zaterdag 16 mei 2020

Konstantin Paustovski: Wilde rozen 1

Konstantin Paustovski: Wilde rozen en andere verhalen (Rusland, 1924-1964): 120 blz: Samengesteld en vertaald door Wim Hartog (2020): Uitgeverij van Oorschot

De kleine Russische bibliotheek - Wilde rozen en andere verhalenIk kreeg een tijdje terug van een vriend dit dunne maar prachtige boekje met daarin 5 verhalen van de Russische schrijver Konstantin Paustovski, vertaald door Wim Hartog. Paustovski is al lang een van mijn favoriete schrijvers. Zijn 7 delen memoires in de serie Privé-Domein las ik voor het eerst in 2000 en voor een tweede keer in 2010.  Een derde lezing, speciaal om de serie te bespreken voor mijn blog staat op het programma.

Voor veel mensen die de boeken van Paustovski hebben gelezen, behoren zijn memoires tot de mooiste boeken die ze ooit gelezen hebben. Het schijnt dat Paustovski behalve in Rusland nergens zo populair is als in Nederland. Dat is mede te danken aan het prachtige Nederlands van zijn vaste vertaler Wim Hartog.

Het verhaal gaat (ik heb niet gecontroleerd of het waar is, maar het is een mooi verhaal) dat Wim Hartog op jonge leeftijd een Duitse vertaling van de memoires van Paustovski las en daar zo van onder de indruk was dat hij zelf Russisch ging studeren om zo de tekst in het Russisch te kunnen lezen en uiteindelijk ook te kunnen vertalen.

"Wilde rozen" bevat 5 verhalen. Omdat ik dit zo'n uitzonderlijk mooi boekje vind wil ik een groot aantal citaten geven om een indruk van de schoonheid van deze vertaling te geven. Ik splits daarom deze bespreking in drieën. In dit stukje citeer ik uit het eerste verhaal "Etiketten voor koloniale waren" en het derde verhaal "Een druilerige dageraad". Morgen citeer ik uit het tweede en langste verhaal "Het sterrenbeeld Jachthonden" en overmorgen citeer ik uit het vierde verhaal "Wilde rozen" en het vijfde verhaal "De Iljinskikolk".

Ik heb alle verhalen twee keer kort achter elkaar gelezen. Bij Aleph heb ik 35 exemplaren van "Wilde rozen" besteld om cadeau te geven aan al mijn vrienden die ook maar enigszins van lezen houden.

Verhaal 1: Etiketten voor koloniale waren (1924): 26 blz

De schrijver ontmoet een onbekende man die graveur is. De man vertelt hem zijn levensverhaal.

Citaten:
-Thuis vroeg ik mijn vader waar Kamtsjatka lag. "Dat is ver weg, voorbij Siberië," antwoordde hij en hij maakte een smakkend geluid met zijn lippen."Je hebt daar heel veel heerlijke vis, ze wegen wel tachtig kilo per stuk en hun kuit is zo rood als aalbessenjam. Zo'n vis zou niet eens in ons winkeltje passen. Dan heb je er ook nog hermelijn. Wat? Heb je daar nog nooit van gehoord? Dat is een dier dat op een kat lijkt. Zijn vacht wordt gebruikt voor de witte kleding van de tsaar."
"Wat zit jij hem nu allemaal wijs te maken?" schreeuwde mijn moeder uit de achterkamer. "Naar Kamtsjatka worden alle paardendieven en arrestanten gestuurd, zoals bijvoorbeeld Jasjka de zigeuner. Wat zit jij me die jongen te verpesten, zeg!"

- Bent u wel eens op een joodse begrafenis geweest? Nee? Elke godsdienst tracht de dood met iets plechtigs en eeuwigs te omringen. Jullie orthodoxen kennen bij voorbeeld een heel plechtige dodenmis. Denkt u maar eens aan de zin: "Treedt nader voor het geven van de laatste kus!" De laatste kus op koude mensenlippen, daarna zullen grafwormen en natte klei de geliefde kussen. Ik houd van begrafenissen ergens op het platteland, op een met weideklaver begroeid kerkhof, waar de zon wazig op de sjofele kazuifel van de priester schijnt en de geur van de roggevelden die van de wierook overstelpt. Bij jullie is de dood omgeven door majestueuze gebeden en door het Requiem van Mozart.
Maar bij ons bestaat dat allemaal niet. Alles is heel simpel. Dood is dood, verrotting en het lijk is aas. Neem nu de ziel van een kleine jood die zijn hele leven een handeltje in kruidenierswaren heeft gehad. Zijn hele leven werd beheerst door de stank van donsbedden, het troosteloze beeld van ongeplaveide straten, een verdorde vrouw, kinderen onder de korsten, jagen op een vijfkopekestuk. Op feestdagen hief hij een klaagzang aan in de donkere synagoge. Met angst en beven las hij eeuwenoude gebeden voor het aangezicht van de onverbiddelijke Jahweh.
Dacht u dat zijn begrafenis ook maar één droeve gedachte zou kunnen wekken? Aan verwelkte bloesems, aan tranen van mooie vrouwen? Alleen de gedachte daaraan is al absurd. Onze begrafenissen zijn haastig, alledaags, een opgewonden gekkenhuis, net een gewoon opstootje, zonder ook maar een spoor van een sacrament.

- Ik moest naar de haven, had geen enkele haast en verheugde me bij de gedachte dat ik langzaam onder de ritselende palmen door de straten zou lopen en pleinen zou oversteken waar lauwe fonteinen ruisten, totdat in de rook uit de schoorstenen van de oceaanstomers en tussen de licht wiegende masten de groene baai met de kokende branding voor mijn ogen op zou doemen.

