Lidewijde Paris: Hoe lees ik? (Nederland, 2016): 275 blz: Uitgeverij Meulenhoff
Op
de sites van collega-bloggers heb ik al een aantal enthousiaste
besprekingen over "Hoe lees ik?" van Lidewijde Paris gelezen. Kijk op de
blogs van
Alek,
Barbara en
Jannie voor een uitgebreidere bespreking.
Omdat er dus al minstens drie goede besprekingen op het net staan, houd
ik het hier kort. Wel geef ik zoals gebruikelijk een aantal citaten,
hoewel ik hier meteen bij moet zeggen dat ik het aantal geschikte
citaten in het boek naar verhouding erg klein vind.
De
ik in de titel, slaat niet zoals je misschien zou denken op de lezer
van het boek, maar op Lidewijde Paris, de schrijfster ervan. Lidewijde
Paris is redacteur bij een literaire uitgeverij en haar manier van lezen
zou je dus als een beroepsdeformatie kunnen beschouwen. Het lijkt mij
niet meer dan logisch dat een redacteur veel gedetailleerder naar een
tekst kijkt dan een gemiddelde lezer dat ooit zal doen.
Lidewijde Paris schrijft zeer onderhoudend en zeer leesbaar. Om haar betoog te ondersteunen legt ze een aantal begrippen uit de literatuurstudie uit, zoals "fabel en sujet" en "Raffung und Dehnung" waar ik nog nooit van had gehoord en dat ik zeer mooie termen vind. Aan de hand van een aantal tekstfragmenten die allen zeer de moeite van het lezen waard zijn, laat Lidewijde zien hoe een tekst is opgebouwd.
Zoals gezegd vind ik dat Lidewijde Paris zeer onderhoudend schrijft en ook mooie teksten heeft uitgezocht om haar betoog te ondersteunen. Haar manier van lezen echter verdient wat mij betreft geen navolging. Ik denk dat 98% van de lezers het met mij eens is, als ik zeg dat ik lees voor mijn plezier en niet om een literatuurbespreking te schrijven of te houden. Het doet mij veel te veel denken aan de methoden op de middelbare school toen mij voor langere tijd (ongeveer 10 jaar) het plezier in het lezen werd ontnomen door de manier waarop we op school met lezen waren omgegaan.
Na
het succes van "Hoe lees ik?" heeft Lidewijde Paris zich speciaal
gericht op het lezen van korte verhalen en "Hoe lees ik korte verhalen"
geschreven. Dat boek heb ik meteen na "Hoe lees ik?" gelezen en is
eigenlijk een herhaling van zetten. Wat mij betreft kunt u dat boek
rustig overslaan, al is het wel leuk om de 14 korte verhalen te lezen
die Lidewijde heeft uitgekozen voor dat boek. Ik vind over het algemeen
de uitgekozen teksten in het nieuwe boek ook minder lezenswaardig dan in
haar eersteling.
Inmiddels
is een derde boek van Lidewijde verschenen: "Een gedicht is ook maar
een ding". Ik heb het bij mijn bibliotheek gereserveerd en zal het
binnenkort ook wel lezen en (wie weet?) bespreken.
Citaten:
- Begrippen helpen vooral bij het duidelijk maken van en het praten of schrijven over literatuur, ze zijn geen doel op zich, hoe bevredigend het vinden ook kan zijn; het is makkelijker om naar "een hamer" te vragen dan steeds te verwijzen naar "dat ding met een houten of metalen handvat en een ijzeren blok aan het uiteinde waarmee we stukjes metaal die we "spijkers" noemen in de muur of een stuk hout slaan zodat we iets kunnen ophangen of twee dingen met elkaar verbinden".
-
Als ik lees, heb ik altijd een potlood bij de hand. Ik zet dus puntjes
en strepen, smileys en m's. Ik maak stambomen, schrijf namen van
personages bovenin, noteer voorin op welke bladzijden ik mooie citaten
heb gevonden of een verklaring voor de titel. Alles wat mij opvalt
tijdens het lezen is meestal wel ergens in die aantekeningen terug te
vinden.
- In The New Yorker van 24 juni 1996 geeft Bill Buford de volgende definitie van een verhaal: "Het is een stuk tekst dat de lezer aanzet om te willen weten wat er verder gebeurt."
- ... iemand kan alleen iets onbekends benoemen aan de hand van dingen die hij wel kent.
-
Op namen ben ik hoe dan ook verdacht. En ik ben vertalers altijd
grenzeloos dankbaar als ze laten weten dat namen van personages een
extra, functionele betekenis dragen, zeker als ik laat vertalen uit een
taal waarvan ik niet alle ins en outs ken.
Uit "De kraai" van Kader Abdolah:
- Soms vertel ik dingen waarvan ik twijfel of ze waar zijn, maar tot mijn verbazing komen ze geloofwaardiger over dan de waarheid.
-
De kunst van het praten over boeken ligt niet alleen in het ventileren
van een mening, maar in de uitleg waarop je die mening baseert.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.