26 december 2021

Marcel Proust (tekst) & Stéphane Heuet (tekeningen en bewerking): Op zoek naar de verloren tijd: Een liefde van Swann

Marcel Proust (tekst) & Stéphane Heuet (tekeningen en bewerking): Op zoek naar de verloren tijd: Een liefde van Swann (Frankrijk, 2006 & 2008): 2 delen: Elk deel 48 blz: Vertaald door Jelle Noorman (2007 & 2008): Uitgeverij Atlas
 
Op Zoek Naar De Verloren Tijd / Een Liefde Van Swann 1
 
Voor de algemene inleiding bij deze graphic novel zie mijn stukje over "Combray".

In "Een liefde van Swann" staat het liefdesverhaal van meneer Swann voor de cocotte Odette de Crécy centraal. Dit liefdesverhaal vormt binnen de hele cyclus van "Op zoek naar de verloren tijd" een voorafspiegeling van de liefdes die de hoofdpersoon Marcel later zal beleven.
 
Citaten:
- Het "kringetje" stond weliswaar ver af van de milieus waarin Swann zich begaf, maar hij was zo'n vrouwenliefhebber dat hij, zodra hij zich tot de intimi mocht rekenen van vrijwel alle dames uit de aristocratie, in de naturalisatiebewijzen, de "adelbrieven" die de Faubourg Saint-Germain hem had toegekend, nauwelijks méér zag dan een soort ruilwaarde of obligatie ...
 ... waaraan hij status kon ontlenen in een provinciegat of een Parijse "achterbuurt", als hij een oogje had laten vallen op de dochter van van een landjonker of griffier.
 
- Zoals een intelligente man niet bang is een domme indruk te maken op een andere intelligente man, zo vreest een elegante man niet zozeer miskend te worden door een voorname heer als wel door een boerenkinkel.
 
- Swann deed geen moeite om de vrouwen met wie hij zijn tijd doorbracht mooi te vinden, maar juist om zijn tijd door te brengen met de vrouwen die hij van meet af aan mooi vond.
 
- En bedwelmd door het plezier van haar getrouwen, in de ban van kameraadschap, eendracht en lasterpraat, zat Mme Verdurin op haar hoge troon te snikken van aanminnigheid, als een vogel waarvan het beschuit in warme wijn was gedrenkt.
 
- De dokter haalde Mme Verdurin echter over de pianist te laten spelen, vanuit die neiging van veel artsen hun strenge voorschriften onmiddellijk af te zwakken zodra er een gezellig samenzijn waaraan zij zelf deelnemen op het spel staat.
 
- Wanneer ze was vertrokken naar Dreux of Pierrefonds, stortte hij zich in de opwindendste liefdesroman die er is - het spoorboekje - waarin hij altijd wel een manier vond om haar te bereiken.
 
- Want in feite had Swanns liefde het stadium bereikt waarin de meest doortastende arts of chirurg zich zou afvragen of het nog zin heeft of zelfs mogelijk is een patiënt af te helpen van zijn verslaving of kwaal.
 
- Maar toen op het schouwspel van de bedienden dat van de gasten volgde, was Swann spoedig weer doordrongen van de mannelijke lelijkheid. Al zag hij nieuwe aspecten van die lelijkheid. Zelfs de monocles die velen droegen leken elk van hen een zekere persoonlijkheid te verschaffen.
 De monocle van de generaal, die halverwege zijn voorhoofd domineerde als het ene oog van de Cycloop, deed Swann denken aan een gapende wond, die misschien eervol was opgelopen maar waarmee je niet hoorde te pronken; terwijl tegen de achterkant van die van M. de Bréauté, als een preparaat onder een microscoop, een minuscuul en van goede intenties wemelend oog was geplakt.
 Een mondain schrijver plaatste juist een monocle in zijn ooghoek - zijn enige instrument voor psychologisch en analytisch onderzoek.
 De monocle van marquis de Forestelle, die hem tot een pijnlijke grimas dwong, gaf zijn gezicht iets verfijnds en weemoedigs waardoor vrouwen hem in staat achtten tot groot liefdesverdriet.
 Die van M. de Saint-Candé, als Saturnus omgeven door een enorme ring, was het zwaartepunt in een gelaat dat er zich voortdurend naar schikte; terwijl M. de Palancy, die met zijn grote hoofd en ronde ogen op een karper leek en zich, af en toe happend met zijn kaken, traag voortbewoog, een stuk glas van zijn aquarium scheen mee te voeren.

- Daarop stelde Swann M. de Froberville voor aan de jonge Mme de Cambremer. Haar schoonouders verklaarden dat ze een engel was - vooral omdat ze liever de indruk wekten dat ze haar met hun zoon hadden laten trouwen vanwege haar kwaliteiten dan om haar fortuin.
 
- Na deze soiree besefte Swann dat Odette nooit meer dezelfde gevoelens voor hem zou koesteren als voorheen. 
 Swann wist zeker dat als hij nu ver van Odette had geleefd, ze hem op den duur onverschillig zou zijn geworden, en hij zou dan ook blij zijn geweest als ze Parijs voorgoed had verlaten; hij zou de moed hebben gehad te blijven; hij had niet de moed weg te gaan.
 Als hij arm en berooid was geweest en elk baantje had moeten aannemen, als hij ouders of een vrouw had gehad, had hij Odette misschien wel moeten verlaten. Maar hij besefte dat dit bestaan al jaren zo voortduurde, dat hij hooguit kon hopen dat het altijd zo zou blijven, dat hij zijn werk, zijn genoegens, zijn vrienden en uiteindelijk zijn hele leven zou opofferen aan het dagelijks wachten op een afspraak, en hij vroeg zich af of hij zich niet vergiste, of wat goed was geweest voor zijn verhouding zijn levensloop niet had geschaad.

- Vaak was het Odette zelf die hem spontaan, en zonder het te beseffen, dingen onthulde die hij niet wist - en nu vreesde te zullen horen, want Odette had geen idee hoe groot de kloof was die door haar losbandigheid ontstond tussen haar ware leven en het tamelijk onschuldige bestaan dat Swann zijn minnares toedichtte.
 
Lees verder in mijn bespreking van "In de schaduw van de bloeiende meisjes".

     
 
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

Marcel Proust (tekst) & Stéphane Heuet (tekeningen en bewerking): Op zoek naar de verloren tijd: Combray

Marcel Proust (tekst) & Stéphane Heuet (tekeningen en bewerking): Op zoek naar de verloren tijd: Combray (Frankrijk, 1998): 72 blz: Vertaald door Jelle Noorman (2002): Uitgeverij Atlas
 
Op Zoek Naar De Verloren Tijd / Combray
 
Zoals trouwe lezers van dit blog weten ben ik een fan van mooie graphic novels. Soms worden van beroemde boeken stripbewerkingen gemaakt. Dick Matena is een voorbeeld van een Nederlandse tekenaar die een aantal meer of minder geslaagde stripbewerkingen heeft gemaakt, meestal met behoud van de volledige tekst van de romans.

In Frankrijk heeft de tekenaar Stéphane Heuet de eerste twee delen van Prousts meesterwerk "Op zoek naar de verloren tijd" bewerkt tot een graphic novel.

In dit eerste deel "Combray" worden enkele van de hoofdpersonen van de roman voorgesteld: de jonge Marcel, hoofdpersoon en de latere schrijver van het boek, zijn ouders, meneer Swann, tante Léonie en de huishoudster Françoise. Thérèse Cornips heeft bijna de gehele Proust in prachtig Nederlands vertaald. Ook de vertaling die Jelle Noorman voor deze graphic novel heeft gemaakt, is prachtig om te lezen. De tekeningen zijn zonder meer geweldig.

Ik denk dat deze strip ongeveer een vijfde deel van de tekst bevat van het eerste deel van de roman. Mede daardoor is de strip uitstekend te lezen als voorbereiding op het lezen van de gehele romanreeks, maar hij kan ook prima op zichzelf staan voor iemand die een idee wil krijgen van het schrijverschap van Proust, maar geen zin heeft om de romans te lezen. Volgens mijn jaaroverzichten heb ik deze verstripping inmiddels voor de vijfde keer gelezen. Warm aanbevolen!
 
Citaten:
Swann komt op bezoek bij de grootouders van Marcel:
- "Zo te horen is het Swann."
 Ondanks het feit dat hij een stuk jonger was, had M. Swann een bijzondere band met mijn grootvader, die een van de beste vrienden van zijn vader was geweest ... 
 Hoewel de jonge Swann, vooral voor zijn huwelijk, jarenlang regelmatig bij ons langskwam in Combray ... 
 ... hadden mijn oudtante en grootouders er al die tijd geen idee van dat ze een van de elegantste leden van de Jockey-club ontvingen ...
 ... een intieme vriend van de graaf van Parijs en de prins van Wales ...
 ... een van de meest gevraagde gasten van de beau monde in de Faubourg Saint-Germain.

- Pogingen ons verleden op te roepen zijn vergeefse moeite. Hoezeer we ook onze hersens pijnigen, het ligt verscholen, buiten het bereik van ons verstand, ergens in een stoffelijk voorwerp waar we geen idee van hebben.
 
De beroemdste scene uit de hele "Op zoek naar de verloren tijd", de scene met de madeleine:
- "Hé! Een madeleine?"
 "Ja, Nicolas is bij de bakker geweest."
 Een heerlijk gevoel overrompelde me, omhulde me, zonder dat ik de oorzaak doorgrondde. 
 Waar kon die overweldigende vreugde vandaan komen?
 Ik besefte dat ze verband hield met de smaak van de thee en het cakeje, maar deze oneindig ver te boven ging, en dat ze van een andere aard moest zijn.
 De waarheid die ik zoek zit beslist in mij en niet in deze smaak, waardoor ze slechts is opgeroepen ...
 Ik moet tien keer opnieuw beginnen ...
 Wat daar in mij in beroering is, moet het beeld, de visuele herinnering zijn die bij deze smaak hoort en mee naar boven tracht te komen. Zal ze de oppervlakte van mijn heldere bewustzijn bereiken, deze herinnering, dit moment van weleer ...
 En plotseling schiet de herinnering me te binnen.
 Die smaak dat was die van het stukje madeleine dat mijn tante Léonie me zondagochtend altijd gaf, nadat ze het in haar zwarte of lindebloesemthee had gedoopt.
 En net als in dat Japanse spel waarbij kleine, schijnbaar doodgewone propjes papier in een porseleinen kom met water worden geworpen, die zich, eenmaal ondergedompeld, ontvouwen, ontplooien, kleuren en vormen aannemen, en veranderen in bloemen, huizen of duidelijk herkenbare personen, zo kwamen nu alle bloemen uit onze tuin en die uit het park van M. Swann, en de waterlelies in de Vivonne, en de goede mensen in het dorp en hun huisjes en de kerk en heel Combray en omgeving, al wat maar een vaste vorm kan aannemen, de stad en haar tuinen, uit mijn kopje thee te voorschijn.
 
- Maar mijn tante wist dat het niet voor niets was, want in Combray was iemand "die men helemaal niet kende" net zoiets ongelooflijks als een god uit de mythologie. Iedereen in Combray kende iedereen - dieren en mensen - zo goed dat mijn tante, als ze een hond zag "die ze helemaal niet kende", daar maar over bleef piekeren.
 
Over cocottes:
- Ze had een onbeduidende opmerking van mijn vader gekozen, deze fijntjes bewerkt en uiteindelijk veranderd in een pronkjuweel, in iets "uiterst charmants".
 Later besefte ik dat een van de roerende kanten van deze ledige en toch bezige vrouwen was dat ze hun gulheid, hun talent, een steeds beschikbare droom van sentimentele schoonheid en een goudglans die hun weinig kost benutten om het ruwe, onbehouwen leven van mannen te verfraaien met enkele ingelegde edelstenen.

- O, mooie zondagmiddagen onder de kastanje in de tuin van Combray, zorgvuldig door mij ontdaan van de middelmatige voorvallen uit mijn persoonlijke leven, die ik had vervangen door een avontuurlijk bestaan, vol vreemde ambities in een land met beken doorstroomd, jullie roepen dat bestaan nog altijd op, wanneer ik aan jullie terugdenk ...
 
- Van alles waaruit liefde kan ontstaan, is de idee dat de aanbedene een onbekend leven leidt waarin haar liefde ons zal binnenvoeren, wel het meest onontbeerlijke. Daarom houden vrouwen van militairen en brandweerlieden: ze menen onder het uniform een heel ander, avontuurlijk, teder hart te kussen.
 
- Dat jaar, op de ochtend van ons vertrek, toen mijn haar was gefriseerd en me voorzichtig een hoed was opgezet omdat ik op de foto moest, vond mijn moeder me in tranen in het paadje langs Tansonville, waar ik met mijn armen om de stekelige takken de meidoorn gedag zei. "O, daar is hij."
 "Och, mijn arme meidoorn, jij zou me nooit dwingen weg te gaan! Ik zal altijd van je houden ..."
 Mijn tranen afvegend nam ik me voor dat ik, wanneer ik groot was, niet zo dwaas zou zijn als andere mensen, maar zelfs als ik in Parijs woonde, in plaats van bezoekjes af te leggen en geklets aan te horen, in de lente naar het platteland zou gaan om de eerste meidoorn te zien bloeien.
 
Lees verder in mijn bespreking van "Een liefde van Swann".
 

       

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.