donderdag 14 december 2023

Vikram Seth: De geschikte jongen 2: Delen 1-3

Vikram Seth: De geschikte jongen (India, 1993): 1357 blz: Vertaald door Christien Jonkheer & Babet Mossel (2008): Uitgeverij Van Oorschot: Delen 1-3: Blz 1-198
 
De geschikte jongen by Vikram Seth

Twee lange citaten:
 
Een beschrijving van de bruiloft van Pran en Savita:
- Toen de kransen eenmaal waren uitgewisseld, schonk niemand verder veel aandacht aan de eigenlijke huwelijksrituelen. Die zouden nog bijna een uur lang doorgaan terwijl de gasten kwetterend over de gazons van Prem Nivas ronddrentelden. Ze lachten, ze drukten elkaar de hand of brachten hun handen samen tegen hun voorhoofd; ze versmolten tot groepjes, de mannen hier, de vrouwen daar; ze warmden zich bij de met houtskool gevulde stenen oventjes die strategisch in de tuin stonden opgesteld, terwijl hun gebabbel zich verdichtte tot opstijgende wolkjes; ze bewonderden de veelkleurige lichtjes; ze lachten gehoorzaam als de fotograaf in het Engels mompelde "Even zo blijven staan, alstublieft!"; ze snoven diep de geur van bloemen, parfum en gekruide gerechten op; ze wisselden geboortes, sterfgevallen, politieke nieuwtjes en schandalen uit onder het bontgekleurde baldakijn achter in de tuin waaronder op lange tafels eten stond uitgestald; met volgeladen borden vielen ze vermoeid neer op stoelen om onvermoeibaar toe te tasten. Bedienden, sommigen in witte livrei, anderen in kaki, brachten vruchtensap, thee, koffie en hapjes rond aan de gasten die in de tuin stonden: samosa's, kachauri's, laddu's, gulab-jamuns, barfi's, gajak en ijs werden geconsumeerd en aangevuld, samen met puri's en zes soorten groente. Vrienden die elkaar in maanden niet hadden gezien vielen elkaar onder luide kreten in de armen, verwanten die elkaar alleen op bruiloften en begrafenissen zagen omhelsden elkaar wenend en wisselden de laatste nieuwtjes over achterachterneven uit. Lata's tante uit Kanpur, ontzet over de huidskleur van de bruidegom, had het met een tante uit Lucknow over "de zwarte kleinkinderen van Rupa" alsof die er al waren. Ze maakten geweldige ophef over Aparna, ongetwijfeld het laatste blanke kleinkind van Rupa, en prezen haar nog toen ze pistache-ijs op haar lichtgele truitje van kasjmier morste. De onbehouwen dorpskinderen uit Rudhia renden schreeuwend rond alsof ze pitthu speelden op hun boerenerf. En de klaaglijke feestmuziek van de shahnai was weliswaar verstomd, maar de vrolijke stemmen rezen ten hemel in een uitgelaten getater dat de niet ter zake doende zang van de rituelen overstemde.
 
Een beschrijving van een rit door Brahmpur:
- De tonga had maar net genoeg ruimte om vooruit te komen tussen de ossewagens, riksja's, fietsers en de dichte drommen voetgangers op de weg en het trottoir, dat ze deelden met kappers die in de open lucht hun werk deden, waarzeggers, wiebelige theekraampjes, groentestalletjes, apentemmers, ooruitspuiters, zakkenrollers, loslopende koeien, een enkele slaperige, in verschoten kaki ronddrentelende politieagent, van zweet druipende mannen die onvoorstelbaar zware ladingen koperen of ijzeren stangen, glas of oud papier op hun rug vervoerden en er op de een of andere manier in slaagden met hun waarschuwingskreten - "Uit de weg! Uit de weg!" - de herrie te overstemmen, koperslagerijtjes en stoffenzaakjes (waarvan de eigenaars aarzelende klanten roepend en gebarend naar binnen trachtten te lokken), de smalle gebeeldhouwde stenen ingang van de Engelstalige Tinny Tots School die uitkwam op de binnenplaats voor de verbouwde haveli van een aan lager wal geraakte vorst, en bedelaars - jong en oud, agressief of gelaten, leproos, verminkt of blind - die bij het vallen van de avond stilletjes de Nabiganj bezetten en aan de politie probeerden te ontkomen terwijl ze de rijen voor de bioscopen afwerkten. Er krasten kraaien, in vodden gehulde kleine loopjongens renden af en aan (eentje hield, tussen de menigte door zigzaggend, een goedkoop blikken dienblad met zes vuile glaasjes thee in de lucht), aapjes sprongen kwetterend rond in het ritselende lover van een grote pipalboom en trachtten om onoplettende klanten te beroven wanneer ze wegliepen van het goedbewaakte fruitstalletje, vrouwen schuifelden met of zonder bijbehorende man rond in anonieme boerka's of kleurige sari's, bij een chaat-kraampje hingen een paar studenten die elkaar van nog geen halve meter afstand toescheeuwden, uit gewoonte of om zich verstaanbaar te maken, schurftige, bijterige honden werden weggetrapt, graatmagere , mauwende katten kregen stenen naar hun kop en overal streken vliegen neer: op stinkende hopen rottend afval, op de onbedekte lekkernijen van de snoepkraam, waar in enorme ronde pannen verrukkelijke jalebi's lagen te sissen in de ghee, op de gezichten van de in sari geklede - maar niet op die van de in boerka gehulde - vrouwen, en rond de neusgaten van het paard dat met zijn door oogkleppen afgeschermde hoofd schudde terwijl het zich door Oud-Brahmpur een weg naar de Barsaat Mahal probeerde te banen.
 
