maandag 10 september 2018

Anna Karenina: Deel 1

Lev Tolstoi: Anna Karenina (Rusland, 1873): 1016 blz: Vertaald door Hans Boland (2017): Uitgeverij Athenaeum - Polak & van Gennep

Afgelopen voorjaar heb ik "Anna Karenina" gelezen in de nieuwe vertaling van Hans Boland. Barbara van Lalagè leest wilde ook "Anna Karenina" gaan lezen en vroeg aan mij welke vertaling ik haar aanraadde. Toen ik hoorde dat Barbara samen met andere bloggers "Anna Karenina" wilde gaan lezen, werd ik ook enthousiast en besloot ik gelijk om mee te doen, te meer omdat ik door mijn blogpauze geen bespreking van het boek had geschreven. Voor de duidelijkheid heb ik de citaten cursief gezet.

In "Anna Karenina" staan twee liefdes centraal. Allereerst natuurlijk de liefde tussen Anna Karenina (= Anna) en graaf Alexé Vronski (= Vronski) en daarnaast die tussen Konstantin Ljovin (= Ljovin) en Jekaterina Sjerbatski (= Kitty). Ook is er het huwelijk tussen Stepan Oblonski (= Oblonski of Stiva) en Darja Oblonskaja (= Dolly). Anna is de zus van Stiva, en Kitty is de jongere zus van Dolly.

De roman begint ijzersterk met de beroemd geworden openingszin:
- Gelukkige gezinnen lijken allemaal op elkaar, maar een ongelukkig gezin is altijd ongelukkig op zijn eigen manier.

Oblonski is ontrouw geweest en zijn vrouw Dolly is daar achter gekomen en in alle staten:
- Er was een algemeen gevoel dat dit huwelijk zin en betekenis had verloren en dat een gezelschap van toevallige passanten in een herberg meer samenhang vertoonde dan de bewoners - gezinsleden en bedienden - van huize Oblonski.

- Oblonski was van nature eerlijk tegenover zichzelf. Hij was niet in staat om zichzelf om de tuin te leiden en zich voor te houden dat hij spijt had van zijn gedrag. Toen hij zijn vrouw voor het eerst had bedrogen, een jaar of zes geleden, had hij daar wroeging over gehad, maar nu, als vierendertigjarige, aantrekkelijke man die van vrouwen hield maar niet langer verliefd was op zijn eigen vrouw - moeder van vijf levende en twee overleden kinderen en slechts een jaar jonger dan hij - had hij weinig last meer van zijn geweten.

Over de levensopvatting van Oblonski:
- Oblonski snapte niet goed waar die angstaanjagende, gezwollen taal over het hiernamaals goed voor was, als je het hier in het ondermaanse heel gezellig kon hebben. Ook mocht hij deze of gene eenvoudige van geest graag aan het schrikken maken met de geestig bedoelde stelling dat je, indien je trots was op je afkomst, niet diende te stoppen bij onze stamvader Rjoerik maar tevens onze werkelijke stamvader, de aap, moest eren.

Ljovin trok al lang op met de familie Sjerbatski. Hij was smoorverliefd op de jongste dochter, Kitty, maar durfde niet goed om haar hand te vragen. Toen hij eindelijk om haar hand vroeg was Kitty inmiddels het hof gemaakt door Vronski en wees zij hem af. Ljovin was diep ongelukkig door die afwijzing.

- Oblonski glimlachte. Hij wist precies wat Ljovin voelde, en hij wist dat voor hem alle meisjes op de hele wereld in twee categorieën konden worden ondergebracht: tot de ene behoorden alle meisjes op de hele wereld behalve zij, heel gewone wezens, behept met alle mogelijke menselijke zwakheden; tot de andere categorie behoorde alleen zij, en op haar had geen enkele zwakheid vat, zij was het hoogst bereikbare voor de mensheid.

De opvattingen van de moeder van Kitty, die een zo goed mogelijke partij voor haar dochter wenst:
- Voor de vorstin was Ljovin niet in de verste verte te vergelijken met Vronski. Ze had niets op met Ljovins uit de toon vallende, ongezouten oordelen, met zijn sociale schutterigheid - die zij toeschreef aan zijn trots - en met zijn, in haar ogen, primitieve leefwijze op het land, waar hij met vee en boeren van doen had.
- Vronski daarentegen kwam tegemoet aan alle wensen van de vorstin. Schatrijk, verstandig, van aanzien, bezig aan een schitterende carrière in het leger en aan het hof, en volslagen betoverend als mens. Iets beters kon je niet krijgen.

- En hoe men haar ook te verstaan gaf dat in onze tijd de jongelui hun eigen lot in handen moesten nemen, zij kon niet geloven dat dat goed was, zoals ze zichzelf ook niet wijs zou kunnen maken dat in onze of enige andere tijd geladen pistolen het meest geschikte speelgoed zouden zijn voor vijfjarigen.

De vader van Kitty dacht hier duidelijk anders over:
- "Wat u gedaan hebt? Een vrijer verleid om bij ons over de vloer te komen, dat ten eerste! Voor je het weet gaat ze in heel Moskou over de tong, en niet zonder reden! Als u zo graag avondjes organiseert, nodig dan iedereen uit, maar geen bronstige troetels! U mag alle teddybeertjes uitnodigen"- zo noemde de vorst de Moskouse jeunesse dorée- "en een pianist inhuren, zet ze maar aan het dansen, maar dat moderne gefoezel met vrijertjes en liefdeskoppeltjes wil ik niet in huis hebben! Ik ga ervan over mijn nek! U hebt uw zin, het kind heeft d'r kop verloren! Ljovin is duizend keer beter dan zo'n Petersburgs fatje, zo'n fabrieksproduct, allemaal precies hetzelfde, en allemaal vullis! Al was hij een prins van den bloede, mijn dochter heeft daar helemaal geen behoefte aan! Aan niemand niet!" 

Ljovin:
- Liefde voor een vrouw kon hij zich niet voorstellen buiten het verband van een huwelijk, ja, voor hem was er éérst het gezin en pas daarna de vrouw die het hem zou schenken. Zijn denkbeelden in dezen weken dus nogal af van de manier waarop het merendeel van zijn kennissen erover dacht: voor hen was het huwelijk een van de vele schakels van het dagelijks bestaan, terwijl het voor Ljovin de essentie was van een gelukkig leven.

Als laatste maken we kennis met Anna, die bij haar schoonzus bepleit om toch niet weg te gaan bij haar man en Vronski wiens levenshouding in het onderstaande citaat goed beschreven staat. Anna ontmoet Vronski bij de trein terwijl er net een ongeluk gebeurd is waarbij een baanwachter overreden is door de trein. Anna ziet dit als een slecht voorteken.

- Vronski luisterde met plezier naar het vrolijke gekwetter van dit knappe schepseltje, gaf haar in alles gelijk en verstrekte advies dat niet serieus bedoeld was; hij had direct de toon te pakken die hij reserveerde voor dit soort vrouwen. In zijn Petersburgse wereldje onderscheidde hij twee menssoorten, die elkaars tegenpool vormden. Tot de ene soort, waarop hij neerkeek, rekende hij de grauwe middelmaat, de sukkels, waar je alleen maar om kon lachen, lieden die geloofden dat één man zijn leven moest delen met één vrouw en het huwelijk heilig was, dat een meisje onschuldig hoorde te zijn, een vrouw schroomvallig, een man moedig, stoïcijns en standvastig, en dat men kinderen diende groot te brengen, zijn brood moest verdienen, zijn schulden hoorde in te lossen en al dergelijke onzin meer - mensen die er een ouderwetse, bespottelijke levenswijze op na hielden. Tot de andere soort behoorde hijzelf met al zijn vrienden, die wisten wat het ware leven was, dat het draaide om elegante omgangsvormen, een goede verschijning, de grote geste, lef, pret, en de bereidheid sans gêne al je driften te volgen en te lachen om al het andere.

Ik ben benieuwd naar de ervaringen van mijn collega-bloggers. Ik ben opnieuw razend enthousiast over dit boek!

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.

17 opmerkingen:

  1. Wat een sterke citaten. Op een na herken ik ze allemaal en dat zegt wel wat want ik heb een bijzonder slecht geheugen. De specifieke manier waarop Tolstoi alle personages neerzet is zo indringend dat het onmiddellijk een bijna onuitwisbare indruk achterlaat.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Vooral het laatste citaat over Vronski vind ik geweldig, het maakt voor mij Vronski nog veel duidelijker. Op de een of andere manier heb ik dat over het hoofd gezien toen ik het las.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Hoi Ali, dank je. Het is het langste citaat dat ik heb uitgekozen, maar wel een ijzersterk. Groetjes, Erik

      Verwijderen
  3. Dat citaat over Vronski geeft je inderdaad meteen inzicht in de man, ik vind dat Tolstoi dat heel mooi doet. Hij had veel kijk op mensen.

    Mooie andere citaten ook! Altijd leuk om ze zo bij elkaar te zien.

    Groetjes,

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Hoi Bettina, de vertaler Hans Boland heeft een zeer inzichtgevend boekje geschreven over zijn vertaling van "Anna Karenina". Daarin schrijft hij onder meer dat Tolstoi mensen beschrijft zoals God dat vanuit zijn stoel in de hemel zou doen. Groetjes, Erik

      Verwijderen
    2. Wat mooi beschreven. Heel kloppend ook; dat is precies het gevoel dat ik erbij krijg. Die beschrijvingen van Oblonsky meteen aan het begin. Je hebt meteen het gevoel dat je weet hoe een personage in elkaar zit.

      Verwijderen
    3. Hoi Lianne, ik denk dat er weinig andere schrijvers zijn die zo goed een karakter kunnen beschrijven zodat je meteen het gevoel hebt dat je ze kent, als juist Tolstoi. Niet voor niets zijn "Anna Karenina" en "Oorlog en vrede" wereldberoemd, in vele talen vertaald en nog altijd populair onder de serieuze lezers. Groetjes, Erik

      Verwijderen
    4. Ik heb dat boekje nu ook meteen gekocht, ik wil weten hoe deze vertaling tot stand is gekomen! Prachtig gezegd idd: zoals God vanuit zijn stoel in de hemel mensen beschrijft.

      Groetjes,

      Verwijderen
    5. Hoi Bettina, dat boekje van Hans Boland zul je ook wel weten te waarderen. Het geeft een mooi inkijkje in de keuken van de vertaler. Groetjes, Erik

      Verwijderen
  4. Ik heb de afgelopen dagen nagedacht over waarom dat vreemdgaan zo gewoon wordt gevonden, behalve in het geval van Anna en Vronski dan. Nu ik jouw laatste citaat (weer) lees, denk ik dat ik het snap... ik behoor tot de sukkels die vinden dat je elkaar trouw moet blijven. Maar aan de andere kant, als je dan leest hoe die huwelijken tot stand kwamen, dan kan het zomaar gebeuren dat je aan iemand wordt uitgehuwelijkt waar je niet zo goed bij past, zoals Anna is overkomen. Haar worsteling is dan ook begrijpelijk.

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Hoi Barbara, ik heb zelf nooit een relatie gehad, maar ik vind trouw aan elkaar ook erg belangrijk. Als ik bijvoorbeeld Kluun lees "Komt een vrouw bij de dokter", en die beschrijft dat vreemdgaan voor de één net zo iets is als neuspeuteren bij de ander, dan denk ik ook bij mijzelf: ja maar. Ik ben nu ook een boek aan het lezen waarin wel heel erg veel wordt vreemdgegaan. Ik zou het zelf niet zo snel doen denk ik. Groetjes, Erik

      Verwijderen
    2. Ik moest ook aan dat boek van Kluun denken! Toen ik dat las, kon ik me namelijk goed inleven in de hoofdpersoon die vreemdgaat terwijl zijn vrouw doodziek is. Dat vond ik zo knap gedaan van Kluun, dat hij het op zo'n manier wist te beschrijven dat ik het wel kon begrijpen. Toen ik de film zag dacht ik alleen maar 'wat een eikel'. Bij Oblonski denk ik ook: wat een eikel. Maar Anna worstelt enorm met haar gevoelens en haar verantwoordelijkheid voor haar zoontje en daarmee wint ze mijn sympathie.

      Verwijderen
    3. Hoi Barbara, het is maar een theorietje van mij, maar ik denk dat Tolstoi voordat hij met het schrijven van "Anna Karenina" gedacht heeft om Anna als een ontaarde vrouw te beschrijven en dat hij al schrijvende steeds meer sympathie kreeg voor Anna en dat duidelijk liet blijken. Groetjes, Erik

      Verwijderen
  5. In deel 1 kan ik me niet zo heugen dat Anna zo met haar gevoelens worstelt en denkt aan haar verantwoordelijkheid voor haar zoontje. Kan het zijn dat dit meer naar voren komt in deel 2?

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Hoi Niek, ik denk dat dat inderdaad in de nog komende delen meer aan de orde komt. Groetjes, Erik

      Verwijderen
    2. Er is een hoofdstuk waarin ze met Vronski praat en alleen maar aan het woord 'zoon' kan denken. Ik kan het niet meer terugvinden... je komt het vanzelf tegen. Zou wel kunnen dat het aan het begin van deel 2 is.

      Verwijderen