Een onregelmatig verschijnend blog over alles wat mij bezighoudt, maar vooral over boeken, films en lekker eten.
zaterdag 20 mei 2023
Mark Schalken (initiatiefnemer): De vleesvrije stad in 10 jaar
maandag 24 april 2023
Jonathan Safran Foer: Dieren eten
- Als ik een bedrijfslogo misbruik, kan ik in principe in de cel belanden; als een bedrijf een miljard vogels misbruikt, beschermt de wet niet die vogels, maar het recht van dat bedrijf om te doen en laten wat het wil. Dát gebeurt er als je dieren hun rechten onthoudt. Het is idioot dat iedereen dierenrechten als iets idioots beschouwt. We leven in een wereld waarin het normaal is om een dier als een blok hout te behandelen en extremistisch om een dier te behandelen als een dier.
donderdag 20 april 2023
Peter Singer: Dierenbevrijding
- Een Brits tijdschrift voor het boerenbedrijf vertelde zijn lezers:
zondag 20 februari 2022
Lidewijde Paris: Hoe lees ik?
- De kunst van het praten over boeken ligt niet alleen in het ventileren van een mening, maar in de uitleg waarop je die mening baseert.
woensdag 23 juni 2021
Jared Diamond: Zwaarden, paarden & ziektekiemen
Hij kijkt hierbij naar de ligging van de verschillende continenten, de aanwezigheid van planten en dieren die gecultiveerd of gedomesticeerd kunnen worden en de aanwezigheid van ziektekiemen.
In het nabije Oosten (in het boek de "Vruchtbare Halvemaan" genoemd, hoewel dat gebied tegenwoordig helemaal niet zo vruchtbaar meer is) kwamen van nature de grassoorten voor met de grootste graankorrels, vandaar dat dit gebied een voorsprong had bij de eerste landbouw. Ook kwamen juist hier de dieren voor die het makkelijkst gedomesticeerd konden worden (paard, rund, varken, schaap en geit).
Omdat veel ziekten zich ontwikkelden in gebieden met veel kuddedieren ontwikkelden de Europeanen en de Aziaten resistentie voor veel ziekten. Dit speelde later een grote rol bij de Europese verovering van Amerika waarbij waarschijnlijk zo'n 90-95 % van de oorspronkelijke bevolking stierf door allerlei Europese ziekten. Bij de kolonisatie van Afrika stierven veel minder mensen door ziekten omdat ze er daar al aan gewend waren.
De verklaring die Jared Diamond geeft voor de loop van de geschiedenis van na de 15e eeuw is veel minder overtuigend. Toch is dit een heel inspirerend boek, dat uitnodigt tot nadenken. Maar dit boek is voor mij toch vooral belangrijk omdat het mijn kijk op de prehistorie heeft veranderd.
- Journalisten vragen regelmatig aan auteurs om een dik boek in één zin samen te vatten. Voor dit boek bestaat er zo'n zin: "De geschiedenis heeft voor verschillende volkeren een verschillende loop genomen als gevolg van verschillen in het milieu van die volkeren, niet vanwege biologische verschillen tussen de volkeren zelf."
- Dus de kolonisatie van Australië/Nieuw-Guinea is in die zin van grote betekenis dat er boten voor nodig waren; de kolonisatie levert dus verreweg het vroegste bewijs voor het gebruik van schepen. Pas zo'n 30.000 jaar later (13.000 jaar geleden) is er een duidelijk bewijs van het gebruik van boten elders in de wereld, namelijk in het Middellandse-Zeegebied.
- Terwijl de meeste extincties in Australië vermoedelijk meer dan 30.000 jaar geleden plaatsvonden, was dat in Noord- en Zuid-Amerika 17.000 tot 12.000 jaar geleden het geval. Voor die uitgestorven Amerikaanse zoogdieren waarvan de beenderen in enorme aantallen voorkomen en bijzonder nauwkeurig gedateerd zijn, kan de extinctie precies worden gedateerd op omstreeks 11.000 v.Chr.
- Door het selecteren en kweken van de paar soorten planten en dieren die we wel kunnen eten, zodat zij 90% en niet 0,1% van de biomassa op een hectare land vormen, krijgen we veel meer eetbare calorieën per hectare. Bijgevolg kan een hectare gecultiveerd land veel meer herders en boeren voeden - in het algemeen 10 tot 100 maal zoveel - dan een wild stuk land jagers-verzamelaars kan voeden. ...
- Het blijkt dat de eerste gewassen die zo'n 10.000 jaar geleden in de Vruchtbare Halvemaan werden gedomesticeerd, zoals tarwe, gerst en erwten, ontstaan zijn uit wilde stamvormen die al veel voordelen boden.
- Granen hebben het voordeel dat ze snel groeien, veel koolhydraten bevatten en per hectare tot een ton aan eetbaar voedsel kunnen opbrengen. Bijgevolg zijn granen tegenwoordig goed voor meer dan de helft van alle calorieën die mensen consumeren en vormen zij vijf van de twaalf belangrijkste gewassen van de moderne wereld (tarwe, maïs, rijst, gerst en sorghum). Veel granen hebben een laag eiwitgehalte, maar dat tekort wordt gecompenseerd door peulvruchten die dikwijls 25% eiwit bevatten (sojabonen zelfs 38%). Granen en peulvruchten samen leveren dus een groot deel van alles wat een evenwichtige voeding moet bevatten.
- Er leven op aarde maar ongeveer 148 soorten grote wilde landzoogdieren die herbivoor of omnivoor zijn, grote dieren die geschikte kandidaten voor domesticatie zouden kunnen zijn.
- Slechts een dozijn soorten is verantwoordelijk voor meer dan 80% van de huidige jaarlijkse opbrengst van alle gewassen. Dit dozijn "kassuccessen" zijn de granen tarwe, maïs, rijst, gerst en sorghum, de peulvrucht soja, de wortels of knollen aardappel, maniok, en zoete aardappel, de suikerleverende gewassen suikerriet en suikerbiet, en van de vruchten bananen.
- Ons onvermogen om in deze moderne tijd ook maar één belangrijk nieuw voedingsmiddel te domesticeren, lijkt erop te wijzen dat de volkeren in het verleden misschien werkelijk al praktisch alle bruikbare wilde planten hebben beproefd en degene die de moeite van het domesticeren waard waren inderdaad hebben gedomesticeerd.
- De landbouw kwam in de Vruchtbare Halvemaan op gang dankzij de vroege domesticatie van acht gewassen, de zogeheten founder crops (zo genoemd omdat zij de basis vormden voor de landbouw in dit gebied en mogelijk in de wereld). Die acht uitgangsgewassen waren de granen emerkoren, eenkoren en gerst, de peulvruchten linzen, erwten, kikkererwten en wikke, en het vezelgewas vlas. Van deze acht zijn slechts twee soorten, vlas en gerst, in het wild ver buiten de Vruchtbare Halvemaan en Anatolië verspreid.
- Het succes van gedomesticeerde zoogdieren berust op een verrassend klein aantal grote plantenetende landzoogdieren. (Alleen landzoogdieren zijn gedomesticeerd om de voor de hand liggende reden dat waterdieren moeilijk te houden en te fokken waren). Als je "groot" definieert als "zwaarder dan 100 pond" waren er tot de 20e eeuw slechts 14 van zulke soorten gedomesticeerd. Van die 14 werden er 9 in een beperkt gebied belangrijke huisdieren voor de mens: dromedaris, kameel, lama/alpaca, ezel, rendier, waterbuffel, yak, banteng en gaur. Slechts 5 soorten werden over de hele wereld verspreid en belangrijk. Die vijf belangrijkste gedomesticeerde zoogdieren zijn de koe, het schaap, de geit, het varken en het paard.
dinsdag 2 maart 2021
Euclides da Cunha: De binnenlanden
woensdag 3 februari 2021
Marc van Roosmalen: Darwin in een notendop
vrijdag 15 januari 2021
David Quammen: Zoönose
maandag 14 september 2020
Elsbeth Etty: ABC van de literaire kritiek
In dit kleine handzaam uitgegeven boekje geeft Elsbeth Etty een aantal voorschriften waaraan volgens haar een goede boekrecensie moet voldoen. "ABC van de literatuurkritiek" is niet heel erg origineel, maar het is onderhoudend geschreven en het leest lekker weg.
woensdag 22 januari 2020
Paul Duncan & Bengt Wanselius (red): The Ingmar Bergman Archives
Ik ben tegelijk met het bekijken van de films van Ingmar Bergman dit enorme boek aan het lezen dat het leven en werk van Ingmar Bergman behandelt. Taschen heeft in deze serie 7 enorme boeken uitgegeven over beroemde regisseurs en filmseries. Het zijn verder boeken over Charlie Chaplin, de Disney films, Stanley Kubrick, Pedro Almodovar, de films met James Bond en de films van Star Wars. De boeken over Charlie Chaplin en de Disney films heb ik ook in mijn bezit. In al deze boeken hebben ze alles uit de kast getrokken om een zo compleet mogelijk overzicht te geven."The Ingmar Bergman Archives" is een prachtig uitgegeven boek. Zijn gehele werk, zowel theaterproducties, films, opera's, boeken als werk voor de radio en de televisie wordt besproken. Uiteraard wordt de meeste plaats ingeruimd voor zijn films, vooral daarmee is Ingmar Bergman buiten Zweden beroemd geworden. De meeste films krijgen meerdere pagina's tekst, sommige die wat minder belangrijk zijn worden in het kort besproken.
Ik probeer om van dit boek de gehele tekst te lezen. Ik ben inmiddels gevorderd tot blz 131 en moet zeggen dat de teksten uitstekend geschreven en vertaald zijn en zeer informatief. Ik denk dat dit boek een zo compleet mogelijk beeld geeft van Ingmar Bergman. Veel van de teksten zijn geschreven door Ingmar Bergman of zijn naaste medewerkers, maar ook een aantal door andere vooraanstaande regisseurs of critici.
Toch denk ik dat er maar weinig mensen zijn die dit boek in huis hebben die de complete teksten zullen lezen. De illustraties zijn zeker ook een zeer belangrijk onderdeel van dit boek en die zijn ronduit geweldig. Veel stills uit zijn films, afbeeldingen van filmposters, van Bergman aan het werk, enz.
Al met al vind ik het tot dusver een uitzonderlijk interessant boek. Van alle boeken die ik ooit over een kunstenaar of schrijver heb gelezen, is dit voor mij het meest interessante boek.
Om dit boek optimaal te kunnen waarderen moet je wel aan 3 voorwaarden voldoen:
- Je moet een fan zijn van de films van Bergman
- Je moet een groot deel van de films van Bergman hebben gezien
- Je Engels moet behoorlijk goed zijn om de teksten te kunnen lezen.
Ik heb voor dit boek zo'n 135 euro betaald. Dat is behoorlijk veel geld voor een boek, maar gezien het plezier dat ik er van heb beschouw ik dat als een koopje.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
Nawoord 16-02-2020: Ik heb het boek inmiddels van kaft tot kaft gelezen en ben zeer onder de indruk. Hulde aan de samenstellers van dit prachtige boek!
maandag 13 januari 2020
Arnon Grunberg: Alle voetnoten
Een tijdje terug zag ik de dikke pil "Alle voetnoten" van Arnon Grunberg bij Broese liggen. Ik bladerde het boek even door, besloot om te wachten met de aanschaf ervan en reserveerde het bij de bibliotheek.Sinds vrijdag heb ik het boek in huis en heb ik een bescheiden aantal van de voetnoten gelezen, ik denk ruim 100 stuks. Vanaf 29 maart 2010 tot en met 16 mei 2018 heeft Arnon Grunberg 6 keer per week een voetnoot geschreven voor de voorpagina van de Volkskrant. De voetnoten zijn korte stukjes van zo'n 160 woorden waarin Grunberg iets schrijft over wat hem opvalt. Dat kan te maken hebben met de dagelijkse actualiteit, maar dat hoeft niet perse.
Ik heb een paar romans van Arnon Grunberg gelezen en moet zeggen dat ik daar geen fan van ben. Zijn voetnoten daarentegen vind ik onderhoudend en zeer scherp geformuleerd. Een voetnoot is eigenlijk te vergelijken met een kort stukje op iemands blog. In deze eerste ruim 100 voetnoten zaten een aantal schitterende aforismen. Ik ben er zo enthousiast over, dat ik deze bundel snel ga aanschaffen en jullie zullen mij er nog vaker over horen.
Dit is een voorlopige waardering gebaseerd op lezing van de eerste ruim 100 stukjes.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
woensdag 11 september 2019
Maarten van Rossem: Heeft geschiedenis nut?
Het is een vraag die iedere blogger zichzelf wel eens zal stellen: "Moet ik ieder boek dat ik lees bespreken, of alleen diegenen waar ik ook werkelijk enthousiast over ben?". De afgelopen jaren heb ik vrijwel alle boeken besproken die ik heb gelezen, soms ook wel boeken waarvan ik slechts een gedeelte heb gelezen of die ik niet heb uitgelezen.Maarten van Rossem is een van de bekendste Nederlandse historici. Hij is natuurlijk vooral bekend als mediapersoonlijkheid en Amerikadeskundige. De keren dat ik hem op televisie zag, nam hij mij voor zich in door zijn laconieke houding en zijn relativeringsvermogen. Ik herinner me nog dat ik hem na de aanslag op het World Trade Centrum, hoorde vertellen dat deze gebeurtenis waarschijnlijk niet zo veel zou veranderen aan de toestand in de wereld terwijl bijna alle andere commentatoren moord en brand schreeuwden.
"Heeft geschiedenis nut?" valt globaal gesproken uiteen in 2 ongelijkwaardige delen. Het eerste stuk omvat ruim 150 bladzijden en beschrijft de oorlogen in de 20e eeuw, meer specifiek de Eerste en de Tweede Wereldoorlog, met als toegift een stuk over Adolf Eichmann en een over Daniel Goldhagen. Het stuk over de oorlog is een gedegen samenvatting, maar voor wie al redelijk wat over de Eerste en de Tweede Wereldoorlog heeft gelezen bevat het weinig nieuws. Voor wie dat niet heeft, gaat van Rossum er met te grote stappen doorheen.
In mijn ogen is het hoogtepunt van het boek het stuk over Adolf Eichmann van 13 bladzijden, waarin stil gestaan wordt bij de boeken die Hannah Arendt, Harry Mulisch en Abel Herzberg over die man schreven. Een briljant stukje synthese.
De rest van het boek gaat over kunst, cultuur en hedendaagse geschiedenis en bestaat uit stukjes van zo'n 3 bladzijden. Op zich zijn die stukjes aardig geschreven, maar ze zullen mij niet bijblijven.
Hieronder een paar citaten uit het boek:
- Dat er van de geschiedenis geen lessen te leren zijn die onmiddellijk bruikbaar zijn voor de beleidspraktijk, is buiten de kring van beroepshistorici geen populaire opvatting. Journalisten en politici gebruiken met regelmaat historische voorbeelden en analogieën teneinde bepaalde beslissingen te legitimeren. Hoe minder de betrokkenen van de geschiedenis weten, hoe groter hun zelfverzekerdheid bij het opportunistische misbruik van de geschiedenis.
- Door de paniekzaaierij van de media heeft de burger geen idee hoe de verschillende risico's die hij in zijn leven loopt, zich tot elkaar verhouden. Weet hij veel dat zijn eigen keukentrapje, bromfiets, auto en barbecue veel en veel gevaarlijker zijn dan vuurwerkbedrijven en terroristische aanslagen. De deskundige die op 11 of 12 september zou hebben opgemerkt dat er in de Verenigde Staten jaarlijks ruim 42.000 mensen in het verkeer omkomen zonder dat er een haan naar kraait, laat staan dat er een "war on traffic accidents" wordt afgekondigd, zou waarschijnlijk onmiddellijk de deur van de studio zijn gewezen.
Ik heb van Maarten van Rossem eerder zijn boek over de Verenigde Staten gelezen. Ook over dat boek was ik niet zo enthousiast. Ik denk dat ik Maarten van Rossem meer waardeer als mediapersoonlijkheid dan als schrijver. Datzelfde geldt bij mij ook voor die andere troetelhistoricus Geert Mak. Ik denk niet dat ik nog eens een boek van Maarten van Rossem ga lezen.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom
vrijdag 16 augustus 2019
Edward Buscombe: Cinema today
"Cinema today" is een prachtig uitgegeven groot formaat boek met heel veel schitterende illustraties over de film tussen ongeveer 1970 en 2003. Er zijn in het boek veel paginagrote illustraties of zelfs over de volle twee pagina's met fragmenten uit bekende films. Het doorbladeren van het boek zorgt voor een feest der herkenning.Helaas vind ik de teksten aanzienlijk minder interessant. Het boek is opgedeeld in 20 hoofdstukken. De eerste 11 hoofdstukken zijn thematisch onderverdeeld en gaan over de Amerikaanse films. Hoofdstuk 12 tot en met 19 gaan steeds over een grote regio elders in de wereld en hoofdstuk 20 is een zeer kort hoofdstuk over de toekomst van de film.
In zijn tekst noemt Buscombe zeer veel films, ik denk dat hij ruim 2.000 films bij naam noemt. Ik vermoed dat dat bijna alle films zijn die in Engeland enige indruk in de bioscoop hebben gemaakt. De meeste van die films worden in een enkele zin beschreven, en Buscombe geeft vrijwel nooit zijn eigen mening over de besproken films. Hierdoor heb ik geen enkel houvast over welke films die besproken zijn de moeite van het bekijken waard zijn.
Wat ik ook jammer vind is dat er geen enkele film of serie wordt besproken die voor de televisie is gemaakt. Series als: "Monthy Python's Flying Circus", "Fawlty Towers", de "7-Up series", de "Reisprogramma's van Michael Palin", de "Natuurdocumentaires van de BBC" en het Tsjechische "Buurman en Buurman" zijn veel interessanter dan 99% van de bioscoopfilms die zijn gemaakt.
Kortom, dit boek koop je vanwege de plaatjes en niet om de bijbehorende teksten te lezen. Een gemiste kans!
Illustraties *****
Tekst ***
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
donderdag 25 juli 2019
Jeroen Thijssen: Johannes van Dam
Toen ik bij Koen, zijn bespreking over dit boek las, wist ik meteen dat ik deze biografie ook wilde lezen.Johannes van Dam was Nederlands beroemdste culinair journalist. Voor het Parool schreef Johannes sinds 1990 wekelijks een recensie over een restaurant in Amsterdam. Een van zijn eerste recensies was over het restaurant dat bij hotel Krasnapolsky hoorde. Volgens Johannes ontbrak het de kok aan warenkennis en kon zelfs een gedresseerde aap beter koken. De toon was gezet.
Johannes van Dam heeft ook een aantal boeken geschreven, waarvan DeDikkeVanDam zonder enige twijfel zijn bekendste is. Ik heb het boek ook in huis, maar er nog maar weinig in gelezen.
De biografie van Jeroen Thijssen leest lekker vlot weg, ik heb hem in ruim 2 dagen tijd gelezen. Hij bevat ook geen noten. Dat is op zich al een verademing. Veel biografen schrijven dikke pillen, van soms meer dan 1.000 bladzijden, met ook nog eens een notenapparaat van 100 bladzijden, waarin alles wat iemand zei en deed, wordt besproken. Jeroen Thijssen heeft het soort boek geschreven, dat ik zelf ook zou willen schrijven als ik een biografie over iemand moest schrijven. Aanbevolen!
Citaten:
- Johannes van Dam heeft een paar maanden medicijnen gestudeerd. Voor die studie moet je alle botjes van het menselijk lichaam kennen. Johannes zegt hierover tegen Ischa Meijer: "Ik had er ook absoluut geen belangstelling meer voor. Botjes zijn om op te kluiven, niet om te bestuderen."
- Het is niet bekend of Johannes principieel tegen dienstplicht is, hij is in elk geval tegen de dienstplicht voor hemzelf en hij is vastbesloten niet in dienst te gaan of er in elk geval niet lang in te blijven.
- Johannes heeft geen belangstelling voor de natuur, tenzij die eetbaar is.
- Trots laat hij Joosje in een tekening zien hoe de voren lopen over de bergweide: met de hoogtelijnen mee. Het mooist, schrijft hij, is het oogsten van eigen teelt. "Geen ingewikkelde omwegen zoals lettertjes op papier zetten, die lettertjes verkopen, daar geld voor krijgen en met dat geld naar iemand toestappen die eten verkoopt, dat hij ook niet zelf verbouwd heeft, maar met centjes op een markt gekocht heeft van een groothandel die het misschien van een boer koopt die vindt dat we allemaal de pest kunnen krijgen en daar ook z'n best voor doet door allerlei troep over z'n groenten te gooien zodat hij meer geld kan vangen om daar betere machines mee te kopen omdat z'n knecht toch liever als monteur in de grote stad werkt, enz. enz."
- De Laguiole is een zakmes, een klapmes. (...) Een Laguiole heeft een elegant gebogen heft van hoorn, met messing afgezet, soms met een klein kurketrekkertje in de rug. Daar eet een boer zijn middagmaal mee. En hij vilt een konijn. En snijdt hij een dooie tak van zijn kwee. Haalt een braamstruik weg. Haalt de aarde onder zijn nagels vandaan. Maakt een fles wijn open. Ent een perzikboom. Wipt een slak uit zijn huisje. Maakt een fles wijn open ...
- In die intieme uren aan de Oudezijds, waar Woods boven zijn winkel woont, vertelt Johannes dat prostitutie zijn speciale belangstelling heeft. "Dat was niet raar" zegt Woods. "Ieder onderwerp had zijn speciale belangstelling."
- "Ik wil niet beweren dat puree je uit een depressie haalt", schrijft Johannes in DeDikkeVanDam, "In de puree is in de puree - maar slechte puree, en zeker puree uit een pak, is in staat een depressie te veroorzaken."
- "Hij had een wat afstandelijke manier van klantbehandeling," zegt van der Does.
Het is een opstelling die Johannes vaker zal vertonen: hij verkoopt graag boeken, maar alleen aan mensen die er verstand van hebben. En eigenlijk houdt hij ze liever zelf.
- "Johannes, waarom ben je toch zo dik," vraagt iemand in De Zwart. "Jouw vrouw geeft me een koekje," antwoordt de dikke, "Ieder keer als ik haar heb geneukt." "Maar je bent toch homo?" vraagt de ander. Johannes schudt zijn stevige hoofd. "Ik doe het voor het koekje."
- "Hoe vond u de biefstuk?" vraagt de ober. "Ik vond hem onder de doperwten," antwoordt de scribent.
- Het eerste boek van Johannes van Dam heet alles warm en verschijnt in 1989 bij Bzztôh. Recepten ontbreken in dit boek, op twee na: een Chinees recept voor het bereiden van hond: "Haal een puppie leeg en maak hem schoon: schroei de haren eraf in een vuur van rijststro en rooster hem boven het vuur tot het vel goudbruin is."
Een ander is voor kat en komt uit Spanje: "Snij een schoongemaakte kat in porties, zout die licht en bak ze goed in olijfolie. Doe er wat witte wijn, laurier en tijm bij en laat in een afgesloten pan een half uur smoren."
Voor een uitgebreide bespreking van de inhoud, zie de recensie van Koen. Ik vond het niet nodig om dat hier nog eens over te doen.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
zondag 21 juli 2019
Patrick Duynslaegher: Blik op zeven
Patrick Duynslaegher: Blik op zeven: flashback op 100 jaar film (België, 1995): 477 blz: Uitgever: Roularta Books

Er zijn een aantal gidsen in de handel waarin een groot aantal films worden besproken. De meeste van deze gidsen zijn in het Engels. Een Nederlandstalige gids is "Blik op zeven" van de Vlaamse filmrecensent Patrick Duynslaegher.
Meestal geven dit soort gidsen een soort van encyclopedisch overzicht van films op alfabetische volgorde, waarin van veel te veel films, steeds een korte bespreking van de inhoud en een sterrenwaardering wordt gegeven.
Wat handig is in deze gids, behalve dat hij in het Nederlands is, is dat de films per jaar worden besproken. Binnen ieder jaar worden eerst de 5 sterren films, vervolgens de 4,3,2 en 1 ster films en als laatste de films zonder sterrenwaardering besproken. De waardering met sterren loopt hier anders dan gebruikelijk is. Vijf sterren reserveert Duynslaegher voor films die gebeurtenissen waren in de filmgeschiedenis en die films die tot zijn absoluut favoriete films behoren. Vier sterren zijn meesterwerken, drie sterren zeer goede films, twee sterren zijn goede films en 1 ster films zijn matige films. Over de films zonder sterrenwaardering is hij niet te spreken.
Behalve bij de vijf sterren films, moet je eigenlijk steeds 1 ster optellen bij de waardering van Duynslaegher.
Omdat het boek zo is ingedeeld, per jaar en per waardering is in een oogopslag te zien wat volgens de samensteller de belangrijkste films van een jaar waren. Dit werkt erg prettig, zo kan ik snel ideeën opdoen voor films die ik wil zien.
De kwaliteit van de recensies is wisselend. De 5 en 4 sterren films en de meeste 3 sterren films krijgen meestal een grondige bespreking, die over het algemeen prettig leest. Er zijn daarentegen films die Duynslaegher wel heel erg kort afdoet, zoals het werk van regisseurs zoals Ingmar Bergman, Andrej Tarkovsky en Woody Allen, die ik toch alle drie bijzondere regisseurs vind.
Ik heb de gids in zijn geheel gelezen, de films aangestreept die ik al gezien heb en die ik nog wil gaan zien, en deze vervolgens ook aangestreept in de index. Zo heb ik er gauw 50 films bij, die ik ooit nog wil gaan zien.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
donderdag 2 mei 2019
Wam de Moor: De kunst van het recenseren van kunst
Ik heb me door "De kunst van het recenseren van kunst" heen geworsteld. Ik zeg welbewust geworsteld want het boek blinkt niet bepaald uit in leesbaarheid. Volgens de schrijver is het doel van het boek om een beginnende recensent houvast te bieden bij het beoordelen en zelf schrijven van recensies. Om het boek in je eentje tot je te nemen is het volstrekt ongeschikt. Ik heb medelijden met studenten die dit boek voor hun studie moeten lezen of erger nog bespreken of bestuderen. Wat wel kan is onder begeleiding van een goede docent dit boek in een rustig tempo door te nemen en de opdrachten te doen. De schrijver heeft gedacht, al doende leert men en zo is het natuurlijk ook.
Ik zal dit boek aan niemand aanraden. Het is nodeloos ingewikkeld geschreven met veel jargon. In plaats daarvan zou ik iemand die besprekingen van boeken, films, muziek of andere kunstuitingen wil gaan schrijven het advies willen geven, bespreek dingen die je interessant vindt, en probeer om een beetje leesbaar op te schrijven waar het over gaat en wat je er van vindt. Vergeet alle overbodige theorie!
Wam de Moor schrijft in dit boek regelmatig dat hij zijn cursisten adviseert om vooral leesbaar te schrijven. Zelf schrijft hij helaas ook niet echt boeiend.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
maandag 29 april 2019
Frans Lanting: Into Africa
De Nederlandse fotograaf Frans Lanting wordt vrij algemeen als een van de beste natuurfotografen ooit beschouwd. Liefhebbers van zijn werk kunnen hun hart ophalen aan de prachtige fotoboeken die hij heeft gemaakt. Om echt van de foto's te genieten kun je ze het best op groot formaat zien op een tentoonstelling. Er zijn regelmatig tentoonstellingen van het werk van Frans Lanting in Nederland te zien, zelf heb ik een keer een aantal van zijn foto's gezien in Naturalis in Leiden."Into Africa" is weer zo'n prachtig fotoboek van Frans Lanting dat een overzicht geeft van de foto's die hij gedurende ruim 30 jaar in Afrika heeft gemaakt. Zoals bij de meeste fotoboeken stellen ook hier de teksten niet veel voor. Dat geeft niet, want de foto's maken dat gemis meer dan goed. Er is echter een serieus minpunt aan "Into Africa". Een groot deel van de mooiste foto's in het boek zijn al eerder gepubliceerd, met name in zijn boeken over Madagaskar en de Okavango.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
zaterdag 6 oktober 2018
Hans Rosling: Feitenkennis
De juiste antwoorden op de vragen van gisteren zijn:1 C, 2 B, 3 C, 4 C, 5 C, 6 B, 7 C, 8 A, 9 C, 10 A, 11 C, 12 C, 13 A
Reken voor ieder juist antwoord 1 punt en tel je totale score. Hoeveel goede antwoorden had jij? Als je slecht gescoord hebt, dan bevind je je in goed gezelschap. Tot 2017 heeft Hans Rosling deze vragen aan bijna 12.000 personen in 14 landen voorgelegd. Van de eerste 12 vragen had men gemiddeld maar 2 vragen goed, er was niemand die alle 12 vragen goed beantwoordde en slechts 1 persoon (een Zweed) die 11 van de 12 vragen goed had. Vraag 13 had daarentegen bijna 85 procent van de ondervraagden goed beantwoord.
Aangezien een Chimpansee 33 procent kans heeft op een goed antwoord, blijkt daaruit dat Chimpansees een beter beeld hebben van hoe de wereld in elkaar zit dan mensen ;>)
Elke groep mensen die Hans Rosling ondervraagd heeft, denkt dat de wereld angstaanjagender, gewelddadiger en hopelozer - kortom dramatischer - is dan ze werkelijk is.
Hoe komt het dat de mensen zo onwetend zijn? Bijna iedereen denkt dat de wereld steeds verder achteruit gaat en dat de rijken steeds rijker en de armen steeds armer worden. Dit beeld wordt gevoed door de media die alleen aandacht hebben voor alle rampen. Zo komen geleidelijke verbeteringen zoals afname van de armoede, de verbetering van de gezondheidszorg en het onderwijs, de toename van de beschikbaarheid van veilig drinkwater en elektriciteit en de afnemende gezinsgrootte in vrijwel alle landen nauwelijks in het nieuws.
Rosling geeft een verdere verklaring voor deze onwetendheid aan de hand van 10 instinctieve reacties. Daarbij is de eerste reactie, het zogenaamde kloofinstinct, het sterkst. We zijn gewend te denken in termen van rijk (de Westerse wereld) en arm (de rest) waartussen een enorme kloof bestaat. In 1960 bestond die kloof inderdaad, maar tegenwoordig gaat dit niet meer op. Voor de duidelijkheid verdeelt Rosling de mensen in 4 groepen:
- Op niveau 1, met een inkomen van 1 tot 2 dollar per dag per persoon leeft men in extreme armoede. Men komt net niet om van de honger, maar daarmee is alles gezegd.
- Op niveau 2, met een inkomen tussen 2 en 8 dollar per dag heeft men toegang tot de meeste basisvoorzieningen, maar verder niet veel.
- Op niveau 3, met een inkomen tussen 8 en 32 dollar per dag kan men wat sparen en de kinderen naar school laten gaan en verder laten studeren zodat zij het later beter hebben dan hun ouders.
- Op niveau 4, met een inkomen van meer dan 32 dollar per dag, zitten vrijwel alle mensen in het rijke Westen, die veel luxe hebben, een eigen auto bezitten en regelmatig op vakantie gaan.
Op niveau 1 zitten 1 miljard mensen, op niveau 2 zitten 3 miljard mensen, op niveau 3 zitten 2 miljard mensen en op niveau 4 zitten nog eens 1 miljard mensen.
De grote meerderheid van de wereldbevolking leeft dus op niveau 2 of 3.
In de rest van het boek geeft Rosling verdere verklaringen. "Feitenkennis" is een geweldige eyeopener, zeer goed geschreven en zeer onderhoudend.
Hans Rosling was dokter en statisticus (en degenslikker!) en heeft veel lezingen over de hele wereld gegeven met statistieken die door hem samen met zijn zoon Ola en zijn schoondochter Anna zijn ontwikkeld. Hans Rosling stierf in 2017 aan kanker van de alvleesklier. Ik heb nooit geweten dat statistiek zo boeiend kon zijn!
"Feitenkennis" is een van de interessantste non-fictie boeken die ik ooit heb gelezen!
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
vrijdag 6 april 2018
Gijs van Tuijl & Ernst Veen (tekst) & Paul Kramer (foto's): Wondertuinen
Eergisteren heb ik geblogd over de dvd-serie waarop dit boek gebaseerd is.Als er ooit een boek verfilmd wordt, dan wordt de verfilming vaak met het boek vergeleken. Het is dan vaak bon ton om te zeggen dat men het boek beter vindt. Hier ben ik het lang niet altijd mee eens, er zijn in mijn ogen toch wel vrij veel films die ik beter vind dan de boeken waarop ze gebaseerd zijn.
In het geval van "Wondertuinen" is het al net zo. De dvd-serie vind ik briljant. Voor veel kunstboeken geldt dat de kwaliteit van de teksten lang niet de kwaliteit van de kunstwerken haalt. Dat is ook hier het geval.
Hoewel ik vind dat de teksten op zich niet eens zo slecht geschreven zijn, voegen ze in mijn ogen toch erg weinig toe. Nee, geef mij maar de dvd-serie!
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
zondag 1 april 2018
Rodaan Al Galidi: Hoe ik talent voor het leven kreeg
"Hoe ik talent voor het leven kreeg" wordt aangeprezen als zijnde een roman, maar eigenlijk is het een non-fictie boek waarin het leven van een vluchteling in een AZC (= asielzoekerscentrum) wordt beschreven.Rodaan Al Galidi is in 1991 uit het Irak van Saddam Hoessein gevlucht. 7 jaar lang reisde hij rond de wereld, op de vlucht. In 1998 kwam hij in Nederland aan, waar hij in een AZC verbleef, totdat hij 9 jaar later een verblijfsvergunning kreeg.
Galidi beschrijft het leven in het AZC vol mededogen en met de nodige humor. Hij beschrijft de levens van talloze van zijn collega's, hoe die proberen te overleven, en ook hoe ze het personeel proberen voor de gek te houden.
Wat opvalt in het AZC, zijn de talloze regeltjes waaraan de vluchtelingen moeten voldoen. Een gewoon mens zou er gek van worden, maar de asielzoekers accepteren het als het onvermijdelijke.
Ik heb het boek van Al Galidi met heel veel plezier gelezen. Ik kwam aan deze titel dankzij de lovende bespreking van Hella. Met dank aan Hella!
Hieronder een aantal citaten:
- Mijn moeder is analfabeet, maar ze wist van Nederland dat de koeien er veel melk hebben. Hollandse koeien hebben in Irak een betere naam dan Rembrandt.
- Zeven jaar van honger, verdwalen en angst. Vreemdelingenpolities bij vele grenzen hadden mij gebeten, alleen omdat ik dat kleine, dunne boekje, zonder gedichten of poëtische zinnetjes, niet had; een paspoort.
- Al snel verdwenen de andere vogels een voor een. In het begin wist ik ook niet hoe dat kwam. Ik dacht dat ze naar andere wateren vlogen, maar toen meneer en mevrouw Bouma zich afvroegen waar de vogels gebleven waren, snapte ik ineens waar die veertjes in de keuken vandaan kwamen. Zo ontdekte ik dat de vogels in de pannen van de asielzoekers en daarna in hun magen verdwenen.
- Ik ontdekte dat de Nederlanders hun taal graag aan anderen willen leren, maar dat ze geen geduld hebben om te luisteren als iemand het niet goed spreekt.
- Pas later ontdekte ik dat Nederlanders respect hebben voor regels. Een criminele Nederlander volgt meer regels dan een advocaat in Irak.
- Ook tijdens de les was er soms sprake van grappige spraakverwarring... Maar het leukste misverstand was bij de uitleg van het woord "gastvrij". "Ik ben gastvrij," zei Albertina en wees naar zichzelf. Niemand begreep precies wat ze bedoelde. Albertina bleef op zichzelf wijzen en streelde over haar dikke buik, alsof ze net lekker gegeten had. "Gas?" vroeg een van de asielzoekers, kauwend op de chocola. "Vrij," riep een ander. "Albertina gasvrij?" zei Esmat, een van de leerlingen, in het Arabisch. "Ze heeft scheten genoeg in haar buik om een fietsband mee op te pompen."
- Mensen die geboren worden met goede paspoorten zullen nooit weten hoe scherp de tanden van deze wereld zijn en hoe hard als ze bijten. De tanden van deze wereld: politieagenten, de vreemdelingenpolitie, douanebeambten, receptionisten van goedkope hostels.
- Bij elk probleem buiten het AZC waar de asielzoeker bij betrokken is, is hij de schuldige. Altijd. Ongeacht het soort probleem of wie het begon. Altijd moet de asielzoeker zich aanpassen aan de buitenwereld, gehoorzaam zijn en onderdanig, of nog liever, onzichtbaar.
- Bij hem konden we niet onze drie wapens gebruiken; zielig doen, overdrijven en liegen.
- Daarom leren de asielzoekers de Nederlanders hun eigen taal: "het Asielzoekers". Wat voor taal dat is? Het klinkt als een paar woorden Nederlands met een paar woorden Engels, die worden samengeraapt en door de grammatica van de moedertaal van de asielzoeker gehusseld.
- Stel je een gebouw voor vol wachtende mensen, tussen wie jij moet leven. Op een station of bij een bushalte met een paar mensen zal je je binnen een kwartiertje al onrustig voelen en om je heen kijken naar die mensen, die ook onrustig om zich heen of naar hun horloge kijken. Die situatie, maar dan met een paar honderd mensen en jarenlang. Niet wachtend op een bus of een trein, maar om je leven te beginnen.
- Ik stond een keer voor hem in de rij voor het melden. De rij stond stil. Mijn excuses voor al die stilstaande rijen in mijn verhaal. Maar in het AZC gebeurt er weinig, behalve wachten, in de rij staan en melden.
Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.