Ik geef nog een aantal kortere citaten plus een langer citaat ter afsluiting:

- "Wie was die Cad met wie je stond te praten?" vroeg ze nieuwsgierig aan Lata.
 Dat was minder erg dan het klonk. De studenten van Brahmpur bedoelden er niet mee dat de man in kwestie een cad, een schoft, was, maar gebruikten het woord - afgeleid van Cadbury Chocolate - als jargon voor knappe jongens.

- Met Ma valt niet redelijk te praten, ze zet gewoon de waterlanderskraan open.

- De traag bewegende rug van de ayah ergerde Meenakshi om de een of andere reden en ze dacht: We moeten de T.B. echt vervangen. Ze is volkomen nodeloos seniel. T.B. was de afkorting die Arun en zij voor de ayah gebruikten en Meenakshi lachte van plezier toen ze terugdacht aan die keer aan het ontbijt dat Arun van het cryptogram in de Statesman had opgekeken om te zeggen: "Zeg, werk die tandeloze bes eens de kamer uit. Zo smaakt mijn omelet me niet." Sindsdien was Miriam altijd de T.B. gebleven. Het leven met  Arun zat vol met zulke heerlijke onverwachte momenten dacht Meenakshi. Kon het maar altijd zo zijn.

- Maan was dol op Bhaskar en mocht hem graag rekensommen toewerpen, zoals je een afgerichte zeehond een bal toewerpt.

- Toen mijn vriendin Priya op de bruiloft van Pran kwam zag de tuin er zo mooi uit dat ze zei: "Ik heb het gevoel alsof ik uit een kooi ben gelaten." Zij heeft niet eens een daktuin, het arme kind. En ze mag nog bijna nooit het huis uit ook. "Met de draagstoel erin, op de lijkbaar eruit", zo vergaat het de schoondochters daar in huis.

Malati noemt een jongen die belangstelling voor Lata heeft een "Arm gekookt aardappeltje".

- ... en lachte toen naar Nowrojee, die wegdook in zijn stoel als een musje dat schuilt voor een orkaan.

- "En wat was dat andere verhaal dat je me zou vertellen, over Akbar en Birbal?" vroeg Lata.
 "Akbar en Birbal?" vroeg Kabir.
 "Niet vandaag - bij het concert."
 "O" zei Kabir. "Heb ik dat gezegd? Maar daar zijn zoveel verhalen over. Over welk had ik het dan? Ik bedoel, in wat voor verband zei ik het dan?"
 Hoe is het mogelijk dat hij zich die opmerkingen van hem die ik nog zo goed weet zelf niet herinnert? dacht Lata.
 "Volgens mij kwam het omdat mijn vriendinnen en ik je aan kwetterende papegaaien deden denken."
 "O. ja." Het gezicht van Kabir lichtte op bij de herinnering. "Het verhaal gaat als volgt. Akbar verveelde zich, dus vroeg hij zijn hovelingen hem eens iets echt verbazingwekkends te vertellen - maar dan niet iets wat ze van horen zeggen hadden, maar wat ze zelf hadden meegemaakt. Het verbazingwekkendste verhaal van allemaal zou een prijs krijgen. Zijn hovelingen en raadsheren kwamen aandragen met een keur van verbazingwekkende feiten - de gebruikelijke. De een vertelde dat hij een olifant doodsbang had zien trompetteren bij de aanblik van een mier. De ander dat hij een schip  door de lucht had zien vliegen. Weer een ander dat hij een sjeik had ontmoet die begraven schatten in de grond kon zien liggen. De volgende dat hij een buffel met drie koppen had gezien. Enzovoort, enzovoort. Toen Birbal aan de beurt was, zweeg hij. Ten slotte gaf hij toe dat hij die dag op weg naar het hof iets ongebruikelijks had gezien: een stuk of vijftig vrouwen die bij elkaar zaten onder een boom, zonder een woord te zeggen. Iedereen was het er meteen over eens dat de prijs aan Birbal toekwam." Kabir gooide schaterend zijn hoofd in zijn nek.
 
Lees verder in deel 3 van deze bespreking.
 
      

Reacties op dit blog zijn meer dan welkom.
 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten