Nicolien Mizee: Faxen aan Ger: Deel 3: Allesverpletterende (Nederland, 2019): 383 blz: Uitgeverij van Oorschot
Na
de eerste 2 delen van "Faxen aan Ger" heb je het idee dat je Nicolien
Mizee wel zo'n beetje kent. Ze is niet in staat om te werken, heeft
daarom een Wajong-uitkering, ze heeft een vriendin met wie ze op
lesbisch stijldansen zit en ze schrijft onbekommerd over de kleine
dingen in haar eigen leven op een zeer humoristische manier. Ook deel 3
"Allesverpletterende" is een zeer onderhoudend brievenboek.
- Ik weet niet of jij veel overeenkomsten ziet tussen de hier geschetste Nicolien en degene die jij kent, maar ik kon ze nooit ontdekken, behalve mijn taalvaardigheid. En, hongerig mijn moeder gelukkig te maken met de énige kwaliteit die ik bezat, ontwikkelde ik mijn verbale vermogens tot ik wel niets anders leek dan een lopende zinnenvlechter.
- Voor mijn moeder is vrouwelijkheid: een lieve vrouw die zich wegcijfert voor haar (zielige) man en hem zijn overspelige avonturen gunt, omdat ze begrijpt dat hij dat nodig heeft. Vrouwen die carrière willen maken (vooral in "mannenberoepen" zoals arts, buschauffeur) zijn verwerpelijk, en ook vrouwen die plezier hebben in seks, of in vrouwenvriendschappen, "meidenlol".
-
O ja: iets wat ik vannacht nog bedacht, is dat mijn waanzinnige afkeer
voor opsommingen, te veel woorden, mijn onvermogen naar uitleg te
luisteren of zelfs maar een gebruiksaanwijzing te lezen, kortom, mijn
paniekerige weerzin jegens alle tekst die niet simpelweg een mededeling
is, misschien ook z'n wortels heeft in mijn moeders eindeloze, nooit
ophoudende woordenvloed waarin nooit iets werd gezegd, maar alles werd
uitgelegd, met eindeloze, overstelpende hoeveelheden details.
- ... terwijl je weet dat ik anders haak naar uw woorden als een hongerige haai ...
- En bovendien weet ik maar al te goed dat men moeilijk kan oordelen over eigen werk.
- Elke verboden kamer in onze geest leidt tot een verboden kamer in onze creativiteit.
- "Vroeger waren kinderen een noodzakelijk kwaad," zei Piet uit Beverwijk eens tegen me. "Je kreeg ze omdat je ze niet kon tegenhouden. Nu is het ongeveer zo dat je leven geen zin heeft als je ze niet hebt. En als ze er zijn, dan wordt alle energie erin gestopt om ze tot een succes te maken."
- "Als we later rijk zijn," zeg ik weleens tegen Louise, "dan huren we een majorettekorps dat elke dag een uur rondjes marcheert rond ons privézwembad. Met van die meisjes met iets te plompe benen in korte rokjes. En ik kijk vanuit mijn ligstoel en rook een sigaret."
- Bio zei vandaag: "Ik ben van plan om als ik jarig word, weer vijf te worden. En dan weer vier. En dan drie, twee, een, nul. En dan kruip ik lekker terug in mama's warme buik en ga ik heerlijk slapen."
"En kom je er dan nooit meer uit?" vroeg ik.
Ze dacht even na.
"Soms, misschien. Maar niet te lang."
Ja, die ziet de bui al hangen.
- Slankheid is verzet tegen het leven, en niet aantrekkelijk.
-
Ik kan bijna naar niemand luisteren, geen discussie volgen, naar geen
praatprogramma kijken, want alles maakt me razend. Ik heb een hekel aan
de zwaarwichtigdoenerij van Armando en aan mensen die zich op secundaire
wijze met kunst bezighouden, kortom, iemand die boeken óver Armando
schrijft, lijkt me het toppunt van verschrikkelijkheid, slechts te
overtreffen door het moeten lézen van zo'n boek.
- En als ik iets heel erg meen, verstop ik het liever in een terloopse bijzin dan dat ik het zo pontificaal opschrijf.
- "Papa, geloof jij in God?" vroeg Bio, van boven haar bord spaghetti.
"Hoe kom je daar nou bij? Nou ... ja, eigenlijk wel."
"Ja
natuurlijk," zei Bio tevreden, "die mensen die in de kerk zitten te
bidden, die doen dat ook niet voor niks." Ze nam weer een hap. "Voor God
is de wereld een computerspelletje," zei ze ineens.
- Ik raak buiten zinnen als ik me moet verantwoorden.
Jij hebt me nooit ter verantwoording geroepen. Dat komt doordat je de meest ondogmatische mens bent die ik ken. Je hebt wel wat rare ideeën, maar dat is oud erfgoed en bovendien heb je daar alleen zelf last van.
- Het is slecht om de slechtheid van de ander niet te willen zien. Het leidt tot groter of kleiner misbruik en kan zich uitbreiden als een olievlek.
- Ik geloof dat bijna alle kwaad in de wereld voortkomt uit een overdaad aan emotie en een gebrekkig nadenken daarover, waardoor deze gevoelens verworden tot klakkeloos aanvaarde denkbeelden.
- Wat is een "genuanceerd oordeel" in hemelsnaam? Een lauw aftreksel van alle gangbare meningen van het moment?
Laten
we alsjeblieft allemaal zo exact mogelijk verwoorden hoe het voor óns
is, alleen voor onszelf, niet voor een ander, dan zal het z'n eigen weg
vinden in de grote zee van de samenleving.
- Democratie leidt tot klagen. Dat is heel goed, het is een vorm van vrijheid, maar het is niet iets om euforisch van te worden.
-
"Vind jij eigenlijk niet dat je dankbaar moet zijn voor het feit dat
jij wordt onderhouden door de staat?" vroeg An me gisteren.
-
"Nee, dankbaar ben ik niet," zei ik, na goed nagedacht te hebben. "Ik
vind het een teken van beschaving dat een maatschappij zijn
gehandicapten onderhoudt. Anders liggen alle werkelozen te creperen op
de straat, en dat is niet bevorderlijk voor de hygiëne en het
straatbeeld."
Geen opmerkingen:
Een reactie posten