Posts tonen met het label 16e eeuw. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 16e eeuw. Alle posts tonen

maandag 8 juni 2020

Dvd: Akira Kurosawa: Kagemusha

Kagemusha  (The Shadow Warrior) (Japan, 1980): 153 min: Kleur: Regisseur Akira Kurosawa

Kagemusha PosterEen tijdje terug heb ik alle films van Akira Kurosawa die ik in mijn bezit had en die regio 2 dvd's waren bekeken en besproken. Een film ontbrak nog: "Kagemusha" die ik niet kon vinden hoewel ik hem een week eerder nog in mijn handen had gehad. Inmiddels heb ik een nieuw exemplaar gekocht en deze film alsnog bekeken.

Eerlijk gezegd vind ik "Kagemusha" samen met "I live in Fear" de minste film die ik van Akira Kurosawa heb gezien. Dat wil overigens niet zeggen dat het geen goede film is, ik houd alleen niet zo van films over Samoerai met talloze veldslagen en bovendien een die naar mijn smaak veel te lang duurt, wat wel vaker het geval is bij de films van Akira Kurosawa over Samoerai. Ik denk dat liefhebbers van films over Samoerai veel positiever over "Kagemusha" zullen oordelen.

Het is 1573 en er zijn drie veldheren die strijden om de absolute macht: Shingen, Nobunaga en Ieyasu. Shingen is een zeer gevreesde veldheer die nog nooit een slag heeft verloren, maar die zijn einde voelt naderen. Hij verzint een list voor als hij dood is. De eerste 3 jaar moet een dubbelganger zijn rol in het openbaar innemen zodat zijn vijanden niets tegen de clan zullen ondernemen.

De film bestaat voornamelijk uit het gehannes met de dubbelganger en (weliswaar mooi in beeld gebrachte) veldslagen. Het duurt mij allemaal veel te lang.

Een scene springt er wat mij betreft absoluut tussen uit en dat is de scene waarin de dubbelganger een droom heeft. Deze droomscene is werkelijk fantastisch mooi in beeld gebracht en hoort bij de allermooiste scenes die ik ooit in een film heb gezien. Alleen al vanwege deze ene scene die nog geen 2 minuten duurt is "Kagemusha" voor mij toch de moeite waard om gezien te hebben. De muziek voor de film is van een Japanse componist die duidelijk goed naar de muziek van Ennio Morricone van de westerns van Sergio Leone heeft geluisterd.

Op IMDB krijgt "Kagemusha" van een kleine 31.000 mensen een waardering van 8,0.

   

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

woensdag 20 mei 2020

Dvd: Akira Kurosawa: Seven Samurai

Seven Samurai (Japan, 1954): 207 min: Zwart-wit: Regisseur Akira Kurosawa

Shichinin no samurai PosterAan het einde van de 16e eeuw wordt een klein boerendorpje gelegen in de bergen regelmatig geplunderd door een groep bandieten. Ook nu willen ze het dorp weer plunderen, maar ze hebben het na de vorige oogst al geplunderd en beseffen dat er nu niets te halen valt. Een boer uit het dorp hoort dat de bandieten van plan zijn het dorp na de volgende oogst weer te plunderen.

De boeren beseffen dat ze alleen niets tegen de bandieten uit kunnen halen en besluiten op aanraden van de dorpsoudste samoerai in te horen. Ze hebben de samoerai weinig te bieden, alleen gratis eten tijdens de belegering en een mogelijkheid om hun vorm te behouden.

Het verhaal van "Seven Samurai" is voor een actiefilm erg goed uitgewerkt. Het is natuurlijk een onzinnig idee dat 7 samoerai veel uit kunnen richten tegen een groep van 40 zwaar bewapende bandieten die bovendien de beschikking hebben over een paar vuurwapens, maar daar kun je overheen kijken.

Het rekruteren van de samoerai en de voorbereiding voor de verdediging van het dorp nemen het grootste deel van de film in beslag.

Toshiro Mifune, de vaste hoofdrolspeler van Kurosawa, zorgt in de rol van de onervaren samoerai Kikuchiyo voor een komische noot. De film oogt goed, het camerawerk, de muziek en de kostuums zijn verzorgd. Maar de film heeft in mijn ogen een groot probleem, hij duurt veel, maar dan ook veel te lang. Het was voor mij een uitputtingsslag om de film in een dag te bekijken. Ik had hem ook zeker niet voor een tweede keer bekeken als ik niet dit stukje had willen schrijven.

