zondag 30 augustus 2015

Casanova 6: De school van het leven 6

De school van het leven: blz 143-165

Hij was de zeer zinnige mening toegedaan dat een medicijn in de hand van een onbezonnen mens een vergift wordt, zoals een vergift een medicijn wordt in de handen van een verstandig mens.

Om haar als actrice te lanceren liet de vooruitziende oude man haar dansles nemen, want, zo zei hij, de bal kan niet in het gat rollen als niemand hem een duwtje geeft.

De pastoor kreeg opdracht mij dit nieuws over te brengen en mij te overreden vrijwillig en met genoegen naar een seminarie te gaan. Ik schoot in de lach toen de pastoor hierover behoedzaam tegen mij begon, zich uitputtend om de pil te vergulden. Ik zei hem dat ik klaarstond overal naartoe te gaan waar dit hun goed leek. Gezien mijn karakter en mijn zeventienjarige leeftijd had men er zelfs niet aan moeten denken mij op een seminarie te plaatsen. Omdat ik socratisch dacht en geen enkele afkeer voelde van het plan, stemde ik ermee in.

Ik heb nooit kunnen uitmaken of deze man goed uit domheid was, of dat zijn domheid een fout van zijn goedheid was.

Ik was zo ijdel mij nog niet te willen scheren: ik koesterde mijn donshaar omdat dit bewees hoe jong ik nog was. Dit was een absurd idee, maar op welke leeftijd houdt iemand er eigenlijk geen absurde ideeën meer op na? Hij komt makkelijker van zijn ondeugden af.

De voornaamste taak van de prefect was zich ervan te vergewissen dat er geen seminarist bij een ander in bed kroop. Het was een halsmisdrijf; men vond dat het bed van een seminarist bestemd was om erin te slapen, niet om erin te liggen praten met een kameraad.

In Duitsland zijn de jongensgemeenschappen waar de directeuren zich moeite getroosten het masturberen te verhinderen de plaatsen waar dit het meeste voorkomt. De opstellers van deze regels waren onwetende dwazen die noch de natuur noch de moraal kennen. Immers, de natuur eist voor haar eigen instandhouding deze verlichting voor een gezonde man die niet over de hulp van een vrouw beschikt; terwijl verder de moraal wordt ondermijnd doordat wij geneigd zijn het verbodene te doen.

Bovendien zijn er ogenblikken waarop zelfs een moedig mens óf niet moedig is óf dit niet wil zijn.

Tot mijn vijftigste jaar heeft het lot mij altijd op deze wijze geholpen als ik in moeilijkheden verkeerde. Als ik fatsoenlijke mensen ontmoette die nieuwsgierig waren naar de geschiedenis van het ongeluk dat mij was overkomen en als ik hun dit verhaal vertelde, wekte ik altijd sympathie met het gevolg dat zij mijn zijde kozen en mij wilden helpen. De kunstgreep die ik gebruikte om dit te bereiken was het verhaal waarheidsgetrouw te vertellen zonder weglating van bepaalde omstandigheden, die men niet kan vertellen als men niet moedig is.

Ik geloof dat een schuldige verdachte, die een eerlijke rechter de waarheid durft te zeggen, meer kans op vrijspraak heeft dan iemand die onschuldig is en met uitvluchten komt.

Wordt vervolgd

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen