Giacomo Casanova: Heimwee naar Venetië (Italië, 1790-1798): 375 blz: Vertaald door Theo Kars (1998): Uitgeverij Athenaeum-Polak & van Gennep
In
"Heimwee naar Venetië" is het reistempo van Casanova afgenomen en
beleeft hij ook niet meer zo veel liefdesavonturen. Hij is een man op
zijn retour.
In
Madrid krijgt hij een relatie met doña Ignacia. Nadat hij Madrid moet
verlaten reist hij door naar Valencia waar hij een relatie krijgt met de
losbandige Nina. Hij belandt in de gevangenis.
In
Frankrijk wordt hij ziek en ontmoet hij Henriëtte, zijn vroegere
grote geliefde. Vervolgens reist hij door naar Napels waar hij zijn
dochter donna Leonilda zwanger maakt.
- Ik heb dit altijd en overal waargenomen. De zoon van een gierig man is kwistig met zijn geld, en iemand die onbekommerd geld uitgeeft heeft een zoon die gierig is.
- Ik ging op een bed zitten, dat ik drie uur later verliet toen ik merkte dat ik vol luizen zat. Een Italiaan of een Fransman wordt onpasselijk bij de aanblik ervan, maar een Spanjaard niet - die lacht om dergelijke kleine kwellingen. Vlooien en wand- en lichaamsluizen zijn drie insecten die zo algemeen verbreid zijn in Spanje dat ze niemand meer storen. Men beschouwt ze, denk ik, als een soort buren.
- Ik ging er op een morgen naartoe en trof een dertigjarige priester aan, een zeer levendige, voorkomende man die mij, hoewel hij mij niet kende, meteen een kopje chocolade aanbood, dat ik weigerde, wat iedere buitenlander in Spanje dient te doen, want de chocolade is in de regel niet alleen slecht, maar wordt hem op elk uur van de dag aangeboden en met zoveel aandrang dat wie dit allemaal zou aannemen er volgens mij aan zou bezwijken.
-
Ik schoot echter bijna in de lach toen de goede don Diego mij bij zijn
vertrek zei dat buitensporige vroomheid en hevige verliefdheid twee
dingen zijn die een verstandige vader zijn dochter dient te vergeven.
- Eén ding staat echter onomstotelijk vast: een vroom meisje ondervindt veel meer genot dan een meisje zonder vooroordelen als zij met haar geliefde de liefdesdaad bedrijft. Dit feit is zo vanzelfsprekend dat ik niet denk dat ik het mijn lezer hoef te bewijzen.
- Niets is heerlijker dan het leven dat een verliefd man leidt met een vrouw die van hem houdt zoals hij van haar en aan al zijn wensen toegeeft, maar niets is zo bitter als een scheiding op een tijdstip dat de liefde nog niets aan kracht heeft ingeboet.
- Weer iets wat verbazingwekkend was: de regering die zich zonder omhaal meester maakt van een man en al zijn papieren, veroorlooft zich niet de vrijheid bij het postkantoor de aan hem gerichte brieven op te halen.
-
Markies d'Argens gaf mij al zijn werken ten geschenke. Toen ik hem
vroeg of ik mij er werkelijk op kon beroemen ze alle te bezitten, zei
hij dat dit zo was, met uitzondering van het verslag van een deel van
zijn leven. Hij had dit in zijn jeugd geschreven en toen laten drukken,
en had er nu spijt van dat hij het had geschreven.
"Waarom?"
"Omdat
ik mijzelf onsterfelijk belachelijk heb gemaakt door mijn manie de
waarheid te willen schrijven. Als u ooit de aandrang tot het schrijven
van memoires krijgt, verzet u zich daar dan tegen als tegen een zondige
verleiding, want ik kan u verzekeren dat u er spijt van zult krijgen.
Als man van eer kunt u namelijk alleen de waarheid schrijven, en als
gewetensvol schrijver bent u niet alleen verplicht niets te verzwijgen
van wat u hebt meegemaakt, maar ook uzelf niet te ontzien bij de fouten die u hebt gemaakt, terwijl u als goed filosoof dient in te gaan op al uw goede daden. U moet beurtelings uzelf laken en prijzen. Men zal al de zonden die u opbiecht voor goede munt aannemen en u niet geloven als u waarheden vertelt die vleiend voor u zijn. Bovendien zult u vijanden maken wanneer u verplicht bent geheimen te onthullen die niet tot eer strekken van de mensen die met u te maken hebben gehad. Als u hun namen niet noemt, zal men vermoeden wie het zijn, wat op hetzelfde neerkomt. Gelooft u mij, mijn vriend, als we stellen dat een mens niet over zichzelf mag spreken, dan mag hij zeker niet over zichzelf schrijven. Het is alleen toegestaan aan iemand die door laster gedwongen is zichzelf te rechtvaardigen. Gelooft u mij: zet nooit uw leven op papier."
Casanova zegt over het schrijven van zijn memoires:
-
Door mij tien tot twaalf uur per dag bezig te houden met schrijven, heb
ik voorkomen dat doffe zwartgalligheid mij het leven of verstand benam.
-
Dit waren de mooiste ogenblikken in mijn leven, deze plezierige,
onvoorziene, onverwachte, volkomen toevallige, uitsluitend door een
samenloop van omstandigheden bewerkte ontmoetingen, die men door dit
alles des te meer op prijs stelt.
- Het goede van iets wat men begeert, beperkt zich vaak tot het genoegen van het begeren.
- Hoe ouder ik werd, hoe meer intelligentie en intellect mij aantrokken in vrouwen.
- "Was zij nog steeds mooi?"
"Een volmaakte schoonheid, maar schoonheid is vaak uitsluitend een rampzalig geschenk van de natuur dat mannen er alleen toe aanzet de onfortuinlijke bezitster ervan ongelukkig te maken. ..."
- Mijn beurs snelde naar het ogenblik van algehele leegte toe, en mij restte misschien alleen nog deze hulpbron om het leven te blijven leiden waaraan ik was gewend. Nadat ik hiertoe had besloten, zag ik ervan af met Betty terug te reizen. Sir B.M. wilde mij alles terugbetalen wat ik voor haar had uitgegeven, en mijn situatie was niet van dien aard dat ik mij kon veroorloven op te bieden tegen zijn edelmoedigheid.
- Alleen iemand die nooit armoede heeft meegemaakt kan de treurige moed opbrengen voor een leven in armoede te kiezen.