Op IMDB krijgt "Seven Samurai" van ruim 300.000 mensen een waardering van 8,6 en staat daarmee op plaats 19 van de hoogst gewaardeerde films en is daarmee de hoogst gewaardeerde niet-Amerikaanse film op IMDB.

  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

zaterdag 28 maart 2020

Dvd: Kenji Mizoguchi: Ugetsu Monogatari (Tales of the Rain and Moon)

Ugetsu Monogatari (Tales of the Rain and Moon) (Japan, 1953): 97 min: Regisseur Kenji Mizoguchi

Ugetsu monogatari PosterIn het 16e eeuwse Japan heerst een burgeroorlog. De pottenbakker Genjuro leeft met vrouw en kind in een arm dorpje. Zijn vriend Tobei droomt ervan om een samurai te worden.

Nadat Genjuro in een naburig dorp een lading aardewerk goed heeft kunnen verkopen werkt hij samen met Tobei als een bezetene om nog meer aardewerk te bakken. Intussen nadert het vijandelijke leger.

Genjuro en Tobei gaan samen op pad. Genjuro droomt ervan om rijk te worden en een mooie kimono voor zijn vrouw te kopen. Tobei heeft maar een wens: samurai te worden. Ze laten hun beide vrouwen achter.

Natuurlijk loopt alles anders dan gepland.

"Ugetsu Monogatari" is gefilmd in een prachtig zwart-wit. Alleen al vanwege de sfeervolle beelden is de film de moeite meer dan waard. Voeg daarbij een mooi beeld van de beschreven periode, schitterende traditionele muziek, een goed verhaal en sterk acteerwerk en je krijgt een film die tot de absolute meesterwerken uit de filmgeschiedenis wordt gerekend en dat zeker niet alleen door mij. In mijn ogen kunnen serieuze filmliefhebbers niet om deze film heen.

Op IMDB krijgt "Ugetsu Monogatari" van 19.000 mensen een waardering van 8,3.

  

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

dinsdag 3 oktober 2017

Michel de Montaigne: De essays: deel 3

Michel de Montaigne: De essays (Frankrijk, 1580): 1444 blz: Vertaald door Hans van Pinxteren (2004): Uitgeverij Athenaeum-Polak & Van Gennep: deel 3: blz 1015-1444

De essays Voor een toelichting op "De essays" in zijn geheel zie mijn stukje bij deel 1.

In dit derde deel gaat Michel de Montaigne onverdroten verder met zijn essays.

Opnieuw erg citeerwaardig, hieronder een aantal van de mooiste citaten:

- Een openhartige manier van praten opent ook een ander de mond en maakt hem loslippig, zoals de wijn en de liefde.

- Een geleerd man is niet geleerd op elk gebied, maar een wijs man is wijs in alles, zelfs in zijn onwetendheid.

- Menigeen heeft de wereld in verbazing gebracht, terwijl zijn vrouw en zijn bedienden niets bijzonders in hem zagen. Maar weinigen worden bewonderd door hun huisgenoten.

- Elke wijsheid is dwaas die de algemene dwaasheid niet voor lief neemt.

- Wij moeten onze verlangens richten op de meest nabije, gemakkelijk bereikbare dingen, en ze daartoe beperken.

- In mijn jeugd heb ik mij in de boeken verdiept om indruk te maken; later, een beetje, om wijs te worden; en tegenwoordig om mij te vermaken; maar nooit om er fortuin mee te maken.

- Lezen heeft zo zijn nadelen, en nogal ernstige: het houdt de geest fit, maar het lichaam, dat eveneens om zorg en aandacht vraagt, blijft intussen werkeloos toezien, verkwijnt en verkommert.

- De geest brengt geen blijdschap voort wanneer het lichaam lijdt.

- Want een vrouw en een huwelijk danken hun goede naam niet aan het feit dat ze goed zijn, maar dat erover gezwegen wordt.

- Door een vesting te versterken, maak je de verovering daarvan des te waardevoller en begerenswaardiger.

- Om mensen om te brengen kiezen wij het open veld en het volle daglicht, om ze voort te brengen kruipen wij weg in een donker hoekje.

- Ik heb nog nooit meegemaakt dat een vrouw om de schoonheid van iemands geest, hoe wijs en rijp hij ook is, een hand wilde uitsteken naar zijn lichaam, als dit ook maar enigszins in verval was geraakt.

- Rechtspraak is er niet ter wille van de rechter, maar voor de rechthebbenden. Superieuren worden nooit aangesteld voor hun eigen belang, maar in het belang der ondergeschikten, zoals een dokter er voor de zieke en niet voor zichzelf is.

- Ik ben zozeer op mijn gemak gesteld dat ik het geluk niet afmeet naar zijn hoogte maar naar zijn haalbaarheid.

- Zelfkritiek wordt altijd geloofd, eigen roem nooit.

- Als ik ergens pijn in mijn hoofd van krijg, is het wel van stomkoppen, en ik zie liever de ondeugden van mijn mensen dan hun onbezonnenheid, hun lompheid en hun stompzinnigheid.

- Dagelijks hoor ik dwazen dingen zeggen die niet dwaas zijn.

- Iemand die daarentegen in zichzelf genoegen schept, die wat hij in handen heeft boven alles stelt en niets mooier vindt dan wat hij voor zich ziet, is misschien niet wijzer, maar zeker gelukkiger dan wij. En zo iemand benijd ik, niet om zijn wijsheid, maar om zijn geluk.

- Het is een slechte eigenschap dat wij onze achterstand op anderen meer betreuren dan dat wij ons verheugen op onze voorsprong op velen.

- Gewoonlijk antwoord ik degenen die mij vragen waarom ik reis, dat ik wel weet waar ik voor wegloop maar niet wat ik zoek.

- Andermans narigheid zal ons waarschijnlijk niet zo pijnlijk treffen als het eigen zeer.

- Vriendschappen die je geheel op eigen initiatief hebt aangeknoopt zijn gewoonlijk hechter dan die ontstaan zijn door een gemeenschappelijke woonplaats of door de banden des bloeds.

- Ik beleef niet echt een genoegen aan iets, zolang ik het niet met een ander delen kan.

- Met een zwakke maag heb je een streng en uitgekiend dieet nodig. Als je een sterke maag hebt, kun je eenvoudig eten waar je van nature trek in hebt.

- Niemand geeft aan anderen zijn geld weg, iedereen doet dat wel met zijn tijd en zijn leven. Er is niets anders waarmee wij zo verkwistend omspringen, terwijl tijd juist het enige is waarbij gierigheid wel prijzenswaardig en nuttig is.

- Wie totaal niet voor anderen leeft, leeft nauwelijks voor zichzelf.

- Materiële armoede valt gemakkelijk te verhelpen, geestelijke armoede nooit.

- Socrates zag eens hoe een grote hoeveelheid rijkdommen, juwelen en duur meubilair in processie door Athene werd gedragen, en hij zei: "Wat zijn er veel dingen die ik niet wil hebben."

- Zodra ik iets dat best waar kan zijn krijg te slikken als een onomstotelijke waarheid, lust ik het niet meer. Ik houd van woorden die de boudheid van onze beweringen temperen en verzachten: misschien, enigszins, ietwat, naar verluidt, ik geloof en dergelijke.

- Hoeveel natuurlijker is het niet dat ons verstand op een dwaalspoor is gezet door onze grillige, op hol geslagen geest dan dat iemand van ons, door een vreemde geest bezeten, in levenden lijve op een bezemsteel zijn schoorsteenpijp uit is gevlogen?

- Overeenkomstigheid maakt de dingen nooit zo eender als het verschil ze anders maakt.

- Hoezeer de ervaring ons ook tot voordeel kan strekken, toch zullen wij niet veel wijzer worden van het voorbeeld van anderen als wij niet profiteren van onze eigen ervaringen: want die zijn ons meer eigen en zullen ons zeker voldoende leren wat wij moeten weten.

- Je hebt heel sterke oren nodig om te kunnen luisteren naar openhartige kritiek op jezelf: maar weinigen kunnen dit verdragen zonder zich gekrenkt te voelen. Daarom: als iemand de moed heeft je zulke kritiek te leveren, getuigt dit van een bijzondere genegenheid.

- Zelfs koningen en wijsgeren kakken, en dames ook.

- Zo heb ik altijd veel meer geluisterd naar mijn genoegens dan naar welk medisch advies ook.

- Geen saus zo lekker en geen kruid zo pittig als het zout dat je uit goed gezelschap haalt.

- En zelfs op de hoogste troon ter wereld zit je nog altijd op je eigen gat.

De drie weken die ik heb doorgebracht met het herlezen van "De essays" waren een waar genoegen. Samen met de eerder dit jaar herlezen verhalen van Tsjechov het meest indrukwekkende wat ik ooit heb gelezen. Hopelijk hebben mijn lezers genoten van de vele citaten.

 

dinsdag 26 september 2017

Michel de Montaigne: De essays: deel 2

Michel de Montaigne: De essays (Frankrijk, 1580): 1444 blz: Vertaald door Hans van Pinxteren (2004): Uitgeverij Athenaeum-Polak & Van Gennep: deel 2: blz 423-1011

De essaysOpvallend aan het tweede deel van de essays van Montaigne is het lange stuk van 230 bladzijden over Raymond Sebond.

Ik had nog nooit van de beste man gehoord. Volgens Arjen, een collega blogger van het zeer informatieve boeklog.info die het heeft nagezocht was Sebond een Spaanse geestelijke uit de vijftiende eeuw die  de stelling poneerde dat niet alleen de Bijbel de openbaring Gods was, maar ook alle natuur

Dit stuk vind ik het minst boeiende gedeelte van de essays, maar het levert evengoed nog wel een aantal prachtige citaten op zoals die van de hond en de kat. De overige 36 essays in dit tweede deel omvatten gemiddeld zo'n tien bladzijden.

Weer een aantal citaten:

- Als ik op verschillende manieren over mijzelf spreek, komt dit omdat ik op verschillende manieren naar mijzelf kijk. Alle tegenstellingen kan ik, afhankelijk van de omstandigheden en het standpunt dat ik inneem, in mijzelf ontdekken. Verlegen, brutaal; kuis, wellustig; praatziek, zwijgzaam; ijverig, laks; intelligent, dom; humeurig, opgewekt; leugenachtig, oprecht; kundig, onwetend; vrijgevig, zuinig en verkwistend; het zijn trekken die ik allemaal in mijzelf zie, al naar ik mij wend of keer.

- Iedereen tilt zwaar aan de zonden van zijn naaste, maar rekent die van hemzelf niet aan.

- Als er aan een onderscheiding die slechts eervol moet zijn geld en andere voordelen worden toegevoegd, zal dit het prestige niet vergroten, maar juist verlagen en er afbreuk aan doen.

- Toen de moeder van Thales hem als jongeman aanspoorde om te trouwen, antwoordde hij dat het daar nog te vroeg voor was, en toen hij al wat ouder werd, dat het daar te laat voor was. Zodra iets je niet goed uitkomt, zou je altijd moeten zeggen dat het nu niet het geschikte moment is.

- Over het algemeen doe wij er volgens mij het beste aan om bij onze dood onze goederen te verdelen naar de gebruiken van het land. Daarover is door de wetgever beter nagedacht dan door ons; en je kunt beter accepteren dat de wet een verkeerde keuze maakt dan het risico nemen om in je overmoed zelf een vergissing te maken.

- Vaak hebben wij geen oog voor onze fouten, maar ons denken is ziek als wij ze niet zien wanneer een ander ons erop wijst.

- De natuur zelf heeft, naar ik vrees, de mens een neiging tot onmenselijkheid meegegeven. Niemand vindt het opwindend om te zien hoe dieren met elkaar spelen en paren; maar wél hoe ze elkaar verminken en verscheuren.

- Ik ben, eerlijk gezegd, zo kinderlijk van aard en zo teerhartig dat het mij moeilijk valt het aanbod van mijn hond af te slaan om met hem te ravotten, als hij daar op een ongelegen moment om vraagt.

- Onze geloofsijver doet wonderen ter bevordering van onze haat, wreedheid, eerzucht, hebzucht, kwaadsprekerij of opstandigheid. Maar diezelfde geloofsijver zal niet thuis geven als het erom gaat onze goedheid, naastenliefde en gematigdheid te stimuleren, tenzij iemand daar als door een wonder een speciale aanleg voor heeft.

- Als ik met mijn kat speel, vermaakt ze zich misschien wel meer met mij dan ik met haar. Wij houden elkaar wederzijds voor de gek. Zoals ik naar eigen goeddunken begin of ophoud, doet zij dat ook.

- Om iets aan anderen te leren heb je nog meer verstand nodig dan om zelf iets te leren.

- Is er ooit een duidelijker voorbeeld van doortraptheid gegeven dan door de muilezel van de wijsgeer Thales? Toen deze met een vracht zout op zijn rug een rivier doorwaadde, struikelde hij per ongeluk, zodat de zakken die hij droeg doorweekt werden, en hij merkte dat zijn last lichter was geworden doordat het zout zich had opgelost. Nu stortte hij zich, telkens als hij bij een beek kwam, daar met last en al in, tot zijn baas realiseerde dat hij dat met opzet deed en hem een vracht wol te dragen gaf. Toen het dier merkte dat zijn last zwaarder was geworden, paste hij de list voortaan niet meer toe.

- De herinnering aan doorgestane narigheid is aangenaam (citaat van Euripides uit Cicero)

- Als de christenen geconfronteerd worden met iets ongelooflijks, is dat voor hen juist een grond om te geloven.

-Vaak als ik een boek uit mijn bibliotheek neem, stuit ik op fragmenten die ik op een eerder ogenblik prachtig heb gevonden en waar ik diep van onder de indruk was, maar die, als ik er weer naar kijk, louter woorden voor mij blijven, een massa waarin ik, hoe ik het ook wend of keer, niets herken.

- Als ik (wat ik graag doe) bij wijze van oefening en tijdverdrijf de verdediging op mij neem van een mening die strijdig is met de mijne, gebeurt het vaak dat ik mij zo sterk richt en concentreer op de andere kant van de zaak dat ik vergeet wat mij bond aan mijn aanvankelijke standpunt, en dat opgeef.

- Je moet niet iedereen geloven, luidt het gezegde, want iedereen kan zeggen wat hij maar wil.

-Toen ze de filosoof Diogenes vroegen waarom hij geen gerieflijker plaats uitzocht om te eten dan midden op straat, antwoordde hij: "Omdat ik midden op straat honger heb."

- Wie geen lust heeft, vindt de wijn maar laf, wie gezond is, vindt hem lekker, en wie dorst heeft, vindt hem zalig.

- Is het ooit anders gegaan dan dat ouden van dagen lovend spraken over het verleden, terwijl zij afgaven op het heden en hun eigen ellende en narigheid weten aan de wereld en de zeden en gewoontes van de mensen?

- Wie niet is te vertrouwen in de waarheid, is dat ook niet in de leugen.

- Wij erkennen zonder enige moeite dat anderen meer moed, fysieke kracht, ervaring, behendigheid of schoonheid hebben dan wij, maar dat iemand meer gezond verstand zou hebben, dat geven wij nooit toe.

- De goede oude Lysander zei wel dat kinderen met knikkers en volwassenen met woorden spelen.

- Een middelmatige intelligentie is genoeg om zaken van groot en klein belang op een evenwichtige wijze ten uitvoer te brengen. Let er maar eens op: wie zijn zaken het best beheert is het minst in staat je uit te leggen hoe hij dat doet; terwijl wie je precies vertelt hoe het moet er zelf meestal niets van terechtbrengt.

- Mooie verhalen doen het altijd goed, waar je ze ook plant.

- Een jongeman moet kennis verwerven, een grijsaard moet er de vruchten van plukken, zeggen de wijzen.

- Iemand die goed leeft kan er kwalijke opvattingen op nahouden, en een slecht mens kan de waarheid verkondigen, zelfs als hij er zelf niet in gelooft.

- Het is een grote fout, waarin niettemin de meeste mensen vervallen, dat ze maar moeilijk kunnen geloven dat een ander tot iets in staat zou zijn waar zijzelf niet toe in staat zijn of geen zin in hebben.

- Caesar zei dan ook: op grote ondernemingen moet je niet broeden, je moet ze uitvoeren.

- Over Homerus werd in de oudheid gezegd: er was vóór hem niemand die hij kon navolgen, zomin als er na hem iemand kwam die hém kon navolgen.

- Net als Epicurus vind ik dat je genietingen moet vermijden als die je nog grotere smarten brengen, en dat je smarten na moet streven als die je daarna een groter genot brengen.

- Solon zei dat ook eten een medicijn is, en wel het middel dat ons geneest van de ziekte die honger heet.

- De vrees dat het zo droef met de medische wetenschap is gesteld baseer ik in de eerste plaats op ervaring, want zover ik kan overzien is er geen enkel slag mensen dat zo vlug ziek is en zo moeizaam beter wordt als wie onder toezicht van artsen staan.