- De graveur was uitgesproken. Wij liepen de kade op die nog nat was van de nacht. De Elbroes vlamde in een stil roze licht, als wolken boven zee. Hij lag er slaperig bij en ver achter de kade blonk een oceaanstomer met zijn witte bovendekken. Hij kwam uit Trebizonde. Uit de bakkerijen steeg de geur van versgebakken brood op. In de lege koffiehuizen slurpten de eerste stamgasten aan hun Turkse koffie terwijl ze de kralen van het bidsnoer door hun vingers lieten glijden.

Verhaal 3: Een druilerige dageraad (1945): 19 blz

Een man die op doorreis is, moet van een vriend een brief afgeven aan zijn vrouw.

Citaten:
- Het gevoel waar hij door overvallen werd, is natuurlijk heel logisch wanneer iemand onverhoeds in het holst van de nacht terechtkomt in een onbekend huis en andermans leven vol geheimen en raadsels. Dit leven tref je er aan alsof het een boek is dat bij voorbeeld tot bladzijde vijfenzestig gelezen is en open op tafel is blijven liggen. Je werpt een paar maal een blik op die bladzijde en probeert te raden waar het boek over gaat en wat er in staat.

- "Alles wat heel fijn is, glipt bijna altijd voorbij. Begrijpt u?" "Niet echt," antwoordde ze met een frons. "Laat ik proberen het u uit te leggen," zei Koezmin ongemakkelijk. "Ook u is vast wel eens het volgende overkomen. U zit in een trein en plotseling valt uw blik op een open plek in een berkenbos en ziet u in het herfstige zonlicht netten van de kruiswerkspin glanzen. Uw eerste opwelling is uit de rijdende trein te willen springen om op die plek te kunnen blijven. Maar de trein rijdt er aan voorbij. U buigt zich uit het raam en kijkt naar achteren, waar al die bosschages, beemden, ketten en veldwegen wegsnellen. U hoort daarbij een vage galm. U hoort een ondefinieerbaar geluid. De herkomst ervan valt niet te bepalen. Misschien het bos, of de lucht. Of gegons van de telegraaflijnen. Of de nagalm van de rails achter de voortijlende trein. Het geluid flitst in een oogwenk voorbij, maar je herinnert je het je hele leven."

- Van opzij kijkend naar haar rechte rug, zware in een chignon bijeengestoken strengels en pure neiging van haar hals wist hij heel zeker dat hij, als Basjilov er niet was geweest, nergens zou zijn heengereisd maar gewoon tot het eind van zijn ziekteverlof in dit stadje zou blijven en er zijn dagen in stil smachten zou slijten, wetend dat deze lieftallige vrouw, die zich nu aan een melancholieke beschouwing overgaf, zich in zijn nabijheid bevond.

- Op het laatste trapbordes hielden ze even halt. De aanlegplaats en de groene en rode boordlichten van de boot waren al zichtbaar. Hij besefte dat het moment nabij was waarop hij deze vrouw die hij nog nauwelijks had leren kennen vaarwel zou zeggen, en dat hij aan gevoelens die hij voor haar koesterde geen uiting zal weten te geven. Hij wist dat zo zeker, dat zijn hart er door samenkrampte. Hij kon haar zelfs niet zeggen hoe dankbaar hij was dat zij op zijn doorreis hem in haar huis ontvangen had, hem haar stevige kleine hand in de nat geworden handschoen toegestoken had om hem behoedzaam over de gammele trap te geleiden en, steeds weer als een natte tak over een van de leuningen heen stak en zijn gezicht dreigde te bezeren, hem lief gezegd had dat hij moest bukken. Dat had hij dan ook gedwee gedaan.

 

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

5 opmerkingen:

  1. Dit moet inderdaad een hele goede vertaler zijn. De tekst komt zo modern over. Je weet dat ik me voornamelijk op Nederlandse literatuur richt, ik ken Konstantin Paustovski dan ook niet. Maar de citaten die je koos, fascineren me wel. Niet te geloven dat dat bijna een eeuw geleden geschreven werd. Ik kijk uit naar de volgende blogs hierover.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Hoi Jannie, juist omdat ik dit zo'n prachtig boekje vind heb ik erg veel tijd besteed aan het uitzoeken van de citaten en het schrijven van dit stukje. Ik hoop dat mijn vrienden aan wie ik dit boekje cadeau ga geven er net zo enthousiast over zullen zijn als dat ik dat ben. Groetjes, Erik

      Verwijderen
  2. Wat, 35 exemplaren, haha, wat een mooie actie! Ik heb dit boekje gekocht op de eerste dag dat het in de winkel lag, maar nog niet gelezen *oeps* De lengte houdt me misschien een beetje tegen: het zijn vrij lange korte verhalen. Maar binnenkort moet het er wel van komen, want ook ik reken Paustovski's autobiografische boeken bij het mooiste wat ik ooit heb gelezen. In elk geval het eerste boek, later komen er ook wel wat stukken die ik minder boeiend vind.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Hoi Barbara, ja leuk dat we allebei zo enthousiast zijn over Paustovski en zijn vertaler. Het verbaast me wel dat de lengte je tegenhoudt :-). Het langste verhaal heb ik ruim binnen het uur gelezen. Groetjes, Erik

      Verwijderen
    2. Het komt doordat ik dan niet weet of ik het bij de korte verhalen of romans moet rekenen in mijn hoofd. En ik wil deze verhalen dan wel in 1 keer (per verhaal) uitlezen en moet daar gewoon de tijd voor nemen.

      Verwijderen