Ik ben inmiddels begonnen in deel 3.

 


maandag 18 september 2017

Michel de Montaigne: De essays: deel 1

Michel de Montaigne: De essays (Frankrijk, 1580): 1444 blz: Vertaald door Hans van Pinxteren (2004): Uitgeverij Athenaeum-Polak & Van Gennep: deel 1: 419 blz

De essays"De essays" van Michel de Montaigne is een van die klassiekers uit de wereldliteratuur waarvan iedereen wel eens gehoord heeft, maar die maar weinig mensen hebben gelezen.

Ik heb deel 1 herlezen in de prachtige vertaling van Hans van Pinxteren en het moet worden gezegd: ik ben fan. Sterker nog, ik vind "De essays" een van de meest indrukwekkende boeken die ik ken. Erg de moeite waard ook om er citaten uit te plukken, ik heb er 90! genummerd in de tekst.

De naam essay komt van het Franse werkwoord essayer dat proberen betekent. Eigenlijk zijn het dus probeersels.

Montaigne leefde vanaf zijn 37e een teruggetrokken leven op zijn kasteel en landgoed, waar hij zich bezighield met schrijven. Vanaf 1570 tot 1580 zijn de essays ontstaan. In 1580 werd de eerste editie in 2 delen gepubliceerd. In 1588 verscheen de tweede uitgebreide editie. Van deze editie had Montaigne een exemplaar in bezit (het zogeheten Bordeaux-exemplaar) waarin hij tot aan zijn dood in 1892 allerlei toevoegingen schreef en zelfs een compleet derde deel met 13 nieuwe essays. In deze vertaling is terug te vinden uit welke editie de tekst stamt: de editie uit 1580 wordt aangegeven met een a in de tekst, de editie uit 1588 met een b, en het Bordeaux-exemplaar met een c.

Montaigne schrijft vooral over zichzelf. De titels van de essays zijn vaak maar een vage aanduiding van waar het essay over gaat, hij dwaalt nogal af. In feite lijkt het of een goede vriend tegen je aan praat. Montaigne is hierbij verfrissend ondogmatisch. Hij heeft zijn eigen ideeën of opvattingen, maar hij erkent daarbij tegelijkertijd dat andere mensen andere ideeën hebben, die misschien wel even juist of soms zelfs juister zijn.

Wat leuk is, is dat Montaigne steeds citaten gebruikt uit de klassieke oudheid (van auteurs als Cicero, Seneca, Caesar, Livius, Vergilius, Ovidius, Horatius, meestal schrijvers in het Latijn). Hierbij wordt in de tekst de Nederlandse vertaling van het citaat cursief weergegeven, terwijl het citaat in zijn oorspronkelijke versie met aanduiding van de herkomst in een voetnoot staan. De vorige vertaler van de essays: Frank de Graaff (zorgde ook voor een mooie vertaling) gaf de citaten in de tekst weer, met de vertaling in de voetnoten. Ik geef de voorkeur aan de methode van van Pinxteren, zo lees je lekkerder door.

Een aantal van de (mijns inziens) mooiste citaten uit de tekst:

- Zodra iemand de feiten verdraait en naar zijn hand zet, kan het haast niet anders of hij zal zich in de details vergissen wanneer hij hetzelfde verhaal meer dan eens vertellen moet.

- Ik weet dat veel van mijn tijdgenoten dolgraag de reputatie zouden hebben een gewiekst onderhandelaar te zijn, maar ze vergeten dat als je zo'n reputatie eenmaal hebt je niet veel meer kunt uitrichten.

- Overigens is het heel nuttig als je weet hoe je je tegenover anderen gedragen moet. Want kennis van de omgangsvormen helpt ons, net als schoonheid en charme dat doen, een eerste stap te zetten op de weg naar  maatschappelijk verkeer en vriendschap, en biedt ons derhalve de mogelijkheid om te leren van de voorbeelden van anderen en om zelf een voorbeeld te stellen en uit te dragen, voorzover dat leerzaam voor anderen is.

- Elke mening kan zo overtuigend zijn dat je altijd wel mensen vindt die haar ten koste van hun leven staande zullen houden.

- Eén messnede van de chirurgijn voelen wij heviger dan tien zwaardhouwen in het vuur van de strijd.

- Ja, de waarde van de dingen ligt voor ons niet zozeer in wat ze ons geven als wel in wat wij eraan uitgeven.

- Rijk zijn is meer een kwestie van beleid dan van inkomsten.

- Een koopman doet alleen goede zaken als de jeugd uit de band springt, een landbouwer als het graan duur is, een architect als er huizen instorten, gerechtsdienaren als de mensen geschillen hebben en procederen; en zelfs geestelijken kunnen alleen respect inboezemen en hun ambt uitoefenen dankzij onze zonden en onze dood.

- Want de gewoonte is inderdaad een harde en verraderlijke lerares, die zonder dat wij het in de gaten hebben stukje bij beetje aan gezag wint.

- Begaafde lezers ontdekken in andermans geschriften vaak parels die de schrijver zelf er niet bewust in heeft gelegd: ze verdiepen de betekenis en verrijken het inzicht.

- Voorzichtigheid, met haar kiesheid en bedachtzaamheid, is de doodsvijand van grootse ondernemingen.

- Misschien kun je best geleerd zijn door de geleerdheid die je bij een ander vindt, maar wijs kun je alleen maar zijn door de wijsheid die je uit jezelf haalt.

- Als je iemand ziet met kapotte schoenen, zeg je wel: dat zou best een schoenmaker kunnen zijn. Zo ook blijkt uit ervaring dat een arts zijn gezondheid meer verwaarloost, dat een zielenherder minder past op zijn eigen ziel, en dat een geleerde onwijzer is dan wie ook.

- Alleen dwazen kennen geen twijfel en weten alles met zekerheid.

- Waarheid en reden zijn van iedereen en behoren niet méér toe aan wie ze het eerste heeft uitgesproken dan aan wie ze na hem zegt.

- Betweterig en koppig bij je standpunt blijven is een banale eigenschap, die meestal opduikt bij kleingeestige lieden; maar op je standpunt terugkomen en in het heetst van de discussie je ongelijk erkennen, is een zeldzame eigenschap, een blijk van kracht en wijsheid.

- Ik vraag niet van een lakei dat hij zedig is, ik wil weten of hij vlijtig is. En ik vind het minder erg dat mijn ezeldrijver gokt dan dat het een sukkel is, ik heb liever een kok die vloekt dan een die niet kan koken.

- Hoe wij ons best ook doen, zelfs van het kleinste vogeltje kunnen wij het nest met zijn mooie, hechte, praktische bouw nog niet namaken, al net zomin als het web van een gewoon spinnetje. Alle dingen, zegt Plato, zijn door de natuur, het toeval of de kunst voortgebracht; de grootste en mooiste door de natuur en het toeval, de minste en onvolmaaktste door de kunst.

- En de man uit de Oudheid die een steen naar een hond gooide, maar er zijn schoonmoeder mee trof en doodde, citeerde terecht de volgende versregel: De fortuin richt beter dan wij.

- Het is mijn speciale wens dat elk mens op zijn eigen waarden beoordeeld wordt en niet naar modellen die voor iedereen op moeten gaan.

- Als ik mijn knecht uitscheld, doe ik dat uit de grond van mijn hart, en mijn verwensingen zijn niet geveinsd maar echt. Maar als ik eenmaal stoom heb afgeblazen, zal ik, mocht hij mij nodig hebben, hem graag helpen.

- Toen Socrates verteld werd dat iemand niet beter van een reis was teruggekeerd, zei hij: "Natuurlijk niet, want die man had zichzelf meegenomen."

- Wij moeten zo mogelijk een vrouw hebben, kinderen, bezittingen, en vooral een goede gezondheid, maar ons daar niet zó aan hechten dat ons geluk ervan afhangt.

- Niet het bezitten van de dingen, maar het genieten ervan maakt ons gelukkig.

- De ervaring leert dat nu eens de ene, dan weer de andere handelswijze de beste is.

- Een uitstekend bewijs van de zwakte van ons verstand is dat het de dingen aanprijst op grond van hun zeldzaamheid of nieuwigheid, of zelfs vanwege hun moeilijkheid, ook al zijn ze nergens goed of nuttig voor.

Het is duidelijk, voorlopig lees ik door in de Essays. Daarna wil ik het boek van Sarah Bakewell herlezen.

Zie verder ook mijn bespreking van deel 2 van de Essays